Lydia en Orlov
(ons vervolgverhaal deel 1)
Lydia komt uit school. Zc gaat op de fiets weg.
Gelukkig, die dag is ook weer voorbij! Lydia zit in groep 8, maar ze heeft het niet fijn op school. In haar klas is ze het enige meisje dat een christenmeisje genoemd wordt. Ook vandaag was het niet leuk. Ze staat zo vaak alleen in de groep! Niemand bemoeit zich eigenlijk met haar. Terwijl zc toch heel vriendelijk probeert te zijn. Eén jongen is er die wel eens probeert met haar te praten als het speeltijd is. Maar ja. van die jongen is ze juist een beetje bang. Het is Orlov en ze heeft pas gehoord dat Orlov's vader bij de politie werkt, bij dc geheime politie zelfs!! En daarom begrijpt ze natuurlijk wel waarom hij met haar wil praten. Hij wil Lydia natuurlijk in de gaten houden. Nee, ze blijft maar op een afstand van hem!
Lydia is vlak bij een heel mooi maisveld gekomen. Het is heerlijk weer. Ze weet het precies, ze moet over een klein paadje en dan kan ze eventjes bij het maisveld kijken. Ze vindt het er altijd zo mooi. Ook vandaag wil ze er even kijken. Ze zet haar fiets neer en loopt het kleine paadje af naar het maisveld. Daar gaat ze even zitten.
Hè! O ja. nou voelt ze het weer! Zc krijgt gewoon kippevel op haar armen en benen. Is het dan zo koud? Nee. het is prachtig weer, maar ze merkt opeens weer dat nare gevoel. Net als toen! En alles ziet ze weer voor zich. 't Is nog niet eens een jaar geleden. Lydia zat thuis bij haar vader en moeder te lezen in een boek. Ze woonden ergens in een grote stad. En opeens kwam het. De aarde begon te beven cn ze hoorde luid gerommel. De muren van de kamer waarin ze zat. vielen met een smak neer! En ook het dak. Het was een vreselijk lawaai. Wat ze allemaal geroepen heeft weet ze allemaal niet meer. Maar ze weet nog goed dat ze opeens in een hele donkere ruimte zat. En waar ze ook met haar handen tastte, voelde ze scherpe stukken van steen. Hoe lang ze in die donkere ruimte gezeten heeft, weet Lydia niet. Maar opeens, o wat was dat een heerlijk moment! Opeens hoorde zc weer wat gerommel. En tussen de stenen zag ze een sat waardoor iets verscheen.
Een hand! Een hand die haar hielp waardoor ze gered kon worden.
In de grote stad waarin ze woonde was een aardbeving gekomen. Heel veel mensen waren omgekomen. Onder hen waren ook de vader cn moeder en de broertjes en zusjes van Lydia. Zij is de enige die overgebleven is uit het gezin. Ze is toen een hele tijd bij andere mensen geweest nadat ze uit het ziekenhuis kwam. En nu woont ze sinds enkele maanden bij oom en tante Korkof in een heel klein dorpje. Daarom moest ze ook veranderen van school. Op haar vorige school waren ook een heleboel mensen die niets wisten van de Bijbel. Maar in haar klas zaten er toch vijf waarvan de vader en moeder christen waren. Maar nu zijn oom cn tante Korkof de enige die christen zijn. Ze moeten wel veertig kilometer rijden om weer bij iemand te komen die ook wil luisteren naar de Bijbel. Daarom vindt Lydia het op school nu zo moeilijk.
Ineens schrikt Lydia op. ..Ik moet nodig verder gaan", denkt ze. „want tante zit thuis te wachten. Zc weet wanneer ik uit school kom." Vlug gaat ze weer terug naar de fiets. „Hé. daar heb je hem toch weer!" Lydia ziet de jongen over het paadje gaan op zijn fiets. Is hij weer op zoek naar haar? Wat wil hij toch van haar. „Ik wacht wel tot hij ver weg is", denkt ze. Gelukkig, daar verdwijnt hij op zijn fiets. Nu nog even wachten. Dan pakt Lydia haar fiets om naar huis te gaan.
(wordt vervolgd)
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 13 oktober 1989
Daniel | 32 Pagina's