JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Theologie. Verwording of verwoording?

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Theologie. Verwording of verwoording?

8 minuten leestijd

Theologie. Een begrip dat we allen kennen, hoewel niet vanuit de Schrift; daar zoeken we het tevergeefs. Het is een begrip dat heidense filosofen voor het eerst bedacht hebben, eeuwen geleden in Griekenland. Een van de kerkvaders (Lactantius), heeft het ingevoerd in het christelijke denken. Het is dus een woord dat pas later gebruikt is, toen de behoefte groeide om de zaken uit de Schrift te doordenken. Om de aanvallen op het geloof te kunnen weerleggen en zo de kerk te kunnen leiden en weiden, hetgeen zo'n belangrijke taak is.

Theologen zijn als herders van een kudde. Zij zien de wolven en gieren aankomen, en kunnen hun kudde behoeden voor de gevaren. Zij zien veel verder dan de schapen.

Theologie, wat is dat? Het is een samenstelling uit twee andere woorden: heos, dat betekent: od, en logos, dat is: oord of rede (als denkfunktie). Dus voor het gemak: ennis. Theologie betekent dus kennis van God. Dit kun je op twee manieren uitleggen: ennis, verkregen van God, en kennis over God. Deze twee horen bij elkaar. Kennis verkregen van God, geeft tegelijkertijd ook kennis over God. Zie maar wat de Heere Jezus zegt tot de Zijnen: oh. 14:7; 10:14, 15. Echter, het is niet zo, dat enige verstandelijke kennis ook die kennis geeft, die Hij de Zijnen van zichzelf geeft. Verstandelijke kennis is krachteloos, geeft geen vruchten der bekering waardig, en geeft geen verstaan van de Schriften (zie Luk. 24 : 45).

Theologie kun je studeren aan de theologische faculteit, een onderdeel van een universiteit. Als je theologie studeert, ben je dagelijks bezig met dingen die „men" nodig acht om een theoloog van je te maken. En, een theoloog vindt veelal een plaats in het kerkelijke leven. Vaak op zodanige plaats dat zijn woorden enig gezag krijgen (anders hoefje zo iemand niet op zo'n post te stellen).

Daarom is het van zeer groot gewicht, wat voor kennis de theologen krijgen, want, wat wij weten, zullen ze ook verder vertellen. Wat je niet geleerd hebt, wat je niet weet, waar je geen verstand van hebt. daar zeg je niets over. Wat leer je op de theologische faculteit? Veel.

Erg veel. Maar, niet datgene, wat nodig is om Sion op te bouwen, en om de kudde te leiden naar de grazige weiden. Je krijgt vele kritische vragen onder ogen, maar geen van die vragen doet de Schrift beter verstaan. Je krijgt vele theorieën, maar geen ervan geeft een verlangen om heilig te leven voor God. Het laat je hart zo leeg, en koud. Nee, liet het dan maar; echter hoe vaak neemt de denkwijze en methodologie, de zienswijze en sfeer je hart in? En voel je bij jezelf dat je afgetrokken wordt van het ontzag voor de Heere en Zijn Woord? En durf je eigenlijk niet meer te bidden: „Leid ons niet in verzoeking", omdat je weet: ik heb gekozen voor deze studie. En de twijfel verscheurt je al meer, en maakt je zielseenzaam.

Nee, niet proeven uit m'n woorden: tuderen in de theologie is onnodig. Want de Schrift eist een zéér nauwgezette studie. Tegen de al bestudeerde farizeeërs wordt gezegd: Onderzoek de Schriften" (Joh. 5:39), wat eigenlijk betekent: oorgrond de Schriften, dat wil zeggen: a tot op het fundament!

In onderstaand artikel geeft een theologiestudent uit Zoetermeer een persoonlijke impressie van zijn ervaringen met die studie. Het artikel is niet bedoeld om elke studie in deze richting af te keuren, maar wil attenderen op enkele zaken, die naar het oordeel van de schrijver in de akademische wereld al te zeer verwaarloosd worden.

Maar, die studie, dat doorvorsen, staat wel in een bepaald kader: „Want die (namelijk de Schriften) zijn het, die van Mij getuigen". Het gehele Oude Testament getuigt van Christus, wijst Hem aan. Dat is het doel van het Oude Testament, dat is het doel van de Schrift, dat behoort ook het doel te zijn van elke schriftuurlijke theoloog en theologie. En elke theoloog, die dit uit het oog verliest, staat daarmee buiten het kader van de Schrift. Maar ook elke bestudering van de Schrift moet in dit kader plaats vinden. Anders is het niet zoals de Heere, de Gever van de Schrift en zaligheid, wil dat we met Zijn Woord omgaan. Alle kennis die je verkrijgt, moet ten dienste staan om meer te kunnen laten zien Wie de Heere is. Hoe Hij alles heeft geschapen, gedragen, geleid.

Maar, zo zul je wellicht zeggen, je moet toch de tijdgeest leren verstaan en een antwoord kunnen geven op de vragen van deze tijd? Zeker, dat moet. Maar misschien op een andere wijze, dan meestal gedacht wordt. Misschien helpen deze gedachten over de tijdgeest, om het argument kracht te geven.

- We staan allen in deze tijd. En door onze dagelijkse omgang tussen de mensen, weet je best wel wat er rondgaat. Wij dragen net zo veel bij tot de tijdgeest, als een ander. (Het woord zegt het zelf al. dat het iets algemeens is).

- Sterker nog. We dragen de tijdgeest in ons. Het is niet iets wat van buitenaf komt, wat ons wezensvreemd is. Kritische vragen en nihilisme lezen we al in de Schrift van Genesis tot Openbaring. Zie bijvoorbeeld Gen. 6. En dat niet alleen bij de onwedergeborenen. maar juist ook bij Gods volk kunnen kritische vragen zo opkomen. Lees bijvoorbeeld Ps. 73 maar eens. Of Ex. 4 of Luk. 1:18.

- Ieder heeft zijn eigen vakgebied. Een goede tuinman weet alles van tuinieren af. Zo is het ook met theologen. Zij weten alles van de Schrift af. Het is toch vreemd om te zeggen dat een

goede theoloog zich thuis voelt in de tijdgeest. Hij. juist hij. zal er vreemdeling en bijwoner in moeten zijn. Paulus wijst erop in Gal. 1:16 dat het juist de openbaring van Christus is geweest, die hem heeft doen prediken. Vlees en bloed, menselijke overleggingen heeft hij toen niet nodig geacht, ja geschuwd.

Duidelijk lezen we in dit gedeelte (Gal. 1:16) dat de vorming tot het ambt niet buiten Christus om gaat. En als datgene wat men je meegeeft in je opleiding niet bijdraagt tot deze kennis, wat draagt het dan bij om Hem te prediken? Wat voor nut heb je van een mooie exegese, maar er ligt geen gebruikmaking in van Christus, en brengt niet tot Hem?

Hoe zou je Hem anderen als voor ogen kunnen schilderen, als je niet weet hoe Hij eruit ziet? Als je de Bruid uit Hooglied 5 niet kunt volgen? Je prediking zal dan zo leeg zijn, en de bedoeling van de Schrift voorbij schieten.

Niet dat een mooie exegese slecht is. Het is juist heerlijk om naar te luisteren. Maar. er moet toch wel meer zijn. Misschien is een voorbeeld nodig. Als je dorst hebt, ga je drinken. Dat drinken doe je uit een beker. Maar die beker kan je dorst niet lessen. Het bevat alleen datgene dat je nodig hebt. Nu, zoals een beker het drinken omgeeft, zo omgeeft een juiste exegese en prediking datgene waar het om gaat. Maar: het moet wel een beker zijn, en geen mes. En op de universiteit worden je messen in plaats van bekers gegeven.

Begrijp je? Messen, die zoveel mooie dingen versnijden. En dat niet alleen door schriftkritiek, maar doordat je eigen verstand zo gevuld wordt met theologiseren. En als dat gebeurt, dan ervaar je jezelf zo ver verwijderd van Zijn onderwijs. Zo hopeloos.-In de Schrift wordt prediking verbonden aan Christus (Rom. 12:24), aan de kracht Gods, die erin meewerkt (1 Kor. 1:21, 2:4). of het Woord (2 Tim. 2:4). En Paulus waarschuwt de predikers om zich niet bezig te houden met datgene wat meer vragen oproept dan dat het sticht (dat wil zeggen: e gemeente bouwt; zie Tit. 3:9, 1 Tim. 1:4).

Op grond van al deze dingen zou ik diegenen die overwegen om theologie te gaan studeren of die een dergelijke studie erg aanprijzen, erop willen wijzen dat het voor de Kerk zo belangrijk is dat er predikers zijn, die de verborgenheden van het Evangelie kunnen ontvouwen. Want als prediker ga je om met de genadetijd van je hoorders. En dan behoren zij het beste, het ernstigste, het liefdevolste op te delven en door te geven. Dit is iets, dat geen universitaire studie geven kan. Maar, wat de Heere (middelijk) geven wil. Hij roept. Hij maakt bekwaam, en Hij zendt. En alleen gezonde(n) predikers krijgen vrucht op hun werk (Rom. 10:14, 15 en Jer. 29:9). Daarom, het lijkt me beter om geen theologie te gaan studeren alleen uit belangstelling, of omdat je er wat in ziet. Eeuwen geleden zei Tertullianus al: Uiteindelijk is het beter niets te weten, dan iets te weten dat je niet hoeft te weten". Laten we maar voorzichtig zijn welke kennis we ons toeëigenen. Verkeerde kennis geeft een verkeerde visie op ons leven, geeft een onjuiste levenshouding.

En diegenen die verlangen naar meer theologische kennis, en er zo moeilijk aan kunnen komen, hebben misschien wat ruggesteun in de voorbeelden uit de kerkgeschiedenis van personen die uiterst nuttig zijn geweest voor de kerk, en toch geen theologische vakopleiding gekregen hebben. Bijvoorbeeld Augustinus, Bunyan, Huntington en ds. Kersten.

„Vertrouw op de Heere met uw ganse hart en steun op uw verstand niet. Ken Hem in al uw wegen en Hij zal uw paden recht maken", Spr. 3:5, 6.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 11 augustus 1989

Daniel | 32 Pagina's

Theologie. Verwording of verwoording?

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 11 augustus 1989

Daniel | 32 Pagina's