Het kado verdwenen
deel 5
Moeder kijkt wel vreemd op als hij binnenkomt.
„Hallo, wat is er nou toch aan de hand? ”
„Mam", zegt Bert, „u gelooft me niet. maar Leo is echt het vervelendste kereltje wat er bestaal. Hij heeft mijn kadootje verstopt en nu kan ik niet naar het feest.”
„Wat vertel je me nu? ", vraagt moeder verbaasd.
„Het is echt waar. mijn kadootje is kwijt. Die akelige Leo. hij bederft altijd alles en.”
Dan gaat de bel. Wel twee, drie keer.
Moeder loopt naar de deur. Ze laat de kamerdeur open. Bert blijft mokkend in de kamer achter. Hi j vindt het toch allemaal niel leuk meer. Dan hoort hij een bekende stem in de gang. Wie is dat? Leo!!
„Mevrouw", zegt hij en je kunt horen aan zijn stem dat hij hard gerend heeft, „we zijn heel erg ongerust. Bert is nergens te vinden. We hebben de school al gebeld. Nu zoeken we de straat af en Bert is er niet. Niemand wist uw telefoonnummer. Ik wist wil waar het huis van Bert stond. Ik ben hierheen gerend om u te waarschuwen en o. hier is het kadootje. Dat hebben we per ongeluk meegenomen met de andere plastic zakken." Leo hijgt.
„O Leo", zegt moeder blij, „kom even binnen.”
Heel snel verdwijnt Bert in de keuken. Alsjeblieft zeg, Leo in de kamer met zijn lieve gezicht. Dan schrikt hij van zijn nare gedachten. Opeens denkt hij aan wat hij allemaal over Leo heeft verteld.
Wat zei hij net tegen moeder?
Wat bedacht hij allemaal op de fiets? Nu hoort hij van Leo dat het een vergissing was. dat zijn tas ook meegenomen werd. Leo loopt ongerust naar hem te zoeken. En dan heel even schiet het door hem heen: ..Leo is niet het naarste jongetje uit groep vier, maar hijzelf! Bert Dirksen!" Moeder heeft wel gelijk, als ze zegt dat hij ook verkeerde dingen heeft, dat hij net zo'n boos hart heeft als Leo.
En wat zei ze nog meer: „God liefhebben boven alles, dat komt eerst. Je moet vragen of de Heere je je eigen fouten laat zien." Bert weet het niet precies meer. Maar één ding weet hij wel. Hij heeft boze en verkeerde dingen over Leo bedacht. Hij is niet beter dan Leo. Hij moet Leo ook liefhebben, dat moet hij proberen. Dat gaat hij nu proberen.
Hij doet de kamerdeur weer open. Hij stapt op Leo af. „Hallo", zegt hij. ..wat leuk dat je me op komt halen. Ik durfde niet naar die verjaardag zonder kado. Fijn dat je het even komt brengen.”
Moeder kijkt met grote ogen naar Bert. Dan zegt ze: „Ga maar gauw met Leo mee. want ze hebben gewacht met het eten. Ik zal Jaaps moeder even bellen.”
Lao lacht en Bert pakt snel de rood-gele tas van hem aan. Dan lopen ze samen weer naar buiten.
„Ik laat mijn fiets thuis", zegt Bert. „We lopen wel vlug. dan zijn we er zo.”
„Ja joh", zegt Leo, „kom. want het feest is al bijna afgelopen. We hebben al wat lekkers op. Wc kregen allemaal een lekkere kop soep. met lettervermecelli en soepstengels. Heerlijk was dat! Ja", zegt hij dan plagerig, „dat heb jij gemist, maar dan had je ook gelijk naar de verjaardag moeten komen, zonder kado. Je kado was er toch al. 't Was wel dom van je. om naar je eigen huis te gaan." 'Nee toch', denkt Bert, 'daar begint hij weer. Ik....’
Berl zucht. 'Ik moet van Leo houden, maar ik kan niet van hem houden.' Het is alsof hij moeders stem hoort: „Als je mag leren dat de Heere jouw verkeerde dingen vergeven wil, dan kun je ook anderen vergeven. De Heere kan er voor zorgen dat je ook van Leo gaat houden.”
Bert raakt een beetje in verwarring. Maar God liefhebben boven alles, dat komt toch eerst? Heeft hi j de Heere echt lief? Heeft hij een nieuw hart? Hij heeft een boos hart. Als je een nieuw hart hebt, zou het dan vanzelf gaan? Nee, want moeder vindt het ook moeilijk, maar ze zegt: „Dat kunnen we niet zelf. De Heere kan er voor zorgen....”
’Ik moet vragen aan de Heere of Hij me dat leren wil: God liefhebben boven alles en mijn naaste als mijzelf....’
„Hé Bert! We zijn er al hoor!" Leo trekt Bert aan zijn mouw. Bert wilde gewoon doorlopen.
„O ja. natuurlijk!" Bert probeert heel vrolijk te doen:
„Dat is het huis van Jaap. Kijk, iedereen staat al voor het raam. Kom mee. we maken er een fijn feest van!”
Leo lacht naar Jaap. Bert en Leo rennen naar de voordeur.
Boskoop Annemarie van Houdt
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 30 juni 1989
Daniel | 32 Pagina's