JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Maar wij verwachten met groot verlangen...

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Maar wij verwachten met groot verlangen...

7 minuten leestijd

Over de toekomst wordt veel gesproken cn gedacht. Elk heeft zo zijn persoonlijke visies en ideeën. Verwachtingen op korte termijn: als ik slaag over enkele weken, dan ga ik Er zijn voorstellingen omtrent de toekomst op wat langere termijn: hoe zal het na de eenwording van West-Europa zijn? Er zijn pessimistische toekomstbeelden, afgewisseld door optimistische verwachtingen. Ook onder ons. Daarvan getuigt het hieraan voorafgaande vraaggesprek.

Eeuwige dingen

Behalve al deze gedachten over de toekomst is er de allerbelangrijkste toekomstverwachting, namelijk de verwachting van de eeuwige dingen. Wat wordt daar in het algemeen weinig over gesproken, omdat daar zo weinig of helemaal niet over wordt gedacht. Toch is die toekomst dichterbij dan wij denken. Niet alleen dat de wederkomst van de Heere Jezus dichterbij komt en wellicht zeer dichtbij is. Niemand kan zeggen wanneer. Hij komt. Van die ure weet niemand, zo heeft de Heere gezegd. Maar de eeuwigheid is ook dichtbij omdat de dood elk uur wenkt. Voor oude mensen zeker. Maar ook voor jonge mensen. Wat kan het einde zich zomaar plotseling aandienen. En dan hebben wij geen wapen om de dood te keren. Waar zullen wij dan zijn? Deze toekomstverwachting kan zo ineens het belangrijkst blijken te zijn.

Geen blijvende stad

Wat deze wereld betreft heeft de Bijbel dingen te zeggen die niet mis te verstaan zijn. Deze wereld gaat voorbij en haar begeerlijkheid, schrijft Johannes in zijn brief. En in Hebreen 13 schrijft de apostel, dat wij hier geen blijvende stad hebben. Hetgeen gezien wordt gaat voorbij. Daarom zegt Paulus: .Wij aanmerken niet de dingen, die men ziet, maar de dingen die men niet ziet; want de dingen die men ziet. zijn tijdelijk, maar de dingen die men niet ziet. zijn eeuwig (2 Kor. 4:18). Dus de tastbare en zichtbare dingen gaan voorbij.

Voleinding der wereld

Het gaat naar de voleinding van deze wereld toe. Niet naar het einde, maar naar de voleinding. Als de Heere afscheid neemt van Zijn discipelen belooft Hij. dat Hij met hen zijn zal tot de voleinding der wereld. Dan heeft de wereld dienst gedaan. Het doel met deze bedeling is dan bereikt. De voltooiing van alle dingen is dan gekomen. De gemeente van Christus, die Hij bijeen vergaderde door Geest en Woord, is dan voltallig.

Om die voltooiing bidt de kerk van alle eeuwen:

Uw koninkrijk koom' toch, o lieer! Ai, werp de troon des satans neer; Regeer ons door Uw Geest en Woord; Uw lof word' eens alom gehoord, En d' aarde met uw vrees vervuld, Totdat G' uw rijk volmaken zult. (Gebed des Heeren : 3)

Totdat G" Uw rijk volmaken zult. Dat is de grote toekomst, die aanstaande is. Wij reizen allemaal naar die toekomst. De vraag is - en dat is een strikt persoonlijke - hoe reizen wij naar die toekomst en wat zal die toekomst ons brengen?

Het ganse schepsel zucht

Die voleinding wordt niet alleen tegemoet gezien door de

kerk des Heeren. Zelfs de schepping ziet er naar uit. De apostel Paulus zegt: ant wij weten dat het ganse schepsel te zamen zucht, en te zamen als in barensnood is tot nu toe (Rom. 8:22). Als jc vraagt naar de reden waarom het ganse schepsel zucht, dan is het antwoord: Want het schepsel, als met opgestoken hoofde, verwacht de openbaring der kinderen Gods." Dat is de voltooiing van de gemeente van Christus. Als Hij komt. dan zal alle oog Christus zien. Maar dan zal ook door alle goddelozen gezien worden de heerlijkheid van de kinderen van God. Nu verborgen, doordat de wereld hen niet acht. Nu verborgen omdat hun leven met Christus verborgen is in God. Nu verborgen omdat enerlei wedervaart dc rechtvaardige en de goddeloze. Maar dan geopenbaard, onthuld, in het openbaar vertoond. Het zuchten van het ganse schepsel wordt steeds duidelijker gehoord. De milieuvervuiling. de verwoesting van de schepping door de konsumptieve mens in een tcchnokratische maatschappij is een symptoom van dit zuchten. Het toont dat de voltooiing nadert. Zeker heeft een ieder op eigen plaats een taak en roeping om het geschapene te verzorgen, maar de voltooiing komt.

De laatste dagen

Deze voleinding zal komen door zware tijden heen. Paulus schreef in zijn laatste brief aan Timótheüs:

„En weet dit, dat in de laatste dagen ontstaan zullen zware tijden. Want de mensen zullen zijn liefhebbers van zichzelf, geldgierig, laatdunkend, hovaardig, lasteraars, de ouderen ongehoorzaam, ondankbaar, onheilig. Zonder natuurlijke liefde, onverzoenlijk, achterklappers, onmatig, wreed, zonder liefde tot de goeden, verraders, roekeloos, opgeblazen, meer liefhebbers der wellusten dan liefhebbers Gods; hebbende een gedaante der godzaligheid, maar die de kracht daarvan verloochend hebben" (2 Tim. 3:1-5).

Niet gering: maar wel herkenbaar dacht ik.

Deze dagen zullen zo moeilijk zijn, zegt de Heere Jezus, dat als zi j niet verkort werden, geen vlees zou behouden worden; maar om der uitverkorenen wil zullen die dagen verkort worden (Matth. 24:22).

De verwachting van de Kerk

De gemeente van Christus heeft een gegronde verwachting. Petras schrijft: Maar wij verwachten, naar Zijn belofte, nieuwe hemelen en een nieuwe aarde, in dewelke gerechtigheid woont" (2 Petr. 3:13). De voltooiing van deze aarde brengt een zalige toekomst voor allen die hier hebben geleerd als arme zondaren van genade te leven. Die in de Heere hebben geleefd, en in Hem zijn gestorven, zullen worden opgewekt uit de dood om een zalige toekomst in te gaan. Daarom wekt de Heere de Zijnen op. om als de zware tijden komen en de grote verdrukking aanbreekt, dc hoofden opwaarts te heffen wetende dat hun verlossing aanstaande is. Er is een verwachting door de genade van God in Christus op een eeuwige zalige toekomst. Niet alleen naar de ziel, maar ook met het lichaam, als mens dus. kompleet mens, zullen zij eeuwig leven. De dood zal daar niet meer zijn.

Onze Nederlandse Geloofsbelijdenis belijdt in artikel 37:

„Daarentegen de gelovigen en de uitverkorenen zullen gekroond worden met heerlijkheid en eer. De Zoon van God zal hun naam belijden voor God Zijn Vader, en Zijn uitverkoren engelen, alle tranen zullen van hun ogen afgewist worden: hun zaak die nu tegenwoordig!ijk door veel rechters en overheden als ketters en godloos verdoemd wordt, zal bekend worden de zaak van de Zoon van God te zijn. En tot een genadige vergelding, zal hen de Heere zulk een heerlijkheid doen bezitten, als het hart van een mens nimmermeer zou kunnen bedenken. Daarom verwachten wij die dag met groot verlangen, om ten volle le genieten de beloften van God in Christus Jezus onze Heere.”

Kennen wij dat grote verlangen?

Is deze verwachting met groot verlangen in ons hart? Dat is niet iets dat er zo maar is. Want wij kunnen zo bezet zijn met de dingen van dit leven, dat er geen gedachte is aan de dingen van de eeuwigheid. Het is een verschrikkelijke zaak als wij nooit overwegen wat ons deel zal zijn.

Het is een groot voorrecht als wij leren zien, dat wij de dood verdiend hebben, en dat belijden voor de Heere. Dan is er bij God ook uitkomst. Dan is er genade bij de Heere te vinden. De genade van Christus, Die dood geweest is en Die leeft tot in alle eeuwigheid. Hij is om onze ongerechtigheden verbrijzeld. De straf die ons de vrede aanbrengt was op Hem. en door Zijn striemen is ons genezing geworden. De geloofsbelijdenis vangt aan met de woorden: Wij geloven allen met het hart en belijden met de mond De geloofsbelijdenis eindigt met de woorden:

Daarom verwachten wij die dag met groot verlangen.... Het een, het einde, hangt aan het ander, het begin. Zonder de oprechte bekering en het ware geloof zal er van verlangen geen sprake kunnen zijn. Dan zien wij die dag met vrees tegemoet, althans daar zou alle aanleiding toe zijn. Wij worden met die dag niet vertroost en de komst van de Heere Jezus kan ons niet verblijden.

Daar het nu nog de dag der zaligheid is, de welaangename tijd. is het de dag om de Heere te zoeken. Er is haast bij. Het einde nadert. Zalig is hij of zij die verlangt: Gelijk een hert schreeuwt naar de waterstromen, alzo schreeuwt mijn ziel tot TJ. o God! Mijn ziel dorst naar God. naar de levende God: anneer zal ik ingaan, en voor Gods aangezicht verschijnen? " (Psalm 42:2. 3).

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 12 mei 1989

Daniel | 32 Pagina's

Maar wij verwachten met groot verlangen...

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 12 mei 1989

Daniel | 32 Pagina's