Reakties uit Siberië
Novosibirsk, 10 februari 1989
Beste jongelui.
Ik groet jullie in de Naam van de Heere Jezus Christus die ons door Zijn Woord verbonden heeft.
Hen medewerker van Friedensstimme-Nederland heeft onze gemeente bezocht. We waren ook met hem en onze jeugd bij elkaar. Hij vertelde over de dingen die in Holland gebeuren door de bond van jullie gemeenten. Ik weet niet goed, hoe ik me daar een voorstelling van moet maken, omdat alles hier zo heel anders is. Zo kreeg ik ook het kassettebandje dat jullie gemaakt hebben. Ik zou er graag meer van willen hebben, maar ik begrijp dat dat niet kan. We zullen het hier zelf vermenigvuldigen en zo ook bij de jeugd in andere gemeenten brengen.
Ik ben 23 jaar en jeugdleider van de jongeren in onze gemeente. In september 1988 trouwde ik met Vera. We hebben de helft van een oude, houten woning in één van de oude buitenwijken van de stad Novosibirsk. Onze gemeente telt 280 mensen: volwassenen. jeugd en kinderen. Onze jeugdgroep bestaat uit 16 jongelui. Voor jullie is dat misschien niet zo groot, maar dat komt doordat er vorig jaar een aantal is getrouwd, zodat de groep ineens erg klein is geworden.
We komen één keer in de weck bij elkaar in ons „gemeentehuis". Dat zal ik even uitleggen.
Negen jaar geleden is er een lid van onze gemeente naar
Duitsland geëmigreerd. Hij heeft toen zijn huis bestemd voor de gemeente, maar is zelf eigenaar gebleven. Voor ons is dat erg belangrijk. Omdat de eigenaar van dit huis nu in het buitenland verblijft, kan de overheid ons (wettelijk) weinig problemen maken. Het souterain hebben we omgebouwd tot kerkzaal cn boven woont een gezin van de gemeente. Omdat het voor onze begrippen een groot huis is. is cr boven nóg een ruimte van 4'A x 6 meter die wij mogen gebruiken.
Novosibirsk is erg uitgestrekt. De meeste gemeenteleden zijn 1% a 2 uur onderweg om de diensten te bezoeken. Hoewel we in verhouding tot andere gemeenten in Siberië een goede ruimte hebben, is het zondagsmorgens meestal zo overvol dat we allen staan. Bij jullie komt dat niet voor omdat er kerkgebouwen zijn, maar voor ons is dat niet ongewoon.
In de avonddiensten kan niet ieder weer aanwezig zijn in verband met de afstanden, zodat we dan allen kunnen zitten.
Tijdens de jeugdsamenkomst besteden we tijd aan bijbelstudie en we zingen en musiceren veel. Bijna allemaal bespelen we instrumenten, meest mandolinc's en gitaren, maar ook accordeon en dwarsfluit. Ook zijn er vier violen. We behandelen een hoofdstuk uit de Bijbel, nadat we eerst om de leiding van Gods Geest gebeden hebben.
Novosibirsk is een grote industriestad midden in Siberië. Vooral noordelijk en ten oosten van de stad liggen talrijke dorpen en nederzettingen in de taiga waalmensen wonen, die het Woord van God niet kennen.
Eenmaal in de maand gaan we de taiga in en zoeken dc dorpjes op waar we dan gaan evangeliseren. Zomers doen we dat vaker, in de winter soms minder, dat is afhankelijk van de weersomstandigheden. In februari cn maart is hier enorme sneeuwval. Het gebeurt dan wel dat er 40 a 50 centimeter sneeuw per dag valt. en dan is het onverantwoord om er op uit te trekken.
We proberen dat goed voor te bereiden. We studeren liederen in. die betrekking hebben op de natuur en de grootheid van Gods almacht. We zoeken een bijbelgedeelte uit. dat daarbij aansluit en bidden met elkaar of de Heere de wegen en deuren opent. De laatste dag vasten we en komen we 's avonds voor een bidstond bij elkaar. Dan is ook onze voorganger erbij.
Als we in zo'n dorpje aankomen, zoeken we een centrale plaats op. meestal de waterpomp en daar zingen we met elkaar enkele liederen. De mensen vinden dat over het algemeen erg mooi en zodra er een groepje mensen ontstaat, lezen we een stukje uit de
Bijbel cn spreken daarover. Zo ontstaan dan soms spontaan gesprekken, terwijl anderen gewoon nog wat liederen
zingen. We vertrekken nooit voordat we er op gewezen hebben, dat we allen eenmaal voor Gods troon zullen staan en dat we dan bereid moeten zijn Hem te ontmoeten.
Het is niet altijd zo. maar vaak vragen de mensen om een Bijbel. Dat is voor ons altijd een moeilijk moment. Meestal hebben we maar een paar Nieuwe Testamenten of een Evangelie, zodat we altijd mensen moeten teleurstellen. Soms hebben we helemaal niets bij ons en dat doet ons pijn. Hoe graag zouden we al deze mensen het Woord van God in handen willen geven. We laten wél altijd het adres van onze gemeente achter en het gebeurt ook wel dat we nog een keer teruggaan als er bijzondere aanleiding toe is.
Gistermiddag hebben we met de broeder uit Holland ook een dorpje bezocht. Het was ongeveer twee uur rijden, buiten de stad. We moesten door een erg woest gebied, zodat we drie keer vast raakten in de sneeuw. Hoewel dat erg lastig is, vinden we altijd wel weer een methode om los te komen. Je maakt dat hier vaker mee. Het dorpje bestond uit zon 120 huizen, waarvan de meesten erg klein. We waren met z'n vieren. Eén bleef bij de auto (want die kun je in zo'11 omgeving nooit alleen laten) en met z'n drieën liepen we het dorpje in. Op het eerste adres waar we binnenkwamen, woonde een jong echtpaar met twee kleintjes. De vrouw was alleen thuis. Ze was 31 jaar en kende de Bijbel niet. Ze had er ook geen belangstelling voor.
Ik vertelde over de Heere die alles geschapen heeft en vroeg haar of ze veel van haar kinderen hield, hen wellicht het beste zou willen geven dat mogelijk is. Dc vrouw vertelde ons over haar levensomstandigheden. We vertelden haar dat de Heere het enige dat Hij bezat. Zijn eigen Zoon, gegeven heeft in een wereld verloren in schuld, opdat een ieder die in Hem gelooft niet verderve. maar eeuwig leven ontvange.
Hoewel ze aanvankelijk zeer afwijzend was. wilde ze toch wel een Nieuw Testament en beloofde er in te zullen lezen. „Je denkt toch niet dat ik het in het vuur zal gooien'? ", zei ze toen we vertrokken. Dat was een geruststelling, want dat had ik werkelijk even gedacht. We liepen wat verder en gingen opnieuw één van de huisjes binnen. We troffen er een oud vrouwtje aan onder zeer erbarmelijke omstandigheden. Ze kon nauwelijks praten, was ziek van de pijn en ellende. Rheuma in de benen en armen, hartpatiënt en veel te hoge bloeddruk. Ze had al een week geen mensen gezien en niemand verzorgde haar of keek naar haar om. zodat ze ook geen ander water meer had. dan een teiltje met grauw vies water. We namen direkt een paar emmers, buiten zag ik nog een oude melkbus staan en op een sleetje ben ik op zoek gegaan naar de waterpomp in het dorp. Dat betekende voor
deze arme vrouw al veel. In dat kleine vertrekje zagen we in de hoek ikonen met een klein medaillonnetje eraan. Een orthodoxe dus. dachten we.
Hoewel we haar slecht konden verstaan, probeerden we toch een gesprek. De Bijbel kende ze niet. maar ze bad elke dag, vertelde ze. Maar hoe dan'? Onder de ikoon vandaan pakte ze een doosje, waamit ze enkele vergeelde briefjes haalde. Dat waren haar gebeden, die bad ze elke morgen en elke avond geknield voor het medaillon netje (dat was een heilige waarvan ik dc naam niet meer weet). Ik las de briefjes en schrok.
Alle briefjes - het waren er drie - begonnen met heilige Moeder Gods. dierbare maagd des Hccren.... Nu had ik gelukkig nog een Nieuw Testament bij me en liet dat haar zien. Ik hurkte neer bij haar op de grond en vroeg: „Weet je wat dit voor een boekje is? Dat is een boekje waarin de Heere ons geleerd heeft hoe wc Hem moeten aanbidden...."
Zo vertelde ik haar dat we helemaal geen briefjes nodig hebben, dat we zó uit ons hart I tot de Heere mogen bidden en. als we niet weten hoe dat moet. heeft de Heere ons een gebed gegeven dat we dan kunnen bidden. „Zal ik dat eens voorlezen? "
Ik las haar de passage voor waar de Heere Jezus ons leert hoe het Onze Vader te bidden. Daarna vertelde ik haar over oude mensen in de Bijbel en ik las met haar het stukje van Simeon in de tempel. Hij verwachtte de Heere. hij had geen beelden nodig, geen heiligen ol' ikonen. maar was dagelijks in de tempel om te bidden en daar mocht hij de Heere Jezus ontmoeten. Zo wil de Heere nu dat wc Hem aanbidden.
Hoe dankbaar drukte deze arme vrouw even later het Testament aan haar hart. We hebben samen met haar gebeden om Gods ontferming over haar en ons arme volk dat zo onwetend is over de weg tot behoud.
De tijd drong en we moesten deze diep ongelukkig vrouw in haar erbarmelijke omstandigheden zo achterlaten. Ik heb mijn adres en dat van de gemeente achtergelaten en beloofd dat ik met een paar meisjes van de gemeente een keer terug zou komen om haar wat te helpen. Wc moesten nu snel terug naar de stad.
Zo zijn er hier talrijke dorpen
waar dc mensen in hun armoede voortleven bij wodka en televisie. Zonder God. Onwetend over het eindgericht dat komt. In Oost-Siberië en het Verre Oosten leven volken in volslagen heidendom. Zelf ben ik er niet mee in kontakt geweest, maar we weten dat er nog miljoenen mensen leven aan wie nog nooit het Woord is gebracht. Hoe zullen deze diep ongelukkige mensen de Weg weten als hun die niet wordt gepredikt? Daarom ben ik dankbaar dat jullie ons willen helpen om Gods Woord verder te brengen. Als ik bedenk dat jonge mensen en kinderen in Nederland daar bewogen over zijn. dan kan ik alleen maar nazeggen wat op het bandje staat, dat ik heb gekregen: „Hoe groot zijt Gij!". God zegene jullie allen.
Andréj
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 3 maart 1989
Daniel | 32 Pagina's