„Over de kerk gesproken”
boekbespreking
Bij het lezen van het hoekje „Over de kerk gesproken" hebben mijn gedachten zich vermenigvuldigd. In de eerste plaats moest ik denken aan de ouders die met zorgen vervuld zijn omdat één van de kinderen van de kerk dreigt te vervreemden. Ik moest denken aan de ouders die met vragen rondlopen omdat hun dochter of zoon afwijkt van het kerkelijk pad en zich ..thuis" voelt in één van de evangelische groepen. Ik moest ook denken aan de ouders die met pijn in het hart een doopdienst meemaken denkend aan hun gedoopte zoon of dochter die van de kerk is vervreemd.
Mijn gedachten gingen ook uit naar de ouders (en ouderen) die het zo moeilijk vinden om vragen van jongeren over de kerk te beantwoorden. Immers, het is niet makkelijk om een eerlijk antwoord te geven op de vragen die jongeren stellen. Wanneer je vee! van iemand houdt, kun je het niet verdragen wanneer een ander kritiek op de desbetreffende persoon heeft. Wanneer je als ouders(en) innerlijk verbonden bent aan de kerk, kun je het moeilijk hebben wanneer anderen kommentaar leveren op de kerk. Het kan pijn doen wanneer iemand de zere plekken binnen de kerk aanraakt. En juist jongeren voelen vaak haarscherp aan waar de zwakke plekken zitten en stellen daar vragen over. Dan is het niet makkelijk om een eerlijk antwoord te geven.
Ik moest ook denken aan de jongeren die vragen stellen en geen bevredigend antwoord krijgen. Ik kan het best wel eens begrijpen wanneer een jongen of meisje zegt: „Mijn ouders willen me niet hegrijpen." Dit is veelal niet een kwestie van niet-willen, maar van niet-kunnen. Ouderen zijn niet altijd in staat om onder woorden te brengen wat zij zo graag zouden willen doorgeven. Het is dan begrijpelijk dat jongeren met vragen blijven zitten. Het zijn veelal vragen die ook moeilijk te beantwoorden zijn.
Juist daarom ben ik zo blij met deze uitgave die in het kader van de aktie „Een geopende deur" verkocht zal worden. Op de achterkant staat: „Een boek speciaal voor jonge mensen van de Gereformeerde Gemeenten". En zo heb ik het ook gelezen.
Inhoud
Laat ik je eerst wat meer informeren over dc inhoud van het boek.
Nadat ds. C.J. Meeuse de vraag beantwoord heeft „Wat is de kerk? ", gaat ds. M. Golvcrdingen in op de achtergrond van jouw kerk. de Gereformeerde Gemeenten. Op een heldere wijze zet hij uiteen waar de wortels van de Gereformeerde Gemeenten liggen. In het hoofdstuk dat daarop volgt, gaat W. Visser de vraag behandelen waarom jongeren bij de kerk blijven. Fijn dat eerst het positieve aan de orde komt en daarna gesproken wordt over de vraag waarom jongeren de kerk verlaten. Deze vraag wordt door J.H. Mauritz behandeld. Dat de verschillende hoofdstukken logisch op elkaar volgen, blijkt uit het feit dat het hoofdstuk dat hierop volgt de titel heeft: „Op de grens van kerk en wereld". Ds. C. Harinck behandelt op indringende wijze de waarschuwing die er ligt in de woorden: „Gedenk aan de vrouw van Lot". Niet alleen heeft dc wereld een zuigkracht op kerkelijke jongeren, maar ook de evangelische beweging spreekt veel jongeren aan. Ds. P. van Ruitenburg spreekt op een eerlijke wijze over de invloed die er van de evangelische beweging uitgaat. Denkend aan de evangelische beweging, komt de vraag naar de waarde van de belijdenisgeschriften naar voren. Ds. H. Paul gaat hierop in in een apart hoofdstuk. Het belijden van de kerk is belangrijk, maar dc vraag „Wat betekenen we voor elkaar? " dient ook de aandacht te krijgen.
Nadat ds. D. Rietdijk deze vraag aan ons voorgelegd heeft, gaat ds. A. Elshout in op het feit dat het getuigen van de christelijke kerk niet alleen een zaak van ccr is, maar ook een ere-taak is. Ds. J.J. van Eckeveld vertelt aan de hand van verschillende praktijkvoorbeelden wat de woorden van de Heere Jezus inhouden: „In de wereld zult gij verdrukking hebben". Ds. B. van der Heiden besluit het boek met de vraag „Wat heeft de kerk jou te zeggen? ".
Waardering
De bewogenheid waarmee de meeste schrijvers hun hoofdstuk schrijven, heeft me goed gedaan. Ik maak het nog wel eens mee dat ouderen enigszins negatief reageren op kritische vragen van jongeren.
Daarbij weel ik dat het moeilijk kan zijn om op dergelijke vragen in le gaan en levens dc ander in zijn of haar waarde te laten. Ik ben ervan overtuigd dat dc schrijvers allemaal proberen om vanuit bewogenheid met het lot van jongeren, antwoord te geven op hun vragen. Daarbij moet wel gezegd worden dal de één daar beter in is geslaagd dan de ander. Maar juist dit geeft een „persoonlijk tintje" aan de verschillende hoofdstukken.
Bij hel lezen van het boek. lees je ongemerkt (althans ik heb dal wel gedaan) door de bril van jongeren. De ene keer heb ik een hoofdstuk gelezen door de bril van een jongen die bijna van de kerk vervreemd is en de wereld in dreigt te gaan. Een andere keer had ik de bril op van een meisje dat zich aangetrokken voelt door de evangelische beweging. Ik zou het kunnen begrijpen wanneer er jongeren zijn die zich geprikkeld en mogelijk hier en daar geïrriteerd zullen voelen bij het lezen van bepaalde passages. Toch is dat niet erg. Vraag jezelf dan eens af of het zo is dat er dan bij jou ook een zere plek wordt aangeraakt. Laat dil dan niet tot verwijdering leiden, maar tot zelfkritiek en gebed.
Kerkistisch?
Is het boek kerkistisch? Het is toch geschreven „speciaal voor jongeren van de Gereformeerde Gemeenten"? Kerkistisch is het niet. Met veel waardering heb ik het tweede hoofdstuk gelezen waarin ds. Golverdingen schrijft over jou cn mijn kerk. Op een ootmoedige wijze informeert hij ons over onze kerk. Hij doet dit aan de hand van de geschiedenis. De Afscheiding, dc kruisgemeenten en de ledeboerianen. maar ook de na-oorlogse spanningen (in kerk cn samenleving) hebben een stempel gezet op onze gemeenten. Heel helder wordt een aantal „kenmerkende trekken" van de Gereformeerde Ge meenten geschetst.
Kerkistisch? Nee. dat niet. Dat blijkt wanneer hij aan het slot schrijft: ..... het is dc hartelijke, innerlijke verbondenheid met de oude leer. die ons door de nood gedrongen, heeft samengebracht cn samenbindt in de Gereformeerde Gemeenten. Daarmee hebben we het oude ledebocriaansc heimwee naar algehele reformatie van de Hervormde Kerk nog niet verloren..." (pag. 36/37). Ik proef daar bepaald geen kerkisme in. Temeer omdat er in het hoofdstuk van deze predikant ook geen plaats voor kerkelijke zelfverheffing is. Heel duidelijk stelt hij dat wc een kerkelijk standpunt in mogen en moeten nemen, „maar tegelijkertijd dienen we ervoor te waken, dat we dat standpunt verabsoluteren. Op dat moment wordt die slandpunlbepaling tot een vals geroep: Des HEEREN tempel, des HEEREN tempel, des HEEREN tempel zijn deze!" (Jcr. 7:4). Ook nu geldt het woord van Jeremia ten aanzien van Sion onverkort: Uw breuk is zo groot als de zee. wie kan u helen? " (Klaagl. 2:13)."
Een eerlijke benadering
Dil spreken vanuit een eigen kerkelijk standpunt zonder zelfverheffing, tref ik ook aan bij andere schrijvers.
Ik hoor jongeren nog wel eens zeggen: ..De tekorten binnen onze gemeenten worden altijd goedgesproken met dc opmerking dat we zondaren zijn." In „Over de kerk gesproken" is dit niet het geval. Sommige gebreken van eigen kerk worden eerlijk genoemd. Er wordt veelal op een open wijze gesproken over dc tekortkomingen.
Daarbij komt tevens aan de orde wat jij en ik zouden moeten doen en waar onze verantwoordelijkheid ligt.
Denk ook niet dat er zonder zelfkritiek gekeken wordt naar bijvoorbeeld de evangelische bewegingen. Ds. P. van Ruitenburg stelt aan het eind van zijn hoofdstuk de vraag of er „dan niets te leren valt van dc evangelische beweging? " Heel praktisch geeft hij de volgende overwegingen:
„In onze gemeenten zal de vraag naar informeler kontakt met gemeenteleden cn ambtsdragers toenemen. Ik ben er van overtuigd dat wc die behoefte niet moeten negeren. Die behoefte is ook niet per
definitie af te keuren Op catechisaties en gemeenteavonden moet de sfeer ontspannen cn open kunnen zijn. Lastige vragen moeten ook gesteld kunnen worden en dienen zorgvuldig beantwoord te worden. We mogen dc vragenstellers niet al vooraf verdenken van kwade bedoelingen. In hun misschien erg moeilijk tc beantwoorden vragen, tonen zij misschien een klein stukje van dc strijd, waarin zij verkeren; van de vragen die hen door de „wereld" gesteld worden!" (pag. 79). Al met al: in het bock is sprake van een eigen kerkelijk standpunt, maar ook van een eerlijke cn soms positief kritische benadering van het eigen kerkelijk leven. Ouderen worden aangesproken. Toch wordt vooral met jou. wie jc ook bent cn hoe jc houding tegenover de kerk ook al is. gesproken over de kerk waarin je een plaats hebt gekregen.
Lees en herlees
Mag ik je een advies geven? Lees en herlees deze uitgave. Het is de moeite waard. Ik hoop dat er heel wat exemplaren onder jongeren verkocht worden. Dit zeg ik niet zomaar, maar:
* omdat ik van harte hoop dat de Heere hetgeen geschreven is. zal zegenen opdat we als kerk belijdenis van schuld zouden doen voor Gods aangezicht;
* omdat de Gereformeerde Gemeenten me lief zijn;
* omdat ik van harte hoop dat jij bewust binnen onze kerk zult staan.
Toch wil ik niet alleen jongeren adviseren om di) boek te lezen cn te herlezen. Ouders, zou het niet raadzaam zijn om uw kinderen een exemplaar van dit boek te geven? Een bepaald hoofdstuk kan aanleiding zijn 0111 te komen tot een gesprek over het staan in de kerk cn onze ve ra n t wo o rd el ij kh e i d daarin.
Tevens hoop ik dat deze uitgave door ambtsdragers en leidinggevenden in het kerkelijk werk gelezen zal worden, opdat het ons allemaal op de knieën zou brengen met de bede:
„Ontwaak, noordenwind, cn kom. gij zuidenwind, doorwaai mijn hof. dat zij specerijen uitvloeien. O. dat mijn liefste tot zijn hof kwame en atc zijn edele vruchten!" (Hoogl. 4:16).
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 17 februari 1989
Daniel | 32 Pagina's