JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Zendeling bij de Eskimo’s (2)

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Zendeling bij de Eskimo’s (2)

4 minuten leestijd

Het is een paar jaar later. 1721. Op de oceaan varen drie schepen. Het zijn allen Denen.

Op één van de schepen vaart Hans Egedde met zijn gezin mee. Eindelijk kon de reis worden aanvaard. Nadat Paul gered was van de rots, is hij zijn belofte nagekomen en heeft hij steeds weer opnieuw met zijn moeder gepraat.

Uiteindelijk is ook zij enthousiast voor het plan geworden, hoewel niet zo hevig als Paul en zijn vader. Maar toen begonnen er andere moeilijkheden te komen. Want zo'n reis kost veel geld en waar haalt vader dit alles vandaan? Hij heeft toen de stoute schoenen aangetrokken en zo is hij naaide koning gegaan. Tenslotte hadden zich vroeger daar ook

Denen gevestigd en misschien konden de handelsbetrekkingen wel weer vernieuwd worden. En eindelijk, na veel praten, heeft de koning zijn toestemming gegeven. Nu moest het geld er nog komen.

Grote bedrijven gaven Egedde geld en stuurden meteen kooplieden en pelsjagers mee. Andere mensen werden door Hans Egedde enthousiast gemaakt opdat dan het Evangelie in Groenland verkondigd kon worden en zo verkreeg men toch een aardig kapitaaltje.

Nu zijn ze dus op weg. Erg voorspoedig gaat de reis niet. Het duurt ontzettend lang voor zij een stukje land ontdekken en dan in plaats van blij aan land te gaan. kunnen zij niet verder. De heel zee is vol drijfijs en het lijkt wel of er steeds meer komt. Het schip wordt helemaal ingesloten en tot overmaat van ramp komt er een dikke mist opzetten. De schipper is woedend. Straks vergaan zij nog allemaal en dat alleen door zo'n raar plan van die dominee. Het begint zelfs te stormen. Het schip wordt steeds verder geduwd, vaak van de ene ijsschots naar de andere en waarheen? Dal ziet niemand door de dikke mist. Eindelijk, na dagen, trekt de mist op. Weg is ook het drijfijs en ze zien land!

Vlug koersen ze naar de kust. maar opeens komen er vliegensvlug allemaal kleine mannetjes in dikke kleren tevoorschijn. Ze springen in hun smalle bootjes en roeien pijlsnel naar de schepen. Verbaasd kijkt iedereen naar die wezentjes. Zijn deze onooglijke mannetjes mei hun bruine gezichten, hun spleetoogjes en hun platte neuzen hun voorgeslacht? Dat beslaat niet!

Snel klauteren de Eskimo's, want dat zijn de mannetjes, langs de touwladders omhoog. Ze sjouwen van alles mee. zoals vossehuiden en walrustanden. Ze willen ruilen. De blanke mensen zijn stomverbaasd. Vlug ruilen zij wat spullen met de Eskimo's en ondertussen proberen de schippers aan land te komen, waar men de tenten kan opzetten.

In de weken die volgen bouwen de mannen twee flinke huizen. Eén voor Hans Egeddes familie en hun vrienden en één voor de kooplui en jagers. Aan belangstelling ontbreekt het niet. De Eskimo's kijken hun ogen uit. Wat doen die mensen raar. Bouwen zij boten? Nee. het ziet er anders uil en als ze bemerken dal de blanken in die gebouwen gaan wonen, lopen ze hard weg.

De volgende morgen zijn er al een paar Eskimo's vertrokken en na een paar dagen is er geen inboorling meer te bekennen. Daar zit Hans Egedde nu, Hij wil zo graag het Evangelie brengen aan de nakomelingen van zijn voorgeslacht. Hu nu? Hel zijn vreemde wezens om te zien. hun taal verstaat hij niet en ze zijn zelfs allemaal vertrokken.

Is het dan toch eigenwijsheid geweest om hier naar toe te gaan? In zijn gebeden met God worstelt Egedde met dil probleem, maar elke keer weer voelt hij dat dit toch Gods wil is.

Het wordt winter. Een barre kou jaagt over het land. Het vriest soms vijftig graden. Dc zon zie je niet meer. Het is soms dagen donker. Andere keren schijnt de maan of het noorderlicht. De kooplieden zijn woedend. Ze voelen zich bedrogen. Wat hebben ze hier? Kou. ellende en narigheid en als je niet oppast, vries je nog dood. Dc godsdienstoefeningen. die Hans Egedde elke avond thuis houdt, worden steeds minder druk bezocht.

De mannen worden onverschillig. Ook voor moeder Gertrud valt hel niet mee. Zij probeert in huis alles netjes te houden, maar vaak heeft zij het erg moeilijk. Hebben ze er wel goed aan gedaan om hierheen te gaan? De jongens. Paul en Niels, hebben er nog hei meest plezier in. Zij vinden hel een groot avontuur en al begrijpen zij wel de problemen van hun ouders, toch vinden ze het nog steeds leuk. 's Morgens krijgen ze ..school" van hun : vader en 's middags hebben ze vrij.

(wordt vervolgd)

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 3 februari 1989

Daniel | 32 Pagina's

Zendeling bij de Eskimo’s (2)

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 3 februari 1989

Daniel | 32 Pagina's