JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Het vuur in de literatuur

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Het vuur in de literatuur

Enkele opmerkingen over het samenstellen van de literatuurlijst

13 minuten leestijd

Het bezig zijn met literatuur is niet helemaal zonder risiko's. Je literatuur enigszins vergelijken met vuur. Vuur geeft warmte en die betekenis ervaren we vuur als positief en zelfs noodzakelijk bestaan. Verder heeft vuur een louterende werking. Daarentege vuur ook een verwoestende uitwerking hebben. De inwoners van en Gomorra kwamen om in de vuurzee. De eigenschappen die het vuur bezit, vinden we in de literatuur Literaire werken kunnen in ons hart een vuur van boze lusten aansteken, maar ook het omgekeerde kan voorkomen. We kunne aan een literair kunstwerk dat zowel ethisch als esthetisch op een peil staat warmen. We kunnen ons ook branden als we in de ban van immorele literatuur. In deze Daniël-special wil ik je meenemen op de verkenningstoch het literaire woud. Het is niet meer dan een eerste oriëntatie en niet alle bomen van het bos met name noemen. Wel wil ik je wijz enkele bomen met heerlijke vruchten en op een aantal struiken die de wortel toe giftig zijn.

Literatuur op school

Scholen voor voortgezet onderwijs kunnen niet om de Nederlandse letterkunde heen. De onderwijswet schrijft voor dat leerlingen gestimuleerd moeten worden tot beleving en beschouwing van onze literatuur. Met name op de scholen met een HAVO/VWO-afdeling wordt veel aandacht besteed aan onze letteren. De belangrijke stromingen van de Middeleeuwen tot onze tijd komen daarbij in het vizier.

De meeste scholen in ons land stimuleren heel sterk het lezen van de modernste letterkundige werken, omdat daarin onze tijdgeest het beste weerspiegeld wordt. Dit laatste is maar al te waar. De angst, de wanhoop en de vertwijfeling waarmee de moderne mens worstelt, is in de moderne kunst nadrukkelijk aanwezig en voor de hedendaagse lezer zijn er genoeg herkenningspunten.

Op reformatorische scholen wordt de moderne literatuur niet kritiekloos voorgeschoteld. Je leraar zal zeker wijzen op gevaarlijke ravijnen en klippen in tot op zekere hoogte aanvaardbare werken. Hij zal ook argumenten aandragen waarom je beter de boeken van Wolkers en Van het Reve ongelezen kunt laten. Maar daarover straks.

Het doel van literatuur onderwijs

Er zijn ons mensen die bijna nooit n lezen. kan Zij beseffen niet hoeveel Sodom ze daardoor missen. Anderen lezen alleen boeken waar ze terug. nauwelijks bij hoeven na te denken. Je kunt lezen om je n vrije ons tijd te vullen, om afleiding te hoog zoeken, om compensatie te vinden raken voor wat je mist. Je kunt kasteelromannetjes lezen t om door de akelige werkelijkheid te ik ontvluchten. zal Je kunt ook en onzedelijke op boeken lezen om zodoende tot zondige verlangens te koesteren.

Het literatuur onderwijs op school heeft een hoger doel. namelijk: kennis nemen van onze vroegere en hedendaagse kuituur. De literatuur uit een bepaalde tijd zegt heel veel over die tijd. Voor de ontwikkeling van ons historisch besef, voor het beter verstaan van de geschiedenis van ons volk is het bestuderen van literaire werken waardevol. Voor velen heeft het verleden afgedaan. Wie vooruit kijkt, moet niet omzien. Geschiedenis heeft een muffe geur en die bestofte historische werken kunnen beter naar de rommelzolder verhuizen.

Ik hoop dat onze kring

bewaard blijft voor die misvatting. Juist voor ons is het erfgoed van de christelijke traditie waardevol. Er is een duidelijke samenhang tussen verleden, heden en toekomst. De bedoeling van het literatuur onderwijs is ook je te leren genieten van het schone. Ten aanzien van het verschil tussen lektuur en literatuur volsta ik met de opmerking dat de kompositie, de strukturele. de ritmische, de taalkundige en stilistische eigenschappen bij een literair kunstwerk uiteraard op een hoger niveau staan. Een ander, niet minder belangrijk doel is in de groei naar de volwassenheid kennis te maken met wat er rondom je heen gebeurt. Met dit doel voor ogen zijn er heel wat jongeren die het aandurven de grofste en schunnigste literaire boeken van Mulisch, Erank Arion etc. te lezen. Ik hoop verderop aan te tonen dat deze houding levensgevaadijk is.

De bedoeling van de schrijver

Ieder boek bevat een boodschap. Zowel middeleeuwse als moderne auteurs willen ons vertellen hoe zij denken over hun tijd, over bepaalde thema's. Ze zijn dikwijls zeer maatschappijkritisch ingesteld. Kunstenaars zijn nogal eens ordeverstoorders, hoewel men in vorige perioden niet zozeer dc maatschappelijke strukturen wilde doorbreken. Middeleeuwse auteurs plachten een moralistisch-didaktische boodschap door te geven. De christelijke deugden werden aangewezen en aangeprezen. Later treffen we in werken als 'De Reynaert'. "Dc lof der zotheid' en 'De Bicncorf wel een hekeling aan van misstanden in de kerk en in de samenleving.

In de Renaissance ontbreken religieuze elementen — behalve bij Cats cn Huygens — grotendeels of zelfs helemaal. Nog later wordt er een appèl gedaan op de rede eti voeren auteurs een pleidooi voor een deugdzaatn leven.

Moderne auteurs dopen hun pen meestal in bittere gal om aan hun adceer van de gevestigde orde uiting te geven en te laten zien hoe rot de maatschappij in elkaar zit. De invloedrijke filosoof en auteur Sartre zei: ..Door het schrijven maakt de mens zich een wapen waarmee de maatschappij moet worden veranderd. Het woord is een aanvalswapen". Marnix Gijsen zag het als zijn taak al wat men als vast beschouwde, religieus, sociaal enzovoort los te schroeven. Door twijfel in zijn geest te zaaien, bewijst men hern een dienst. „Het is goed de mensen in de war te brengen", aldus Gijsen."

Louis Paul Boon. die opkwam tegen de ellende van dc achterbuurten in de grote steden, schreef vanuit deze visie: ..Schop de mensen tot ze een geweten krijgen". Het gaat de moderne auteurs er niet meer om de harmonieën van de schoonheid te scheppen (..De schoonheid heeft haar gezicht verbrand", zegt Lucebcrt). het is slechts om de waarheid en de naakte, harde werkelijkheid te doen. Maskers worden afgerukt cn taboes worden doorbroken. De bordjes met 'verboden toegang' w'orden van alle terreinen verwijderd. Sexuele handelingen worden ongegeneerd beschreven. Er zijn auteurs die bewust in ieder boek minstens de kernthema's sexualiteit en godslastering verwerken, otndat ze vinden dat dit in een goed verhaal thuishoort en om het aantrekkelijk te maken voor het grote publiek. Heel wat schrijvers zijn van hun literaire vuilbekkerij schatrijk geworden.

Moderne literatuur

De moderne literatuur (hieronder rekenen we met name de literatuur van na de Tweede Wereldoorlog) handelt over mensen die in de regel met God en Zijn dienst gebroken hebben. Simon Vinkenoog houdt zijn 'medeslachtoffers" voor dat er op de plaats van de ziel 'ccn leegte is en dat het woord 'god' behoort tot de andere narigheden waarvan wij nu toch wel de smaak verloren hebben'.

De Tweede Wereldoorlog heeft ons wel bewezen dat God niet meer bestaat. Hoe kan een redelijk mens zich met het dwaze geloof inlaten, zeggen velen. Anderen zouden nog wel willen geloven, maar ze kunnen niet. hoewel zc ook van God niet kunnen loskomen. Verwijtend, smalend en vloekend geven ze daaivan blijk in hun boeken. De moderne mens heeft geen enkel houvast, omdat de band met God is doorgesneden.

Weliswaar is dat al gebeurd in het paradijs, maar eeuwenlang bestond er toch een zekere relatie met God. Die relatie is verbroken. Eilosofen als Nietzsche. Sartre en Ereud hebben God doodverklaard..Ze oefenden een geweldige invloed uit op studenten.

Nietzsche en Freud hebben het masker van het burgerlijk fatsoen afgerukt in hun streven naar echtheid. Freud laat zien dat heel het leven wordt beheerst door sexuele driften, die hij ziet als drijveer voor het menselijk handelen. ..Wie nu nog in de levende God gelooft, verkeert nog in een infantiel stadium, verklaart Freud.

De predikantenzoon Nietzsche noemt het Christendom de éne grote vloek. God is dood. dus nu is alles geoorloofd.

Sartre noemt God een wrede, onrechtvaardige tiran. Schrijnend is wat hij schrijft ten aanzien van zijn opvoeding door zijn grootouders: „Ik werd niet door het konflikt met het dogma tot het ongeloof gebracht, maar door de onverschilligheid van mijn grootouders. Ik had een Schepper nodig en ik kreeg een grote Baas". Met grote felheid richt hij zich tegen God Die zoveel leed en ellende toelaat. Enkele andere uitspraken van hem: , .Dit is geen God van liefde, maar van haat. indien hij al bestaat. Er is maar één God. de mens, de autonome mens. Die mens is tot vrijheid gedoemd. De vrijheid is zijn kroon, maar ook zijn juk. Hij moet in eenzaamheid zijn weg gaan en zich verzetten tegen iedere vorm van gebondenheid. Ook tegen de liefde, want dat is een beroving van zijn vrijheid". God is voor Sartre de grootste bedreiging.

Het existentialisme

Sartre is een van dc belang rij ks t e ve r te ge n woo rd i-gers van het existentialisme (existeren = bestaan). De existentialist springt midden in het leven, om zodoende de diepere zin van het leven te proeven. Hartstochtelijk eist hij de waarheid en niets anders dan dat. De waarheid van het harde leven met zijn driften en dromen, met zijn vleselijke lusten, met zijn misdaad en geweld, zijn overspel en moord, zijn godslasteringen en vloeken. Dc existentialist heeft doorgaans een zeer pessimistische kijk op het leven. Dit komt niet voort uit een geheiligde overtuiging van zijn onbekwaamheid tot enig goed. Nee, met God heeft hij afgerekend. Hij kan God alleen nog maar felle verwijten in het gezicht slingeren. Schrijvers als Jan Wolkers.

Maarten 't Hart en Boeli van Leeuwen zetten zich ongemeen fel aftegen het godsbeeld van hun jeugd. Voor de existentialist is het middelste kruis op Golgotha leeg en is de hemel dicht. Er is geen enkele hoop. alles is nutteloos, ijdel. Het bestaan is zinloos, het is een straf geworden. Elke vorm van oriëntatie is afwezig. Dc band met God. maar ook de hechte band met de naaste is verbroken. Frans Kafka schrijft heel schamper: ..De messias zal pas komen als hij niet meer nodig zal zijn". En Anna Blaman oordeelt: „Niet God bestuurt het heelal, maar het blinde noodlot". Zij ziet de wereld als een strijdperk waarin mensen elkaar als roofdieren beloeren en zonodig elkaar vernietigen.

Volgens de atheïst Albert Camus is er één manier om aan de zinloosheid van het bestaan te ontkomen en dat is „de opstand van dc mens tegen zijn lot in naam van de men se 1 ij ke wa a rdigheid ".

Zeer beknopt noem ik nog enkele andere kenmerken die je bij veel moderne schrijvers tegenkomt.

- Verachting van alle traditionele normen en waarden. Het verleden heeft niets meer te zeggen.

- Benadrukking van dc lichamelijkheid. De sexualiteit neemt een overheersende plaats in: de intimiteiten van het menselijk bestaan worden openhartig en zinneprikkelend beschreven. Het gaat overigens altijd om vluchtige sexuele kontakten (buiten het huwelijk).

- Het zich bedreigd voelen door zijn omgeving die hij wantrouwt, door de toekomst die onzeker is en door de onontkoombare dood. In zijn boek 'Nader tot U" biecht Gerard Reve op wat hem drijft: „sex. drank en de dood. maar de meeste van deze is de dood".

- Eenzaamheid en verveling (de avonden van G. van het Reve).

- Door de zinloosheid heeft alles zijn betekenis verloren.

- Vervreemding van zichzelf en de ander.

- Veelvuldig gebruik van godslasterlijke taal; daarbij gaat het niet alleen om knetterende vloeken, maar ook om honende en Godtergende aantijgingen. Hans Werkman noemt in zijn artikel 'Vloeken in de moderne literatuur' verschillende voorbeelden, waarvan ik er ter schokkende illustratie één overneem. Hij noemt 'De junival' van Jan Wolkers, waarin een van de verhaalfiguren in de richting van de hemel schreeuwt: „Als de hemelse vader die zijn kinderen dit aandoet zich durft te vertonen, zet ik de mitrailleur op die souteneur van de eeuwigheid en schiet hem aan flarden tot aas voor de hyena's". De Bijbel is voor Wolkers (en vele anderen) een bron van bijtende spot. Van zijn vader hoopt hij: ..Als hij vandaag doodgaat, zit hij net voor het kerstfeest onder de grond.

Vrede op aarde". De God van zijn vader noemt hij een opgezette aap. Als hij op een gegeven ogenblik 's avonds door de achteruitkijkspiegel ziet. denkt hij: ..De buitenste duisternis".

- Het scheppen van een zeer onjuist godsbeeld. God is een

sadist: Jezus is een grote opschepper (M. 't Hart). In zijn machteloosheid heeft God halverwege zijn werk in de steek gelaten: Hij zag dat het toch op niets zou uitlopen (Wolkers).

- Eerlijkheid tot in het absurde doorgevoerd. Je moet de dingen onverbloemd en recht voor zijn raap zeggen.

Wat kies je?

Uit iedere periode moet je een paar boeken lezen. Je kunt het je zelf heel gemakkelijk maken en een lijst samenstellen die geheel uit 'probleemloze' boeken bestaat. Je kunt het je zelf ook heel moeilijk maken. Je kunt met vuur gaan spelen. Iedere periode heeft wel boeken opgeleverd die. naar christelijke maatstaven beoordeeld (je mag toch geen andere hanteren? ) op z'n minst dubieus zijn. Wat te denken bijvoorbeeld van het Antwerps liedboek en diverse middeleeuwse kluchten? Niet alleen in de moderne literatuur komen we erotische scenes en platte taal tegen. In vroegere perioden werd ook het volle leven beschreven. De taal die de moei van Manken van Nieumegen uitkraamt, is bepaald niet verheffend en de wachterliederen zijn ook geen loflied op het huwelijk.

Verantwoord

Tot hiertoe heb ik nagenoeg alleen maar negatieve zaken genoemd over literatuur. Is het zo n hachelijke zaak om je met literatuur bezie te houden? Dat hoeft niet. Er valt gelukkig op dit gebied heel wat te leren en te genieten. Los van de roomse achtergronden kunnen we bijvoorbeeld van ..Elckerlyc" leren dat ieder van ons onverwacht opgeroepen kan worden om rekenschap te geven van zijn rentmeesterschap. Zonder verder op de boeken in te gaan. wil ik een aantal werken noemen die minder of meer het predikaat 'van harte aanbevolen' verdienen: |

- W. C. J. Buitendijk: Nederlandse strijdzangen (16e eeuwse strijdliederen).

- H. Bruch: Slaat op den trommel (over het Wilhelmus en andere geuzenliederen).

- Adr. Valerius: Nederlandsche Gedenckklanck.

- Jacob Cats: Sinne-en minnebeelden.

- Camphuysen/Revius: Ik hoor trompetten klinken.

- Jod. van Lodenstein: Uytspanningen (bloemlezing).

- Willem Sluyter: Buitenleven of: Chr. Doodts-betrachting.

- Jan Luyken: Jezus en de ziel.

- Hieronymus van Alphen: Bloemlezing.

- Bilderdijk: Keuze uit zijn werken.

- Da Costa: Bezwaren tegen de geest der eeuw.

- A. L. G. Bosboom-Toussaint: Het huis Lauernesse.

- P. Keuning: Kinderen in verstand en boosheid.

- C. Rijnsdorp: Koningskinderen.

- J. K. van Eerbeek: Strooschippers of: Gesloten grenzen.

- J. H. Eekhout: De boer zonder God of: Warden een koning.

- Jan Overduin: Huurling en Herder of: Het paradijs of: tragedie in Toulouse. - Jacoba M. Vreugdenhil: De stem van de stomme.

- Jaqueline van der Waals: Gebroken kleuren of: Laatste verzen.

- K. J. Popma: De zonde van Jan der Kindere.

- Anne de Vries: Wij leven maar eens of: Hilde.

- B. Nijenhuis: De laatste wagon of: De tornado.

- W. de Merode: Gedichten (keuze uit diverse bundels bloemlezingen).

- G. Achterberg: Voorbij de laatste stad.

- H. van Reest: De grote verwachting.

- M. Nijsse: Mensen van het oude land.

- A. Miedema: In beide handpalmen.

- A. Romijn: Wij beginnen toch pas.

Er is slechts ruimte om over genoemde boeken enkele globale opmerkingen te maken. Niet alle auteurs schreven vanuit een calvinistische levensbeschouwing. Maar in geen van deze boeken wordt Gods naam misbruikt of een karikatuur van de Almachtige gemaakt. Veeleer is er sprake van eerbied tegenover de Schepper en Zijn schepping.

Je identificeert je met de hoofdfiguur

Ik ben het met dr. C. Rijnsdorp eens die het onmogelijk achtte dat je een boek kunt lezen zonder een vorm van identifikatie. Welnu, met hoofdfiguren uit deze boeken kun je je zonder te branden identificeren. De romanfiguren propageren. ondanks de verscheurende twijfel die sommigen bezet, een klimaat waarin de bijbelse normen aanvaard worden, waarin sprake is van verleidende machten, maar ook van de verlossing die in Christus Jezus is. Existentialistische trekken kom je in de boeken van Nijenhuis volop tegen, maar hij blijft daar niet in steken. In zijn boeken is ook sprake van vergeving en genade.

In de levensfase waarin jij je bevindt is positieve identiflkatie bijzonder waardevol. Je bent op weg naar de volwassenheid. Dikwijls ben je jezelf niet bewust datje als het ware in de huid kruipt van de hoofdpersonen. Op dat moment lees je niet kritisch, maar word je meegesleept. Bij een goed boek kan dat een zuiverende werking hebben.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 28 oktober 1988

Daniel | 32 Pagina's

Het vuur in de literatuur

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 28 oktober 1988

Daniel | 32 Pagina's