Bede
'k Vraag niet, o Heer, wil alle levensdagen. Mij vreugde biên. Ik weet, o Heer, den storm en regenvlagen. Mij U doen zien.
Gij hebt gezegd, dat strijd en leed hier wachten. Op 't levenspad. Maar 'k weet toch ook, o Heer, Gij schenkt de krachten Die ik niet had.
Daarom vraag ik, wil altijd mij behoeden, In vreugd en smart. En laat toch nimmer in de tegenspoeden. Bezwijken 't hart.
'k Heb wel gevraagd, laat mij Uw wil begrijpen, in 't zware kruis Maar k weet nu. Heer, Gij doet mijn ziele rijpen. Voor 't Vaderhuis.
Ik vraag ook wel, schenk mij in donk're nachten. Uw licht, O Heer En zoo het kan, wil ook mijn leed verzachten. Zend balsem neer
Ik vraag ook nog, doe mij de zonden vlieden. Met heel mijn hart. En wil Gij in mij ai het onkruid wieden. Dat mij nog tart.
Schenk mij de kracht om tot Uw eer te leven. Te allen tijd. Neig Gij mijn wil, o Heer, U aan te kleven, In eeuwigheid.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 27 mei 1988
Daniel | 32 Pagina's