JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Verboden liefde

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Verboden liefde

12 minuten leestijd

Het was wel een kaal en ongezellig zaaltje, waar ze catechisatie kregen, en de ouderling bracht het ook allemaal niet al te boeiend, maar toch deed Jannie van Gemeren haar best om goed te luisteren.

Met zijn droge, wat saaie stem besprak ouderling Op 't Hot'de vragen uit het oude, vertrouwde boekje van Hellenbroek. Hij was een al wat oudere man. met een kalend hoofd. Jannie keek naar hem .zoals hij daar stond, voorin het vergaderlokaal. achter een iel kathedertje, dat rustte op een stalen poot.

Jannie had altijd een beetje het idee, dat hij meer over de hoofden van zijn catechisanten heenkeek, dan dat hij ze echt zag. Ze geloofde, dat hij er altijd wat moeite mee had om de leerstof over te dragen op het onsamenhangende. rijk gevarieerde gezelschap voor hem. En eigenlijk kon ze dat ook wel begrijpen — jongens en meisjes in de leeftijd van zestien en zeventien jaar behoorden nu eenmaal niet tot het gemakkelijkste soort. Dat wist ze van zichzelf ook wel. Maar het was geen stijl om je zo beestachtig te gedragen als die kluit vervelende ventjes achterin.

Die vonden het blijkbaar nodig om zich ontzettend uit •te sloven onder de catechisatieles. En dat was natuurlijk alleen omdat ze wisten dat Op "t Hof er toch nooit wat van zei. Jannie ergerde er zich altijd groen en geel aan. Dat deed haar broer Johan trouwens ook. wist ze. Hij was al wel achttien, maar zat in deze groep omdat hij anders geen tijd had. Johan zat niet achterin bij die malle j j I I j | uitslovers, hij zat meer in het midden, schuin achter haar. I !

Net toen ouderling Op 't Hof de vraag over de predestinatie had voorgelezen en deze wilde bespreken, drongen er vanuit de achterhoede verdachte geluiden tot Jannie door. Onderdrukt gegrinnik, een gedempte opmerking, die ze niet verstaan kon — bah, wat misselijk toch. Zouden die lui wel in de gaten hebben waar ze zich nu bevonden? Ze gaven in ieder geval niet die indruk. I i

Mijnheer Op 't Hof was even gestopt en wierp vaag even een blik achterin. Toen ging hij weer gewoon verder. Het geginnegap bleef echter aanhouden. Jannie keek eens achterom, wie waren dat toch steeds?

Maar ze schrok, toen ze ineens in het blonde, lachende gezicht van Jeroen Oosterom keek. |

Jeroen, de gangmaker, jawel — maar wel een knul. die je beslist niet over het hoofd zag. Echt wat je noemde 'n stuk! Verward draaide ze zich weer om, haastig. Ze voelde zich op de een of andere manier betrapt. Dat ze nu precies hem in 't gezicht moest kijken.

Achter zich hoorde ze zijn stem, de wat hese stem. die zei: „Hé Yvonne" — Yvonne was een hip kind. dat ze niet kon uitstaan en dat precies paste bij die kliek — „Wacht je op me vanavond? " Een hoop gegrinnik en gegiebel als antwoord. Ja hoor. 't kon niet missen natuurlijk. Geërgerd zette Jannie zich weer tot luisteren, hoewel het haar moeilijker viel dan daarstraks.

Haar gedachten bleven cirkelen om Jeroen. Jeroen Oosterom. Wat was dat toch altijd? Als ze hem zag. voelde ze altijd die vreemde verwarring over zich komen. Vanaf het begin van het catechisatiejaar. vanaf dat ze hem dus kende eigenlijk, was dat zo geweest. En dat kon ze zelf niet begrijpen, want Jeroen Oosterom was nu wel de laatste die voor haar in aanmerking kwam. Die paste meer bij het soort van Yvonne de Graaf, dat opgemaakte kind.

Met veel bravoure was hij de eerste keer binnengekomen, met nog een paar van zijn soort. Verbaasd had ze toegekeken: jongens met leren jackies en vale spijkerbroeken op een Ger. Gem. catechisatie? Vermoedelijk behoorden ze bij de ploeg die de boel nogal eens op stelten pleegde te zetten op de galerij 's zondags. Het w r as zelfs wel eens zo erg geweest, dat er een tijdlang om de beurt een van de ouderlingen boven moest gaan zitten. Wie die onruststokers waren, had ze toentertijd niet geweten. Nu echter bestond er voor haar daarover geen twijfel meer

Al meteen had die hele klub • hun stempel op de catechisatie gezet. Klieren, vervelen, vooral niet opletten — en klieren met meiden. Helaas was ouderling Op 't Hof totaal niet de geschikte man om zoiets de kop in tc drukken. Wanneer hij al eens wat zei. en dat gebeurde niet zo vaak. dan wist Jeroen hem altijd met de een of andere stoere opmerking van repliek te dienen. En meneer Op 't

Hof kon daar nooit tegenop. Vooruit, ze moest weer eens gaan luisteren, dat was beter.

De houten klok. die voorin tegen de witgekalkte muur hing, gaf echter aan dat het catechisatie-uur ten einde liep: vijf voor negen was het. Er begon nu ook wat onrust te komen onder de voorste gelederen. Dat was blijkbaar voor de ouderling altijd het sein tot ophouden, meestal stopte hij dan ineens.

Ook nu beëindigde hij vrij abrupt de bespreking met de altijd eendere slotzin: „Goed jongelui. We zullen het voor vanavond hierbij laten. Dan gaan we nu danken." De catechisatie was afgelopen.

Jannie zocht in dc gang haar jas op. Waar had ze hem ook al weer gehangen? Zc wrong zich langs een paar pratende meisjes, liep meer naar achteren in de gang en vond daar haar groen loden jas. Haastig trok ze hem aan. Ondertussen keek ze of Johan er al aan kwam; ze fietsten altijd samen naar huis. En ineens zag ze Jeroen, helemaal aan het eind van de gang, vlak bij de buitendeur. Hij stond te prutsen aan zijn zwarte integraalhelm en had daar kennelijk al zijn aandacht voor nodig.

Wat was-ie toch leuk zo om te zien. Op slag vergat ze al haar grieven van het afgelopen uur.

Zoals hij daar stond, zijn blond hoofd aandachtig gebogen over die helm. met zijn brede schouders in het zwarte. vaal-leren jack, zo kon ze geen hekel aan hem hebben.

Zo kon ze hem alleen maar leuk vinden, heel leuk en aantrekkelijk. Ze keek naar zijn bezige handen, nog even naar zijn gezicht en ze wist dat ze nu snel een andere kant op moest kijken.

Onverwachts echter keek hij op. zijn ogen op haar gericht. Ze voelde zich betrapt en kleurde.

„Zo Jannie".

Een beetje goedmoedig spottend grijnsde hij haar toe. cn zc wist niets beters te bedenken dan zo snel mogelijk naar buiten te vluchten, verward.

In de donkere avondlucht kwam ze tot bezinning. Het was behoorlijk koud. al was het bijna maart. Ze zocht haar fiets op en ontdekte toen ook Johan. Samen fietsten ze even later over de lange, brede singel waaraan het kerkgebouw stond, naar huis.

Jannie huiverde. Ze zag het lantaarnlicht glinsteren in het water van de singel, en het leek wel of ze hel daar nog kouder van kreeg.

Onbewust wachtte ze ergens op. En dat kwam al vrij snel: luid brommergeraas in de verte achter hen. een paar onbestemde kreten daar ergens bovenuit. Zometeen zouden ze langs komen.

Jeroen en nog een stel van die knullen. En inderdaad, met veel lawaai en geknetter reden ze hen achterop en haalden hen in. Het was een hele serie brommers die hen voorbijreed.

Wat een belachelijke herrie maakten ze toch! Jannie keek ze na. In het donker kon zc niet onderscheiden wie Jeroen was. Wel zag ze veel rookwolken en naast zich hoorde ze de stem van Johan. vol minachting: ..De kinderen!"

Ze gaf geen antwoord, maar was het ergens wel met hem eens.

Johan ging nog door. „Volgens mij kunnen zc die lui beter van de catechisatie • sturen, ze verknoeien de hele boel."

„Ja", zei Jannie. maar het klonk weinig overtuigd, want ze moest steeds denken aan de Jeroen daarstraks in de gang. die er zo leuk uitzag en die tegen haar zei: „Zo Jannie." Jeroen van catechisatie af.....?

Johan was blijkbaar nog niet klaar met zijn betoog. „Vooral die Jeroen Oosterom. die meidengek. Een goor ventje vind ik dat."

„Hoezo? ", vroeg Jannie, ineens ongerust. „Hoezo goor? " Ze vond trouwens, dat Johan behoorlijk hard fietste: het kostte haar moeite hem bij te houden.

„Nou ja. gewoon", zei Johan vaag. „je hoort wel eens wat natuurlijk."

Meer uitleg gaf hij niet, maar Jannie had genoeg stof om over te piekeren de rest van de thuisreis. Ze kon het niet van zich afzetten, ook niet in dc dagen die volgden.

Jeroen, die toch eigenlijk zo leuk kon zijn. was geen jongen voor haar. Zou het echt een „goor" ventje zijn. zoals Johan zei? Maar dan mocht ze geen gedachte meer aan hem verspillen. Iemand die zo was.... nee. dat kon toch niet.

Maar aan de andere kant.... kon een meisje niet een goede invloed uitoefenen op zo % n jongen? Het gebeurde toch wel vaker, dat dergelijke knullen ineens heel degelijk werden als ze verkering kregen?

Zc besloot het probleem eens heel voorzichtig aan te snijden bij haar moeder. Alleen wachtte ze een geschikte gelegenheid af. Die deed zich al spoedig voor. op een zondagavond.

Ze liep samen met haar moeder uit de kerk. Johan was hen met Kees, het jongere broertje, al een heel eind vooruit. Haar vader paste thuis op de kleintjes.

En zoals iedere keer *s zondags kwamen de bekende brommers voorbij, nu wel met heel wat minder lawaai dan wanneer dc catechisatie uitging.

! „Kijk. daar heb je dc uitslovers van de Ger. Gem.". , merkte ze op. in dc hoop. dat ' haar moeder hierop zou

Reageren. En gelukkig deed •die dat ook.

Ja", zei ze. ..ik ben blij dat Johan daar niet mee omgaat. Ik zou mijn hart vasthouden."

Jannie kreeg ineens een slim idee.

„Hè". zei ze. quasi-spijtig. ..en ik had net een oogje op één van die knullen. Wat jammer nu!"

Nu eens kijken hoe ze dit spelletje kon uitspelen! Haar moeder zou nu wel geen argwaan krijgen.

Ze voelde hoe haar moeder opzij keek.

„Eén ding. Jannie". haar stem klonk ernstig, „doe alsjeblieft nooit dwaze dingen. Als je eens in je leven een jongen ontmoet, zorg dan altijd dat je het voor je geweten kunt verantwoorden om met hem om te gaan. Maar ik denk, dat het maar een grapje van je was, is 't niet? "

Jannie zei geen ja en geen nee. want het was geen grapje eigenlijk. Ze vroeg: „Maar het gebeurt toch best vaak. dat iemand, die bijvoorbeeld heel onverschillig is of zo, en dan verkering krijgt met iemand die wél serieus is. dat die dan verandert? Dat kan toch? " Het duurde even voor haar moeder antwoord gaf.

„Het kan", zei ze toen bedachtzaam. „Kijk, Jannie, het kan wel dat het zo gaat. maar daar mag je niet meteen vanuit gaan. Meestal gaat het namelijk niet op."

„Nou ja", wierp Jannie tegen, „dat weet je dan toch niet? "

„Dat is het hem juist. Daarom kun je er beter niet aan beginnen."

Jannie vond het maar een onbevredigend antwoord, maar ze deed er toch het zwijgen toe. Ergens voelde ze trouwens wel. dat haar moeder gelijk had. maar toch

Jeroen. Hij ging naar de kerk, i dat wel. Zo onverschillig was hij dan toch ook niet. En naar de catechisatie kwam hij ook. dus.... Jawel, wierp ze zichzelf tegen, maar dat doet hij misschien alleen omdat-ie moet van zijn vader en moeder. Ze bleef erover tobben. Moest ze Jeroen Oosterom nu uit haar hoofd zetten of niet? Ze wist het niet. En wanneer ze het probleem in het gebed bracht, dan kreeg ze toch ook niet meteen een antwoord. Nee. het was en bleef moeilijk. Ze kwam er niet uit.

Toen was daar in die week dat wereldschokkende bericht: een bekend passagiersschip was gekapseisd. Een grote, onverwoestbare boot. waar honderden passagiers en bemanningsleden aan boord waren, was omgeslagen.

Het werd het nieuws van de dag. Ook bij de familie Van Gemeren werd erover gesproken. Jannie vergat er haar problemen zelfs even door. Stel je voor, dacht ze. dat ikzelf nu eens in die boot had gezeten. Ze durfde niet verder denken. Ze dacht aan de vele mensen, die niet meer gered hadden kunnen worden....

Maar naarmate het catechisatie-uur dichterbij kwam, drong het eigen probleem zich weer in alle hevigheid aan haar op. Jeroen. Mócht het eigenlijk nog wel een probleem voor haar zijn?

Had ze in deze week niet gezien, hoe broos en vergankelijk de mens toch is?

Had ze niet vol huivering gedacht aan de eeuwigheid die aanstaande is. toen ze dacht aan al die verongelukte mensen?

En moest ze zich dan het hoofd breken over een jongen, die maar leefde alsof er nooit een eeuwigheid kwam? Dat bleek immers duidelijk uit zijn gedrag op de catechisatie?

Nee. Ze wist nu hoe verkeerd

dat was. Ze moest hem vergeten, zelfs nooit meer een gedachte aan hem wijden. En ze schaamde zich voor de gevoelens, die zc ten opzichte van hem gekoesterd had. zovele maanden al.

Ja. en nu was het dan weer zover. Vanavond moest ze weer naar catechisatie, en dan zoti ze dus Jeroen weer zien.

Ze wist nu echter wat haar te doen stond: geen aandacht meer schenken aan zijn aanwezigheid en haar gevoelens ten opzichte van hem geen plaats meer geven.

Helemaal gemakkelijk voelde ze zich toch niet toen ze aankwam hij het verenigingsgebouw naast de kerk. En dat werd nog erger toen één van de eersten die zc daar zag nu net Jeroen was. In het fietsenhok stond hij. Hij was aan het praten en het lachen met een paar anderen. Ze hoorde zijn stem er bovenuit. Zo onopvallend mogelijk probeerde ze haar fiets tc stallen, maar terwijl ze de fiets in het rek schoof, voelde ze dat ze bekeken werd.

Net doen of er niets aan de hand is. hield zc zichzelf krampachtig voor. Net doen of daar niet ene Jeroen Oosterom staat. Zo liep ze naar binnen. Dc catechisatieles begon net als altijd: zingen, lezen, bidden. Wel leek het gebed van ouderling Op 't Hof ernstiger dan anders. Zou dat komen door dat ongeluk met die boot deze week. vroeg Jannie zich af. En inderdaad, na het bidden begon hij niet zoals anders meteen met: „De vorige keer waren we dus gebleven bij....", maar hij schraapte eerst eens zijn keel. en begon toen: „Ja jongelui. In deze week werden wc er dus bij bepaald hoe kortstondig ons leven is. Als we denken aan wat er de afgelopen dinsdag is gebeu rd " .."t Was toch woensdag? ", onderbrak ineens iemand

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 april 1988

Daniel | 32 Pagina's

Verboden liefde

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 april 1988

Daniel | 32 Pagina's