Toen berouwde het de HEERE...
(Genesis 6 : 6)
„Denk je dat ik ooit zal zegge/i dat ik ergens spijt van heb!" Zomaar een reaktie. Ben Jij ook zo? Nooit toegeven dat Je iets fout gedaan hebt! Hoort bij de nwns niet het berouw? Berouw veronderstelt mnnelijk datje iets verkeerd hebt gedaan, dat Je hebt gezondigd. Maar fui ontstaat er echter een moeilijkheid: oe kan er van Góds berouw sprake zijn? En als Je dan Je Bijbel pakt wordt het eigenlijk nog ingewikkelder. De ene keer lees Je (kit God berouw heeft, de an dere keer wordt met nadruk gezegd dat God geen berouw heeft! Hoe zit dat? Spreekt God Zich in Zijn Woord niet tegen? Het antwoord op al deze vragen kun Je vinden in de Bijbel zelf Open Je Bijbel en lees mee! Laat Je niet afschrikken door de vele tek.sten. Het luisteren naar de Bijbel is altijd de moeite waard. Vergeet bij het lezen niet de volgende twee belangrijke regels: . letten op het tekstverband:2. Schrift met Schrift vergelijken (de ene tekst naast de andere tekst le gen en eerbiedig vergelijken).
Het berouw van de mens
Voordal wc kijken hoe dc Bijbel over hel berouw van Ciod sprcekl. letten we cersl op wal gezegd wordl over het menselijk berouw. Het zal blijken dat hel heel leerzaam is. dal straks mei elkaar tc vergelijken. Waarom heeft een mens berouw? In Ex. 13 : 17 lees Je dal God Zijn volk Israël na de uillochl uil Egypte niet in de richting van het land van de Filislijnen leidt. Dal zou immers oorlog betekenen cn dan zou Israël direkt dc moed verliezen, berouw krijgen en naar Egypte terugkeren. In Richt. 21 : 6 en 15 slaat dat dc wcherdiende ondergang van de stam van Benjatuin dc andere Israëlieten aan hel hart gaal. berouwt. Ze zoeken vrouweti om hun broederstatn te redden. Job roept uit in zijn schuldbelijdenis: .Daarom verfoei ik mij. en ik heb berouw in stof en as" (Job 42 : 6). Ook bij Jerctnia hoor Je hoe dc zonde en de boosheid van de tnens vrageti om berouw van de katil van de mens (Jer. 8 : 6). Het hebben ! ' j i van berouw over de zonde is itnmcrs essentieel in de bekering (Jer. 31 : 19). Zo wijst het berouw van de mens op zijn wankelmoedigheid, wispelturigheid. gevoel van barmhartigheid en liefde, maar ook op zijn zonde die bekering nodig tnaakl.
God heeft géén berouw
In ccn aantal teksten wordt ontkend dat God berouw heeft. Zo lees je in 1 Satn. 15 : 29: .Fn ook liegt Hij. Die dc Overwinning van Israël is. niet en hel berouwt Hem niel: ant Hij is geen mens. tlal Hem iets berouwen zou."
Met nadruk wordt hier gezegd dat de HFFRF niet is zoals een mens! Hij handelt niel uil een zekere willekeur bij de verwerping van Saul als koning. Ciod is betrouwbaar. Je kunt op Zijn Woord aan. Hij doel. wat Hij gezegd heeft. ..Ciod is geen man. dal Hij liegen zou. noch een mensenkind, dal Hetn het berouwen zou; zou Hij hel zeggen en nicl doen. of spreken en niet bestendig maken".'" (Num. 23 : 19). ^
Dat Ciod ücen berouw heeft. betekent voor de mens heil. zegen en genade. Denk maar aan het bekende Ps. 110:4: .De HEERE heeft gezworen - cn hel zal Hem niel berouwen: ij zijt Priester in ecuwigheid. naar de ordening van Mclchizcdck."
Toch betekent het vaker dat Ciod niel meer genadig is! .Als Israël in het beloofde land g-door de zonde slecds verder van de Hccrc afraakt, zich niel bekcerl. komen de profeten met de boodschap dal voor Israël slechts hel oordcel overblijft. ..Hierom zal dc aarde treuren en dc hemel daarboven zwart zijn; omdal Ik het gesproken heb. Ik heb het voorgenotnen en het zal Mij niet berouwen, en Ik zal Mij darvan nicl alTcrcn" (Jer. 4 : 28). De HEERE is moe geworden van berouw te hebben (Jer. 15 : 6). ..Berouw zal van Mijn ogen verborgen zijn" (Hosea 13 : 14). Gods oordeel is onherroepelijk (Zach. 8 : 15).
God heeft wél berouw
In meer dan twintig (!) teksten van hel Oude Testament wordt gezegd dat God beiouw heeft. Daar kun Je niel otnheen!
Waarotii heeft Ciod berouw? De meeslc van deze teksten zeggen dal Ciod hel kwade dal Hij de mens wil aandoen, toch niel doel. Door de voorbede van Mozes. wordt hel hele volk niet uitgeroeid (Ex. 32 : 12 en 14). .Als dc Israëlieten in tle vertlrukking door de vijand lol de HEERE roepen, ziel Ciod op hun ellende neer cn verlost hen (Richt. 2 : 18).
Wanneer dc engel zijn hand .uitstrekt over Jeruzalem om ; de inwoners met dc pest te slaan, berouwt het de HL: .RL: ver het kwaad (2 Sam. 24 : 16). Indien Israël zich bekeert van haar boosheid. zal de HEERE berouw hebben over het kwaad, dat Hij haar dacht te doen (Jer. 18": S: gl. 26 : 3. 13 en 19). Op de voorbede van Amos wendt de HEERE de sprinkhanenplaag en het vuur af (Amos 7 : 3 en 6). Dat Gods genade niet vanzelfsprekend is. blijkt in het derde visioen: od is vastbesloten ten oordeel (Amos 7 : 7-9; hier is geen sprake van Amos" voorbede: ij krijgt hiertoe geen gelegenheid). In Joël 2 : 14 en Jona 3 : 9 lees je na de oproep tot bekering de woorden: Wie weet. God mocht Zich wenden en berouw hebben."
Bij beide profeten wordt dit berouw van God gezien als een vervolg op en een gevolg van Zijn genade en barmhartigheid: Hij is genadig en barmhartig, lankmoedig en groot van goedertierenheid, en berouw hebbende over het kwade" (Joël 2:13 en Jona 4 : 2). Uit Psalm 106 : 45 blijkt dat Gods berouw alles te maken heeft met Zijn verbondstrouw.
Enkele teksten in het Oude Testament spreken over Gods berouw over het goede dat Hij Zelf deed of doen wilde! Let ook hier goed op het tekstverband. De HEERE heeft berouw, dat Hij de mens en de dieren geschapen heeft (Gen. 6 : 6 en 7). dat Hij Saul tot koning gezalfd heeft (zelfs Samuëls voorbede helpt niet:1 Sam. 11 en 35). Als Israël doet. dat kwaad is in Gods ogen. zal Hij berouw hebben over het goede dat Hij over Israël gesproken heeft (Jer. 18 : 10). Bij deze drie teksten is steeds de boosheid en ongehoorzaamheid van dc mens de achtergrond en het motief voor Gods berouw.
Barmhartig en rechtvaardig
Na deze speurtocht door de Bijbel worden toch wel enkele dingen duidelijk. Vooropgesteld moet worden dat Gods berouw geheel anders is dan het berouw van een mens. Bij Hem is elke gedachte dat Hij iels verkeerds gedaan heeft uitgesloten. Bij de HEERE is er ook geen sprake van willekeur of iets onzekers, maar slechts van recht en gerechtigheid.
In Gods berouw wordt Zijn barmhartigheid en genade zichtbaar. Maar Zijn genade is niet vanzelfsprekend. Zijn berouw kan ook oordeel en toorn betekenen, namelijk wanneer de mens speelt met Gods liefde en trouw, er geen oprechte bekering tot God is. Toch blijft God de Getrouwe en Waarachtige, de Onveranderl ijke.
Juist door de verschillende teksten in hun verband te lezen. blijkt dat de Bijbel zichzelf niet tegenspreekt. Dat God soms geen berouw heeft, andere keren wel is niet met elkaar in tegenspraak. Als de HEERE geen berouw heeft, kan dat voor de mens genade betekenen maar ook (rechtvaardig) oordeel. Als God berouw heeft, wendt Hij in genade het kwaad af (of stelt Hij het voorlopig uit), maar Hij toornt ook over het goede dat Hij bewerkt heeft en dat door de zonde verworden is.
In beide gevallen toont Hij Zich een genadig en barmhartig maar ook een toornend en rechtvaardig God. Zo is Gods berouw een prediking van Zijn barmhartigheid én rechtvaardigheid.
Mensvormig spreken
Opvallend is eigenlijk, dat de Bijbel voor het berouw van God hetzelfde (hebreeuwse)
woord gebruikt als voor het berouw van de mens! Het staat er toch maar: God heeft berouw.
Waarom eigenlijk?
Als je over deze dingen wat verder nadenkt, moet je oppassen voor twee klippen. Beide gevaren moet je mis proberen tc zeilen.
Het eerste gevaar vind je bij veel moderne theologen. Zo moet je volgens prof. Kuitert het berouw van God heel letterlijk verstaan. God heeft écht berouw net als een mens.
Maar zo krijg je een „God" die met de tijd meegaat en zo weet niemand meer wat men aan die God heeft. Zo wordt God echter vermenselijkt.
Hier schept de mens een god naar zijn beeld! Het is je natuurlijk al duidelijk, dat je zo ook in moeilijkheden komt met het Woord van God zelf: od is geen mens dat Hem iets berouwen zou (1 Sant. 15 : 29). Bovendien doet zo'n opvatting in 't geheel geen recht aan het spreken van de Bijbel over de onveranderlijkheid van God. Lees bijvoorbeeld Mal. 3 : 6: Want Ik. de HEERE. word niet veranderd " (vgl. Hand. 15 : 18:2 Tim. 2 : 1 en Jak. 1 : 7).
Beducht voor de gevaren van de moderne theologie kunnen we ook in een ander gevaar vervallen. Dan varen we ook te pletter! De onveranderlijkheid van God wordt dan zo beklemtoond dat ze een abstrakte eigenschap van God wordt, een abstrakt idee en een star. levenloos principe.
Dit is een heidense godsvoorstelling. God is dan de onbewogen. onpersoonlijke God en niet de levende God van wie de Bijbel spreekt!
Het meeste recht aan de verschillende uitspraken van de Bijbel over Gods berouw wordt gedaan wanneer deze uitspraken worden opgevat als een mensvormig spreken over God. Kernachtig is dit geformuleerd in dc kanttekeningen van de Statenbijbel op Gen. 6 : 6: ldus wordt op menselijke wijze in de Schrift gesproken, omdat Hij Zijn werk of daden verandert, hoewel Hij in Zichzelf onveranderlijk blijft. Deze opvatting getuigt van eerbied voor het Woord en de God van het i Woord. God heeft dus geen berouw in eigenlijke zin. maar in oneigenlijke zin. Het berouw van God is geen verandering in Zijn Wezen, maar een verandering in Zijn houding tegenover dc mens, vaak ook een reaktie op het doen van de mens (ongehoorzaamheid. bekering, gebed en voorbede). De Bijbel is vol van deze mensvormige uitspraken over God. Je leest van Gods toorn, ijver, droefheid. aangezicht, ogen, neus. oor. hand. vinger, hart. ingewanden enzovoort. Alleen op deze wijze kan lot ons mensen over God gesproken worden. Zo is Hij de levende God. Die in Zijn genade wil omzien naar de schuldige mens.
Ik kan niet nalaten in dit verband ook Calvijn te citeren. Hij benadrukt dat God Zich in Zijn Woord aanpast aan ons beperkte bevattingsvermogen. Want. zo schrijft hij bi j Gen. 6 : 6. het berouw dat aan God wordt toegekend, past eigenlijk niet op Hem.
Aangezien wij Hem niet kunnen bevatten gelijk Hij is. moet Hij Zich enigermate om
onzentwille veranderen van gedaante. Ja. deze vaderlijke toegevendheid, dat God. om krachtiger in onze harten door te dringen, onze aandoeningen overneemt, moet de lust tot zondigen nog meer in ons ten onder brengen (vgl. ook zijn Institutie I. 17. 12 en 13).
Heeft Gods toorn het laatste woord?
Ja, voor sommige mensen is dat zo. Ze ervaren dat zo in hun leven. Ze kunnen Gods liefde maar niet ontdekken (denk ook aan Luther). Ook in een tekst als Genesis 6 : 6 staat de toorn van God op de voorgrond. De zondvloed zal komen en is gekomen (Gen. 7). Toch moet je eens even goed lezen. Vers 5: En de HEERE zag, dat de boosheid des mensen vermenigvuldigd was op de aarde en al het gcdiehtsel der gedachten zijns harten te allen dage alleenlijk boos was." Vers 6: Toen berouwde het de HEERE. dat Hij de mens op de aarde gemaakt had. en het smartte Hem aan Zijn hart."
De smart (!) in het hart van God is een gevolg van wat er in het hart van de mens omgaat! Zo afgrondelijk diep is de boosheid van de mens.
Kan er ernstiger over de verwoestende werking van de zonde gesproken worden? Wijst de smart en het berouw van God niet op de ontzaglijke breuk die door de zonde tussen God en mens geslagen is? Gods toorn is altijd toorn over de zonde van de mens.
God „moest" mens en dier wel verdelgen. En toch: emidden van het losbarstende oordeel van de zondvloed redt God Noach en de zijnen en is de ark een teken van behoud. Wat 'n wonder: emidden van oordeel ook genade en liefde. Onbegrijpelijke liefde. Ook daarin "is de HEERE God en geen mens! Wat wordt dit vooral ook duidelijk in het Nieuwe Testament: Want alzo lief heeft God de wereld gehad, dat Hij Zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft, opdat een iegelijk, die in Hem gelooft, niet verderve, maar het eeuwige leven hebbe" (Joh. 3 : 16)"
Op het kruis van Golgotha gaan Gods toorn en liefde hand in hand. Daar treffen Gods rechtvaardigheid en barmhartigheid elkaar. En die liefde van God in Christus is bestendig. „De Heere heeft gezworen, en het zal Hem niet berouwen: ij zijt Priester in der eeuwigheid naar de ordening van Melchizédek" (Hebr. 1:21). Zo wordt Gods liefde voor mensen die slechts de toorn van God verdiend hebben, een wonder. En het blijft een wonder.
Gods genade
Onze tijd vertoont de kenmerken van de eindtijd. Het is als in de dagen van Noach: ten, drinken, trouwen 'n onbezorgd leventje (Matth. 24 : 37 en 38). Ook de wereld waarin jij leeft is vol zonde en goddeloosheid. Wat een wonder dat dc Heere nog lankmoedig is. Zijn toorn uitstelt. Hij is genadig en barmhartig. lankmoedig en groot van goedertierenheid. Hij roept je nog op tot bekering.
Hij laat je nog waarschuwen als in dc dagen van Noach. Van de ware bekering tot God zul je nooit berouw krijgen.
Wat wel nodig is: erouw over je zonde. De droefheid naar God werkt een onberouwclijke bekering tot zaligheid (2 Kor. 7 : 10). Bid tot dié God Die de Trouwe en Onveranderlijke is. Hij houdt getrouw Zijn Woord! Denk maar aan de moederbelofte (Gen. 3 : 15). „Want de genadegiften en de roeping Gods zijn onberouwelijk" (Rom. 11 : 29).
Hendrik Ido Ambacht
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 18 maart 1988
Daniel | 32 Pagina's