boeken
A. E. Eggebeen Een prentenboek van toen Uitg.: Van den Berg, Zwijndrecht. 159 pag. f 21(paperback) of f 29, 75 (gebonden).
Dit prentenboek van toen is een boek om eens rustig voor te gaan zitten om op je gemak alles te bekijken en te lezen. Er zijn veel verschillende „tafereeltjes" opgenomen om van te genieten.
Tekenaars, schilders en schrijvers hebben allerlei situaties uit de periode van ongeveer 1840 tot 1926 vastgelegd. Daardoor geeft het boek een beeld van die tijd.
Dit komt bijvoorbeeld tot uiting in de afgebeelde kinderen met een lei, bedelaars, kleding, lange goudse pijpen en antieke meubelstukken. Zeker bij het bekijken van de details is er veel verschil te zien met onze moderne tijd.
De afbeeldingen zijn gekozen uit bladen die in de bovengenoemde periode verschenen en nu al lang niet meer bestaan. De platen zijn afwisselend in zwart-wit en kleur uitgevoerd. Ze zijn voorzien van een ondertitel, spreuk, gedicht of verhaaltje. Soms worden de prenten afgewisseld door een zoekplaat, stripverhaal of knipwerk. Door het hele boek heen loopt het verhaal over Piet Maartense. Samen met zijn moeder, die weduwe is, woont Piet in Amsterdam. Om rond te kunnen komen, verhuurt zijn moeder kamers. Met Dirk, die bij hen komt wonen, wordt Piet goede kameraden. Piet haalt nog al eens kattekwaad uit. Hij bedoelt het meestal wel goed. maar vaak pakt het anders uit.
Zijn moeder wordt daardoor soms heel boos op hem. Maar gelukkig duurt dat meestal niet lang. Het verhaal eindigt met het vertrek van „meneer", zoals Piet Dirk noemt. Hoewel het verhaal soms wat overdreven overkomt, is ook hierin de sfeer van rond de eeuwwisseling goed merkbaar.
In zijn totaliteit is het boek ... een romantisch geheel gewor-'•'/ den. De uitvoering is erg mooi. Voor wie van nostalgie houdt, biedt dit boek veel kijk-en leesplezier.
De vreemde jongen Naar een oud Duits verhaal Uitg.: Van den Berg, Zwijndrecht. 94 pag. 1987, f 12, 75.
Na een moeilijke en gevaarlijke reis komt Walter, een Duitse jonge man, op een wonderlijke manier uiteindelijk in Amerika.
Het is in de tweede helft van de negentiende eeuw, de tijd van de onderdrukking van de zwarte slaven. Walter, die zijn leven aan een neger heeft te danken, wil hier niet aan mee doen. Daarom wordt hij verbannen van de plantages van de blanken.
Walter maakt hierna veel mee. Daardoor komt hij zover dat hij de zendeling, die hem met veel geholpen heeft, verlaat. Door toedoen van een jezuïet zoekt hij zijn toevlucht bij de R.K.-kerk.
Na zestien jaar keert Walter terug naar Duitsland. Daar ontmoet hij Urbanus, die als Luthers predikant met een deel van zijn gemeente verbannen is. Beide mannen voelen zich tot elkaar aangetrokken. Walter biedt Urbanus zijn diensten aan, Er is nog iemand die dominee Urbanus zoveel mogelijk helpt. Het is een lenige, vlugge, zigeunerachtige jongen, die meestal op wacht staat als de gemeente in het geheim samenkomt. Er is iets geheimzinnigs om de jongen heen. Niemand kent hem en hij is meestal even plotseling verschenen als verdwenen.
Onverwacht ontmoet Walter de Amerikaanse jezuïet opnieuw.
Hij wordt voor de keus gesteld om óf het geloof van Urbanus óf dat van de jezuïet te volgen. Op een listige manier probeert de jezuïet Walter weer in zijn macht te krijgen. De vreemde jongen speelt hierbij een grote rol. Hoe de beslissing uitvalt en welke gevolgen het heeft, kun je lezen in dit mooie, indrukwekkende verhaal. Het verhaal werd op schrift gesteld door J. C. Biernatszky. Voor dit boek werd het opnieuw bewerkt door T. Luik-Bakker. De vier paginagrote zwart-wit illustraties zijn gemaakt door H. T. de Jong.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 19 februari 1988
Daniel | 32 Pagina's