JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Kan een bekering ook alleen maar een bevlieging zijn? (deei 2)

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Kan een bekering ook alleen maar een bevlieging zijn? (deei 2)

Bijbelstudie over Hosea 6:1-6

9 minuten leestijd

Lees ook Matth. 9 : 9-13 en Matth. 12 : 1-8

De vorige keer zagen we hoe Israël werd opgewekt om weder te keren tot de Heere (vers 1). De Heere heeft ze verscheurd en geslagen in ballingschap. Ze zullen uit de ballingschap terugkeren. Hosea vergeleek dat met de opstanding uit de dood (vers 2). Toch moet een echte bekering blijken uit de vruchten. We hebben iets gezien van de drie , , stukken": ellende, verlossing en dankbaarheid. Daar waren we gebleven. Nu gaan we zien hoe het precies zit met de vruchten van de bekering. En al gauw blijkt dat het niet alles goud is, wat er blinkt.

Het gaat om de vruchtbaarheid (vs. 3)

De Israëlieten gaan verder met hun opwekking: „dan zullen wij kennen, wij zullen vervolgen, om de Heere te kennen". Dat is ook zo'n duidelijke trek van de bekering.

Het ontbreken van die echte geestelijke kennis van God was de oorzaak van hun ondergang. De aanklacht van Godswege was steeds het gebrek aan kennis van God. Denk aan hoofdstuk 4 : 1 en 6. Nu begeren ze de Heere vurig te mogen kennen. En dat niet maar een beetje, maar zoveel mogelijk.

Ze willen de Heere , , recht kennen", zoals we in het onze Vader leren bidden. Het lijkt wel of Pasen en Pinksteren op één dag gaan vallen, want eerst hoorden we over de opstanding van de Paasvorst, maar nu komt de Pinksterverwachting in zicht: de overvloedige en vruchtbaarmakende regen.

De Israëlieten waren zo dor, dat er geen kracht meer in hen was overgebleven, maar hier gaat het over zonneschijn en regen, die liefelijk zijn en aangenaam, maar vooral vruchtbaar. En daar gaat het om. De bekering moet blijken uit de vruchten. De zon en de regen doen de oogst rijpen tot volle garven. En om die oogst gaat het.

Vers 3 spreekt over de zon, die opgaat over de akker: , , Zijn uitgaan is bereid als de dageraad". Dat geeft verwachting in de natuur, die warmte brengende zon. Maar ook de regen, de vruchtbaarmakende „spade regen", die in het voorjaar valt. Het gaat om de vrucht, ook in het leven van Israël, in het leven van de bekering.

Als het immers om de zon en de regen gaat, staat er „Hij" met een hoofdletter. Het is een beeld van God. Christus is die Zon der gerechtigheid en de Heilige Geest is die vruchtbaarmakende Pinksterregen. En alleen daardoor kunnen die vruchten van de bekering groeien. Hangen ze ook aan jouw levensboom? Dan ga je veel dingen anders zien. Je gaat anders leven dan vroeger. En je kunt niet meer zonder die zon (Christus) en die regen (Heilige Geest). En je schaartje bij hen, die zingend belijden: , , Zij zullen in Uw naam zich al den dag verblijden. Uw goedheid straalt hen toe (de zon), Uw macht schraagt hen in "t lijden (de regen)! Want het gaat om de vrucht. Een bekering, die niet te zien is in de vruchten is geen echte bekering. Dat kan ook een bevlieging zijn. Let maar eens op...!

Een tragisch misverstand (VS. 4)

Daar is een tragisch misverstand tussen God en Efraïm! Efraïm denkt dat God om hem verlegen is, en God verklaart dat Hij met hem verlegen is. God is verlegen met zijn bekering. Dat kan dus blijkbaar ook! Menselijkerwijs gesproken is God ten einde raad.

Er is met dat volk niets te beginnen. Wat zal Ik u doen o Efraïm? Efraïm en Juda, denk je nu echt dat Ik leven moet van de veelheid van jullie offers? Denken jullie datje me zo gunstig kunt stemmen? En dat terwijl Mijn profeten er ook alles aan gedaan hebben om nog iets fatsoenlijks van jullie te maken. Wat is er toch aan de hand?

Ging het dan niet goed met die bekering uit de verzen 1-3? O zeker, die verzen zijn wel goed.

Wie de Heere op die manier te voet valt, zal in genade aangenomen worden. Maar zijn die verzen wel van toepassing op het gehele volk? Blijkbaar niet. De woorden zijn wel goed, maar de vruchten van de bekering zijn er toch niet bij iedereen. Hun trouw is als een morgenwolk, zo is het er en zo is het weer weg. Calvijn wijst er hier bij deze plotselinge omwenteling (tussen de verzen 1-3 enerzijds en 4-6 anderzijds) op dat „de geveinsden altijd op zich toepassen wat alleen aan de gelovigen toekomt" en dat de profeten altijd spraken tegen het gehele volk. Hij zegt „de profeten hadden te doen met het gehele volk, zij hadden dus ook te doen met de weinige gelovigen, want er was een klein aantal godvruchtige mensen onder de Israëlieten". En daar ligt dus de oorzaak van het misverstand.

Uw weldadigheid is als een morgenwolk, als een vroegkomende dauw, die henengaat. De vruchten van de bekering zijn niet bestendig, niet blijvend. Door de nood gedreven is er bij de meesten wel iets dat lijkt op een bekering tot God, maar het is onbestendig. De ene keer is er droefheid over de zonde, maar even later gaan ze weer volledig op in de wereld. Je kunt er niet van op aan. Hun weldadigheid (liefde, trouw) is als een morgennevel na de regen. Bij zonsopgang begint de nevel al op te klaren en de kleine wolkjes zijn nog wel een poosje aan de blauwe hemel te zien, maar om negen uur is de hemel al helemaal helder. Zo was het met de vruchten van hun bekering (de goeden niet te na gesproken). Als een morgenwolk, zo verdwenen. Wolken en dauw.... zonder vruchtbaarheid. Schijn zonder wezen.

Bij de meesten niet meer dan een bevlieging. Is jouw liefde tot God

bestendiger? Je denkt wel eens: zo gaat het niet goed, en het moet veranderen. Ik ga nu toch de Heere echt zoeken, na die ernstige roepstem bij dat ongeluk of het overlijden van die vriend. Die wolk overdekt je leven. Maar morgen schijnt de zon weer en het gaat allemaal weer zoals vroeger. Je wordt weer helemaal in beslag genomen door het leven. Van je goede voornemens bleef niets over.

Ze verdampten als een nevel in de zon. Geen vruchten! Je bekering berust op een misverstand. Wat moet Ik ermee aan, zegt God. Wat zal Ik u doen. o Efraïm?

Profeten zijn ook kunstenaars (vs. 5)

In vers 4 heeft God gevraagd: „Wat zal Ik u doen, o Efraïm? " Nu zegt Hij eerst wat Hij allemaal al gedaan heeft in het verleden om die „echte bekering' bij Zijn volk te bewerkstelligen. , .Daarom heb Ik hen behouwen door de profeten". Er staat niet: Ik heb er op ingehouwen, maar ..hen behouwen". Profeten moeten maar niet doldriest er met de botte bijl op inhakken en de boel kort en klein slaan. Het zijn geen slopers, maar bouwers. Het zijn geen houthakkers, maar kunstenaars.

Het gaat hier over beeldhouwwerk, en daar is niet alleen een hamer en een beitel voor nodig en een stuk hout of steen, maar vooral veel liefde en vakmanschap.

Die waarschuwende en ontmaskerende profetenwoorden zijn niet bedoeld als literaire ontboezemingen of dogmatische beschouwingen, maar als een hamer en een beitel. Daarom spaarden ze niets en niemand. Ze aarzelden niet om zo hard te slaan, dat de stukken eraf vlogen. En dat deden ze niet uit vernielzucht, maar om nog iets van Israël te maken, om er Gods beeld uit te krijgen. Soms vielen er slachtoffers, als de aangekondigde gerichten in vervulling gingen: „Ik heb ze gedood door de redenen Mijns monds". Maar de massa van het volk bleef onbew-ogen. De meest ernstige bedreigingen en de ontroerendste beloften ketsten af op hun granieten ruggen. Er was niets van te maken. Ze kregen er Gods beeld niet uit.

Dat is niet best. jongelui, als het Woord ons niets doet. Hoeveel werk heeft God al aan jou laten besteden'? Hoeveel preken heb jij al gehoord, en hoe vaak heb je in de Bijbel gelezen? Vertoon je dat beeld van God al? Dat gebeurt juist in de waarachtige bekering. Dan worden we Zijn beeld gelijkvormig.

Dan haalt het beeldhouwwerk iets uit in ons leven. Dan is iedere slag raak. Alles datje kwijt moet, wordt er afgehakt. Dat zijn pijnlijke operaties, want de „oude mens" wordt gedood door de kracht van het Woord. En dit pijnlijke „behouwen" is heilzamer dan het stichtelijk „bedauwen" met veel woorden, waar je kostelijk or.der genieten kunt, maar wel je leven op de oude voet kunt voortzetten. Begrijp je het? Het gaat om de vrucht van de bekering, om het beeld van God.

Dat „houwen" vraagt geen ruwe hand, want die richt schade aan.

Het vereist juist veel liefde en inspanning om de juiste proporties te zien. Het Woord is een scherpe beitel en een harde hamer, maar het vraagt wel een kunstenaarsziel om er mee om te gaan. En het doel van dit beelhouw : werk staat in het slot van vers 5. De beste vertaling daarvan is: „opdat Mijn recht in het volk zou opgaan als het zonlicht".

De Heere ziet het hart aan (vs. 6)

De weldadigheid kon de Heere als belangrijkste trek van Zijn beeld na al dat houwwerk bij Zijn volk niet ontdekken. Wat God wel vond, was het offer. Overal brandden de altaren en op die altaren lagen vette beesten, maar geen brandende harten vol liefde van de Israëlieten.

En zulke offers zijn waardeloos. De Heere heeft lust tot weldadigheid en niet tot offer. Tenminste.... als die offers niet gepaard gaan met liefde en kennis van God.

Wij zien zo graag uiterlijk eerbetoon en we nemen zo gauw genoegen met een mooie buitenkant. maar de Heere niet. Hij ziet het hart aan. Hij zoekt het allerdiepste van ons leven op en kijkt of het daar in orde is: ons hart. Wat heeft God aan het onderhouden van dagen en maanden, het brengen van beestenvet en stierenbloed als het zwaarste van de wet wordt nagelaten: de liefde!? Dan moet Hij nog zeggen: ..Dit volk eert Mij met de lippen, maar hun hart houdt zich verre van Mij".

Wat heeft God aan al die uiterlijke godsdienst? Dat is net als een morgenwolk: zo verdwenen.

En waar sta jij? Kon je meekomen in de eerste drie verzen? En schrok je soms bij die plotselinge wending in vers 4? Dat schrikken is heilzaam. Daarom zette ik boven deze bijbelstudie: Kan een bekering ook alleen maar een bevlieging zijn? Dat is het, als de vruchten ontbreken: geen liefde, geen n gehoorzaamheid, alleen maar uiterlijke godsdienst, maar zonder kloppend hart voor de Heere. Dan lijkt het veel maar het is niets. Wat zal ik u doen, o Efraïm? Komt en laat ons wederkeren tot de Heere!

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 19 februari 1988

Daniel | 32 Pagina's

Kan een bekering ook alleen maar een bevlieging zijn? (deei 2)

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 19 februari 1988

Daniel | 32 Pagina's