Probeer een dove uit z’n isolement te halen
vraaggesprek met ds. R. Boogaard
Op 28 december j.l. werd voor ons blad „Daniël" een bezoek gebracht aan ds. R. Boogaard in de pastorie van de Gereformeerde Gemeente van Leiden te Leiderdorp. Aanleiding tot dit bezoek is, dat ds. Boogaard reeds jaren geestelijk verzorg is van de doven van onze gemeenten, , , een kleine afzonderlijke gemeente", zoals ds. Boogaard het tijdens het gesprek uitdrukte. Ds. Boogaard „dient deze gemeente" naast de gemeente van Leiden waaraan hij sinds 1 oktober 1969 verbonden is. 1969 is het jaar waarin ds. Boogaard de theologische school van onze gemeenten verliet. Hij is 66 jaar geleden in Meliskerke in Zeelan geboren, en was in de landbouw werkzaam voor hij in 1965 aan genoemde school zijn predikantenopleiding aanving. Het navolgende gesprek gaat met name over dovenzorg en dovenpastoraat.
Dominee, wanneer en hoe kwam u in kontakt met dovenzorg?
Dit is gekomen door dominee Hakkenberg, die mij verzocht om hem te helpen bij zijn werk voor de doven. Aanvankelijk heb ik een paar keer een dovendienst geleid. In oktober 1972 ben ik aangesteld tot geestelijk verzorger voor de doven. De doven vormen als het ware een kleine gemeente, waarvoor belijdenis-catechisatie wordt gegeven, zieken worden bezocht, trouwdiensten worden gehouden en begrafenissen plaats hebben, en dergelijke. Ook ds. G. J. van Aalst is geestelijk verzorger.
Is doof zijn een erger handicap dan blind zijn, zoals weieens wordt beweerd. Wat is uw mening daarover?
Beide handicaps hebben hun eigen specifieke moeilijkheden. Ik heb de indruk, dat een dove in een groter isolement leeft dan een blinde. Hij of zij leeft altijd in een wereld van stilte. Een dove heeft bovendien een zeer beperkte woordenschat. Uit onderzoek is bijvoorbeeld gebleken, dat een 12-jarige gemiddeld een woordenschat heeft van zo'n 8000 woorden. Een dove beschikt op die er leeftijd over een woordenschat van slechts 700 woorden. Abstrakte begrippen komen bij een dove niet goed over.
Woorden als nooddruftig, aangebrachte gerechtigheid en bij-d voorbeeld een zin, als „Uw goedheid straalt hen toe, Uw macht schraagt hen in 't lijden", zegt een dove niets. Dove mensen denken altijd zeer konkreet.
Uiteraard spreekt de intelligentie van de dove hier ook wel mee. Doofheid is overigens niet alleen van invloed op de taalontwikkeling, maar ook op de emotionele ontwikkeling.
Vindt u dat doofheid in het algemeen wordt onderschat, ook in het kerkelijk leven? Doofheid wordt over het algemeen inderdaad onderschat. De handicap is niet te zien, maar blijkt eerst bij mondeling kontakt. In een gewone kerkdienst wordt voor een dove veel te vlug en te moeilijk gepreekt. Leesdiensten zijn voor een dove
helemaal niet te volgen, omdat liplezen dan onmogelijk is en gebaren ontbreken. Gebaren en mondstand zijn voor een dove erg belangrijk. Denk bijvoorbeeld aan het uit elkaar houden van woorden als ziek, ziel en zien.
Wanneer is men begonnen met speciale dovendiensten?
De eerste dovendienst werd in 1962 in Goes gehouden door — toen nog — student
Hakkenberg. Maar vanaf 1965 worden er geregeld dovendiensten gehouden in diverse plaatsen in het land onder toezicht van een plaatselijke kerkeraad. Met name in Barneveld, Woerden, Gouda, Dordrecht, Krabbendijke en Middelburg.
Gaan alle predikanten uit onze gemeenten voor in deze diensten of zijn er speciale vereisten, waaraan men moet voldoen?
Van een preek komt het meeste over als een predikant goed artikuleert, korte zinnen gebruikt, zich van een eenvoudige woordkeus bedient, als hij daarbij langzaam spreekt en ter ondersteuning gebaren gebruikt. Dit vergt van de spreker een grote concentratie.
Sommige predikanten schrikken hiervoor terug. Anderen niet en proberen het toch. Dit wordt door de doven bijzonder gewaardeerd.
Welke voorzieningen moeten getroffen worden om een dovendienst tot een goed einde te brengen.
In de eerste plaats zijn dit de vereisten van de predikant, waarop ik zoeven al doelde. Men moet daarbij de spreker goed kunnen zien. Er moet dus een korte afstand zijn tussen de spreker en de doven om de mondstand goed te kunnen aflezen, evenals de mimiek (gelaatsuitdrukking) en gebarentaal. Het licht moet op de mond vallen, terwijl hinderlijke lichtval op de ogen dient te worden vermeden.
Verder worden de psalmen en het thema van de preek in grote duidelijke letters op papier gezet.
Tijdens het psalmzingen worden zinnen lettergreep-voorlettergreep aangegeven om gelijk te kunnen beginnen. De doven zingen overigens niet, maar spreken de woorden alleen uit. De predikant staat in een dovendienst niet op de preekstoel maar achter de lezenaar.
De doven hebben tijdens het gebed de ogen open. Ze moeten het immers van het zien hebben.
Een dovendienst dient niet langer te duren dan één uur. Het zien van de doven vereist van hen een enorme inspanning.
Welke andere voorzieningen worden er gerealiseerd voor de doven?
In 1976 heeft de heer Van Beuzekom het dagboek „Hoort Zijn Stem" uitgegeven ten behoeve van de doven.
Geregeld verschijnt het blad „Dovencontact" en in de maanden, dat dit blad niet verschijnt wordt er een preek uitgegeven, die tijdens een dovendienst is gehouden en vervolgens wordt uitgetypt en vermenigvuldigd.
Ook worden er ontmoetingsdagen gehouden, terwijl er de laatste jaren een vakantieweek wordt georganiseerd, waar doven een week lang bij elkaar kunnen zijn.
De doven hebben bovendien een eigen vereniging „Ora et Labora". Men komt één keer per maand bij elkaar in Dordrecht. Eerst wordt er een onderwerp gehouden. Het tweede gedeelte van de bijeenkomst wordt besteed met handenarbeid.
Dominee, u hebt 19 december jongstleden een ontmoetingsdag met de doven gehad. Hoe is deze dag geweest? Wat is he verloop van zo'n ontmoetingsdag?
Het is een goede dag geweest. Er waren zo'n 96 doven aanwezig, 's Morgens werd er een kerkdienst gehouden. Daarna was er een eenvoudige broodmaaltijd. Die middag vond er voorlichting plaats over de invloed van de lektuur. Ondermeer was het RD uitgenodidgd om het één en ander te laten zien en vond er voorlichting plaats door middel van een overhead-projector.
Wij houden ons zeer aanbevolen voor suggesties voor besteding van de middagbijeenkomsten. Lang niet alles is geschikt voor doven.
Museumbezoek bijvoorbeeld niet, omdat doven niet vertrouwd zijn met geschiedenis. Men is veelal geïnteresseerd in informatie omtrent produktieprocessen ten aanzien van bepaalde produkten en dergelijke.
Zijn dovendiensten alleen bestemd voor volwassenen en kinderen met een auditieve afwijking?
Nee, ook anderen zijn hartelijk welkom. Er zijn er niet zoveel over het algemeen. Dit komt misschien ook doordat deze diensten veelal op zaterdagmiddag worden gehouden.
Wat doet u nog meer dan het leiden van dovendiensten en het schrijven in het kontaktblad? Bent u van bepaalde taken in uw gemeente vrijgesteld?
Nee, maar bijna alle predikanten hebben naast hun ambtelijk werk nog verschillende neventaken. Naast het schrijven in het kontaktblad verzamel ik de copij en korrigeer deze.
Bovendien verricht ik als geestelijk verzorger allerlei ambtelijk werk ten dienste van de doven. De heer B. Agteresch geeft kindercatechisatie in Kapelle (Zeeland).
Welke personen zetten zich ook bijzonder in voor de doven naast de predikanten?
Zonder de betekenis van de vele medewerkers tekort te willen doen, wil ik hier met name de familie Larooij uit Voorburg noemen, die de „vader en moeder" van de doven genoemd kunnen worden. Na de diensten gaan meestal alle volwassen doven naar hun huis. De meubels moeten dan uit de kamer.
De heer Larooij verzorgt bovendien het sekretariaat van Dovenzorg (een sektie van het deputaatschap voor gezins-en bejaardenzorg). Hij is de vraagbaak voor de doven.
Ook de heer Agteresch uit Capelle aan den IJssel doet heel veel werk, evenals de heer Uittenbogaard uit Vlaardingen, die namens de doven in het bestuur zit.
Ik zou u daarnaast nog diverse namen kunnen noemen, van mensen, die zich inzetten voor de dove medemens, zoals mej. R. Quist en mej. J. W. van den Berg.
Op de laatste generale synode is dovenzorg ook uitvoerig ter sprake gekomen. Welke belangrijke beslissingen zijn toen genomen? Bent u hier tevreden mee?
Wij hebben verzocht of ouderling Agteresch in noodgevallen dovendiensten mag leiden. Dit verzoek is ingewilligd hoewel het voorstel niet zonder slag of stoot aanvaard werd. Ook heeft de synode ingestemd met het houden van gekombineerde kerkdiensten.
Kunt u iets meer vertellen over die gekombineerde kerkdiensten?
In 1985 zijn deze diensten voor het eerst georganiseerd in Wageningen. Deze diensten worden op zondag gehouden in bepaalde gemeenten. Tot nog toe zijn de ervaringen erg positief.
Kinderen ervaren deze diensten met name positief, omdat ze van dit soort diensten veel meer begrijpen als gevolg van het eenvoudiger taalgebruik. Belangrijk is dat er goede logiesmogelijkheid voor de doven is met eerbiediging van de zondag. Dit maakte dat slechts enkele plaatsen geschikt zijn.
Doven kunnen niet in gezinnen worden ondergebracht. Men voelt zich in de vreemde gezinnen bepaald ongelukkig in verband met de moeilijke kommunikatie.
Vindt u dat de houding ten aanzien van de doven de laatste 25 jaar is gewijzigd, verbeterd, of vindt u dat dit no wel beter kan?
Er wordt meer voor hen gedaan, zoals dit de laatste tijd over het algemeen gezegd kan worden ten aanzien van de zorg voor de gehandicapte medemensen. Maar er is nog heel wat te verbeteren. Met name geldt dit voor wat betreft het meeleven met de doven.
Veel mensen schrikken terug voor een gesprek met een dove. Het is ook niet gemakkelijk. Daarom een advies: als je een dove niet begrijpt, vraag dan of hij of zij het opschrijft. Met het nodige geduld is veel te bereiken. Zorg dat een dove je mond kan zien. Artikuleer. Gebruik korte zinnen. Eenvoudig taalgebruik en langzaam spreken is heel belangrijk!
Wat kunnen wij als horenden van de doven leren?
Men is erg blij met een preek, als die goed over komt. Ze moeten er veel moeite voor doen.
Wat hebben wij als horenden dan veel op hen voor. Het geloof is uit het gehoor en het gehoor door het Woord Gods!
Dominee hebt u zelf nog een slotopmerking?
Vooral tot de jeugdige lezers zou ik willen zeggen: Probeer een dove eens uit z'n isolement te halen. Probeer eens wat gebaren te gebruiken.
Het kontakt met een dove moet opgebouwd worden.
Voor een verenigingsavond zou je de heer Agteresch uit Capelle a/d IJssel eens kunnen uitnodigen om iets over Dovenzorg en dovencontact te vertellen. Hij houdt er wel meer lezingen over.
Neem een abonnement op Dovenkontakt. Het kost maar ƒ 10, - per jaar. Dit geeft je gelegenheid om met de doven mee te leven en van hun problemen kennis te nemen. Tenslotte zou ik bijzondere aandacht willen vragen voor g leerkrachten ten behoeve van Effatha. Er is een groot gebrek aan onderwijzend personeel van reformatorische huize! Als er jongeren zijn, die deze nood willen helpen lenigen, dan wil ik hen daartoe graag opwekken.
Dominee hartelijk dank voor dit gesprek!
H. I. Ambacht
B. S. van Groningen
A. A. Verhoeven
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 22 januari 1988
Daniel | 32 Pagina's