JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Een plek om te wonen

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Een plek om te wonen

6 minuten leestijd

De gezellige dagen rond kerstfeest en oud en nieuw breken weer aan. Hier en daar kun je dan de geur van vers gebakken oliebollen opsnuiven. Wat is er gezelliger dan samen rond de open haard of kachel van deze oliebollen te smullen? Wat wil je eigenlijk nog meer ?

Tja, wat wil ik eigenlijk nog meer? Het bovenstaande idee stelt me niet op m'n gemak. Waarom niet? Ik heb net een boekje gelezen. Een klein boekje dat verscheen ter gelegenheid van het feit dat 1987 is uitgeroepen tot het Jaar van de Daklozen. Het draagt de titel: , , Een plek om te wonen" en is geschreven onder het pseudoniem Daniël Duinlast.

Zwerftocht

Volgens de schrijver kunnen cijfers nooit een levensecht verhaal vertellen. Vandaar dat hij gedurende een week zich als zwerver begaf onder daklozen in Nederland. In die week kwam hij heel wat tegen. Onder daklozen verstaat hij asielzoekers, zwerQongeren, ondergedoken vluchtelingen, jeugdprostituees enzovoorts. In korte, indringende verhalen vertelt Duinlast z'n schokkende ervaringen. Wat een ellende en verdriet heerst er onder de daklozen. Enkele voorbeelden.

Duinlast ontmoet een zwarte vrouw. Deze vrouw vertelt hem een droevig verhaal. Zij heeft haar geboortestreek in Afrika verlaten om — als oudste van het gezin — elders werk te vinden. Na veel omzwervingen en mooie praatjes van anderen arriveert ze in Amsterdam. Daar zou werk in overvloed zijn. In Nederland aangekomen wordt ze volledig aan haar lot overgelaten. Justitie brandmerkt haar als een , , malafide" (onbetrouwbare) vluchteling. Om aan de gevolgen daarvan te ontkomen, sluit ze een schijnhuwelijk. Haar echtgenoot blijkt zwaar verslaafd en heeft prostituees nodig om aan z'n dagelijkse portie drugs te kunnen komen. Na twee jaar een zeer zwaar leven geleid te hebben, vol vernederingen en mishandeling, laat ze zich scheiden van haar man. Dan wordt ze opnieuw illegaal verklaard. Waar moet ze nu heen?

Schilderwerk

Op z'n zwerftocht komt Duinlast een jongen tegen die verslaafd is aan de drugs. Wanneer hij met hem meegaat naar zijn kraakwoning, ziet hij op één van de muren van de kamer een groot schilderwerk: een reusachtige, sperwerachtige vogel die met gespreide vleugels dreigend in de lucht hangt, loerend op vluchtende ratten., , Weet je", zei hij, , , ik ben gelovig opgevoed. Maar nu geeft me zoiets steun." Hij knikte naar de schildering van de reusachtige roofvogel op de muur. „Waarom? ", vroeg ik verbaasd. „Omdat mensen die bidden, volgens mij, toch stiekem door hun gesloten ogen kijken naar de volgende prooi: hun medemens." Peter voelde zich verlaten door de kerk.

Kwakko en Mirjam

Aangrijpend is het verhaal van Kwakko en zijn zusje Mirjam. Beide komen uit Nigeria. Hun ouders hebben daar een klein bedrijf. „Alles gaat wonderwel tot ze met talloze Ghanezen uit Nigeria worden verjaagd. Op vrachtwagens gehesen, bijna zonder bagage, gaat 't richting Ghana. Soldaten vuren „voor de lol" op hun open laadbak, de meisjes en vrouwen worden allen verkracht".

Kwakko vertelt dan: „Mijn zus Mirjam is weinig spraakzaam. In totaal is ze acht keer verkacht, waaronder vier maal door een horde mannen misbruikt."

Daniël: „Al tijdens het verhaal van Kwakko had ik moeite het stille zusje aan te kijken. Beschaamd over mijn sexe-genoten keek ik steeds van haar af. Nu schoten er toch tranen in mijn ogen en keek ik even vluchtig naar de fragiele gestalte die Mirjam heeUe. Had zij, die vernoemd was naar de zuster van Mozes, haar Exodus eindelijk voltooid? "

Beschamende les

Karel, een oude zwerver, gaf Duinlast (en mij) een beschamende les. Een andere zwerver vroeg namelijk aan Karei of hij in z'n huis mocht slapen. Karei gaf zondermeer z'n sleutels af. Duinlast zegt dan tegen hem: „Het is misschien wat onvoorzichtig. Ze

zouden je spullen mee kunnen nemen." , .Och wat", zegt een andere zwerver, , , hij heeft toch niks. Hoogstens een matras, dekens en een bank. Dat is alles wat er staat, geloof me maar."

Duinlast schrijft dan: ..Karei breidde zijn armen in een verontschuldigend gebaar uiteen. , .Heel juist. Ik heb niets en daarom kan ik gastvrij zijn." Inderdaad, dacht ik. Bij Karei is niets te jatten. Geen tafelzilver, geen Friese staartklok, noch videorecorder of homecomputer. Arme doodarme rijken "

Domper

Begrijp je nu dat deze verhalen een domper zetten op mijn „gezelligheidsbeleving"? Hoe vaak heb ik aan deze mensen gedacht? Hoe vaak heb ik voor deze mensen gebeden? Wat heb ik voor deze mensen gedaan? Zo'n half miljoen mensen leven in Nederland in bittere armoede. Tweehonderdduizend zijn als dak-en thuisloos te beschouwen.

Qua leeftijdsopbouw wordt het meer en meer een jeugdprobleem. Vooral na 1 januari 1988, wanneer de meerderjarigheidsgrens verlaagd wordt naar achttien jaar, zal dat aantal toenemen. Jongeren die geen zin meer hebben om in bijvoorbeeld een internaat te blijven, mogen dan in alle vrijheid weglopen. Ze zijn dan immers zelfstandig? Vanuit justitiële kringen wordt dan ook een enorme toename van het aantal zwerfjongeren (lees: dak-en thuislozen) verwacht.

Wonen

Duinlast signaleert terecht dat „wonen" een diepere betekenis heeft dan een dak boven je hoofd hebben. Daklozen in de Derde Wereld hebben volgens de schrijver in eerste instantie geen nieuwe huizen nodig. De dag van de arme mens is grotendeels gevuld met andere gedachten: hoe vind ik weer een grijpstuiver om wat eten te kopen, hoe kom ik aan schoon water en hoe blijven mijn kinderen vrij van infekties en ziekten?

Maar ook in onze rijke westerse wereld blijkt dat een mens niet altijd gelukkig is, ook al heeft hij een dak boven z'n hoofd. Volgens Duinlast missen de rijken meer een thuis („shelter") dan de armen op deze wereld. In de Eerste Wereld (daar woon jij dus) heeft praktisch iedereen een huis, maar van echt „wonen", in de betekenis van beschutting, bescherming en veilig oord. is niet altijd sprake.

Maar daklozen hebben dat nu juist nodig, ook in ons land. „In ons land maken we van ons huis een vesting. Maar dan wel een met hoge muren, een gracht en een ophaalbrug. Ons individualisme heeft ons uiteengedreven", zo schrijft Duinlast.

Machteloos

Soms kun je je zo machteloos voelen. In ons rijke westen, met boter-en vleesbergen, melk-en wijnmeren, is overvloed. Aan de andere kant van de wereld krimpen mensen van de honger ineen.

Duinlast: ..Op de wereldmarkt bewegen zich slechts enkelen langs de kramen. De rest staat zich te vergapen achter de dranghekken.''

Duinlast geeft in z'n boekje twee adviezen om met die machteloosheid om te gaan:

1. Probeer eens in eigen kring belangstelling te kweken en onderhouden voor Derde Wereldzaken.

2. Stimuleer vooral ook het nadenken over zaken als armoede in je eigen samenleving. Denk bijvoorbeeld maar aan die mensen die rond moeten komen van een uitkering of van een minimuminkomen. Vooral onder hen komt steeds meer en meer armoede voor. Heb jij wel een plek om te wonen, denk dan ook eens aan degenen die dat niet hebben. Dan bedoel ik niet zozeer het letterlijk geen dak boven het hoofd hebben, maar meer „je thuis voelen, je beschut weten". Juist ook in de komende „gezellige" dagen voelen veel mensen zich „dakloos". Hopelijk blijft het niet alleen bij denken.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 december 1987

Daniel | 30 Pagina's

Een plek om te wonen

Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 december 1987

Daniel | 30 Pagina's