Geschiedenis van het Deputaatschap Militairen
door ds. A. Hofman
Naast de vele deputaatschappen der Gereformeerde Gemeenten is er ook een Deputaatschap tot behartiging van de belangen der Militairen. In , .De Saambinder" van donderdag 20 november 1947 lees ik dat op 29 mei 1947 een Synodale Commissie ter behartiging van het werk onder de militairen is benoemd. Van deze commissie was ds. A. Verhagen die toentertijd in Kampen stond penningmeester. De commissie, of zo je wilt het deputaatschap, bestaat nu dus veertig jaar.
Voor de jongens in Indië
De aanleiding tot het benoemen van deze commissie was dat veel jonge mannen naar Indië moesten om daar namens onze regering hun militaire dienstplicht te vervullen. Het werk dat door de synodale commissie werd verricht sloeg aan. De giften stroomden binnen, maar ook tal van artikelen in natura „die bezwaarlijk naar Indië verzonden konden worden", aldus de Saambinder. Deze artikelen werden verdeeld onder zieken en bejaarden.
We lezen verder: „Dat deze aktie zo goed is geslaagd, hebben wij te danken aan de steun die wij van de Gereformeerde Gemeenten hebben mogen ontvangen. Ook thans zijn er nog een groot aantal onzer jongeren in Indië.
Ruim zeshonderd zijn er uit de familiekring verwijderd". Zeshonderd pakjes waren er verstuurd; de commissie besloot opnieuw zeshonderd pakjes te versturen. De vorige pakketzending kostte ƒ 15.000, - . Dat bedrag was in korte tijd bijeen gebracht. De commissie deed voor de tweede maal geen vergeefs beroep op de milddadigheid van het kerkvolk. Het zou interessant zijn om te vermelden wat er zoal in de pakketten werd gedaan, maar dit vergt echt teveel plaatsruimte. Er werd niet alleen in stoffelijk opzicht aan de militairen gedacht, ook aan hun geestelijk welvaren werd aandacht besteed.
Aandacht voor militairen in „De Saambinder"
De redaktie van „De Saambinder" verzocht ds. Van Dam van tijd tot tijd een stukje te schrijven om onze militairen te steunen in moreel en geestelijk opzicht. Genoemde leraar heeft zich getrouw aan zijn taak gekweten. Ik citeer onder andere het volgende: „Allereerst bestaat het grote gevaar in het aanknopen van vriendschap met jongens die niet in de waarheid zijn opgevoed, zonder begrip van God en Zijn gebod. Kan men geen waarheid horen, men leze met elkaar of desnoods alleen een preek van een algemeen bekend en vertrouwd leraar. Er gaat meer van het preeklezen uit, dan menigeen zichzelf bekennen wil".
Ds. Van Dam sloeg de spijker op z'n kop. In een volgende Saambinder gaat de predikant in op de vele vrije tijd van de militairen in Indonesië. We lezen daar: „In de eerste plaats, hoe kom ik mijn vrije tijd door en hoe kan ik de verveling bestrijden? Inderdaad is verveling en vrije tijd een ontzaggelijk gevaar. Indien men echter de lust en de ernstige wil had, dit gevaar doeltreffend te bestrijden, zou er wel een middel zijn. Bijvoorbeeld onze militairen zullen voor het merendeel oudleerlingen van christelijke scholen zijn. Zij hebben dus bijbels onderwijs gehad. Maar wat weet men er nog van? We stellen slechts enkele vragen. Blijkt niet dat de kennis der Heilige Schrift bij de meesten nog zeer gering is? Zou er geen prachtgelegenheid zijn om de verveling te verdrijven indien men slechts lust had tot schriftonderzoek? "
Niets nieuws onder de zon
De lezer(es) zal wel gemerkt hebben dat er
niets nieuws is onder de zon. Ook nu hebben de soldaten te veel vrije tijd. Generaal Van Vuren was althans in het geheel niet te spreken over het gedrag van de militairen in hun vrije tijd. Het is wel erg als dronken soldaten meisjes en vrouwen lastig vallen in het buitenland. Waar is ons leger mee bezig? Overigens hoop ik niet dat de generaal generaliseert. Niet alle jongens zullen de beest uithangen. En verder was het misschien beter geweest om de vuile was niet buiten te hangen.
Met ernst wil ik onze jongens er op wijzen om hun vrije tijd nuttig te besteden en voor de toekomst te sparen. Als men straks tot een huwelijk mag komen, is het niet te zeggen hoeveel geld men dan nodig heeft. Ook is een goede studie nooit weggegooid.
En wie weet: er mochten onder onze militairen eens toekomstige predikanten of ouderlingen schuilen. Wat zou men dan blij zijn de ledige tijd niet in brooddronkenheid te hebben doorgebracht, maar in het onderzoek van de Heilige Schrift.
Verdere aktiviteiten
Ik duik nog even terug in de historie. Vanaf 1959 is ondergetekende voorzitter van het Deputaatschap tot behartiging van de belangen van onze Militairen. De werkzaamheden van het deputaatschap zijn in de loop der jaren belangrijk uitgebreid. Een groot aandeel daarvan wordt door onze aktieve sekretarispenningmeester de heer De Deugd waargenomen. Hij is het die met ouderling Nieuwenhuijze enkele malen per jaar de legerplaats Seedorf in Duitsland bezoekt. Hij is het die de jaariijkse konferentie die in Beukbergen wordt gehouden regelt. Ook ontvangt elke militair waarvan we het adres weten jaarlijks met de kerst een pakket. Er is nog veel meer, maar de plaats ontbreekt. De Heere zegene het werk dat verricht wordt onder onze soldaten. Hij bekere en beware onze jongens temidden van de verleidingen die zo groot zijn. Hij geve dat er onder hen toekomstige ambtsdragers gevonden mogen worden om Zijn Kerk te mogen dienen. opzichte
Zijn Naam moet eeuwig eer ontvangen; Men loov' Hem vroeg en spa; De wereld hoor' en volg' mijn zangen, Met Amen, Amen, na. (Psalm 72 : 11)
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 2 oktober 1987
Daniel | 36 Pagina's