Is jeugdwerkloosheid een oordeel van God?
Over deze vraag nadenkend is liet goed om de Bijbel op te slaan bij Leviticus 26 en dit hoofdstuk rustig door te lezen. Als het volk overeenkomstig Gods wetten zou leven zou het een overvloed van zegeningen kunnen verwachten.
Maar zo zij ontheiligen wat God heeft voorgeschreven / Dan mogen zij gewis voor Zijne straffen beven (Ps. 89).
Onder de genoemde zegeningen treffen we aan: volledige werkgelegenheid. Lees maar in vers 5. En de dorstijd zal u reiken tot de wijnoogst en de wijnoogst zal reiken tot de zaaitijd; en gij zult eten tot verzadiging toe, en gij zult zeker in uw land wonen.
Behoort werkgelegenheid tot Gods beloofde zegeningen, kunnen we dan werkloosheid niet als een straf zien?
Trouwens, als wij ons volksleven eens naast Leviticus 26 plaatsen, wat kunnen we dan verwachten?
Echter door dit antwoord mag niet de indruk gewekt worden alsof de werklozen grotere zondaars zouden zijn dan zij die wel werk hebben. Lees dan eens Lukas 13:1-5.
Mogelijk zit de vragenstelster midden in dit probleem en zal zij zich afvragen: , , Wat moet ik hier nu mee? "Leg deze nood voor de Heere neer. De Heere regeert alle dingen, ook die van woonplaats en werkkring.
Neem daarbij de middelen te baat waardoor je aan werk kunt komen. Wees dan ook niet te kieskeurig. Arbeid is een zegen en een opdracht. Een baan die je niet zozeer lijkt, zou de weg kunnen openen naar een begeerde baan.
Besteed de overvloedige vrije tijd zinvol. Leef normaal, dat wil zeggen sta tijdig op; eet normaal en op normale tijden; ga op tijd naar bed. Volg opleidingen waardoor je je mogelijkheden verruimt. Help anderen waar je mogelijkheden ziet, al of niet voor betaling.
Blijf intussen solliciteren. Door al deze dingen kan voorkomen worden dat je je leven als zinloos gaat ervaren.
„Mitsdien''
Een andere Daniëllezer vraagt naar betekenis en bedoeling van het woordje mitsdien in de vraag: , , En eerstelijk vraag ik u, ouderlingen en diakenen, of gij niet gevoelt in uw harten dat gij wettiglijk van Gods gemeente, en mitsdien van God Zei ven tot dezen heiligen dienst beroepen zijt".
Een blik in het Verklarend Handwoordenboek der Nederlandse Taal van Koene-Endepols leert mij dat het woord betekent: derhalve, daarom, daardoor. Het Psalmboek van onze Amerikaanse gemeenten gebruikt het woord , , consequently". Dit woord betekent eveneens: derhalve, dus.
In de roeping tot zaligheid maken we onderscheid tussen uitwendige en inwendige roeping. De uitwendige roeping is de oproep tot bekering door middel van de prediking van Gods Woord. Hier worden we van Godswege geroepen. Deze roeping is niet vrijblijvend. Hoe wij ook reageren, dt Heere merkt het ahijd aan als een ant woord. Leidt het horen van Gods Woon door de krachtdadige werking van de Hei lige Geest tot levensvernieuwing dan is t sprake van inwendige roeping.
Zo is er ook sprake van twee soorte roeping tot het ambt. Wordt er door midd
kandidaatstelling door de keraad en verkiezing door de mansenvergadering een beroep op ietand gedaan om een ambt te beden dan kan dat in uitwendige zin : ien worden als een roeping door )d. Voor zo 'n roeping bedanken is n even ingrijpende zaak als haar mnemen. Dit dient een zaak van )vig gebed te zijn. Ook hier geldt we niet het recht hebben om onberd te zijn. Hoe zal de nood van de pende gemeente op ons hart genden zijn als we eigen nood nooit bben ingeleefd. Verder zal er de lerlijke zekerheid dienen te zijn dat Heere ons in dit deel van Zijn jngaard als ambtsdrager gebruiken II. Die zekerheid kan de Heere geven )ór de gemeente roept. Dan mag er ijmoedigheid en blijmoedigheid zijn m de roeping aan te nemen. Ondanks e extra strijd en zorgen die het ambt leebrengt, is het een voorrecht de leere in het ambt te mogen dienen, •leeft men die zekerheid niet bij de stemming door de mansleden, neem dan niet meteen de beslissing. Geef als het ware de Heere gelegenheid om te spreken. Verwacht hier niet altijd een tekst. Opvlammende liefde tot de Heere en Zijn gemeente, zorg voor de gemeente en een heilige ijver om dienend werkzaam te zijn, kunnen het onmogelijk maken om te bedanken. Dan mag en moet men de roeping aannemen. Als een diaken met vrucht en kennelijke bijstand van de Heere het werk van een ouderling heeft mogen doen zoalspreeklezen, huisbezoek of catechiseren is dat reden genoeg om een roeping tot ouderling aan te nemen. De bekwaammaking is immers bewijs van de roeping. De vervulling van de ambten zijn een zaak van gedurig gebed voor de gemeente. Gebed om mannen die ambtsdrager kunnen zijn en gebed voor de mannen die ambtsdragers zijn.
Ook hier mag het woord van Paulus gelden: idt voor ons, opdat het Woord des Heeren zijn loop hebbe, en verheerlijkt worde (2 Thess. 3 : 1).
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 2 oktober 1987
Daniel | 36 Pagina's