Roep mij aan ...
Het aanroepen van de HEERE wordt al in het begin van de Bijbel genoemd. Genesis 4 : 26 zegt ons: , Toen begon men de Naam des Heeren aan te roepen."
Daar wordt het woord aanroepen gebruikt om aan te geven dat men openlijk, terwijl iedereen het kon en mocht zien, God ging dienen. Daarbij behoorde offeren en bidden.
Tevoren was dat ook gedaan. Denk slechts aan de offers van Kaïn en Abel. Maar vanaf de dagen van Enos werd het een openbare bezigheid. Een openbaar belijden van de HEERE en een openbaar uitkomen voor Zijn Naam.
Maar ook een openbaar bidden tot God, een voorleggen van de noden aan Hem en een aanbidden van Hem.
Openbare erediensten?
Het is waarschijnlijk wel iets meer openbaar geweest dan nu. Wij noemen onze kerkdiensten wel openbaar, maar in hoeverre zijn ze het?
Gisteren (12 april) hebben we hiervan nog weer iets indringends gezien bij de deur van onze evangelisatiepost. Een mevrouw stond op straat met een papiertje in haar hand (waarschijnlijk een folder van de dag ervoor). Ze spelde wat er op het bord aan de muur stond en vergeleek met het papiertje. Enkele mensen kwamen nog binnen, ze ging niet mee.
Toen ik ze aansprak zei ze niets. Even later ging ze weer weg....
Durfde ze toch niet binnen te gaan? Is zelfs de drempel van een evangelisatiepost te hoog ?
Toen begon men de Naam des HEEREN aan te roepen. Openlijk, voor ieder toegankelijk. Zonder verhindering er bij kunnen zijn Met anderen samen horen van God en bidden tot God!
Zo komen we bij de tempeldienst van het Oude Testament de dienst van de HEERE tegen.
Met grote drommen opgaan naar Jeruzalem. Iedereen kan mee gaan. Niemand valt op. Iedereen hoort er bij! Tenminste als hij er bij gaat staan.
De eenling in de samenkomst
Het is niet de bedoeling geweest dat het individu, de mens als zodanig, ophield te bestaan als hij of zij in de samenkomst van aanbidders des HEEREN kwam.
Denk bijvoorbeeld maar aan Hanna (1 Samuël 1). Iedereen is opgekomen naar het feest. Iedereen is blij gestemd en geniet van de vreugde van het samenkomen.
Massaal zal er gezongen zijn, massaal de zegening van de priester aangehoord.... maar Hanna heeft een stil plekje opgezocht in het huis van God. Daar staat ze. en vertelt al haar zorgen aan de HEERE. Juist in het aanroepen van de Naam des HEEREN is elk mens een mens! Elk mens een verantwoordelijk wezen tegenover de HEERE!
Dat maakt het samenkomen om de Naam des HEEREN aan te roepen tot iets heel anders dan de samenkomsten zoals sekten en groepen die kennen. Daar moet de massa de enkeling overhevelen naar de groep. Je zou kunnen denken aan een soort hersenspoeling, om allemaal hetzelfde te gaan denken.
Ik zie in Gods Woord heel duidelijk dat dit niet het geval was in de samenkomsten waar het ging om de HEERE. In de samenkomsten waar men Zijn Naam aanriep. De psalmdichters leggen hun persoonlijke nood en persoonlijke verlossing in hun liederen die voor de tempeldienst bestemd zijn.
Asaf klaagt over zijn zondig, verdorven bestaan en laat het zingen in de tempeldienst. Lees het maar in Psalm 73.
David bidt om de Geest van God in Psalm 25, en heel de schare zingt het mee.
Roep mij aan samen of alleen
de Heere zoeken Wat een wonder dat de HEERE Die zo volmaakt en heilig is. Zich wil laten aanroepen door onvolmaakte, zondige, onheilige mensen, die elke dag Hem verdriet doen met hun boze daden!
Wat een wonder dat er mensen waren aan wie de HEERE Zelf openbaarde HOE Hij
wilde dat mensen samenkomen: AANROEPEND!
De blinde heiden weet niet hoe hij zal zoeken naar een hoog en verheven wezen waarvan hij niets meer weet dan dat het er waarschijnlijk is.
Tjonge, wat een moeilijke vage zin! Ja, en weet je dat voor hen die van God niet weten de dienst van God werkelijk zo vaag is....?
Wie woont daarboven? Hoe is hij of zij? Hoe wil hij dat we met hem omgaan?
Wil hij wel met ons omgaan?
Zo liggen de vragen van de heiden maar ook van veel mensen rondom ons. Mensen die misschien ons wel horen zingen als we in de kerk samenkomen. Mensen met wie we misschien wel werken
, .Of God bestaat? Weet ik niet!" zei een jongen tegen me. , .Maar als Hij er werkelijk is dan is Hij wel zo verschrikkelijk ver weg en zo onnoemelijk groot en voornaam, dat Hij voor een gewone jongen zoals ik ben, toch geen tijd heeft."
De gordijnen open
Ja, op dit punt doet de Bijbel de gordijnen open. Veegt de nevelen weg. Al die duisterheden die over ons gekomen zijn doordat we van God zijn afgevallen. Dan is de Bijbe. een wonder-heerlijk Boek. God Zelf spreekt daarin over Zichzelf! Hoe HIJ is
Hoe HIJ staat tegenover mensen Dat HIJ. de HOGE en VERHEVENE, met mensen te doen wil hebben! Lees maar eens mee in Psalm 50 : 15: n roep Mij aan in de dag der benauwdheid. Ik zal er u uithelpen, en gij zult Mij eren!"
O wonder van genade!
De Hoge en Verhevene, de Eeuwige en Almachtige, wil door mensen aangeroepen worden! Ja. het gaat nog veel verder! Als je Psalm 50 goed en aandachtig leest, kom je tot de ontdekking dat Hij juist alléén aangeroepen wil worden.
Met eerbied gezegd: , .Met andere dingen maak je de HEERE niet blij!" Zie maar in vers 8; Israël brengt offers bij de vleet! Het rookt altijd in Gods huis. Maar daar gaat het bij God niet om. In vers 9: Ik heb uw varren en bokken niet nodig. Alle dieren van het bos en alle beesten op de bergen zijn van Mij!
Lees maar verder in de volgende verzen Het gaat bij de HEERE niet om die uiterlijke handelingen van het offeren. Het gaat Hem om het hart van de offeraar! Als we godsdienstig bezig zijn en voldaan onze handelingen plegen en daarmee ook tevreden zijn, dan heeft al ons bezig-zijn geen waarde voor God!
Waar het bij God om gaat
Waar het bij God om gaat Bij de HEERE gaat het niet om de buitenkant, maar om een innerlijke, vrijwillige, volkomen overgave van het hart aan God. In het offer gaf de ware offeraar zich in geloof en liefde aan God, die Zich in het verbond aan hem gegeven had.
In de tekst die ik noemde. Psalm 50 : 15, staat dus niet: , Bidt maar als je het moeilijk hebt. en dan krijg je alles"... NEE! Er staat iets heel anders! Dit: Als je in de benauwdheid tot Mij komt, dan moetje niet komen met een heleboel buitenkantdingen, maar met een volkomen overgave van je hart aan Mij!"
Dat werpt ook een heel ander licht op al die andere teksten waar bidden genoemd wordt: „Aanroepen van de HEERE". Ik wil er een paar met je lezen:
Genesis 12:8: bram bouwt de HEERE een altaar en roept de Naam des HEEREN aan. Net aangekomen in het land dat de HEERE wees. Hij geeft zich met gehele hart aan de HEERE. Niet in benauwdheid, maar in dankbaarheid.
1 Kon. 17 : 20: lia, in een nood waarin hij op geen enkele wijze iets kan doen. Hij geeft zich geheel over aan de HEERE.
2 Kon. 20 : 11: esaja roept de Naam des HEEREN aan voor koning Hizkia, die sterven moet. In een volkomen overgave aan de HEERE.
Waar het bij de HEERE om gaat? Kom niet bij Hem met allerlei beloften en goede voornemens. Met zulke dingen proberen de heidenen hun (af)goden tot helpen te bewegen. Wat de HEERE wil, is een volkomen overgave, en een aanroepen in geest en waarheid. Een aanroepen in een ootmoedig gebed met volkomen wegcijferen van jezelf maar ook met een volkomen vertrouwen op de HEERE. En dan horen de laatste woorden van Psalm 50 : 15 er heel nadrukkelijk bij: , En Gij zult Mij eren."
Ja. daar gaat het uiteindelijk om, dat de HEERE de eer krijgt. „Zijn Naam moet eeuwig eer ontvangen "
Nog niet klaar
Er is nog een andere kant aan het aanroepen van de Naam des HEEREN. De kant van Joël 2 : 32: En het zal zijn dat een ieder die de Naam des Heeren zal aanroepen, zalig zal worden."
Romeinen 10 : 13: Want een ieder die de Naam des Heeren zal aanroepen, die zal zalig worden."
Wordt in Joël met HEERE, God de Vader bedoeld, of de Verbondsgod, in Romeinen l 10 wordt uitdrukkelijk de Heere Jezus I bedoeld.
God in Christus. Zo alleen is Hij Die God die zondaren zalig maakt. Zo ook alleen is Hij degene die mensen hoort die tot Hem roepen. Zo is Hij ook degene die het waar maakt: „Een ieder die de Naam des Heeren aanroept, zal zalig worden!"
Zie het aan de moordenaar aan het kruis. Het oordeel van God is over zijn onnutte leven gegaan. Verbrijzeld is hij. Verpletterd! Wat moet er van hem nog worden? Niets immers! Ja. maar ik had het niet zo bedoeld Ik was niet van plan iemand te doden, maar door allerlei omstandigheden Ik ben van goede kerkelijke afkomst NEE! Niets van dit alles. Hij roept de Naam des HEEREN aan.
HEERE. gedenk mijner, als Gij in Uw Koninkrijk zult gekomen zijn! Geen rechten, geen prestaties, geen geloof, geen opvoeding, geen enkel ding waar hij op pleit. Alleen roepen tot de HEERE.
Leeg en verbroken. Arm en zonder hoop buiten de HEERE. En dan klinkt het hem tegen: Voorwaar zeg IK u, heden zult gij met Mij in het paradijs zijn!
Wie zou dat kunnen geloven? Maar toch klonk het zo over Golgotha! Nooit heeft de HEERE er één laten staan die zo tot Hem vluchtte. Joël had het geprofeteerd. Petrus heeft het later aangehaald op de Pinksterdag, Paulus heeft het geschreven aan de Romeinen
En wij mogen het elkaar vandaag toeroepen: Wie de Naam des Heeren zal aanroepen die zal zalig worden! Wie met al zijn armoede en armzaligheid, met heel zijn of haar verknoeide leven, met heel die vuile bron van ongerechtigheden naar de HEERE vlucht. Zijn Naam aanroepend, van Hem alles verwachtend die ZAL zalig worden!
Daar staat de God van HET WOORD voor in! Daar staat de HEERE voor in! Wat een armzalig gedoe is dan alle menselijke godsdienst en alles wat wij verzinnen om in de hemel te komen! Het zal niet helpen al krommen we ons als een bieze. Het zal niet baten al offeren we ons geld en onze tijd aan de HEERE op. Het brengt geen voordeel al dragen we een zak om ons lichaam.
ALLEEN als we door Gods Geest ontledigd, als een arme tot God roepen, in de volle overgave van ons hart, smekend om genade, buigend voor Gods recht DAN IS ER ZALIGHEID!
Het komt niet van ons of uit ons! Maar alleen uit Hem Die dood is geweest en Die weer leeft. Die leeft tot in alle eeuwigheid.
Zo komt God aan Zijn eer. En een arme zondaar aan de zaligheid!
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 8 mei 1987
Daniel | 32 Pagina's