„En als je niet uitverkoren bent?"
Heb jij deze vraag nooit horen stellen? Misschien leejl hij ook wel in je eigen hart! En je meent nog recht van spreken te hebben ook. Want het staat er toch maar in de Dordtse Leerregels: „....alzo kan de verkiezing, door Hem gedaan, niet ontdaan en wedergedacin, noch veranderd, noch herroepen, noch afgebroken worden, noch de uitverkorenen verworpen, noch hun getal verminderd worden". Zeg nu zelf wat heeft bidden om bekering da nog voorzin ? Je hoort erbij, of je hoort er niet bij! Als je naam niet in het boek des levens staa kun je je hele leven naar de kerk komen, maar het zal echt niets aan je situatie veranderen. Nee, het is wel duidelijk, als je niet uitverkoren bent.... dan ga je voor eeuwig verloren.
Geen donker noodlot, maar een machtig wonder
Je voelt wel aan. dat hetgeen ik hierboven zei, een karikatuur is van de werkelijkheid. En toch.... hoeveel mensen denken heimelijk niet zo! Logisch, dan zijn ze zelf van de verantwoordelijkheid af. Dan heeft God de schuld. Maar intussen horen de mensen, die zo praten wel tot degenen, die de Dordtse Leerregels noemen: „onreine en onvaste mensen", die de leer van de verkiezing „verdraaien tot hun verderf'. Nee, de verkiezing is geen donker noodlot. Het is geen ravijn van vertwijfeling, waarin je tot de wanhopige gedachte moet komen, dat als je niet uitverkoren bent, je kunt bidden watje wilt. maar datje dan toch verloren gaat.
Dat maken sommigen ervan. Er zijn wel groeperingen, waar de uitverkiezing zó centraal staat, en zo aan het begin van alles is gezet, dat een dodelijke lijdelijkheid of een eeuwige onzekerheid het gevolg ervan is.
Zo wordt de verkiezing van zijn plaats gehaald en vooraan gezet bij de ingang van Gods Koninkrijk. En zo worden mensen bang gemaakt en wordt hen de toegang juist versperd. Zeker, je moet vrezen voor je zonden en voor de macht van de zonde, maar het is niet terecht als je vreest voor Gods eeuwige besluiten. Met dat doel heeft God ze niet aan ons bekend gemaakt. Christus zegt: „Wie tot Mij komt. zal Ik geenszins uitwerpen". We moeten de verkiezing op zijn plaats laten staan. Nadat iemand tot het geloof en tot bekering gekomen is. wil de Hcere hem/haar juist troosten en versterken, als hij/zij mismoedig geworden is door zijn/haar overblijvende zonden en de verleidingen van de duivel.
Als je dan mag zien dat Hij al van voor de grondlegging der wereld jouw toekomst verbonden heeft met de toekomst van Christus, bereikt de leer van de verkiezing zijn doel, namelijk tot eer van God en tot troost van Zijn volk. En zo funktioneert de verkiezing ook in de volharding der heiligen. Zo is de verkiezing een machtige bergtop in hel landschap van het geloof Een machtig wonder, dat er nog mensen behouden worden, want we liggen in Adam allen verloren en verdoemelijk voor God. En nu wacht God niet tot wij Hem kiezen, want dat zal nooit gebeuren, maar Hij verkiest. In Hem ligt de oorzaak van de eeuwige zaligheid.
Alleen, dat heft onze verantwoordelijkheid niet op. De verkiezing is geen lot uit de loterij, maar God realiseert Zijn verkiezing door middel van de prediking en de roeping. Daar begint God. en daar moeten wij ook beginnen. En hoe ernstig en welmenend roept God ook jou tot de zaligheid. Heb je daar al een antwoord op gegeven? De Heere wil in Christus jouw behoud en daarom roept Hij je door Zijn Woord. En wie dan, om onder de klem van het evangelie uit te komen, met de verkiezing komt aandragen is ten diepste goddeloos bezig. Dat legt de schuld van z'n verloren zijn bij God. Er gaat echter niemand verloren omdat hij niet uitverkoren is. We gaan verloren omdat we tegen God gezondigd hebben en op Zijn welmenende roepstem in het evangelie geen acht geven.
Geen grillige willekeur, maar eeuwig welbehagen
God zou eeuwig rechtvaardig zijn, als Hij ons allen in de ellende zou laten, waarin wc onszelf door onze zonde gestort hebben. Maar nu het machtige wonder: God heeft Zich een gemeente tot het eeuwige leven uitverkoren. God nam redenen uit Zichzelf. Dat noemen we Zijn welbehagen. Nu kunnen jullie en ik nog zalig worden, want in Zijn verkiezing betoont God Zijn barmhartigheid. Lees art. 16 van de NGB eens door!
God betoont ook Zijn rechtvaardigheid. Hij laat anderen in het verderf, waarin ze zichzelf geworpen hebben. En dat is heel wat anders dan willekeur! Het is niet zoals ik eens iemand de verkiezing en de verwerping hoorde uitleggen met het voorbeeld van een boer, die teveel jonge katten had en er twee van de zeven in leven liet en vijf verdronk. Wat een verschrikkelijke benaderingswijze. Zo wordt de Heere getekend als Iemand die uit willekeur verwerpt. Onze Dordtse Leerregels spreken er anders over. God laat mensen in de ellende, waarin ze zich gestort hebben en Hij laat ze onder Zijn rechtvaardig oordeel. Zij hebben God verworpen en God laat hen in die situatie. Lees dat maar eens in Dordtse Leerregels I, 15!
Verkiezing en verwerping staan niet in gelijkwaardige verhouding tot elkaar. Toen op de synode in Dordrecht (1618-1619) enkele afgevaardigden de verwerping even krachtig wilden belijden als de verkiezing, protesteerde de meerderheid! En terecht, ons ongeloof is geen daad van God. Wel laat de Heere degenen, die zich blijven verharden tegen Zijn genade, in hun zelf gekozen oordeel en. dat gaat van eeuwigheid niet buiten Hem om. God is hen in de eeuwige verkiezing voorbijgegaan „namelijk die, welke God naar Zijn gans vrij, rechtvaardig, onberispelijk en onveranderlijk welbehagen besloten heeft in de gemene ellende te laten, in dewelke zij zichzelf door hun eigen schuld hebben gestort". De verwerping ligt niet, zoals de verkiezing verankerd in Christus.
Zo is dan dus de verkiezing het genadig welbehagen van God. Die tot niets verplicht was. en nochtans in Christus Zich over verloren mensen ontfermt. In de orde des heils staat de verkiezing aan het begin: , Die Hij tevoren verordineerd heeft, dezen heeft Hij ook geroepen, en die hij geroepen heeft, dezen heeft Hij ook gerechtvaardigd en die Hij gerechtvaardigd heeft, dezen heeft Hij ook verheerlijkt" (Rom. 8 : 30). Maar in de beleving wordt de verkiezing aan het eind beleden tot eeuwige glorie van God en tot troost van Zijn volk. Aan het begin staat voor ons de roeping door het evangelie. En dat is al de eerste trap, waarin God Zijn verkiezing uitwerkt.
Waarom zijn er nog steeds miljoenen op aarde, die het evangelie nog nooit hoorden? Waarom kwam Christus in de prediking van Paulus eerst tot de Jood en daarna tot de Griek? Dat is een zaak van verkiezing! En waarom kwam God met de belofte van het evangelie daarna tot jou en tot mij. nu al zovele jaren? Dat is een stuk uitverkiezing! Wil je bekeerd worden en tot het geloof komen? Kom dan onder het gepredikte Woord, want daarin komt de verkiezende God in Christus tot ons en daarin horen we de van bewogenheid trillende stem van de Zaligmaker: , .Ik heb geen lust in je dood. maar in je bekering en leven". Hoe vriendelijk en met aandrang word je geroepen! En wat heb je daar tot nog toe mee gedaan?
Geen blinde muur, maar een open poort
Heb je wel eens geprobeerd om regelrecht in de zon te kijken? Dat behoefje niet lang te proberen, wantje wordt er onmiddellijk door verblind. Welnu, zo is het nu ook met de uitverkiezing. Daar kun je pas het goede zicht op krijgen door het geloof, door ..erachter" te staan. Wie er zonder geloof regelrecht zicht op wil krijgen, wordt erdoor verblind. Dat is levensgevaarlijk, want je bent zo ontspoord en valt links of rechts van de weg in het ravijn van de wanhoop of de verharding.
Spurgeon gebruikt het beeld van een poon. Aan de buitenkant staat: ..Klopt en u zal open gedaan worden". Ben je echter door de poort naar binnen gegaan, dan lees je op de binnenkant van de poort: ..Gij hebt Mij niet uitverkoren, maar Ik heb u uitverkoren".
De uitverkiezing is dus geen dikke muur, waarop een mens zich alleen maar te pletter kan lopen, maar de poort van het evangelie, waardoor het genadelicht ons toestroomt. Was er geen verkiezing, dan was er geen zaligheid. Dan was het satan inderdaad gelukt om de mens voor eeuwig in het verderf te storten.
Voordat hij echter de schepping vernielde en de mens in het verderf stortte, had God Zijn werk al veilig gesteld. In Zijn ondoor-
grondel ijk welbehagen had God al een plan klaar liggen om de gevallen mens met Hem te verzoenen door Christus. En dat is de diepste grond van de verkiezing: de vrijmacht van God. Zijn eeuwig welbehagen.
Zonder verkiezing zou niemand naar God vragen en Christus begeren. Dan zou er geen Bijbel zijn geweest en geen prediking, geen kerk en niet een christen. Dat is toch wel verootmoedigend! En die belijdenis brengt niet tot wanhoop of tot valse lijdelijkheid, maar tot eeuwige aanbidding! En zo is de verkiezing niet alleen verootmoedigend, maar ook vertroostend. Je kunt soms zo in de put zitten en je afvragen: , , Heb ik het zaligmakende geloof wel? Ik ben mezelf vandaag weer zo tegen gevallen! En ik kan er maar niet bij. Ik kan niet zomaar geloven!" Inderdaad, het is Gods gave! En daarom kun je nog zalig worden. De uitverkiezing, geen muur, maar een poort!
Geen remonstrantse voorwaarde, maar genadige vrucht
Met redeneren komen we er niet uit. Wel met verwondering en verbazing over Gods liefde en welbehagen. Jij en ik zijn immers van onszelf niet beter dan de grootste heiden. Wij zouden nooit naar God vragen, als Hij niet eerst naar ons vroeg. En verdiend hebben we niets dan de eeuwige dood. God vraagt niet eerst het geloof om daarna aan te nemen of te verkiezen. Hij verkoor ook niet op grond van „voorgezien geloof of goede werken", zoals de remonstranten leren. Integendeel, dat zijn de vruchten van de verkiezing. God verkoor tot zaligheid en het geloof in Christus. En wie gelooft, brengt goede werken voort. Er is dus geen voorwaardelijke verkiezing.
En dat is natuurlijk gauw gezegd, maar er zijn intussen heel wat mensen, die in verbondenheid met de Heere leven, en die toch geplaagd worden door de vraag: , , Ben ik wel verkoren, ben ik wel Gods kind? " Dan is het goed om te horen wat Calvijn hierover heeft gezegd: Christus is de spiegel van onze verkiezing!
De Dordtse Leerregels noemen dat geloof in Christus als een van de eerste vruchten van de verkiezing. Als je vraagt: ., Ben ik uitverkoren? ", kun je dat weten uit de vruchten: een waar geloof in Christus, een kinderlijke vreze Gods, een droefheid die naar God is over de zonde, een honger en dorst naar de gerechtigheid. Dat zijn de vruchten van de verkiezing.
Dat is dus geen voorwaarde, nog minder een tegenprestatie, maar „vrucht"! Zijn die vruchten er in jouw leven? Zo ja, dan mag je weten dat God met je begonnen is.
Nu bedoel ik niet dat Gods kind nu bij die vruchten van de verkiezing moet blijven staan, want dat is de bedoeling niet. Ik las ergens: „Een bruid moet niet meer aandacht hebben voor haar bruidsjapon dan voor de bruidegom".
Geen angst voor de verwerping, maar een vlijtig waarnemen van de middelen
En als je nu helemaal niets van die vruchten ziet in je eigen leven? Moet je dan maar tot de konklusie komen dat je tot de verworpenen behoort? Geenszins! Daarover lezen we in de Dordtse Leerregels: „....die moeten niet mismoedig worden, wanneer zij van de verwerping horen gewagen, noch zichzelf onder de verworpenen rekenen, maar in het waarnemen van de middelen vlijtig voortgaan...." De opstellers van de Dordtse Leerregels hebben begrepen dat schuchtere zielen vanwege de prediking van de verwerping
mismoedig zouden kunnen worden. En nu mag je best schrikken hoor. als er over de eeuwige verwerping gesproken wordt. De praktijk is echter vaak dat de onverschilligen zich er niets van aantrekken en denken dat het allemaal wel los zal lopen, terwijl juist de ernstige en bekommerde zielen, die het evangelie erin zouden moeten horen, het zich aantrekken en er angstig van worden. Daarom lezen we nog eens in art. 16 van de Dordtse Leerregels: ..Veel minder behoren voor de/.e leer van de verwerping verschrikt te worden degenen, die ernstig begeren zich tot God te bekeren".
De duivel is er op uit om op een zeer rechtzinnige wijze zulke mensen de put in te werken zodat ze wanhopig worden en geen uitzicht meer hebben. Ik was eens bij een man van 80 jaar oud en deze zei tegen me: ..Dominee, ik heb er mijn hele leven om gevraagd, maar het is voor mij niet weggelegd, ik zal het maar moeten aanvaarden dat ik voor eeuwig verloren zal gaan". Hij was er helemaal apatisch onder geworpen. Kijk. dat bedoelt de Heere natuurlijk niet als Hij de verkiezing en de verwerping in de Bijbel openbaart. Het doel ervan is immers de eer van God en de troost voor Zijn volk.
Misschien heb je wel eens een tijd in je leven gehad, datje dicht bij de Heere leefde, maar.... o. die strijd met het ongeloof! Hoe moet ik toch verder? Heb ik mezelf dan bedrogen? Is het alles maar een schijnbekering geweest? En zo tob je maar verder. Maar God wil nu juist met zulke tobbers te maken hebben. En onze Dordtse vaderen zeggen: , , Ga vlijtig voort in het waarnemen van de middelen".
Laat ik je tenslotte nog dit zeggen: Wie door God is uitverkoren, raakt verlegen om Hem. En ook het gebed is opgenomen in de eeuwige raad van God en de verwerkelijking van de verkiezing. Wie nu in deze verlegenheid om God is gaan roepen, die behoeft niet te vrezen. Die mag niet geloven dat hij een verworpene is. Dat heeft hij wel verdiend en dat zal hij ook eerlijk tegen God zeggen. Maar verloren hoeft hij niet te gaan. God gebied nergens in Zijn Woord om te geloven dat er voor jou geen doen meer aan is. Wel komt Hij tot je met Zijn evangelie en Hij roept je toe: ..Wendt u naar Mij toe. wordt behouden. alle gij einden der aarde, want Ik ben God en niemand meer"'.
Pass Valley (Irian Java), ds. C. G. Vreugdenhil
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 27 februari 1987
Daniel | 32 Pagina's