JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Ik ben bekommerd vanwege mijn zonden

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ik ben bekommerd vanwege mijn zonden

4 minuten leestijd

(Psalm 38 : 19)

Twee vragen die nauw aan elkaar verwant zijn:

1. Wat is de bekommerde kerk? 2. Wat is de wenende kerk?

Het wat ouderwetse woord „kommer" zouden we kunnen omschrijven met „zorg vermengd met droefenis". Zo vinden we het in Ezechiël 4:16 en 12:18 en 19 in de uitdrukking: Gijzult uw brood met kommer eten."

Dan betekent „bekommerd": vervuld met droefheid en zorg.

David, de dichter van bovenstaande boetpsalm, heeft droefheid omdat hij met zijn zonde (met Bathseba) de Heere onteerd heeft en zichzelf en anderen kwaad heeft berokkend. Hij verlangt naar vergeving en heeft zorg om de gevolgen van de zonde.

Wij horen in de prediking wel spreken over de „bekommerde" en de „bevèstigde" kerk.

Zodra een mens wedergeboren is, ontstaat de droefheid naar God, waar Paulus in 2 Kor. 7:10 over spreekt. Dat is een droefheid over de zonde en het verlangen naar de gemeenschap met de Heere. Dat berouw en gemis worden dan niet meer beredeneerd maar beleefd. Dat is bevindelijke ellendekennis zoals beschreven in zondag 2 t/m 5 van de Heidelbergse Catechismus. Dit brengt mee het treuren waar de Heere Jezus de zaligheid aan verbindt in Matth. 5 : 4. Dan komen ettranen die in Gods fles bewaard worden. Vandaar dat men dan wel spreekt van „wenende kerk".

Als bij een zondaar de ogen open gaan voor zijn verloren toestand, dan rijzen erin zijn ziel vele angsten, twijfelingen en moedeloze gedachten op. Om zulken voor te grote moedeloosheid en wanhoop te bewaren, bemoedigt de Heere hen weieens. Een uitspraak uit de Bijbel, een psalmversje dat in de gedachten komt, een gedeelte van de preek in Gods Huis, een gesprek met een kind van God kunnen het hart raken en een wonderlijk-zoete uitwerking hebben. Er komen tranen van verwondering en een stille hoop dat de Heere met hen „begonnen is".

(Lees in dit verband eens in Bunvans Christenreis de passage van Christen in de poel Moedeloosheid).

Hoe kan een predikant dan zeggen: „Mensen u gaat met een belofte als een tekstje en een versje verloren naar de eeuwigheid"? vraagt iemand anders mij. Wel, de meesten van ons zijn van onze kinderjaren af vertrouwd met de Schrift. Daarom kan het gemakkelijk gebeuren dat bij een bepaalde situatie uit ons onderbewuste een tekst boven komt. Een xóórkomende waarheid wordt dat genoemd. Nu zijn er mensen die op grond van zo 'n waarheid denken naar de hemel te gaan, ook als er in hun leven niets I anders is gebeurd. Wat zal dat aan de hemelpoort tegen vallen als we het daarop wagen! Vandaar de waarschuwing van je predikant.

Maar als zo'n tekst wel door de Heere gegeven is? Als het wel een in komende waarheid is? Dan mogen we daar niet op

gaan rusten want er is maar één grond om op te rusten, namelijk Christus'zoen-en kruisverdiensten. Daar moeten wij bevindelijk kennis aan hebben. Dat heeft de bekommerde kerk nog niet al is er wel nieuw leven aanwezig. Zó is er leven voor de rechtvaardigmaking.

Hoe weten we dan dat God met ons begonnen is? Dat weten we pas als de Heere Jezus in ons hart geopenbaard wordt. Hij openbaart zich immers niet aan de wereld. Daarom mag voor de bekommerde een tekst geen rustbank zijn, maar een aansporing om , , zijn roeping en verkiezing vast te maken".

Als nu iemand gerechtvaardigd is, wil dat nu zeggen dat hij nooit meer bekommerd is? Nee! Hij mag zeker weten dat hij een kind van God is. Men zegt dan: , , Zijn staat ligt vast". Maar toch kan het gebeuren dat hij Gods gemeenschap, de nauwe omgang met de Heere moet missen. Dit kan het gevolg zijn van een zondig leven (Psalm 32). Het kan ook zijn dat de Heere dit doet om zijn geloof te beproeven (Job). Dan is er weer kommer, want hij kan de dagelijkse omgang met de Heere niet missen. Zolang Gods kind op aarde is, zal hij hier nooit bovenuit kunnen groeien. In de hemel zal alle kommer verdwenen zijn en zal er geen wenende kerk meer zijn. God zal alle tranen uit hun ogen wegwissen, zodanig dat ze nooit meer terugkomen.

Voor ons geldt hier: Zalig zijn die nu treuren, want zij zullen vertroost worden. Nu reeds! Is dat uw/jouw ervaring al?

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 16 januari 1987

Daniel | 32 Pagina's

Ik ben bekommerd vanwege mijn zonden

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 16 januari 1987

Daniel | 32 Pagina's