JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Konferentie voor militairen

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Konferentie voor militairen

4 minuten leestijd

Onlangs werd weer een tweedaagse konferentie voor militairen gehouden. Het ging over de ambten in de kerk. Ds. A. Hofman, voorzitter van het deputaatschap, stond in zijn opening stil bij Jesaja 61:1. waar Christus spreekt van Zijn zalving tot Profeet, Priester en Koning. En dit om armen het Evangelie te verkondigen; om te genezen, die gebroken zijn van hart: m de gevangenen te prediken loslating.

Het profetisch ambt bekleedt de herder en leraar die Gods Woord predikt en verklaart en hiermee het hemelrijk ontsluit of toesluit volgens zondag 31 van de Heidelbergse Catechismus.

Verder geeft de leraar catechisatie, bezoekt zieken, leidt begrafenissen, doet huisbezoek en heeft zitting in deputaatschappen. Hiermee kenschetste ds. Hofman het ambt van herder en leraar.

De heer H. de Deugd, sekretaris van het deputaatschap, hield een inleiding over het ambt van ouderling (presbyter). Hij trok lijnen vanuit het Oude Testament, waar herhaaldelijk over oudsten wordt gesproken (Exodus 4 : 29:2 Samuël 5 : 3) naar het Nieuwe Testament waarin ouderlingen in leer-en regeerambt worden onderscheiden (1 Timótheüs 5 : 17). Hij wees op de Reformatie waarin het ambt van ouderling door Calvijn in ere hersteld is. Ouderlingen moeten toezicht houden op de gemeente. Dit krijgt gestalte door middel van huisbezoek, kerkeraadsvergaderingen. de handdruk na de preek door de ouderling van dienst ter goedkeuring van het gesprokene. Hij is de afgevaardigde namens de gemeente naar de meerdere vergaderingen. Tevens ondersteunt hij de predikant in zijn werkzaamheden. Aan het eind van zijn lezing benadrukte de heer De Deugd, dat ambtsdragers ook mensen zijn, die de hulp van de Geest nodig hebben. Hierna was er gelegenheid tot het stellen van vragen.

's Avonds werden er dia's vertoond over het reilen en zeilen van het Reformatorisch Dagblad.

Na de dagsluiting was er nog een gezellig samenzijn waarin ervaringen van het , , in dienst zijn" werden uitgewisseld.

De volgende dag hield de heer F. Dukel voor ons een lezing over het ambt van diaken. Hij begon zijn lezing met op te merken, dat het woord diaken afkomstig is van het Griekse woord diakonia. hetwelk dienen betekent. Het hart van het diakonaat is het dienen van gevallen zondige mensen. In het Oude Testament kende men diverse burgerlijke wetten, die ervoor moesten zorgen, dat mensen die verarmd waren hun schulden werden kwijtgescholden en hun verkochte erfdeel wederom hun eigendom werd (Deuteronomium 15). Ook in de Nieuwtestamentische gemeenten blijkt de noodzaak van het verzorgen van de armen. Dit wordt beschreven in Handelingen 6, waar de Grieken klagen tegen de Hebreeën over het feit, dat hun weduwen in de dagelijkse bediening werden overgeslagen. Het verschil, zo ging de heer Dukel verder, met de humanitaire hulpverlening is de achtergrond van waaruit hulp verleend wordt. Woord en daad behoren samen te gaan. In deze tijd is het accent van de hulpverlening wat verschoven van materiële naar niet-materiële hulp, zoals gezinsproblemen en verslavingsproblemen. Ook zijn wij tegenwoordig op de hoogte van de wereldproblemen. Het deputaatschap tot Hulpverlening in Bijzondere Noden wil de nood lenigen van de verre naaste. De heer Dukel beëindigde zijn lezing met het wijzen op de grootste nood in ons leven, nl. dat we God kwijt zijn.

's Middags stond een bezoek aan het Luchtmachtmuseum in Soesterberg op het programma. Indrukwekkend waren de vliegtuigen die er stonden opgesteld. De meesten herinnerden aan de Tweede Wereldoorlog.

's Avonds was er ter afsluiting van de konferentie een forumbespreking. Het forum bestond uit de heren B. J. Nieuwenhuize, J. Pol en de deelnemers van de konferentie, R. A. M. van Dijk en E. J. ten Voorde. De heer Gorissen wilde de mening van het forum weten over het feit, dat er maar zo'n klein gedeelte van de „eigen" militairen deelneemt aan de konferentie. Er zijn er namelijk ongeveer 300 in dienst, terwijl er maar 24 deelnemers waren. Het aantal deelnemers is beperkt tot 24. Dit is een groep. En het deputaatschap mag met één groep één konferentie houden. Een volgende vraag was of wij nog wel in dienst konden gaan in verband met de toenemende goddeloosheid. De heer Nieuwenhuize zei. dat de schuld van land en volk ook onze schuld is. Als het recht ligt kunnen we er niet boven staan. Ook geldt: „Vreest God en eert de Koning", d.w.z. we hebben onze wettige overheid te gehoorzamen zo lang zij niet tegen Gods geboden in gaat.

De heer Nieuwenhuize verzorgde de sluiting van de konferentie.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 26 september 1986

Daniel | 32 Pagina's

Konferentie voor militairen

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 26 september 1986

Daniel | 32 Pagina's