Hebben jongeren het nu moeilijker dan vroeger? Ja!
door I. A. Kole
„Och die arme jeugd onder ons".
„ Wat zal het opkomende geslacht allemaal nog meemaken". , Jeugd en jonkheid allemaal ijdelheid".
„Als we jong zijn dan gaat ons hart zo uit naar het zien en zienlijke; wat moeten we toch voor alles bewaard worden".
„Jullie groeien op in een wereld van veel afval en verval".
„Jullie groeien op in een wereld waarin wel veel godsdienst is, maarzo weinig godsvreze".
„Sion is zo ver van haar plaats; zie ik voorwaarts, dan.... en achterwaarts ik bemerk Hem (— God) niet".
De bovenstaande citaten, overal vandaan verzameld, zullen jullie wel herkennen. Misschien word je er wel eens moe van. We weten het zo zachtjes aan wel. Vroeger was het allemaal veel beter; waren de jongeren veel gezeglijker, was er veel minder kommentaar: er werd gedaan wat er gezegd werd. Altijd dat geruzie over alles: is het niet over de tijd van thuiskomen, van op tijd naar de kerk en de catechisatie gaan, dan toch zeker over de boeken, d.e platen en de kassettes die je koopt. Over de kleding, vorm en kleur, ook in verband met het winterseizoen, praten we maar niet. Trouwens wat doet het er eigenlijk toe wat je aan hebt. Het gaat toch om je hart en hoe je er dan uitziet, doet er niet toe....
Een „eenling" zijn....
Ze moesten thuis eens weten hoe vervelend het is om een „eenling" te zijn op school, op je werk; om altijd een minderheidspositie in te nemen, dat wordt je moe, vandaar datje óf zo onopvallend mogelijk je weg gaat, óf een kompromis sluit, zodat je van alles wat meepikt. Dat is misschien slap, thuis zeggen ze: vlees noch vis, maar ik laat ze praten want anders kun je beter je biezen pakken.
Hoe was het ook weer?
Het gevaar is groot dat het verleden veel mooier gemaakt wordt. De mens is niet veranderd. Dat we de zonde niet uitleven, hebben we te danken aan de zorg die de Heere over jouw en mijn leven uitspreidt. Je weet dat noemen we de algemene genade.
En tussen haakjes: ij letten op de daden, maar de Heere Jezus zegt in de bergrede (Matth. 5:21 e.v.) dat we ook zondigen in gedachten (ga dat eens even na bij jezelf) en woorden (als die allemaal omgezet zouden worden in daden, dan zouden we schrikken). De oudste zoon in Lukas 15:30 wist precies hoe zijn jongere broer het geld besteed had....
In deze tijd is het zo, dat de mogelijkheden, zo tegen de geboden van de Heere in te gaan, veel groter zijn geworden. Dat is een groot verschil met vroeger. Wij groeiden op in een besloten(er) omgeving. Er waren weinig mensen die naast het bekende streekdagblad, en het landelijk kerkblad „De Saambinder", een radio hadden.
De vervoersmogelijkheden waren ook beperkt Het openbaar vervoer leverde heel wat problemen op. En de tijd om op familie-en vriendenbezoek te gaan was beperkter door langere werk-en schooltijden én kortere vakanties.
De mogelijkheden van beroeps-en schoolkeuzen waren veel beperkter. Vaak ging het beroep van vader op zoon over en zocht je een werkkring in de direkte omgeving.
De kontakten met elkaar in dorp en stad waren zo, dat er een behoorlijke sociale kontrole was. Enkele mensen en adressen uitgezonderd, waar met een bocht om heengegaan werd. Werken der duisternis? De volksmond (denk aan de oudste zoon in
de gelijkenis) wist het allemaal precies, ondanks dat de gordijnen en vaak ook de rolluiken gesloten waren. En dan nog die mensen die wat „vreemd" waren en soms „vreemd" gingen.
Door de beperkte afstand die afgelegd kon worden op een avond, en de algemene opvatting die er was, waren we veel meer aan huis gebonden en meden we in elk geval het café waar gebiljard en gekaart werd en enkele mensen zich soms een stuk in hun kraag dronken. Je had ook veel minder zakgeld en watje kreeg daarvan werd gezegd datje ook kon sparen om straks wat achter de hand te hebben.
Wat een mogelijkheden!
Er is veel veranderd vergeleken met vijfentwintig jaar geleden.
Met veel ontwikkelingen mogen we blij zijn. Door de stijging van de welvaart (en die kan wel tegen een deukje dat hebben we de afgelopen jaren gemerkt) hebben we veel dingen binnen ons bereik gekregen. We profiteren daarvan op allerlei gebied. Ons konsumptiepatroon is veel veranderd. Als we letten op wat we eten en drinken, hoe we ons kleden, onze kamer inrichten; als we letten op onze huizen, bedrijven, onze scholen en onze kerkgebouwen, dan moeten we zeggen: wat een rijkdom. Dat zijn mogelijkheden die, onder de zegen van de Heere, binnen ons handbereik gekomen zijn en die we mogen gebruiken. Nu betekent toename van welvaart niet automatisch, dat de dankbaarheid en de afhankelijkheid in ons leven dan ook toeneemt. Het besef om de Heere te vragen: Leid ons niet in verzoeking, wordt veel gemist.
En hier ligt mijns inziens het draaipunt. De welvaartsstijging heeft ons geplaatst voor een grote verantwoordelijkheid: hoe besteden we dat extra. Alleen ikke, ikke, of ook voor de nabije (er is nog steeds armoe om de hoek van de straat) en de verre naaste?
Ik wijs op de mogelijkheden van scholing, zodat je de talenten, die je gekregen hebt, kunt ontwikkelen en ten dienste kunt stellen van de medemens.
Wees je ouders dankbaar!
Jongelui, die mogelijkheden krijgen jullie ook van je ouders. Wees daar dankbaar voor en veracht ze niet omdat ze niet op , jouw niveau" staan. Ze proberen je te begrijpen, maar dat lukt niet altijd omdat jij met vragen komt die wij ons nooit gesteld hebben.
Veel ontwikkelingen van de laatste jaren zijn voor ons onvoorstelbaar. Denk alleen maar aan het medisch gebied. Ze kunnen nu mensen helpen die enkele jaren geleden gestorven zouden zijn. Maar ook is er de mogelijkheid om zelfs leven in de moederschoot te doden en eindigend leven abrupt te laten eindigen. Een echtpaar laat van een vijfling er drie doden.... En een ander sterft „een goede dood" (? )
Denk eens aan de vervuiling van de grond, de lucht en het water. Wij zwommen overal, maar nu.... de ene waarschuwing na de andere.
De 50% + 1% mentaliteit
En dat brengt ons bij de loslating op allerlei gebied van de normen, de voorschriften die op grond van de Bijbel gelden voor staat en maatschappij.
De mens drukt zijn wil door. De mens vraagt en krijgt wat hij met zijn verduisterd verstand als „goed" ziet.
Het beslag van Gods Woord, ook in het persoonlijk en kerkelijk leven is aan het wegebben. Dan is het toch geen wonder dat je hoort zeggen: alles kan en mag ook in onze tijd. Wie durft er nu eens een krachtig „nee" te zeggen.
Overal is begrip voor: het is psychologisch wel te verklaren dat dat meisje en die jongen van huis losraken en in de subkuituur terecht komen. Het is ook zo zwaar in die kring. Alles is verboden en niets mag er. Als je maar doet wat de kring zegt, dan is het (pas) goed.
Je moet wat meer durven. Je moet het er echt maar van „nemen": eens door-zakken. Dat heb je nodig.
Mijn en jouw hart is daar voor in, dus.... Je ouders verdwijnen uit het gezicht. Je moet nodig op jezelf, dan.... Als ze op bezoek komen doen we het één-en-ander in de kast. Kontakt met de kerk zul je wel zelf opnemen. Ik moet me eerst eens oriënteren: onderzoekt alle dingen.... Ja?
Wat denk je van de gevaren van de alkohol; er zijn in onze kring heel wat druggebruikers (daar hoort alkohol ook bij), jongeren en ouderen die wankelen ten dode. Jongelui die lichaam en ziel opofferen aan de afgod van de soft-en harddrugs; ze gaan letterlijk „in de vernieling".
Een zee van tijd
Jongelui het probleem is, voor jullie en ons, wat doen we met onze vrije tijd? Met een boek in een hoek? Ik hoop van wel op z'n tijd. Maar welke andere hobbies heb je en zijn ze verantwoord? Muziek beluisteren en muziek maken, maar wat wel en wat niet? Een computer met spelletjes of één waar je zelf alles in stop? Dat is de TV in huis halen, wordt er gezegd en dan staat de wagen stil.
Je voelt hopelijk dat de mogelijkheden die
er zijn op allerlei gebied niet zonder meer goed zijn. Alles wat kan mag niet zomaar binnengehaald worden, ook niet dat wat via de ether op te vangen is.
De normloosheid en de zedeloosheid dringen overal door en worden op den duur als gewoon gezien. Ja waarom eigenlijk niet? Waarom moet alles zo via de geijkte vorm gebeuren: verkering, rustig aan beginnen en niet te lang alleen bij elkaar, verloving, waar is dat voor nodig, als je toch van elkaar houdt dan is het toch goed, al dat officiële gedoe; we maken dat zelf uit. Trouw beloven aan elkaar is goed en als het niet zou gaan, dan ga je toch uit elkaar! Dat is toch beter dan bij die gezinnen waarvan het goed is dat je niet achter de gevel kunt kijken: als kat en hond. Het huwelijk als cel van de samenleving staat onder zware kritiek. Andere relatiepatronen dringen in de praktijk naar voren en eisen officiële erkenning. Vaak is de reaktie: ik kan er wel inkomen.... Zo begon het ook in Genesis 3, in het gesprek tussen de slang en Eva.
Denk niet te gemakkelijk: dat red ik wel
Onze tijd is heel gekompliceerd. Doordat alle beslotenheid opengebroken is. Alles wat er gebeurt, hebben we in beeld en woord zo binnen ons bereik. Onderschat niet de invloed van allerlei reklame (kranten en blaadjes) die ongevraagd op de deurmat ligt. Onderschat niet de invloed, juist bij jonge kinderen, van de boeken die uit allerlei gekleurde bibliobussen en - theken komen. Onderschat niet de invloed die je op je school en je werk ondergaat van gesprekken die alleen maar gaan over de trekpleisters van radio en televisie (en video) en wat er allemaal gebeurd is (lekker stoer) in de weekeinden (alsof de zondag niet de eerste dag van de week is).
Onderschat niet de invloed die er uitgaat van een bezoekje aan een disko, een festival rond een bepaald soort „muziek", waarbij drank, drugs en de lichaamskultus altijd de strikken zijn die ons meeslepen. Ik neem aan dat jullie als jongeren niet anders zijn dan wij! Onderschat niet de invloed die uitgaat van verkeerde vrienden en vriendinnen: waar je mee omgaat word je mee besmet.
Nu moeilijker
Is het moeilijker dan vroeger? Ja, maar dat geldt ook voor ons, ouderen. Veel geneugten doen ons de Gever van al het goede vergeten. We leven of we hier altijd blijven en we niet moeten sterven en rekenschap af moeten leggen van wat we gedaan hebben. We schuiven maar vooruit. Even schrik je als er iemand van jouw leeftijd zich dood rijdt, of sterft aan een ernstige ziekte, of door een ander gedood wordt. We weten van thuis uit dat God regeert en dat het leven niet eindigt bij de dood, maar.... we nemen het voor kennisgeving aan.
Trouwens je durft het haast niet te zeggen, maar je ziet thuis ook niet veel van de gehoorzaamheid aan Gods Woord. We lezen wel uit de Bijbel en bidden wel en 's zondags zingen we na het eten, maar niemand doet z'n mond open. En de preek, de catechisatie en het huisbezoek.... het zal wel belangrijk zijn maar wat doe ik er mee van maandag tot zaterdag? En laat ik over de kerk maar zwijgen? Wat een geruzie en wat een afzetten tegen elkaar.
Het zijn allemaal vragen en opmerkingen die we niet tegenspreken, maar.... wat ben je toch rijk gezegend. Je bent geboren uit ouders die bij de kerk horen. Je hebt ouders die biddend je verwacht hebben; trots op je zijn. Je hebt al heel vroeg het teken van het genade-verbond, van de heilige doop ontvangen. De Heere laat in dit teken zien dat we de dood verdiend hebben en dat er alleen vergeving is op grond van het offer dat de Heere gebracht heeft: het Lam Gods dat de zonde der wereld wegneemt.
Je hebt het merk-en veldteken op je voorhoofd en dat verlies je nooit. Denk je daar weieens aan, leg je daar je hand weieens op en vraag je dan: „Heere zoudt U me willen bekeren". Dat moet en mag je
doen. De Heere vraagt om antwoord en wat zal het erg zijn als de Heere straks zal zeggen: „Ga weg van Mij want Ik heb je nooit gekend". Want over die werkelijkheid spreekt de Bijbel ook.
Het is niet toevallig
In zo'n samenleving groei je op. Overal wordt er aan je getrokken. De duivel probeert sluw je aandacht te vangen, zodat je in slaap sukkelt. De verwarring, ook in de kerken, wordt groter, omdat vaak de geest van de wereld bepaalt wat de Bijbel moet zeggen. Ons past de houding: Heere wat wilt Gij dat ik doen zal?
Juist nu we steeds meer alleen komen te staan is het nodig dat we elkaar vasthouden en vanuit de Bijbel en de daarop gegronde belijdenis(geschriften) antwoorden zoeken op de vele vragen die op ons afkomen, ook die van twijfel, van ik-ziehet-niet-meer-zitten en van ongeloof: is er wel een God? , en weet Hij wel wie ik ben en wat ik nodig heb? Waarom al dat leed, als er een God is? Het is nodig om elkaar op te vangen en om met elkaar kontakt te hebben. We hebben (nu) nog mogelijkheden: de prediking, de catechisatie, de vereniging en de school. Allemaal middelen die er zijn om ons te helpen bij de oriëntering in de samenleving en ter voorbereiding om straks in die maatschappij een plaats in te nemen.
Ga die mogelijkheden niet uit de weg; je houdt het alleen, tegen de stroom in niet uit. Je gaat kopje onder. Je leeft niet toevallig in deze tijd, er gaat niets buiten Gods voorzienigheid om. Gebruik dan die tijd, die ook genade-tijd is.
We zullen een steeds kleinere groep mensen worden in een samenleving die uitleeft: God-is-dood. De Bijbel zegt dat de goddeloosheid en wetteloosheid steeds groter zullen worden en dat de antichrist alle macht aan zich wil trekken.
Om staande te blijven heb je de geestelijke wapenrusting nodig (Ef. 6 : 10-12). Lees je Bijbel en je dagboek elke dag; neem er de tijd voor. Streng zijn op jezelf. Bidt elke dag, want aan Gods zegen is alles gelegen. Vraag om de waarachtige bekering die God in de middellijke weg wil schenken. Geef je kracht aan de dienst van de Heere, zodat ook uit jullie mannen geroepen worden tot de ambten en ook meisjes tot het ambt aller gelovigen om in de dienst van de Heere je gaven te besteden en je kracht te geven.
Zolang er de zon is, zal Zijn Naam van kind tot kind voortgeplant worden (Ps. 72 : 17).
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 26 september 1986
Daniel | 32 Pagina's