JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Waar leef je voor

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Waar leef je voor

6 minuten leestijd

Onlangs sprak ik eens met een oude man. Het ging over leven en sterven. Hij zei: , Het is toch wat; je wordt eigenlijk geboren om te sterven. Je zou haast zeggen dat het met de mens net zo is als bij de dieren: eboren worden - leven - sterven. Dat staat toch ook in Prediker 3 : 19 en 20: Want wat de kinderen van de mensen wedervaart, dat wedervaart ook de beesten; en enerlei wedervaart hun beiden; gelijk die sterft, alzo sterft deze, en zij hebben allen enerlei adem, en de uitnemendheid van de mensen boven de beesten is geen; want allen zijn zij ijdelheid. Zij gaan allen naar één plaats, zij zijn allen uit het stof en zij keren allen weder tot het stof'?

We hebben hier samen nog wat verder over doorgesproken. Het heeft me eigenlijk wel even aan het denken gezet. Vooral nu de vakantieperiode (bijna) weer voorbij is. Het leven van alledag begint weer. Misschien zie je al weer uit naar de volgende vakantie. Ook op kleine schaal kom je dat wel tegen: als het vrijdag is, slaakt men een zucht van verlichting: „Heerlijk, een paar dagen vrij!...." 's Maandags ziet men al weer uit naar de vrijdag.

En zo gaat het leven verder. In dat leven zie je dan eigenlijk bepaalde cirkels zitten: het begint weer van vooraf aan. Je wordt er als het ware in meegevoerd, ook na zo'n vakantieperiode weer, totdat.... jouw leven ten einde komt. Het is zo belangrijk om, voor je weer meegevoerd wordt, je eens te bezinnen op de vraag: „waarvoor leef ik eigenlijk? "

Prediker

De Prediker heeft in zijn tijd ook zulke cirkels gezien. Lees hoofdstuk 1 maar eens: „Wat voordeel heeft de mens van al zijn arbeid, die hij arbeidt onder de zon?

Het ene geslacht gaat en het andere geslacht komt, maar de aarde staat in der eeuwigheid".

Ook in hoofdstuk 3 kom je dat tegen: alles heeft een bestemde tijd. Hij noemt veertien tegenstellingen, die elkaar steeds opheffen: geboren worden en sterven, wenen en lachen, zwijgen en spreken enz.

Wat is het voordeel hiervan? Niets! Alles wordt toch weer weggevaagd. Alles is ijdelheid (= vergankelijk; het gaat allemaal weer voorbij).

Tot deze konklusie komt de Prediker, wanneer hij het leven, op zichzelf genomen, beziet.

Dan is er eigenlijk maar één consequentie: e te verblijden, vrolijk zijn en je te goed doen aan het leven (3 : 12) („zich te goed doen" zou een betere vertaling zijn dan „goed doen").

Aangenaam maken

Wanneer je het leven zo op zichzelf, vanuit de mens bekijkt, dan kom je wel tot de konklusie, zoals de Prediker die geeft, dat er geen verschil is tussen het leven en sterven van een mens en van een dier. De mens heeft niets boven de dieren. Wanneer je afgaat op wat voor ogen is, dan treft mens en dier een zelfde lot. Hooguit kun je je leven wat aangenamer maken, je tegoed doen aan het leven, vrolijk zijn. Dat zie je ook duidelijk om je heen. Nog niet zo lang geleden is het zoveelste damesblad verschenen: „Nu vrouw zijn". Wanneer je dat doorbladert, zie je dat alles om het hier en nu gaat: het ene artikel gaat over hoe je nog slanker kunt worden, een ander artikel over de nieuwste modesnufjes, een derde over make-up enz.

Denk ook maar eens aan de sportwereld: het wereldkampioenschap voetballen in Mexico was nog niet afgelopen of men was weer vol van de Tour de France.

Maar al deze dingen gaan voorbij. Ze zijn ijdel, vergankelijk. En wat dan....? Dan houdje niets over. Dan zie je hetzelfde als bij een dier: geboren worden - leven - sterven.

Horizontalistisch

Wanneer je dus het leven op zichzelf

bekijkt, vanuit de mens, dan moet die vraagje haast wel bezig houden: „wat is de zin van dat alles? " Wat is nu de zin van zo'n horizontaal ingesteld leven? Wat is het nut van zo'n leven in een vicieuze cirkel: dag in, dag uit, jaar in, jaar uit?

Ook wij mogen ons die vraag weieens stellen! Waar leven en werken wij voor? Voor een nog betere carrière, voor een nog mooier en groter huis, voor een nog betere prestatie op school of in je studie? ?

Wanneer je leven daar alleen om draait, wanneer je alleen daarvoor zwoegt van de vroege morgen tot de laten avond, ben je op dezelfde wijze bezig. Dan zegt de Prediker van jouw leven: dat is ijdelheid, dat heeft geen nut, dat gaat voorbij! Want eenmaal zul je toch sterven.

Daarom is zijn konklusie ook: wie geen rekening houdt met God, is een dwaas en zijn leven is ijdel, leeg.

Sta dan eens stil, juist nu je na zo'n vakantie tijd het gejaagde leven weer instapt, en bezin je op de vraag: „waar leef ik voor? "!

Noodlot?

In tegenstelling tot het menselijk werk, dat tijdelijk is, is Gods werk eeuwig en blijvend. „Ik weet, dat al wat God doet, dat zal in der eeuwigheid zijn" (3 : 14a). Wat Hij doet, keert geen mens. Die cirkel in het leven, die afwisseling is geen noodlot, maar heeft God Zelfbepaald. Hij bepaalt die afwisseling: eboorte - sterven - geboorte - sterven, opbouwen - afbreken - opbouwen - afbreken.

Je kunt er niets aan veranderen. „Er is niet toe te doen, noch is er af te doen" (3:14b). Die afwisseling ligt vast. Een mens mag dan proberen om langer te leven, hij moet toch eenmaal sterven.

Aan dat ritme ontkom jij en ontkom ik niet. Waarom heeft God dat zo bepaald? , , En God doet dat, opdat men vreze voor Zijn Aangezicht" (3 : 14c).

Dat „vrezen" betekent: ontzag hebben voor die God Die alles zo bepaalt, maar ook het beseffen van eigen kleinheid. God heeft die ordening gegeven opdat men Hem zou vrezen. Opdat wij tot de kenning zouden komen van Gods majesteit. Dan blijft ons leven zich nog wel afspelen in die zogenaamde cirkels, maar krijgt een veel diepere inhoud. Dan is er wel sprake van uitnemendheid van mensen boven beesten. Maar voor die konklusie zullen we dit leven moeten benaderen vanuit Gods Woord.

Vrees God!

Wie de Heere mag vrezen, wie Hem mag liefhebben, ziet dat zijn leven wel zin heeft. Voor hem is het bestaan op aarde niet ijdel. Tot die konklusie komt de Prediker ook. Hij heeft z'n onderzoek afgerond: ls ik gewoon om me heen zie en het leven op zichzelf bekijk, is het ijdel, is het zinloos; maar als ik het vanuit God benader, heeft het zin! „Van alles wat gehoord is, is het einde van de zaak: rees God en houd zijn geboden, want dit betaamt alle mensen" (12:13). Wanneer je werkt en leeft voor geld, eer en aanzien, ben je een dwaas volgens de Prediker. Dan zal het je niet wèl gaan: Hoewel een zondaar honderdmaal kwaad doet en God hem de dagen verlengt, zo weet ik toch, dat het die zal welgaan, die God vrezen, die voor Zijn aangezicht vrezen. Maar de goddeloze zal het niet welgaan en hij zal de dagen niet verlengen; hij zal gelijk zijn een schaduw, omdat hij voor Gods aangezicht niet vreest" (8 : 12 en 13).

Daarom, ook nu komt die oproep tot jou: vrees God! Leef je daarvoor....?

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 29 augustus 1986

Daniel | 32 Pagina's

Waar leef je voor

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 29 augustus 1986

Daniel | 32 Pagina's