REGIONALE VERGADERING 28 mei 1986 te Klaaswaal
„Hij hoort Mijn stem, mijn smekingen, mijn klagen, Hij schenkt mij hulp, Hij redt mij keer op keer."
Met dit psalmvers besloten wij de regionale avond, waar de heer J. M. A. Diepeveen ons op indringende wijze bepaalde bij de eenzaamheid van velen die het moeten zeggen met de 38jarige kranke aan het badwater van Bethesda: „Ik heb niemand!"
In gedachten werden wij in het Paradijs gebracht, waar Adam voor de zondeval uit Gods Hand zijn Manninne ontving, zodat hij niet alleen en eenzaam was. Door de zonde zijn wij allen eenzaam geworden omdat de gemeenschapsband met de Heere verbroken werd, zodat wij in ons wortelbestaan „niemand" hebben.
Als wij nog maar kort ziek zijn of het weduwkleed dragen komt er nog wel bezoek, maar als het langer duurt, moetje ervaren dat er steeds minder vrienden naar je omzien, zodat je zeggen moet: „Eenzaam ben ik en verschoven." Of als er gezinszorgen zijn, dan wordt zo gauw vergeten om de helpende hand te bieden, waardoor wij ervaren mogen dat „gedeelde smart - halve smart en gedeelde vreugd - dubbele vreugd is".
Wat hebben wij er van gemaakt na de tweede wereldoorlog? Goede voornemens....? Hebben wij het verkregen vrijheidsgoed er niet doorgebracht, waardoor wij met onze kinderen steeds eenzamer worden? Is er nog tijd om te luisteren in deze jachtige tijd? Spreken wij met onze kinderen nog over het verborgen genadeleven, hoe onze ouders en grootouders mochten wandelen met de Heere gelijk Henoch? Worden onze jongeren die soms zonder woorden zeggen: „Let toch op mij", niet steeds eenzamer als wij hoge eisen stellen, hogere leerprestaties zodat ze op hun tenen moeten lopen? Zij worden dikwijls depressief, hebben geen uitzicht, geen antwoord op de vele vragen die hen bestormen, komen tot zelfmoordpogingen omdat er niet echt geluisterd wordt.
Luisteren wij ook naar de schuldgevoelens van de ander die niet kan huilen? Wijzen wij er ook op dat de Heere nu juist zegt dat er voor de grootste, de zwartste, de vuilste zondaar vergeving is, omdat het bloed van Jezus Christus Gods Zoon reinigt van alle zonden? Laten wij ook voor onszelf bidden: „Heere, bewaar ook mij voor wanhoop!"
Als een briesende leeuw!
In de ogen van de Heere waren de inwoners van Ninevé, zelfs het door Hem geschapen vee belangrijk. Als wij dan bedenken dat de statistieken ons vertellen dar er 30.000jongeren per jaar weglopen van huis, zodat er ± 600 per week terecht komen in opvangtehuizen. Wie zal dit leed, deze smart peilen? Denk niet dat het onze deur voorbij gaat, of dat het buiten de kerkmuur gebeurt, want de satan gaat rond als een briesende leeuw, zoekende wie hij zal verslinden. Wat geeft ook het samenwonen een verdriet voor vele ouders.
Is ons huis nog een veilige burcht waar onze kinderen zich geborgen weten, ook al weten wij als ouders dat wij hetzelfde zondige hart omdragen van het kroost dat de Heere ons toebetrouwde? Bespreek ook de intieme dingen zodat de kinderen het niet op straat horen, (want de lektuur ligt zo voor de hand in de warenhuizen), om hen te leren hun lichaam rein te bewaren. Buig als ouders samen uw knieën, om ook hierin wijsheid van de Heere te begeren, want kinderen letten scherp op wat de ouders doen.
Op deze avond werden levensvragen aan ons hart gelegd, wat ook in de vragenbeantwoording sterk naar voren kwam. Wij kregen allen huiswerk mee van 's levens belangrijke dingen die in eeuwigheidslicht gezien, eeuwigheidswaarde hebben. Om als wij „niemand" hebben te mogen bidden wat wij samen zongen: „Zie gunstig op mij neder van omhoog, laat mijn gebed voor uwe troon genaken; red, daar mij 't leed zo diep ter neder boog, red mij naar Uw beloft' en richt mijn zaken."
VOOR U GELEZEN
Na veel zielestrijd schreef Alexander Georgeus Lintfrink, predikant te Ouderkerk a. d. IJssel, in het jaar onzes Heeren 1734: „O, dat heilig eenzaam en gemeenzaam met Jezus, die gedurige uitgangen des harten naar Hem, dat ootmoedig wandelen met God, dat gestadig opdragen aan Hem, die teederheid over de kleinste zonden, dat gedurig bidden, dat verlustigen in de Heere, zonder moede te worden, om als een verloren, machteloos en zondig schepsel zich tot Jezus te wenden, om tot alles bekwaam te worden, zie ik hoe langer hoe meer!"
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 15 augustus 1986
Daniel | 32 Pagina's