JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Studietijd ook voorbereidingstijd op de maatschappij

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Studietijd ook voorbereidingstijd op de maatschappij

- een aanzet tot handreiking -

8 minuten leestijd

Alle tijd is van God verkregen tijd. De Heere zal ons verantwoording vragen over de besteding van onze tijd, gelijk de Heere Jezus ons meedeelt in de gelijkenis van de talenten in Matthéüs 25 vers 14 t.m. 30. Deze talenten waren uitgedeeld, geleend; wat ons duidt op het rentmeesterschap. We moeten woekeren met onze talenten in de dienst van de Heere. Er is een verschillende bedeling van de talenten, n.1. naar vermogen, of anders uitgedrukt naar geschiktheid. Nu gaat het in de gelijkenis over het gebruik van de verschillende begaafdheden, waarvan we verantwoording moeten afleggen. Er is echter geen onderscheid in de beoordeling naar de bedeling, maar naar het gebruik en de aanwending met liefde. Gods volk krijgt God en Zijn dienst lief. Dat ook de ons gegeven talenten in Gods dienst mochten besteed worden. Dan krijgt ook ieder zijn plaats in te nemen. Zo is ook de studietijd niet alleen studietijd, maar ook voorbereidingstijd op de maatschappij. Een tijd van bezinning op onze houding ten aanzien van de maatschappelijke problemen. Dit vereist studie van de geschiedenis en achtergronden van de maatschappelijke ontwikkelingen.

Allereerst van het „eigene"; bestudering van de Bijbel en de belijdenisgeschriften, maar ook wat gereformeerde theologen ons dienaangaande te zeggen hebben, alvorens kennis te nemen wat modernen ons daarover meedelen. Dit opdat we een, gefundeerd standpunt in kunnen en mogen nemen. Dat wij dat doen, is onze persoonlijke verantwoordelijkheid. Doch dit vereist ook een gemeenschappelijke invulling. Dat we niet zouden denken dit alleen te kunnen, maar dit ook gezamenlijk te mogen doen. Het gaat in deze niet om onze eigen-wijsheid, maar om het „Sola Scriptura"; niet om mijn uitleg van de Schrift, maar om de Schrift zelf, wat deze ons te zeggen heeft.

Zo was ook de gemeente, vgl. Handelingen 2 : 42, samen bijeen: En zij waren volhardende in de leer der apostelen....". We hebben daarin de kerk nodig, we hebben de belijdenisgeschriften nodig; dat gaat niet alleen. Samen volhardende in de leer der apostelen.

Daarvoor zijn de ambten nodig, vgl. Efeze 4:14: Opdat wij niet meer kinderen zouden zijn, die als de vloed bewogen en omgevoerd worden met alle wind der leer, door de bedriegerij der mensen, door arglistigheid, om listiglijk tot dwaling te brengen". Want arglistig is het hart, meer dan enig ding.

Daarom zegt ook de apostel Paulus in Hebreen 13:17: Zijt uw voorgangeren gehoorzaam, en zijt hun onderdanig; want zij waken voor uw zielen, als die rekenschap geven zullen; opdat zij dat doen mogen met vreugde en niet al zuchtende; want dat is u niet nuttig".

Individualisering en emancipatie

Opdat we voor dwaling behoed zouden worden. In het bijzonder wel in de tijd van verval en afval waarin wij leven. Een tijd als waarvan de apostel Paulus spreekt in 2 Thessalonicensen 2, en daarin opwekt tot standvastigheid. Een tijd waarin het maatschappelijk leven beheerst schijnt te worden door emancipatie en individualisering. Of anders

gezegd: dat de voortgaande individualisering van onze samenleving niet los te zien is van één van de meest aktuele doelstellingen van de maatschappij n.1. de emancipatie van de vrouw.

Individualisering wil zeggen dat elk individu op zichzelf een eigen plaats, een eigen kans, een eigen recht, een eigen vrijheid moet hebben; of korter gezegd, elk individu ekonomisch zelfstandig ofwel ekonomisch onafhankelijk moet zijn. Het proces van individualisering wordt wel dé omwenteling van deze eeuw genoemd.

In Genesis 1 : 26 t.m. 28 lezen we: En God zei: aat Ons mensen maken, naar Ons beeld, naar Onze gelijkenis; En God schiep de mens naar Zijn beeld; naar het beeld van God schiep Hij hen; man en vrouw schiep Hij ze. En God zegende hen en God zei tot hen: eest vruchtbaar, en vermenigvuldigt en vervult de aarde, en onderwerpt haar, " En in Genesis 2:18 staat: Ook had de Heere God gesproken: et is niet goed, dat de mens alleen zij; Ik zal hem een hulp maken, die als tegen hem over zij." Een ordening die God gewild heeft. Individualisering nu is een miskenning van deze ordening die God in Zijn schepping heeft gelegd.

Hoe is het nu tot deze ontkerstening (want dat is het) gekomen? Daarvoor kunnen we teruggaan tot de filosoof Descartes of Cartesius (1596-1650). Zijn stelling was: „Ik denk, dus ben ik". Als we letten op ons genoemd bijbels uitgangspunt, dan belijden we dat we geschapen zijn, dat God ons gemaakt heeft, dat we uit Zijn hand voortgekomen zijn. Maar Descartes beweert het tegenovergestelde: „Ik denk, dus ben ik." Het bestaan van de mens wordt uit het denken afgeleid. Dit denken is dan ons eigenmachtig denken, niet het denken dat zich onderwerpt aan Gods Woord.

Descartes is nog lid van de roomse kerk gebleven. De grote wijsgeer Immanuël Kant (1724-1804) heeft de consequenties uit deze filosofie getrokken. Hij leerde de volslagen autonomie van de mens; namelijk, dat de mens zichzelf tot een wet is, dat de mens zelf alle gezag heeft; door te stellen dat wij met het instrument van ons denken uitmaken hoe de zaken ervoor staan.

Dit is kort weergegeven de kern waardoor het denken in onze samenleving wordt bepaald: de emancipatie, de verlichting. Hierover spreekt Kant als hij zegt dat de mens moet uittreden uit zijn onmondigheid en het zelf moet doen, zelf het goed en kwaad bepalen. De onmondigheid van de mens bestaat er dan bijvoorbeeld in dat hij zou luisteren naar Gods Woord. De emancipatie bestaat er in dat de mens zichzelf een vrij mens waant, zonder zich aan Gods geboden te storen. God is er bij Kant nog slechts ter ondersteuning van wat hij zelf (be)denkt.

Industriële revolutie

We zien tegelijkertijd wetenschap en techniek een grote vlucht nemen, uitlopend in de zogeheten industriële revolutie, wat ook maatschappelijk ingrijpende gevolgen heeft gehad. Het heeft een ongekende welvaart (te onderscheiden van welzijn!) gebracht. De mens denkt alles te kunnen en alles te mogen. Nu blijken er echter grenzen zowel aan het één als aan het ander te zijn.

Grenzen die belemmeringen zijn in het realiseren van de vrijheid waartoe Descartes en Kant hebben opgeroepen. Grenzen waarvoor we volgens Gods Woord halt moeten houden, maar waaraan de moderne mens zich vergrijpt. Ik wil er een aantal noemen: Het leven, dat we van een Ander gekregen hebben, past niet in deze filosofie, hetgeen tot abortus en reageerbuisbaby leidt.

De dood, waardoor een Ander de grens zou bepalen, past eveneens niet; waardoor men streeft naar euthanasie. Sexualiteit en huwelijk zijn in de Bijbel met elkaar verbonden; dit moet verbroken worden.

Het huwelijk en gezin, als een van God gewilde ordening in de samenleving, moeten vervangen worden door ongehuwd samenwonen en opvangmogelijkheden voor kinderen, daar opvoeding van kinderen een last betekent.

Arbeid, als opdracht van God, past eveneens niet; men spreekt daarom van arbeidsloos inkomen.

Gezag, van God gegeven, is ook niet acceptabel; dit oefenen we vanuit onszelf, wat leidt tot inspraak en medezeggenschap. Kortom: er is een miskenning van, en een verzet tegen hetgeen God van ons vraagt. Dit merken we op alle terreinen van de samenleving. We kunnen dit duiden met de termen emancipatie en individualisering.

Nu is natuurlijk niet alle handelen hiermee te duiden of daarop gericht en is niet alles wat gebeurt bij voorbaat onbijbels, zondig. Dit brengt ons automatisch tot een nadere afweging.

Bezinning op onze levenshouding

In het voorgaande heb ik de studietijd genoemd als een voorbereidingstijd op de maatschappij. Vervolgens heb ik enkele belangrijke ontwikkelingen in de maatschappij summier getekend, met hun achtergronden en gevolgen. Nu komt als vanzelf de vraag: hoe dient onze houding hiertegenover te zijn? Want wat je studie ook mag zijn en waar je in de maatschappij ook werk mag vinden, overal zul je deze ontkerstening tegenkomen. Ook zul je weerstand ondervinden tegen een door de Bijbel genormeerde levenshouding. Nu kunnen we problemen ook niet ontlopen door ons afzijdig te houden. De opdracht tot arbeid, deelneming aan het maatschappelijk leven, geldt allen. Ook zal onze levenshouding of levensbeschouwing op zich ons niet staande kunnen houden. De vreze des Heeren doet wijken van het kwade. Daar is genade voor nodig. Om een Christen te mogen zijn zoals beschreven wordt in Zondag 12 van de Heidelbergse Catechismus, is wedergeboorte noodzakelijk.

Dat ook in deze onze bede mocht zijn: Heere wat wilt Gij dat ik doen zal. Dat zal ons doen ervaren dat we wel in de wereld zijn, maar niet van de wereld, dat wil zeggen eensgeestes met de wereld, mogen zijn. Dat zal naast de opdracht, de vreemdelingschap doen beleven. Dat zal ons een afgezonderde plaats, temidden van de maatschappij, opleveren.

Tenslotte, wanneer we in studie of beroep in dienst van de zonde werken, dan moeten we stoppen. Lees daartoe eens Mattheüs 5, speciaal de verzen 29 en 30.

Nu zijn de grenzen dikwijls moeilijk te trekken, we mogen niet te snel weglopen en denken dat daar geen taak meer voor ons ligt; maar ook zijn er grenzen waar we niet over mogen. Wel moeten we bereid zijn verdrukking en versmaadheid te dragen als de Heere dat van ons vraagt. We leven in een samenleving die steeds intoleranter wordt ten aanzien van de bijbelse levenshouding. Dan versta je zogenaamd je tijd niet, of je gunt een ander zijn vrijheid niet.

Dat we niet alleen op de verschijnselen zouden letten, maar ook op de geestelijke achtergronden. Om naar 1 Johannes 4 : look in deze de geesten te mogen beproeven of ze uit God zijn. Te mogen ervaren dat niet de hoogte van ons werk, maar de inhoud van ons werk, bepalend is.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 15 augustus 1986

Daniel | 32 Pagina's

Studietijd ook voorbereidingstijd op de maatschappij

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 15 augustus 1986

Daniel | 32 Pagina's