Huisgodsdienst:
een verouderde vorm, of.... aktuele noodzaak?
Vanuit de kerkgeschiedenis van ons land wete we dat men vroeger ook thuis wel zogenaamde huisgodsdienstoefeningen hield. Tegenwoor dig hoor je daar niet zo veel meer van. Dereden daarvoor is heel eenvoudig: het komt vermoedelijk niet zo veel meer voor. Waarom zou dat zo zijn? Is zoiets anno 1986 niet meer nodig? We gaan toch regelmatig en twee keer per zondag naar de kerk? En we hebben toch ook nog al onze verenigingen? Wordt het allemaal niet wat veel? We hebben het toch al zo druk. En nog een andere vraag: is het niet een verouderd gebruik dat in onze tijd niet meer past? Tenslotte wat houdt het eigenlijk in: huisgodsdienst? De ook in Nederland bekende ds. J. W. Ross uit Eochcarron in Schotland van de Vrije Presbyteriaanse kerk gaat in op bovenstaande vragen in een klein pamflet. Deze kleine pamfletten of traktaten over verschillende aktuele zaken worden uitgegeven door de Blythwood Tract Society voor evangeliesatiedoeleinden. De bovengenoemde ds. Ross is voorzitter van deze organisatie. Ik laat nu de vertaalde tekst van het traktaatje over huisgodsdienst hier volgen.
een verouderde vorm, of.... aktuele noodzaak?
Family Worship - Huisgodsdienst
Enige tijd geleden belde ik aan bij een huis in Inverness. Mijn gebel werd niet gehoord omdat de bewoners van het huis aan het zingen waren. Na enige tijd luisteren, besefte ik dat ze een psalm aan het zingen waren. Toen ik later terugkeerde verklaarde men mij dat het gezin bezig was met de huisgodsdienst (lett. gezinsgodsdienst, CGvK).
Hoewel huisgodsdienst vandaag de dag betrekkelijk zeldzaam is, was dit niet altijd zo. Zoals het woord al zegt, is het een daad van godsdienstoefening speciaal voor het gezin en andere huisgenoten.
Het eerste gedeelte van deze huisgodsdienst bestaat gewoonlijk uit een kort gebed om een zegen over het te lezen gedeelte uit de Bijbel. Gebeden wordt dat het Woord van God op de juiste wijze verstaan zal worden, en dat de Heilige
Geest er ons door zal onderwijzen. Er is een erkennen van onze onbekendheid met de Bijbel zelfs na hem vele malen gelezen te hebben.
Het tweede gedeelte is het zingen van een psalm. Het boek der Psalmen is de beste leidraad voor het prijzen van de Heere, omdat het duidelijk Gods bedoeling was dat het gebruikt zou worden om Hem daardoor te aanbidden. De psalmen zijn boeiend en gevarieerd.
In veel psalmen zijn er duidelijk voorzeggingen van Christus en Zijn werk. Neem bijvoorbeeld psalm 22: daar vinden we duidelijke gegevens over wat zou gaan gebeuren aan het kruis van Golgotha. Daar is psalm 51 met een beschrijving van die bekering tot God die onmisbaar is in de ondervinding van een christen. Kijk eens naar psalm 133. Zouden we er niet op rekenen dat zulk een toonbeeld van
eenheid onze familiegeschillen zou oplossen?
Het derde onderdeel van de huisgodsdienst is het lezen van een gedeelte van het Oude of Nieuwe Testament. De hoofdstukken worden opeenvolgend gelezen, zodat in een bepaalde tijd de Bijbel van kaft tot kaft gelezen wordt. Het systematisch doorlezen van de Bijbel stelt ons in staat de volledigheid van de Bijbel te beseffen, en bewaart ons voor de veel voorkomende neiging een gedeelte uit zijn verband te rukken en daardoor verkeerde gevolgtrekkingen te maken. De Schrift geeft ons leiding in alle problemen van het leven. Als we voor belangrijke beslissingen staan, vinden we de nodige aanwijzingen in de Bijbel. Stel dat een kollega ons heeft geërgerd en lastig is geweest. Maar 's avonds lees je in Spreuken 15 : 1 „Een zacht antwoord keert de grimmigheid af; maar een smartend woord doet de toorn oprijzen". Hoe zou datje houding beinvloeden en je in staat stellen een dergelijke situatie te verdragen. Boven alles, de Bijbel stelt ons onze grote nood om gered te worden voor ogen en de grootheid van de Enige Zaligmaker, Jezus Christus.
De huisgodsdienst wordt beëindigd als het hoofd van het gezin bidt namens hemzelf en allen die aanwezig zijn. Hier kunnen we God onze zonden en tekortkomingen belijden, en smeken om vergeving. We kunnen tot God bidden om in onze tijdelijke noden te voorzien, en daarbij het voorbeeld volgen dat Christus Zijn discipelen gaf toen Hij hen leerde bidden: „Geef ons heden ons dagelijks brood".
Zulk bidden is eenvoudig een werpen van alle lasten die ons drukken op de Heere.
Je kunt tegenwerpen dat zo'n huisgodsdienst te lang duurt, maar 10 of 15 minuten in de ochtend en ook weer in de avond is zeker niet te lang om te geven aan de dienst van die God, „in Wie wij leven en ons bewegen en zijn". Onze staat voor de eeuwigheid draait om onze houding ten opzichte van de Bijbel. Zouden we hem niet kennen en liefhebben zoals we geen ander boek kennen en liefhebben?
Iemand anders kan tegenwerpen dat de Bijbel niet van toepassing is op de tijd waarin wij leven. Lees hem. De Bijbel is van toepassing op iedere tijd. Los van het feit dat de Bijbel absoluut onontbeerlijk is voor onze persoonlijke zaligheid, is er geen boek met zulk een macht een ommekeer teweeg te brengen in het geheel van onze levensopvatting en ons land te ontdoen van zijn vele kwaden.
Nog een ander bezwaar kan worden gemaakt: wat zouden onze vrienden van ons denken als we huisgodsdienst houden. Het kan hen vreemd toeschijnen, maar we moeten bedenken wat God zegt: „Die Mij eren, zal Ik eren, maar die Mij versmaden zullen licht geacht worden".
Onze plicht is zelf de waarheden van het evangelie te kennen, en ze door te geven aan onze kinderen, zodat: het navolgende geslacht die weten zou, de kinderen, die geboren zouden worden; en zouden opstaan, en vertellen ze hun kinderen; en dat zij hun hoop op God zouden stellen, en Gods daden niet vergeten, maar Zijn geboden bewaren" (Ps. 78 : 6, 7).
Tot slot
Nog een enkele opmerking naar aanleiding van dit artikel. In de Vrije Presbyteriaanse kerk wordt het onderhouden van deze huisgodsdienst als noodzakelijk gezien. Het volgende illustreert dit duidelijk.
Jullie kennen natuurlijk het avondmaalsformulier dat bij ons gebruikt wordt, en daarin het gedeelte met de opsomming van mensen die in allerlei openbare zonden leven. Deze mensen wordt dan gezegd dat zij geen deel mogen nemen aan het Heilig Avondmaal. De bovengenoemde Schotse kerk kent een dergelijk formulier niet. Echter op hetzelfde moment in de dienst waarop bij ons het formulier gelezen wordt, houdt de predikant een toespraak waarin dezelfde dingen voorkomen als in ons formulier. Ook dan worden allerlei mensen die in openbare zonden leven, gezegd zich van de tafel des Heeren te onthouden. In deze toespraak is het dan ook heel gebruikelijk om te zeggen, dat zij die geen huisgodsdienst houden, ook niet aan het Avondmaal horen deel te nemen. Dit toont wel het grote belang dat gehecht wordt aan dit goede gebruik, waarin het gaat om het leven dicht bij de Heere en Zijn Woord.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 25 juli 1986
Daniel | 32 Pagina's