JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

De vader van de niemandskinderen

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De vader van de niemandskinderen

3 minuten leestijd

God regeert. Hij heerst als Opperheer. Het is niet zo moeilijk om dat te zingen als je het zelf goed hebt. Als je alles hebt wat je hartje begeert.

We gaan een kijkje nemen in Londen, zo'n 120 jaar geleden. Wie regeert daar in de achterbuurt bij de grote zeehavens?

't Is hier wel de smerigste buurt van de grote stad. De bewoners leven hun eigen leven. Wat een armoede! Wat een gebrek! Moetje deze straat eens zien. De gore was hangt nog buiten om 9 uur 's avonds. Overal een vieze troep. De vuile lucht waait je in het gezicht. Twee dronken kerels maken ruzie. En kleine kinderen spelen nog op blote voeten op straat. In die oude krotten wonen mensen, niet zomaar een paar, maar hele gezinnen met soms veel kinderen. Op de bovenverdieping daar, of in die kleine kelders.

Wie regeert hier in de achterbuurt? God regeert? Het klinkt als een vloek. Hier regeert de armoede, de ellende. God? Wie heeft er van Hem gehoord? De kinderen van 8 en 10 jaar leren Zijn Naam vloeken. Nee, de misdaad is hier de baas, de zonde. Hier heerst de tegenspeler van God: de duivel

't Wordt kouder. De nacht komt. Daar loopt een kleine jongen op straat, nu nog. Hij heeft geen schoenen aan, geen kousen. Wel wat gescheurde kleren. Een touw is om zijn buik geknoopt. Langzaam sluipt hij verder in de schemering. Hij rilt. Soms kijkt hij schichtig om zich heen. Hé. ziet hij het goed? Brandt daar in dat huis nog licht? Lang hoeft hij niet na te denken. Daar gaat de klink van de deur al omhoog en onze kleine vriend gaat naar binnen. Op zoek naar een plekje. Een plekje waar het warm is, om even uit te rusten. Een plekje voor de nacht.

In het lokaal, aan de andere kant van de deur, loopt een jonge man wat heen en weer. Hij ruimt nog wat spullen op. Zo, het zit er weer op voor vandaag, 't Is dokter Barnardo. Eigenlijk is hij nog geen dokter, hij studeert ervoor. Hij woonde ver buiten Londen. Maar in Londen kun je studeren voor arts. En dat wil dokter Barnardo zo graag. Nog een paar jaar en hij zal arts zijn. Barnardo wil zendingsarts worden. Hij heeft gehoord, dat in het verre China grote nood is, en daar wil hij later gaan werken. Hij wil er helpen waar het kan, maar bovenal de grote schat gaan brengen naar het land met de miljoenen inwoners: Gods Woord!

Dokter Barnardo doet zijn uiterste best op de hogeschool.

(wordt vervolgd)

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 20 juni 1986

Daniel | 32 Pagina's

De vader van de niemandskinderen

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 20 juni 1986

Daniel | 32 Pagina's