BELEIDSPLAN EMANCIPATIE
Nadat in juni 1984 een Concept Beleidsplan Emancipatie was verschenen, werd op 25 juni 1985 het definitieve Beleidsplan Emancipatie aan de Tweede Kamer der Staten-Generaal aangeboden.
Aanvankelijk zou het al in oktober j.1. in een openbare kommissievergadering worden behandeld, maar omdat de staatssekretaris, mevr. Kappeyne van de Coppello, niet tijdig op schriftelijke vragen van kamerleden had geantwoord, werd deze vergadering uitgesteld tot begin februari.
Kamerkommissies
Wetsontwerpen en andere stukken van de regering, zoals dit Beleidsplan, worden nooit meteen in de gehele Tweede Kamer behandeld, maar eerst.in afzonderlijke kommissies uitvoerig besproken. In deze kamerkommissies hebben van elke partij de kamerleden zitting, die in het betreffende onderwerp gespecialiseerd zijn. Er zijn in de Tweede Kamer meer dan 50 kommissies, Vaste en Bijzondere.
Het is voor de kleine christelijke partijen niet mogelijk in alle kommissies vertegenwoordigd te zijn; hun kamerleden mogen echter wel in alle uitgebreide kommissievergadering (u.c.v.'s) het woord voeren.
Bij zo'n uitgebreide kommissievergadering zijn ook de minister en staatssekretaris(sen) aanwezig. De gang van zaken is vrijwel gelijk aan een officiële vergadering van de Tweede Kamer. De woordvoerders van de verschillende partijen geven eerst hun mening over het stuk dat wordt behandeld en stellen er vragen over aan de minister en/of staatssecretaris. Zij spreken dan „in eerste termijn", zoals dat wordt genoemd. Daarna antwoordt de regering bij monde van de minister de kamerleden, die dan weer gelegenheid krijgen daarop „in tweede termijn" te reageren. Soms dienen zij een motie in, waardoor zij een verandering willen aanbrengen in het door de regering ingediende wetsontwerp of beleidsstuk. Wordt zo'n motie aangenomen, dan moet de regering zich daaraan ook houden.
In een uitgebreide kommissievergadering kunnen wel moties worden ingediend, maar zij worden daar niet in stemming gebracht. Over moties wordt alleen in een vergadering van de gehele Tweede Kamer gestemd.
Kommissievergaderingen Emancipatiebeleid
Op maandag 3 februari 1986 kwam voor de derde keer tijdens deze kabinetsperiode de Vaste Kamerkommissie voor het Emancipatiebeleid in uitgebreide zitting bijeen. Voor de derde maal waren daarbij ook minister De Koning van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (waaronder Emancipatie ressorteert) en staatssekretaris Kappeyne van de Coppello aanwezig.
Tijdens de vorige u.c.v.'s voor het emancipatiebeleid, die gehouden werden op 31 januari 1983 en 19 november 1984, kwam emancipatie aan de orde als onderdeel van de begroting. Op 3 februari j.1. werd het Beleidsplan behandeld, waarin de regering de uitgangspunten en doelstellingen van haar emancipatiebeleid voor de middellange en lange termijn uiteenzet en konkrete maatregelen en beleidsvoornemens aangeeft voor de korte termijn. In het regeerakkoord 1982 is tot opstelling van een dergelijk plan besloten.
Het maakt ons duidelijk dat de regering het emancipatiestreven volledig steunt en vast besloten is haar beleid in dit opzicht op alle terreinen door te voeren. Daarom zullen we er ook allemaal mee te maken krijgen, want regeringsmaatregelen gaan alle burgers aan.
Hoofdlijnen van het Beleidsplan
Na de inleiding wordt in het Beleidsplan vrouwenemancipatie geschetst als maatschappelijke ontwikkeling en beleidsvraagstuk. Daarna worden de doelstellingen uiteengezet en aangegeven hoe die verwezenlijkt kunnen worden, nl. door wetgeving, positieve aktie,
voorlichting, onderzoek en subsidie. Een belangrijk onderdeel vormt het hoofdstuk Arbeid en inkomen. Daarin worden de doelstellingen op dit terrein nader uitgewerkt en in verschillende maatregelen konkreet gemaakt.
Vervolgens wordt het emancipatiebeleid met betrekking tot onderwijs, gezondheidszorg, bestrijding van seksueel geweld tegen vrouwen en meisjes, ruimtelijke ordening en volkshuisvesting en ook met betrekking tot vrouwen in minderheidsgroepen en in ontwikkelingslanden uiteen gezet.
Het 89 pagina's tellende Beleidsplan besluit met de organisatie van het emancipatiebeleid en enkele bijlagen, o.a. een overzicht van ongevraagde reakties op het Concept Beleidsplan van 1984. Daarbij staat als enige plaatselijke vereniging vermeld „Thuisfront" uit Opheusden!
Doelstellingen
Als hoofddoelstelling van het regeringsbeleid wordt op blz. 12 het volgende vermeld: „Het kabinet ziet het emancipatieproces, dat leidt tot gelijke maatschappelijke posities van vrouwen en mannen, als een onomkeerbare en uit rechtvaardigheidsoverwegingen ook beleidsmatig gewenste ontwikkeling. Het kabinet volgt hiermee, zoals in het vorige hoofdstuk is gesteld, een autonome ontwikkeling, een proces van sociaal-kulturele verandering dat koerst in de richting van vernieuwing van het maatschappelijk bestel. Het kabinet acht het voor de voortgang van dit proces noodzakelijk barrières weg te nemen en sturend op te treden om overgangsproblemen en de bijbehorende frikties zo veel mogelijk te doen verminderen. Het kabinet kiest daarom als centrale doelstelling voor het regeringsemancipatiebeleid voor de middellange termijn: het bevorderen van de ontwikkeling van de huidige maatschappij, waarin het sekseverschil nog in zo grote mate is geïnstutionaliseerd, naar een pluriforme maatschappij, waarin ieder ongeacht sekse of burgerlijke staat de mogelijkheid heeft een zelfstandig bestaan te verwerven en waarin vrouwen en mannen gelijke rechten, kansen, vrijheden en verantwoordelijkheden kunnen realiseren".
Kort gezegd komt het hierop neer, dat de regering aktief wil meewerken aan de vernieuwing van de huidige maatschappij: De vrouw mag niet langer afhankelijk zijn van de man (die tot dusver alléén kostwinner was) en het huwelijk zal niet langer erkend worden als de enige vorm van samenleven.
Er worden ook nog drie subdoelstellingen genoemd om de „ongelijke machtsverdeling" tussen vrouwen en mannen te doorbreken:
a. het verzekeren van gelijke rechten van vrouwen en mannen;
b. het bereiken van strukturele veranderingen waardoor sekseverschil niet langer een van de pijlers van de maatschappelijke organisatie vormt;
c. het doorbreken van beeldvorming in termen van mannelijkheid en vrouwelijkheid.
Het Comité Vrouwenbonden op Gereformeerde Grondslag heeft in een schrijven van 9 oktober 1985, gericht aan de Vaste Kamerkommissie voor het Emancipatiebeleid, deze doelstellingen als onbijbels afgewezen.
Wordt dit Beleidsplan aanvaard?
Zullen al die doelstellingen en voorgestelde maatregelen van dit Beleidsplan in de toekomst doorgevoerd worden? Waarschijnlijk wel!
In de uitgebreide kommissievergadering op 3 februari j.l„ die deze keer in de Schepelzaal achteraan op het Binnenhof werd gehouden, is wel op verschillende onderdelen kritiek geleverd, maar in grote lijnen was de meerderheid het ermee eens.
Enkele linkse woordvoersters vonden dat het nog niet ver genoeg ging! De enige principiële kritiek op de doelstellingen werd door de kleine christelijke partijen geleverd. De heren Van der Vlies, Leerling en Schutte wezen op het huwelijk als een instelling van God. Dat wekte helaas de lachlust op van sommige mede-kamerleden.
Het is de laatste jaren meermalen gebleken dat mensen die tegen het emancipatiebeleid zijn niet meetellen. Dat wordt in de inleiding van het Beleidsplan ook openlijk erkend. In verband hiermee zijn door de heren Van der Vlies en Schutte moties ingediend over de samenstelling van de Emancipatie Raad en over het toekennen van subsidies voor emancipatiedoeleinden.
Enigszins verrassend tijdens de uitgebreide kommissievergadering was een motie van mevr. Kraaijeveld-Wouters van het CDA om geen sollicitatieplicht in te voeren voor vrouwen van wie de man werkloos is geworden, omdat dit eigenlijk neerkomt op arbeidsplicht. Deze maatregel wil de regering in 1990 laten ingaan. Over de ingediende moties zal waarschijnlijk begin maart in de Tweede Kamer worden gestemd. Voor het overige was het in de kommissievergadering duidelijk dat het Beleidsplan wordt aanvaard. Minister De Koning heeft tijdens de vragenbeantwoording nog eens benadrukt dat het emancipatiebeleid essentiëel onderdeel is van het regeringsbeleid. Hij betreurde dan ook de door zijn partijgenote mevr. Kraaijeveld ingediende motie. Verder gaf hij er ook nu weer blijk van volledig in te stemmen met de veranderende opvattingen over het huwelijk. Van mevr. Kappeyne is in dit opzicht helemaal geen steun te verwachten.
Het is duidelijk dat het emancipatiebeleid door de regering zal worden uitgevoerd. We krijgen er onherroepelijk mee te maken, maar raakt het ons ook werkelijk? ?
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 28 februari 1986
Daniel | 32 Pagina's