God is liefde.... of niet?
Je kunt het er moeilijk mee hebben
God is liefde stond er op de muur van de ziekenzaal, waar zijn vrouw lag te sterven. Misschien al meer dan honderd maal had hij de letters gelezen, 't Liefst had hij ze eraf gekrabbeld. Ze vlamden in het duister, als hij even de ogen sloot. Hoe kan dat...? Hier, in dit benauwde kamertje, met de weeë ziekenhuislucht, waar je los moet laten het liefste wat je hebt, juist hier staat het op de muur.
Heb je dat plaatje in de krant gezien, uit Colombia? Een redder hield een jongetje in de armen, half bedekt met modder, schreeuwend om hulp. De vader en de moeder van het ventje waren bij de uitbarsting van de vulkaan in de lavastroom om het leven gekomen. Wat een diepe ellende! Hoe kan dat? Want God is toch liefde?
Dat werd toch gezongen in dat kerstversje? „God is liefd' o engelenstem, mensentong verkondigt Hem? " Stond het niet in die folder die gisteravond in de brievenbus werd gedaan? En was het daarin niet zo geschreven alsof God zonder uitzondering een ieder mens lief heeft? Maar hoe komt het dan.... ?
De kersttijd en de jaarwisseling kunnen zo gezellig zijn in de huiselijke kring, maar wat wordt er buiten soms gevochten, geleden, gehongerd, geschreid God is liefde, ja, maar.....
Het is toch waar
In de Bijbel staat het heel dikwijls. In de eerste Johannesbrief wel het meest. In 1 Johannes 4 : 8 en 16 staat het ronduit: od is liefde. En in zijn evangelie (3 : 16) schrijft Johannes: lzo lief heeft God de wereld gehad, dat Hij Zijn eniggeboren Zoon gezonden heeft, opdat een iegelijk die in Hem gelooft niet verderve, maar het eeuwige leven hebbe. Johannes heeft daar veel van ervaren, van die liefde. Hij deelde in de bijzondere liefde van Zijn grote Meester. En Hij heeft daarover dus veel geschreven, 't Kerstfeit, de geboorte van de Heere Jezus, laat die liefde van God zien. God zond Zijn eniggeboren Zoon. En niet alleen Bethlehems stal spreekt daarvan, maar bovenal Golgotha! Als de Heere daar, ontkleed, aan het kruis hangt, het bloed uit de wonden in Zijn handen en Zijn voeten drupt, langs Zijn slapen en wangen sijpelt door de doornenkroon, dan leest later Paulus daarin één woord: iefde.
En God bevestigt Zijn liefde jegens ons — zo schrijft hij aan de Romeinen (5:8) — dat Christus voor ons gestorven is toen wij nog zondaars waren. God bevestigt zijn liefde op Golgotha.
En dat God liefde is, blijkt ook uit de zegen aan het slot van de kerkdienst. Dan klinkt het plechtig: De genade van onze Heere Jezus Christus, en de liefde van God en de gemeenschap van de Heilige Geest zij met u allen" (2 Kor. 13 : 13). De Heilige Geest stort de liefde Gods uit in het hart van Gods kinderen (Rom. 5 : 5).
En alle ellende dan?
Dat is allemaal wel waar, hoor ik zeggen, maar je kunt het er toch moeilijk mee hebben. Wij hebben vragen over alles wat er gebeurt en deze vragen worden gesteld. Velen halen hun schouders op als zij horen van het Woord: God is liefde. Een schampere spotlach. Het mocht wat! Als God liefde is, waarom..... ?
En we kunnen het wel invullen. Alles wat er fout gaat, en kapot gaat, en verdriet
heeft en leed draagt. Al die verschrikkelijke ^ dingen die er gebeuren, en wat de mensen elkaar aandoen. Je kunt invullen de onverwachte wendingen in je loopbaan, die als een donkere wolk zich over je uitstrekken. De ongeneeslijke zieken, en de verkeersongevallen met dodelijke afloop. Je kunt gaan spreken over kinderen die van hongere sterven, nadat ze een armoedig, ellendig, kort bestaan hebben gekend.
Men vraagt, als God liefde is, waarom laat Hij dan toe dat er 20.000 mensen zomaar door een vulkaanuitbarsting om het leven komen? En waarom ging dat huwelijk stuk, en waarom zijn er oorlogen in het klein en een wereldoorlog in het groot? Waarom laat Hij toe dat de grote wereldmachten zich tot de tanden bewapenen met de gruwelijkste allesvernietigende kernwapens? Wij kunnen de vragenlijst nog langer maken, en veel erger. We hebben ze allemaal wel eens gehoord, of misschien zelf gesteld. En hoe moet dat dan met: God is liefde?
Oppervlakkig spreken over Gods liefde
Er kan over de liefde van God op grenzeloos oppervlakkige wijze worden gedacht en gesproken. Je kunt over de liefde van God nooit te groot, wel te oppervlakkig spreken. Wij spreken dan wel over de liefde van God, maar nooit over de heiligheid van God. Wij spreken dan ook nooit over de rechtvaardigheid van God. En toch is dat ook waar.
Wanneer we de Bijbel niet vasthouden van het begin af, dan slaan wij de val van de mens over en de gevolgen daarvan. Wij nemen de zonden niet ernstig, en we werken over de schuld heen. De straf nemen we niet serieus, en zo zullen wij nooit buigen voor God. Wij maken ons een Godsbeeld, dat niet met de Schrift overeenstemt. En toch, in het Woord openbaart God zich. In het Oude Testament en in het Nieuwe Testament openbaart de levende God zich als de Heilige.
God is heilig
Gods hoge majesteit kan daarmee worden aangeduid. Wat zijn wij dan nietig en klein.
Wij moeten van God nooit menselijk gaan denken. Van Zijn majesteit niet, van Zijn liefde niet, maar ook van Zijn heiligheid niet. God is de Heilige, in de zin van de Reine, Zuivere, de zedelijk Volmaakte.
God enkel licht Voor Wiens gezicht Niets zuiver wordt bevonden Ziet mij bevlekt Met schuld bedekt Misvormd door duizend zonden.
Met een zondaar kan God geen gemeenschap hebben buiten Christus. Met de zonde ook niet. God is te rein van ogen dan dat Hij het kwade zou aanschouwen (Habakuk 1:13). In het roepingsvisioen ziet Jesaja dat in de hemel de Serafs roepen: , Heilig, heilig, heilig is de Heere
der heirscharen" (Jes. 6 : 3). Jesaja ziet ook, dat de Serafs hun aangezichten bedekten, waarmee zij tot uitdrukking brengen de heerlijkheid van Gods heiligheid en de eerbied die zij daarvoor hebben. God is heilig. Hij werkt het kwaad niet en Hij bedekt het kwaad niet.
En het besturen van het kwaad doet Hij met vlekkeloze handen. Ik ben de Heere, uw Heilige (Jes. 43 : 15).
God is rechtvaardig
De Heere is ook rechtvaardig. Zijn rechtvaardigheid handhaaft Zijn heiligheid. Wij zingen in een psalm:
De Heere doet recht, Is heilig in Zijn richten.
De rechtvaardigheid van God straft het kwade en moet het goede belonen. De oordelen van God zijn dus ook rechtvaardig. Wij belijden met art. 13 van de NGB dat het rechtvaardige oordelen Gods zijn.
Zijn liefde is een heilige en rechtvaardige liefde. Wij moeten zien dat God nooit de zonde kan liefhebben. Het is echter een vraag, waarom er dan zoveel onderscheid is tussen mensen, daar toch alle mensen gezondigd hebben en er niemand is die goed doet, ook niet tot één toe (Rom. 3 : 12)? Waarom moet dan de één zoveel leed dragen en de ander niet? Waarom de hongergebieden met al die kinderen, die sterven? Waarom in andere werelddelen zoveel ellende tengevolge van aardbevingen of vulkaanuitbarstingen en hier niet? Waarom moet de een alles hebben en een anders niets? De vragen vermenigvuldigen zich.
God is souverein
God is souverein, vrijmachtig. Het is één van de eigenschappen die in de Schrift sterk wordt benadrukt. Hij doet met het heir des hemels en de inwoners der aarde naar Zijn welbehagen. God is immers de Schepper van alle dingen. Alle dingen bestaan door Hem. Hij regeert als koning in de meest volstrekte zin van het Woord.
Alle dingen zijn van Hem afhankelijk en zijn aan Hem onderworpen. De Heere is de grote Pottenbakker die met het leem doet wat hij wil. Hij maakt vaten ter ere en vaten ter onere. Hij is de Souvereine.
De Heere behoeft geen rekenschap af te leggen aan het schepsel van Zijn daden. Het leem zegt toch niet tot de pottenbakker: Wat doet u?
God is liefde in Christus
Ik kom terug op het begin. Dat God liefde is, wordt getoond in de zending van Zijn
Zoon. In Christus wordt aan Gods rechtvaardigheid voldaan. De kribbe wijst al heen naar het kruis. Het plaatsgebrek in Bethlehem is voorbode van de roep: , .Weg met Deze, kruis Hem!" Op Golgotha wordt Gods recht genoeggedaan. Dat is de hoogste liefde.
Zalig is het wanneer wij enerzijds onze onwaardigheid mogen belijden voor de Heere en zeggen met heel ons hart dat wij tegen Hem gezondigd hebben en anderzijds Christus, door het geloof, mogen ontvangen als onze Zaligmaker. Wij kunnen voor zijn heiligheid niet bestaan. Maar in Christus, dus wanneer we Hem ingelijfd zijn door een waar geloof, dan ziet God geen zonden meer aan. In Hem is een onreine zondaar volmaakt.
Daartoe kwam Hij in een onreine stal.
Wat God doet, dat is welgedaan
En door Christus leren we ook dat God recht is in al Zijn weg en werk.
Dan, wanneer wij voor de Heere werkelijk schuld mogen belijden, dan kan God geen kwaad meer doen. Dan is het goed. Wij buigen voor zijn rechtvaardige oordelen. Wij weten dan van Zijn hoogheid en Zijn heiligheid. Dan belijden wij met art. 13 van de NGB:
Maar wij aanbidden met alle ootmoedigheid en eerbied de rechtvaardige oordelen Gods, die ons verborgen zijn, ons tevreden houdende dat wij leerjongeren van Christus zijn, om alleen te leren hetgene Hij ons aanwijst in Zijn Woord, zonder deze palen te overtreden.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 20 december 1985
Daniel | 32 Pagina's