JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Zijn we wel echt vrij?

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Zijn we wel echt vrij?

8 minuten leestijd

Bevrijding (1)

„Ik ben de Heere, Uw God. Die u uit Egypteland, uit het diensthuis uitgeleid heb".

Zo begint zondag aan zondag de lezing van de Tien Geboden. Overbekende woorden, die spreken van de bevrijding uit een slavernij van een periode van 430 jaar. De God van het Verbond heeft Zijn volk Israël verlost uit de hand van de Farao. Tijdens het Pascha moesten Gods wonderen doorverteld worden aan het volgende geslacht, opdat ze niet vergeten zouden worden. Op 5 mei 1945 heeft de Heere grote dingen bij ons gedaan. Wat was er een blijdschap en dankbaarheid, omdat er een einde gekomen was aan een donkere periode van vijf jaar. De Duitse overheersing was voorbij. Een vreselijke oorlog, die miljoenen mensenlevens had gekost. God had de gebeden om verlossing verhoord en daarmee het christelijke westen nog niet ten onder doen gaan. In alle toonaarden is dit jaar deze bevrijding bezongen, opdat we niet zouden vergeten.

Bevrijding (2)

Paulus spreekt ook van bevrijding. Wij zijn allen slaven van de zonde. En dit is een slavernij, die zeker tot de ondergang leidt. Onlangs las ik een verhaal, dat dat duidelijk illustreert. Het ging over een ooievaar, die in de modder terechtkwam. En hoe hij ook wroette en wat hij ook probeerde, hij kwam er niet uit. Tot hem te binnen schoot, dat hij ook een snavel had. Hij duwde dan ook ijlings zijn snavel in de modder, liet z'n lichaam daarop steunen en trok toen met gemak zijn poten los uit de modder. Een nieuw probleem ontstond! Hij had z'n poten wel vrij, maar nu zat z'n snavel vast in de modder. Dus zette hij z'n poten weer in de modder en trok z'n snavel vrij. Toen zaten z'n poten weer vast. En zo modderde hij maar voort. Een onoplosbaar probleem! Hij kon zichzelf niet bevrijden. Er moest hulp van buitenaf komen.

Zo modderen wij ook maar voort. Wij trekken ons steeds dieper in de modder. Er moet hulp van een Ander komen. De Heere Jezus is gekomen om te dienen en Zijn ziel te geven tot een rantsoen, tot een losprijs. Een losprijs diende om een slaaf vrij te kopen uit z'n slavernij. Daarvoor heeft de Heiland de hoogste prijs betaald: ijn leven. Het sterven en de opstanding van de Heere Jezus is dé grondslag voor elke bevrijding. De Heere Jezus zegt Zelf in Joh. 8 : 36: Indien dan de Zoon u zal vrijgemaakt hebben, zo zult gij waarlijk vrij zijn". Door Zijn offerande bevrijdt Christus zondaren van de slavernij van de zonden en maakt hen kinderen Gods, opdat zij Zijn lof zouden vertellen.

Paulus heeft ons in zijn brieven gewaarschuwd om ons niet opnieuw onder een juk van allerlei voorschriften en regels te laten brengen door te menen dat in het onderhouden daarvan de zaligheid zou liggen. Toch werden onder de geestelijke heerschappij van Rome de goede werken voorwaarden tot het geloof. De Heere gaf in de Reformatie een bevrijding, opdat het „sola gratia" in zijn volle rijkdom weer zou gaan schitteren. De Reformatie wijst ons op de enige Weg tot de zaligheid, Jezus Christus. Hij heeft de zaligheid verworven, die uit genade door het geloof wordt geschonken. Op 31 oktober j.1. hebben we deze daad van God weer herdacht, opdat we Zijn lof zouden vertellen. Dit is van de Heere geschied en het is wonderlijk in onze ogen.

Vrijheid in gebondenheid

De ware vrijheid geeft een gebondenheid

aan Gods Woord, aan Gods Wet en aan Gods dienst. Het is geen oorzaak tot het verwerpen van alle gehoorzaamheid aan God en Zijn Woord. Het mag nooit leiden tot bandeloosheid. Vrijheid krijgt juist zijn inhoud door de gebondenheid. Deze dienst is een liefdedienst. Een dienst aan God zonder vrees en een liefhebben van God en onze naaste. „Gij zijt tot vrijheid geroepen, broeders; alleen gebruikt de vrijheid niet als oorzaak voor het vlees, maar dient elkander door de liefde".

Paulus stelde er een eer in een slaaf van Jezus Christus te zijn. Hij wist zich een vrijgekochte van de Heere Jezus. Aan Hem wilde hij zich met ziel en lichaam ter beschikking stellen. Kind en dienstknecht tegelijk. Vrijgekocht, opdat hij Gode vruchten zou dragen. ..Maar die inziet in de volmaakte wet, die der vrijheid is en daarbij blijft, deze. geen vergetelijk hoorder geworden zijnde, maar een dader des werks, deze zeg ik, zal gelukzalig zijn in dit zijn doen" (Jak. 1 : 25). De wet komt in een nieuwe vorm terug in het leven der dankbaarheid, waarbij de bede telkens nodig is:

Och of wij Uw gehoon volbrachten! Gena, o hoogste Majesteit! Gun door 7 geloof in Christus, krachten Om die te doen uit dankbaarheid.

Vrijheid in ongebondenheid

De moderne mens wil van geen enkele beperking weten. Hij wil vrij zijn om zich volkomen uit te kunnen leven. Hij wil zelf uitmaken, wat goed is. Hij is zichzelf tot wet (autonoom) en heeft geen behoefte aan andere wetten en zeker niet aan wetten, die naar de maatstaf van Gods Woord zijn. De mens is de maat der dingen. Vrijheid is jezelf kunnen zijn, ongebonden en vrij van taboes en vooroordelen. En het hart is zo arglistig, dat men durft te zeggen, dat in de vergeving der zonden een vrijbrief is ontvangen om te zondigen. Een vrijheid, die eigenlijk geen vrijheid is en juist een slaafse gebondenheid veroorzaakt. Een vrijheid, die verbonden is aan het goddeloze , , ik" en in bijbelse zin te verwerpen is.

De wortels van deze vrijheid zien we in de leuzen van de Franse Revolutie: „Vrijheid, gelijkheid en broederschap" en „Geen God en geen meester!" Alles wordt geregeld op onderlinge afspraak.

De norm waardoor men zich tegenwoordig laat leiden is of iets maatschappelijk aanvaardbaar is. Het is duidelijk dat bij deze norm niets meer veilig is.

Geen vrijheid en toch vrij

In de landen achter het IJzeren Gordijn is geen vrijheid. Alles in de greep van het communisme. De geheime dienst houdt heel het leven onder kontrole. Ook de kerken! Ook de christenen! Dat betekent, dat mensen, die naar Gods Woord willen leven op allerlei terreinen in konflikt komen met de overheid. Godsdienst is volgens hen vergif en maakt mensen wereldvreemd en ongeschikt als staatsburgers. De Bijbel behoort tot de verleden tijd. Ook al biedt het atheïsme geen enkel uitzicht en wordt dat negatieve wijze gekompenseerd, toch wordt het overal gepropageerd.

Veel christenen is opstand tegen de staat verweten en zijn daardoor in gevangenissen terechtgekomen, waar allerhande martelingen werden ondergaan. Aangrijpende levensbeschrijvingen spreken ons van verbanningen zonder proces en van gezinnen, die in armoede en ellende achterbleven. Er bestaat daar alleen maar een vrijheid van geloof op papier. Het zijn slechts lege woorden.

En toch neemt het aantal christenen toe! Men is liever niet vrij dan dat men God daarvoor zal verloochenen. Ook als je lichaam in de gevangenis zit, kun je toch vrij zijn. Dan is men vaak juist heel dicht bij God. Gevangen en toch vrij!

Vrijheid en toch niet vrij?

We werden bevrijd! In ons land is het mogelijk om nog betrekkelijk ongestoord te leven. We zijn vrij om te zeggen wat we willen en we mogen nog naar de kerk gaan, waar we wensen.

Maar toch lijkt de neutrale opstelling van de staat langzamerhand te ontaarden in een anti-christelijke macht.

Alle onderscheidingen moeten wegvallen. De gelijkheidsideologie staat hoog in het vaandel geschreven. Een antidiskriminatiewet komt er aan. Een vloekverbod mag niet. Rekreëren op zondag — op welke beschamende wijze dan ook — mag niet verboden worden.

Alle resten van een christelijke beschaving worden ondermijnd.

Vrijheid om te geloven en toch neemt juist hier het aantal christenen sterk af. Ze worden van een meerderheid een minderheid.

Die positie moeten we ons bewust zijn. Wc werden wel bevrijd, maar veel nieuwe vijanden staken de kop op. Vijanden, die zeker zo gevaarlijk zijn. Het gevaar voor verleiding is ontzettend groot. De satan gaat rond. zoekende wie hij kan verslinden.

Het lijkt wel of de vijanden het voor het zeggen hebben. Of zeggen wij te weinig? Laten wij ons te gemakkelijk meeslepen door de meerderheid? Dat is een levensgroot gevaar! We mogen de levensvormen niet overnemen van de wereld. Er moet van onderscheid sprake blijven. Het „geheel anders" blijft gelden. In de wereld, maar niet van de wereld! Nu mogen we nog voor onze mening uitkomen, maar hoe lang nog? Laten we in liefde tot de wereld uit blijven gaan om hen op te roepen tot een vrijheid in gebondenheid aan Gods geboden, want in het onderhouden daarvan ligt grote loon. Kunnen wij van die vrijheid getuigen?

Tenslotte....

De belangrijkste vraag blijft: Zijn we echt vrij? Ja. we hebben geen overheersers meer. we leven in een vrij land. Een vrijheid, die eerder minder dan meer wordt en waar vele gevaren van meegaan en gewenning dreigen. Zo kunnen we toch nog gevangen zijn in de slavernij van de zonde. De profeten moesten na de verlossing uit Egypte blijven oproepen tot de ware vrijheid. En dat is voor ons ook in de eerste plaats noodzakelijk.

Laat in de christelijke vrijheid de liefde boven alles gaan.

Ook in onderlinge verhoudingen, waar zo vaak liefdeloos gestreden wordt over middelmatige dingen. Alles wat niet beantwoordt aan de eis van de liefde kan voor God niet bestaan. „Want waar liefde woont, gebiedt de Heere Zijn Zegen".

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 22 november 1985

Daniel | 32 Pagina's

Zijn we wel echt vrij?

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 22 november 1985

Daniel | 32 Pagina's