Studentenbijeenkomst in Gouda
Evenals vorig jaar heeft het Deputaatschap voor studerenden op 16 en 17 augustus een 2-daagse bijeenkomst belegd in „De Driestar" te Gouda.
Voor de aankomende studenten is vooraf een instruktiebij eenkomst gehouden.
Naar aanleiding van het gelezen schriftgedeelte — Spreuken 1 : 1 t/m 7 en Daniël 1 : 1 t/m 9 — houdt ds. H. Paul de ca. 80 jongeren voor, dat de vreze des Heeren het beginsel der wijsheid is. Deze centrale gedachte in Spreuken 1 wijst ons de goede weg in ons leven. Wetenschap moet beginnen met de vreze Gods. Dit is geen slaafse vrees, maar een tere Godsvreze die voortkomt uit liefde en die vraagt naar de wil van God. De wereldse wetenschap is erop uit om de vaste grondslag van Gods Woord te ondermijnen. Net als in Daniëls tijd probeert zij jonge mensen van de Waarheid af te trekken. Daarom is het zo belangrijk om ons vast te klemmen aan het Woord, omdat dat de Waarheid is. De God van het Woord is waarachtig in Zijn beloften, maar ook in Zijn bedreigingen. Ik wens jullie toe dat God je bewaart bij Zijn Woord, want dat alleen geeft vastheid en zekerheid. Smeek daarom of Hij je staande wil houden.
Doelstelling van het Deputaatschap
Verder geeft hij een korte toelichting op de doelstelling van het Deputaatschap, namelijk de begeleiding en toerusting van studerenden van onze gemeenten. Dit gebeurt in de vorm van landelijke en regionale bijeenkomsten en het kringwerk.
Ds. Paul spreekt de wens uit dat de aankomende studenten zich bij de kringen zullen aansluiten en de bijeenkomsten bijwonen.
De mentor of een assisterende-student geeft nu een korte uiteenzetting over het plaatselijke kringwerk. Zij delen mee wat er gedurende het studiejaar op de kring gedaan wordt: behandeling van een bepaald thema, bestudering van de Institutie, de frequentie waarmee vergaderd wordt enz.
Hierna krijgen de studenten gelegenheid zich nader te oriënteren omtrent het kringwerk, door zich te wenden tot de leiders van de kring van de plaats waar zij hun studie willen beginnen. Tevens wordt de nieuwe uitgave van de Informatiepost uitgereikt. Dit gedeelte wordt afgesloten met een gezamenlijke maaltijd.
Christen zijn in deze wereld
De avondbijeenkomst wordt geopend door ds. Paul. Hij heet de ca. 160 studenten hartelijk welkom en spreekt zijn vreugde erover uit dat er nog meer dan vorig jaar aanwezig zijn. Het is een groot voorrecht om in vrede zo samen om het Woord van God bijeen te mogen zijn. Ds. D. Rietdijk houdt hierna zijn lezing getiteld: „Christen zijn in deze wereld". Christen zijn gaat gepaard met veel strijd omdat er veel
vijanden zijn. Deze wereld is de moderne wereld zonder God.
In deze wereld heeft de christen een opdracht, die voortdurend moeilijker wordt, omdat de bijbelse normen steeds meer genegeerd worden. De bijbelse opdracht is om de Gode vijandige wereld niet lief te hebben en haar denkbeelden niet over te nemen. Steeds moet worden beseft, dat de wereld een gevallen wereld is. Deze wereld heeft haar eigen wijsheid, die echter dwaasheid bij God is.
De wereld gaat uit van de vrijheid van de mens, een ongebondenheid waar de wetteloosheid hoogtij viert. In feite is de vrije mens, die doel in zichzélf wordt, een gebonden mens. De Bijbel geeft een ander beeld. De wijsheid Gods gaat niet van de mens, maar van God uit. Het is openbaring van Gods kant. De Bijbel rekent af met alle menselijke hoogmoed. De mens is boos en onmachtig het goede te doen. Het is van groot belang dit te leren, omdat dit onze grondhouding moet bepalen. Noodzakelijk is persoonlijke wedergeboorte.
Zonder deze wedergeboorte gaan we met deze wereld mee. Niet mijn ik, mijn kennis, mijn kracht is dan belangrijk, maar dan is een Ander nodig, nl. Christus, Die mij vasthoudt en tegenhoudt. Hij wordt het doel van mijn leven.
De christen weet van Zijn beperkte kennen en kunnen. Hij zal in afhankelijkheid van de Heere leven.
Het zelfstandig wonen op kamers en de intrede in de wetenschappelijke wereld brengt vele verleidingen met zich mee. Het afwijken van datgene wat van thuis is meegekregen, gaat zo geleidelijk. Teneinde niet te assimileren is het nodig dat je biddend het Woord en de belijdenis onderzoekt. De leiding van de Geest en een leven naar het Woord is onmisbaar.
De aandrang tot levensheiliging, zoals de Nadere Reformatoren dit hebben gedaan, geldt ook voor ons.
Een leven naar het Woord roept reakties op, van buiten af en van binnen uit, hetgeen aanleiding is tot een geestelijke strijd. In deze strijd geeft de Heere Zelf de wapenrusting (Efeze 6). Het Woord moet voor ons het laatste woord hebben. Voor dit Woord moet je buigen, klein worden.
Alleen een leven dichtbij de Heere kan ons staande houden. Door het Woord worden we opgewekt tot het gebed en het gebed brengt weer bij het Woord. Ook als we schijnbaar alleen staan en ons zwak gevoelen, is het Christus Die krachten geeft.
Christus roept op tot navolging en daarom moet de christen beelddrager van Christus zijn. De christen moet van genade leven.
Ootmoed en bescheidenheid moeten hem sieren. De onvolkomenheid moet leiden tot de bede: o, Zoon maak ons Uw beeld gelijk.
De christen leeft in het nóg niet. De onvolkomenheid moet hem doen hunkeren naar de toekomst van Christus (N.G.B. art. 37). Door ons werk dragen we niet bij aan de toekomende wereld. God zelf zal voor vernieuwing zorgdragen hetgeen blijkt uit de woorden van Petrus: Maar wij verwachten, naar Zijn belofte, nieuwe hemelen en een nieuwe aarde, in dewelke gerechtigheid woont" (2 Petr. 3 : 13).
Aldus ds. Rietdijk.
Na de groeps-en plenaire discussie sluit ds. Rietdijk de avond met het laten zingen van Ps. 17 : 3 en gebed.
Omgaan met de medemens
De volgende morgen opent ds. Paul de vergadering. Hij beklemtoont dat het hoge doel waartoe de Heere ons roept alleen verwezenlijkt kan worden door de waarachtige vernieuwing des harten. We mogen niet genoeg hebben aan het uiterlijke alleen.
Dokter W. den Hengst houdt nu een inleiding over: „Omgaan met de medemens". Hij begint met erop te wijzen dat wanneer je pas afgestudeerd bent, je nog zo weinig weet. Buiten het eigen vakgebied zijn er nog zoveel zaken waar je dan nog nauwelijks iets van weet. Voor God zijn we allen gelijk, welk werk we ook doen.
Gaven hebben we ontvangen en daarop mogen we ons niet beroemen.
De omgang met onze medemens hangt nauw samen met onze levenshouding. We willen daar van een praktische uitwerking geven.
Het uitgangspunt is: met onze medemens omgaan, zoals ik zou willen dat men met mij omgaat. Dit behelst twee zaken: a. altijd naast de ander gaan staan ongeacht van welke rang of stand deze is, en b. zich verplaatsen in de situatie van de ander; hoe zou ik handelen als ik het zelf zou zijn.
Als de H.C. spreekt over de eerste tafel van de wet, dan houdt deze ons voor hoe wij ons jegens God zullen houden en wanneer hij dat doet over de tweede tafel, dan wordt ons geleerd wat wij onze naaste schuldig zijn. Dus geen superioriteit, maar schuldig zijn. De wet Gods moet het uitgangspunt zijn voor onze levenshouding.
De kern van het vijfde gebod is de
erkenning van het gezag. Het menselijk gezag is afgeleid van het hoogste Gezag, namelijk God, Die souverein is.
De mens kan niet zonder gezag. God heeft dit gezag gegeven om de zonde te beteugelen. De autonome mens van vandaag wil afbreuk doen aan dit gezag.
Het zesde gebod spreekt over het respekteren van het leven, dat een gave van God is. Het dragen van een handicap is vaak moeilijk. Er zijn voorbeelden te noemen van het geduldig dragen van een zwaar kruis en dat zwaar gehandicapten zalig mochten sterven. De autonome mens wil zelf heersen over het leven. Hij wil zelf bepalen of leven zinvol is of niet. Zo ontstaat er de bedreiging van het leven aan het begin (abortus) en aan het eind (euthanasie).
Het zevende gebod bestrijkt het gehele terrein van de ontucht. Het is het gebod der liefde in de betekenis van de gevende liefde. God vraagt een kuise levenswandel.
In onze maatschappij, waar alle remmen worden losgegooid, is het uiterst moeilijk om staande te blijven. Wanneer je in de zonde verstrikt bent geraakt, zoek dan een vertrouwenspersoon om mee te praten.
Bedenk hierbij dat de allerheiligste slechts een klein beginsel heeft van de volmaaktheid. In het achtste gebod gaat het om de omgang met het bezit. De helft van de wereldbevolking moet rondkomen met ƒ 1500, — per jaar. Wij zijn bijzonder bevoorrecht. Tel elke dag de zegeningen en wees dankbaar. Dankbaarheid bepaalt ook de omgang met onze verre naaste.
Het negende gebod veroordeelt het kwaadspreken. Er wordt heel wat geroddeld en onverhoord geoordeeld. Als je over iemand een oordeel uitspreekt, doe het dan op zodanige wijze alsof de ander, waarover het gaat, er bij is. Door roddel verliest men het vertrouwen. Benader de ander vanuit het goede, vermaan in liefde. Zwijg ook wanneer het nodig is. Echte belangstelling betekent luisteren naar de ander. Handel altijd volgens Matth. 18.
Het tiende gebod geeft een samenvatting van de tweede tafel der wet. Hierin staat de begeerte centraal. Door de begeerte is de zonde in de wereld gekomen. Het egoïsme heeft de wereld verwoest. Het eigen ik staat in ons leven centraal. De H. Geest geeft bij vernieuwing des harten de strijd tegen dit „ik". In Christus vinden we geen egoïsme, maar zelfverloochenende liefde tot Zijn Vader en de Zijnen.
In de eindtijd zal de liefde verkillen. Het eigen genot komt op de voorgrond. Alleen in de hemel zal alles volmaakt zijn.
Christus zal dan zijn alles en in allen.
Aldus dokter Den Hengst.
Na de groepsdiskussie volgt de maaltijd.
De bijeenkomst wordt besloten met een plenaire en afsluitende diskussie.
Er mag teruggezien worden op een gewaardeerde en leerzame bijeenkomst.
De sfeer was goed en nieuwe kontakten zijn gelegd. Het is verblijdend dat zoveel studerenden rondom het Woord van God bijeen waren. Hier past ootmoed en dankbaarheid jegens Hem, Die ons dit alles gaf.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 30 augustus 1985
Daniel | 36 Pagina's