OP ZIEKENBEZOEK VIA POST
OP ZIEKENBEZOEK VIA DE POST Terwijl de wind en regenvlagen tegen het vensterglas van uw ziekenkamer slaan, kan de gedachte opwellen: „Zou het wel ooit lente worden? " De zon met haar koesterende stralen wil maar niet doorbreken (het is nu nog april). Na een lange koude winter kan de lentelucht zo verkwikken en de prille bloesemgeuren met haar tere kleuren laten ons de Hand van de
Schepper zien. Misschien zagen we verwonderd de knoppen uitbotten. Ze werden steeds dikker, totdat
de warme zonnestralen ze deden openspringen. 't Kan zijn dat u weet, als de Heere geen verandering geeft, dat uw dagen geteld zijn. Misschien is dit de laatste lente met zijn bloesempracht, die u aanschouwen mag. Wat kan het dan stormen in ons hart. Vooral als we worstelen met de vraag: „Mijn ziele doorziet gij
uw lot, hoe zult gij rechtvaardig verschijnen voor God? " Stil kan het verdriet ons leven stempelen, als de Heere ons bij de hand neemt en zegt: „Volg
Mij!" En een weg met ons gaat door donkere diepten, door een nacht van smart en zorgen.
Als we dan het ontluikend lenteleven zien, wat kunnen dan felle pijnvlagen ons hart teisteren, als de felle koude noordenwind. Of mogen wij door genade weten dat een Vaderhand ons leidt, zodat wij leren bidden: „Leer mij volgen zonder vragen, leer mij slechts het heden dragen"? Dan kan het zijn dat de Heere ons leven heiligt tot Zijn eer, door alle smart. De grote Hovenier geeft wel eens de zachte zuidenwind van de vertroosting door Zijn Woord en Heilige Geest, zodat de bloesemknoppen openspringen, en hun geur gaan verspreiden, en de bloemen worden gezien in het land. Dan genaakt ook de zangtijd.
Als de Zon der Gerechtigheid ons bestraalt, dan breekt ons hart evenals de bloesemknop open, en richt het zich op Hem in Wie alleen het leven is. Dan wordt de mond met zangstof weer vervuld, en in 't hart de ware rust herboren. Dan wordt ook de ootmoedige pinksterbede geboren:
Ontwaak, o Geestes noordenwind doorwaai Uw Kerk. Opdat d’ aloë en mirregeur, door’s hemelszwerk Voor Uwen troon mag stijen alsa lieflijk reukwerk.
Ontwaak, o Geestes zuidenwind doorwaai Uw hof. Opdat de nardusgeur, tot ’s Konings lof ’t Zondaarshart vervullen mag met vreugdestof.
Deze bruidsgestalte en bede willen wij u in de ziekenkamer toewensen. De Bruidegom komt tot Zijn hof. De Heere Jezus toont Zijn uitnemende liefde voor een zwarte bruid, als Hij zegt: , , 0 bruid doe Mij open, want Mijn hoofd is vervuld met dauw, en Mijn haarlokken met nachtdruppen." Zou ons zondaarshart dan niet uitgaan vanwege Zijn spreken? Kunnen wij Hem dan nog buiten laten staan? Als ge bij uzelf de overtuiging omdraagt dat ge zo kleingelovig zijt, zegt Spurgeon, „o, roep dan tot de Heere, roep dan met luider stem: Gij hebt mij herschapen om een bloem te zijn in Uw gaarde, hoe weinig beantwoord ik daar aan!
Bij ons ziekenbezoek heeft de vrouwenvereniging „Draagt elkanders lasten" te Slikkerveer om post gevraagd voor haar trouwe lid: mevr. Goedegebuure-Kievit(64j.), Margrietstraat 23, 2983 ED Ridderkerk. Dit voorjaar zijn vele zorgen uw huisdeur binnen gekomen mevr. Goedegebuure. Als een hovenier beziet de Heere nauwkeurig elke plant in Zijn hof. Hij geve de bede in uw hart: „Bewijs, o Heer, d' ellendige gena, betoon dat U hun smart ter harte ga."
De vrouwenvereniging „Kleine kracht" te Spijkenisse heeft meeleven gevraagd voor: mevr. de Kwant-Boek (71 j.), A. van Bronckhorstlaan 279, 3201 XE Spijkenisse; mevr. Berkhout-van den Bergh (81 j.), Bej.huis „de Marckenburg", Goudenregenplein 1, kamer 51 1, 3203 BN Spijkenisse, en voor de 38-jarige mevr. Rietdijk-Speksnijder, Debussystraat 23, 3208 CH Spijkenisse.
Bij ouderen en jongeren aanschouwt de Heere de moeite en het verdriet, opdat we het in Zijn Hand zouden geven, ook voor hen die ons met trouwe zorg omringen. Voor deze Heelmeester is niemand onbereikbaar. In de vele moeiten, zorg en kruisdragen geve de Heere u samen dat uw oog op Hem gericht mag zijn. om met een biddend hart van Hem die pinkstergeest te begeren, om de hof van ons hart te doorwaaien. Dan zal de nardusgeur zich verspreiden, dan ruikt men de mirre en kassie wijd en zijd, en d' aloë, welker geur het hart verblijdt! Dan worden de bloemen gezien met ongekende pracht; en de zangtijd genaakt!
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 24 mei 1985
Daniel | 32 Pagina's