Petrus
Een haan kraait in de morgenstond, een nieuwe dag ontwaakt. Ik lees van Petrus, hoe hij trots zijn Meester trouw zwoer, als een rots die nooit van wank'ling vreest.
Weer kraait de haan zijn luide roep als ik wat verder lees. De rotsman wankelde en viel, het gif droop langzaam in zijn ziel, dat gif van mensenvrees.
De satan heeft U zeer begeerd te ziften, sprak de Heer. Maar Mijn gebed is om U heen en Petrus, bitter in geween buigt zich heel diep terneer.
Een haan kraait in de ochtendstond, er komt een nieuwe dag. De wereld om mij is zo sterk, geefHeere, dat 'k in mijn woord en werk U niet vervloeken mag.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 29 maart 1985
Daniel | 32 Pagina's