JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

ACHAB EN OBADJA

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

ACHAB EN OBADJA

1 Koningen 18 : 2-6

7 minuten leestijd

Lees voor je deze bijbelstudie gaat bestuderen eerst 1 Koningen 18 : 2-6 aandachtig door.

Het staat er zo eenvoudig: En Elia ging heen, om zich aan Achab te vertonen. Maar in die enkele woorden wordt heel de gehoorzaamheid van het geloof uitgedrukt. Als Elia weer was gaan redeneren, had hij gezegd: „Die reis is te gevaarlijk. Overal zijn spionnen van Achab. Misschien laat de koning mij wel doden". Wc zien hier echter opnieuw, dat het geloof niet redeneert, maar volgt waar de Heere roept en buigt onder Zijn Woord. Zo is Elia op weg gegaan.

Maar tegelijkertijd zijn er nog twee die op weg gaan: Achab en Obadja. Alles valt onder de voorzienigheid Gods: de Heere leidt het nu zo, dat ze elkaar zullen ontmoeten.

Het oordeel grijpt om zich heen

Hoe was het intussen in Israël? En de honger was sterk in Samaria. Overal greep het oordeel om zich heen en stierven de mensen. De Heere is een God, Die de zonde niet door de vingers ziet. Ook onze zonde niet. De bezoldiging der zonde is de dood. De zonde moet gestraft worden. Welgelukzalig als onze zonde gestraft is aan die grote Ander, aan Christus. Als dat niet het geval is, moeten we zelf onze zonden dragen tot in eeuwigheid. Dat zal zo erg zijn. Beseffen jullie wel. hoe duur de zonde uitbetaalt? Het oordeel in Israël wijst heen naar het eeuwige oordeel: eeuwig hongeren en dorsten zonder verzadiging. Kunnen we nog doorleven zonder God? Nu is het nog de genadetijd. De Heere zegt: Mijn zoon. geef Mij uw hart! Buig je knieën toch niet voor de Baals van onze tijd.

Obadja

We ontmoeten hier iemand, die dc knie ook niet heeft gebogen voor Baal. Het is Obadja. Niet de profeet. Wel de hofmeester. die gesteld was over alle bezittingen van Achab. Dus een belangrijk man. En van deze man lezen we iets, dat we niet verwacht zouden hebben: en Obadja was de Heere zeer vrezende. Heeft Achab dat niet geweten? Natuurlijk wel. De vreze des Heeren kan niet verborgen blijven. Als ze in je omgeving en op je werk niet merken, dat je de Heere vreest, dan is dat een heel slecht teken! De vreze des Heeren komt in heel onze levenswandel naar voren. Dan zeggen ze op school of op het werk: die jongen, dat meisje, is anders dan de anderen. Die heeft een andere blijdschap, een andere droefheid, een ander verlangen. Dat komc naar voren ook in onze gesprekken. Wat is het liefste werk van de vreze des Heeren? Goed van God te mogen spreken. De vreze Gods kan niet buigen voor de Baals van onze tijd. kan niet mee met de wereld. Zou dat niet te merken zijn? Zou Achab het niet gemerkt hebben, dat Obadja de Heere vreesde?

Waarom heeft hij Obadja dan toch gehandhaafd? Ongetwijfeld omdat Obadja betrouwbaar was en het beheer van zijn bezittingen zodoende in veilige handen was. Er zijn er ook. die zeggen: Achab wilde van twee walletjes eten: hij diende de Baals, maar hij wilde tegelijk de Heere tevreden stellen en daarom hield hij Obadja bij zich in dienst. Ik acht dit heel goed mogelijk. Dit past bij de slappe persoonlijkheid van Achab. Het zit ons bovendien in het bloed om God en de wereld samen te willen dienen. Er is zoveel halfslachtig zondagschristendom, dat de Heere en de Mammon samen dienen wil. Maar dat is een godsdienst, die op een verschrikkelijke teleurstelling uitloopt. Achab was een slappe figuur. Hij liet zich op sleeptouw nemen door zijn vrouw. We

lezen in vers 4, dat Izebel de profeten uitroeide. (Dus niet Achab). Maar Achab heeft wel alles toegelaten. In dat verband nu wordt Obadja hier genoemd. Hij heeft namelijk twee groepen van vijftig profeten verborgen en onderhouden. Hoe hij dit heeft gekund, weten we niet. Het is in ieder geval een heldendaad des geloofs geweest. De Heere heeft door middel van Obadja honderd van Zijn profeten bewaard, een bewijs, dat de zaak nog niet was afgesneden. Er was nog een Kerk in Israël; straks zullen we horen van de zevenduizend. Al was die Kerk verborgen, er was nog een overblijfsel naar de verkiezing. Ook in Nederland is nog een overblijfsel, ook al is het vaak verborgen, ook al gaat er voor het oog weinig invloed van uit, het is er nog. Het is een bewijs, dat de Heere Nederland nog niet heeft overgegeven, dat Hij nog twist met ons volk. Maar tegelijk mogen we wel heel goed beseffen, dat er een grens is aan Gods geduld. Want hoeveel van Gods kinderen zijn er al weggenomen? De rechtvaardige wordt weggeraapt vóór de dag van het kwaad. Als de Heere Zijn volk uit een land, uit een gemeente wegneemt, dan wordt het levende geloof weggenomen, dan wordt het gebed weggenomen en de worstelingen aan de genadetroon. Dat was in Israël toch nog niet weggenomen. Daarvoor was Obadja een middel geweest. Hij draagt daarom zijn naam met ere: Obadja wil immers zeggen: „knecht van Jehovah”.

Achab als antitype van Christus

Samen gaan Achab en Obadja op weg om gras te zoeken voor paarden en muilezels (vers 5). Op zeker ogenblik gaan ze ieder een kant uit (vers 6). Dit alles tekent wel de uiterste verharding van Achab. We weten, dat hij veel paarden had, mede ook voor zijn strijdwagens. Die paarden vormden zijn rijkdom, maar ook zijn macht. Hij had zijn politieke invloed te danken aan zijn strijdmacht. En nu het oordeel ook Achabs rijkdom en macht heeft aangetast, is hem dat belangrijker dan zijn volk. In plaats van de noden van zijn volk te lenigen, is hij alleen op zoek naar gras voor zijn paarden. Dus een koning, die niet het heil van zijn volk zoekt, maar zichzelf. Achab is hier wel een antitype te noemen van Koning Jezus, die nooit Zichzelf heeft gezocht, maar altijd de eer Gods en het heil van zondaren. Christus was met innerlijke ontferming over de scharen bewogen. Maar Achab zoekt zichzelf. Zie je jezelf al naast Achab staan? Wij zijn allemaal zoekers van onszelf. Hebben we er al last van gekregen? Is het ons al tot smart geworden? Dan kan het ons een wonder worden, dat Koning Jezus nooit Zichzelf heeft gezocht. Alleen daarom kunnen zoekers van zichzelf nog zalig worden.

Achab buigt niet

Bij Achab vinden we geen spoor van verootmoediging. In plaats van de Baals af te zweren en zich in de weg der bekering tot de Heere te wenden, is hij op zoek naar de laatste groene sprietjes. Wat is toch een mens. Het is niet minder dan een wonder van de hemel, wanneer een mens buigt onder God en onder het oordeel. Als Achab rondtrekt op zoek naar de laatste groene sprietjes, wordt hij overal herinnerd aan zijn zonde. De verschroeide akkers en de verdorde weilanden zijn beschuldigende vingers, naar hem uitgestoken. Dat alles getuigt tegen hem. Maar hij verstaat het niet. Hij valt niet voor God. Hij blijft in de uiterste verharding zoeken naar het laatste groen. Alles getuigt tegen Achab, maar ook tegen jou! Heb je dat al verstaan? In het leven van Gods kinderen komt er een tijd, dat alles tegen hen getuigt: de dieren van het veld, heel de schepping in barensnood, ja iedere voetstap, de aarde waarop we wandelen en de zon, die boven ons schijnt. Want op die aarde en onder die zon heb ik het kwaad bedreven. Kennen we dat? Dan wordt het een wonder, dat we nog een voet grond hebben overgehouden om op te staan. Als Achab nu zo eens was rondgetrokken, nu zo eens als een schuldige was neergezonken. Maar het tegendeel is het geval. En nochtans zal de Heere het oordeel over zo'n koning en over zo'n volk opheffen. Dat is enkel eenzijdig ontfermen. Wat is de barmhartigheid Gods dan groot.

Gespreksvragen

1. Wat moeten we verstaan onder de vreze des Heeren?

2. De vreze des Heeren openbaart zich in heel onze levenswandel. Kun je dat vanuit de Schrift duidelijk maken?

3. Christus zegt, dat we niet God en tegelijk de Mammon kunnen dienen. Wat betekent dat konkreet in ons leven in deze tijd?

4. Wat moeten we verstaan onder een antitype van Christus? Noem enkele voorbeelden. En wat onder een type van Christus? Noem weer enkele voorbeelden.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 28 september 1984

Daniel | 31 Pagina's

ACHAB EN OBADJA

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 28 september 1984

Daniel | 31 Pagina's