JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

EEN ZWARE BEPROEVING

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

EEN ZWARE BEPROEVING

Bijbelstudies over de profeet Elia (5)

7 minuten leestijd

1 Koningen 17 : 17-19

Lees voor je deze bijbelstudie gaat bestuderen, eerst 1 Koningen 17 : 17-19 goed door.

Wat een zware beproeving voor de weduwe van Zarfath. Waarom neemt God haar jongen weg? Omdat God het wil! Omdat God het alleenrecht heeft op alle dingen! Maar om daar nu onder te buigen en te zeggen, dat Gods wegen heilig en goed zijn, daar komt een mens nooit als God hem er niet brengt. Toch vergist de Heere Zich nooit. De dood van deze jongen is tot Zijn eer. We verstaan dat alleen achteraf. De Heere sleept Zijn kinderen soms over de bodem van de zee, waar de golven over hun hoofd gaan, om de werken Gods te verheerlijken. Bovendien moet het geloof gelouterd worden in het smeltvuur en het lijden. Deze diepe weg zal leiden tot loutering van het geloof van deze vrouw, zodat zij zal leren zeggen: Nu weet ik, dat gij een man Gods zijt, en dat het woord des Heeren in uw mond waarheid is! Juist door deze diepte heen zal blijken Wie God is en dat Zijn Woord waarheid is. Dat weten des geloofs wordt geboren door de diepten van de beproevingen heen. Toen Job uitriep: Ik weet Mijn Verlosser leeft, toen zat hij wel op de ashoop. In de diepte van de beproevingen blijkt echter, wat Gods kinderen hebben aan hun God.

Alles ontvalt

Het was toch wel een diepe beproeving. Daar staan het meel in de kruik en de olie in de fles, als bijzondere bemoeienissen van de Allerhoogste. Maar dat kind kan er niets meer mee doen. Deze vrouw vindt bij dat wonderlijke meel en bij die wonderlijke olie de dood. Dat is wat, als je temidden van de wonderen van God de dood vindt! Daarin ligt een trek van het geestelijke leven: er zijn in het leven van Gods kind zoveel bemoeienissen uit de hemel, maar er komt een tijd, dat we er niets meer mee kunnen doen. Wat zal die vrouw bij kruik en fles zich vaak verwonderd hebben over Gods goedheid. En nu vindt zij de dood. Begrijpen we dat? Ik hoop dat er zijn van onze jongelui, die dat begrijpen: we mochten ons zo hartelijk in Gods goedheid verblijden, ons hart was zo verbroken, we mochten zo dicht bij de Heere leven, we mochten ons hart voor Hem uitstorten. Die lentetijd van het geestelijk leven is als zo'n Zarfath, waar bij kruik en fles Gods goedheid zo rijk wordt geproefd. Maar nu komt er een tijd, dat de dood binnenkomt, dat we de dood erbij vinden. Dan is alles zo donker. Dan valt alles weg. Dan kunnen we het er niet meer mee doen. Het wordt sterven. Het wordt omkomen. Alles ontvalt ons. En dat terwijl je Gods goedheid hebt gesmaakt. Zo gaat het in het geestelijk leven. Waarom? Opdat we niet uit de weldaden zouden leven, maar alleen uit Christus. Opdat we niet bekeerd zouden worden buiten de Heere Jezus om. Daarom neemt God de grond uit de weldaden weg. Dan kunnen we het niet meer met de weldaden doen, zoals die vrouw het niet meer doen kon met haar meel en olie. Er moet een andere grond gelegd worden. Niemand kan een ander fundament leggen, dan hetgeen gelegd is. En dat fundament is Christus. Daarom gaat de Heere afbreken, wat Hij eerst gebouwd heeft. Dat valt niet mee. Want dat betekent, dat we bij kruik en fles, die zo heerlijk spraken van Gods goedheid, de dood vinden.

Harde vragen

Denk eens in. Daar zit de vrouw bij kruik en fles, die spreken van de vervulling van Gods belofte. En naast haar ligt het

ontzielde lichaam van haar lieveling. Is het wonder, dat de vragen zich opstapelen, en tot één aanklacht worden tegen Elia en dus tegen de God van Elia? Lees vers 18: Wat heb ik met u te doen, gij man Gods? Zijt gij bij mij ingekomen, om mijn ongerechtigheid in gedachtenis te brengen, en om mijn zoon te doden? Hadden we elkaar maar nooit gezien. Hoe heb ik het nu met u en met de belofte van God? Ons leven was toch gegarandeerd in de belofte Gods en hoe verklaart u dit dan? Is dit nu uw God? Een God, die vreugde geeft, om de droefheid des te groter te maken? Bent u daarom gekomen? Om mij te straffen voor mijn ongerechtigheid? Ziedaar, zich opstapelende vragen in het hart van deze vrouw. We horen wel, dat deze vrouw niet is op de plaats, , waar het is: Heilig zijn o God, Uw wegen. Zouden we haar daar hard over vallen? Steek dan de hand maar eens in eigen boezem. Komt hij er niet melaats uit? We kunnen makkelijk over eenswillendheid praten, maar het is niet minder dan een wonder het te zijn. We denken toch niet, dat Job dat van zichzelf had? Het kan alleen door de heerschappij van Gods genade en door de kracht van het geloof.

Vrucht van ontdekking

Toch is het opmerkelijk, dat deze vrouw spreekt over haar ongerechtigheid. Dat is een vrucht van ontdekking. Volgens sommigen zou zij een zondige vrouw zijn geweest en zou haar zoon uit ontucht geboren zijn. Daarvoor biedt de Schrift echter geen aanwijzing. Wij zien hier een vrucht van ontdekking. Uit alles blijkt toch — zoals we al eerder zagen — dat zij stond onder de majesteit van het Woord, en dat brengt altijd ontdekking met zich mee. Al kan deze vrouw hier dan niet onvoorwaardelijk onder de Heere buigen, zij voelt toch haar schuld. Zij spreekt over haar ongerechtigheid. Hier, waar de majesteit en de heiligheid blijkt van Gods doen, hier voelt zij haar ongerechtigheid. Dat kan niet anders. Waar wij gekonfronteerd worden met de majesteit en heiligheid van God, daar verbrandt alle eigendunk en eigengerechtigheid. Daar worden we schuldig voor God. Zien we nu, dat heel deze weg voor die vrouw gebruikt wordt tot verdere oefening en ontdekking? Want oefening en ontdekking gaan hand in hand. En weer: het meest daarvan wordt geleerd in de smeltkroes van de beproeving.

Elia zwijgt

Wat zal Elia zeggen op de aanklachten en vragen van de vrouw? Hij zegt niets. Hij kan het niet. Hij staat ook verbijsterd. Hij heeft geen antwoord. Toen hij stond voor de majesteit van Achab wist hij wél wat hij zeggen moest. En later op de Karmel ook. Maar hier? Elia staat hier ook sprakeloos. We lezen niet, dat hij de vrouw één woord heeft geantwoord. Er zijn mensen, die menen, dat zij altijd wat zeggen moeten. Dan horen we ze zeggen: je moet er maar in berusten; mensen doen het je niet aan; buig er maar onder. Wij praten vaak veel te veel. Als Elia dat gedaan had? Had het geholpen? In de diepste nood zijn mensenwoorden zo arm en goedkoop. Er zijn soms situaties van zo diepe smart en droefheid, dat we beter kunnen zwijgen dan spreken. Elia gaat niet met deze vrouw praten.

Maar hij doet wel wat anders. Hij neemt haar nood over. Lees dat in vers 19. Hij zegt: Geef mij uw zoon. Dat is een vragen des geloofs. In het geloof dat God wonderen kan doen. Die God van de raven, die God van het meel en de olie, kan met deze beproeving ook de uitkomst geven. In dat geloof neemt Elia haar nood over. Op het dak is zijn opkamer, te bereiken met een trap buiten langs het huis. Daar woont Elia blijkbaar. Daar is zijn bidvertrek. Daar heeft hij zijn hart zo vaak voor God uitgestort. En daar legt hij nu dat ontzielde lichaam neer als voor Gods aangezicht. Daar worstelt hij met God. Weten wij daar van? Ligt onze nood open voor Gods aangezicht? Gelukkig als we met Elia ons bidvertrek kennen, waar alles open ligt voor God.

Hier is Elia zo'n heerlijk type van Jezus Christus. We hopen dat D.V. een volgende maal te zien.

Gespreksvragen

1. Wat bedoelen we met de smeltkroes i het leven van Gods kinderen?

2. Wat zou het verschil zijn tussen het leven uit de weldaden en het leven uit Christus? Waarom is het zo belangrijk daar op te letten?

3. In het geestelijk leven gaan oefening e ontdekking hand in hand. Zou je dat duidelijk kunnen maken?

4. Probeer al vast na te gaan in welk opzicht Elia hier een type van Christus is.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 22 juni 1984

Daniel | 32 Pagina's

EEN ZWARE BEPROEVING

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 22 juni 1984

Daniel | 32 Pagina's