Wat zal de toekomst brengen ?
gesprek met zes jongeren
De toekomst staat in de belangstelling. Dat blijkt wel uit de vele artikelen in kranten en tijdschriften waarbij dit onderwer ter sprake komt. Wat zal de toekomst brengen? Veel mensen zien de toekomst donker in. De diskussie rond kernbewapening, deakties van de vredesbeweging, de verhalen over milieurampen; ze maken de mensen onzeker en angstig als het over de toekomst gaat. Daarbij komt dat veeljongeren zich afvragen wat de toekomst hen zal bieden. Waar studeer je eigenlijk nog voor? Als je let op de toenemende jeugdwerkloosheid, de ekonomische achteruitgang en de vele maatschappelijke problemen; wat kun je dan als jongere nog van de toekomst verwachten? Over deze vragen hebben we een gesprek georganiseerd met een aantal jongeren uit onze gemeenten.
Op maandagavond 7 mei is het zover. Een zestal jongeren is naar Woerden gekomen om aan het gesprek deel te nemen. Een beetje spannend is het wel, want wat zal er straks allemaal in „Daniël" komen te staan? Na een kopje koffie gedronken te hebben, wordt aan de deelnemers gevraagd iets over zichzelf te vertellen. We gaan de kring rond:
- Jeanette Dirksen (17 jaar) woont in Bennekom en zit in 5 VWO op de Van Lodensteinscholengemeenschap te Amersfoort;
- Henk Guiljam (23 jaar) komt uit Woerden en studeert ekonomie in Rotterdam; - Jaap Kooij (19 jaar) woont in Moerkapelle, volgt een opleiding aan de HEAO en loopt momenteel stage op een accountantskantoor;
- Laura den Besten (19 jaar) is kleuterleidster in Ridderkerk;
- EdithNoorland(23 jaar) komt uit Rotterdam, maar woont nu in Utrecht, omdat ze daar studeert (eerste jaars psychologie);
- Evert Jan ten Voorde is HTS-er (bouwkunde) en komt uit Apeldoorn.
Ontwikkelingen in Nederland
Hoe kijken jullie tegen de ontwikkelingen in ons land aan? Als je bijvoorbeeld kijkt naar de steeds verder gaande ontkerstening. Merk je daar iets van in je omgeving?
Henk: In de diskussie met andersdenkenden valt 't nog wel mee. Je kunt nog wel voor je mening uitkomen. Iets anders is of je anderen kunt overtuigen. Je wordt meestal niet begrepen.
Jaap: Zolang je van de principes van andersdenkenden afblijft ervaar je geen vijandschap. Maar als je anderen op hun fouten wijst dan ervaar je dat wel. Vaak is men dan zo tolerant niet meer.
Jeanette: 't Ligt er denk ik ook aan in welke omgeving je verkeert. Als je op een eigen school zit dan kom je minder met andersdenkenden in aanraking. Je hebt 't dan minder moeilijk.
Onlangs is er een boekje verschenen van prof. Hüntemann over de geestelijke krisis van deze tijd. In dit boekje wijst Hüntemann er op dat we in de nadagen van een christelijke kuituur leven. In een christelijk avondland, waar de geboden van God geen maatstaf meer zijn. Ik denk dat we ook kunnen zeggen: we leven in de eindtijd. Zijn jullie het daar mee eens?
Henk: Er zijn toch ook wel overeenkomsten met eerdere perioden in de geschiedenis? Als een volk van God afdwaalt, dan blijft de straf niet uit. Ik denk dat we ook nu in zo'n tijd leven. Laura: Ik geloof dat we de ontkerstening en de massale werkloosheid ook als een oordeel moeten zien.
Jeanette: Ja, dat is zo. Ik zie ook een grote overeenkomst met de tijd voor de 2e wereldoorlog. Ook toen was er sprake van ontkerstening; de menSen zochten houvast, maar niet bij God.
Evert Jan: Ik denk dat er ook sprake is van gewenning. Wij leven in deze wereld. Wij raken aan allerlei zaken gewend. We zien de werkloosheid toch vaak niet als een oordeel. Ook voor de tekenen van de eindtijd hebben we geen oog. We zien het niet meer omdat we er gewend aan raken.
Henk: Is het wel goed om het alleen op deze manier te bekijken, 'k Bedoel zo'n sombere kijk op de toekomst. We hebben vanavond gelezen uit Lukas 12 dat we niet bezorgd moeten zijn. Ik weet wel dat we ook waakzaam moeten zijn, maar er staat toch ook: „Wie van u kan met bezorgd te zijn, een el tot zijn lengte toedoen? "
Edith: 't Ene hoeft toch niet in tegenspraak te zijn met het andere? In Lukas 12 gaat het om de persoonlijke dingen. En dan zegt de Heere Jezus dat we daarover niet bezorgd hoeven te zijn. Ik denk dat er wel onderscheid is. Je behoeft je niet bezorgd te maken over je persoonlijke toekomst in dit leven. Maar als je let op de ontwikkelingen om je heen; de ontkerstening, de tekenen die op de eindtijd wijzen; dan is dat geen pessimisme, maar een werkelijkheid waar de Bijbel ook op wijst.
Mensen klemmen zich vast aan het streven naar vrede
Hoe kijken jullie dan tegen de toekomst aan? Heel veel mensen zoeken toch ergens een houvast als het om de toekomst gaat. Er zijn mensen die zich ondanks alle dreigingen vastklemmen aan een vooruitgangsgeloof. Als alle mensen het goede maar doen, voor vrede zorgen, dan zal het wel goed gaan. Anderen zien het heel anders. Ze zien de toekomst donker in. Wat denken jullie daarvan?
Evert Jan: De vredesbewegingen spelen in op de angst van de mensen voor een atoomoorlog. Maar als je aan die angst toegeeft, stel je je vertrouwen niet meer op God. Volgens mij is het spekuleren op angst een wapen van de duivel, 't Is natuurlijk duidelijk dat het bezit van kernwapens verschrikkelijk is. Ook daar moeten we ons vertrouwen niet op stellen, maar vrees of angst is nooit een goede grond om vanuit te leven.
Henk: Daar ben ik het mee eens. We moeten niet de nadruk leggen op Rusland en de kernwapens. We moeten zeker niet in het spoor van de vredesbeweging gaan. Maar hoe je daar nu wel precies op moet reageren ja... dat is moeilijk
Jeanette: Er zijn nog wel meer gevaren dan de kernwapens, de vredesbeweging en het doemdenken. Ik denk aan het neo-facisme. Ik heb daar voor school een skriptie over gemaakt en als je je daar in verdiept, dan schrik je. Denk ook eens aan de opmars van de islam, ook in ons land. We kijken misschien wel te veel alleen naar de Oost-West verhouding.
Laura: Toch is het wel zo dat de vredesbeweging de mensen angst aanpraat. En natuurlijk is dat gevaar er wel. De kernwapens zijn er. Maar je weet toch ook dat er Eén is die overal boven staat. Misschien klinkt dat wel een beetje vanzelfsprekend, ik kan me voorstellen dat er jongelui zijn die zeggen dat weet ik allemaal wel maar.... dat kan toch voor jonge mensen ook een stukje troost geven. Er gebeurt toch niets buiten Gods bestuur? Jeanette: En als je de Bijbel dan niet gelooft? En het Godsbestuur? We gaan daar wel van uit, maar hoeveel mensen geloven dat nog? Evert Jan: Dan kun je in wezen geen oplossing hebben. Dan is er geen toekomst. Laura: Ik denk dat je dan ook steeds angstiger wordt door dit hele wereldgebeuren. Jeanette: Maar hoe moeten we de mensen dan benaderen die niet geloven dat God overal boven staat?
Henk: We kunnen de ander alleen de Bijbel voorhouden, wat ze daar dan verder mee doen, is niet voor onze verantwoording. We moeten 't wel voorleven. De mensen zien wel iets van of je zelf vanuit de Bijbel leeft. Ze zien dat je iets hebt, waar je op terug kunt vallen.
Edith: 'k Weet niet of de moderne mens van vandaag dat nog wel ziet. Velen maken zich daar nauwelijks meer druk over. Ik heb geloof ik, nog nooit iemand ontmoet die zegt: jullie hebben iets dat ik mis. 't Komt er toch vaak op neer dat ze zeggen: jullie hebben de Bijbel, als je daar iets aan hebt, mij best, maar ik heb iets anders. Men zit echt niet verlegen om de Bijbel of het geloof.
Laura: Je ontmoet toch soms ook wel mensen die wel jaloers zijn op mensen die een ander leven kennen. Dan moet het natuurlijk wel echt zijn, 'k bedoel zoals Gods kinderen mogen leven. Ik hoorde pas nog van iemand die zei: „Eigenlijk hebben jullie toch iets anders." Deze persoon geloofde niet in een leven na dit leven, maar hij moest toegeven dat er toch altijd iets van angst en onzekerheid is. Hij zat toch wel met de vraag of er na dit leven misschien toch iets zal zijn. Als het nou toch eens zo zou zijn
Edith: Dat komt wel voor. Maar meestal is het anders. Voor ik ging studeren heb ik in de verpleging gezeten, je kwam daar ook vaak in aanraking met mensen die niet in God geloofden. Ik heb daar ook sterfgevallen meegemaakt. En wat mij dan zo beklemde was wel dat deze mensen rustig stierven, in het volle besef dat er na dit leven niets meer zou zijn.
Is er wel toekomst?
Het valt me op dat jullie toch positief naar de toekomst kijken. De angst van de vredesbeweging voor een katastrofe delen jullie niet. Ik denk dat het een groot voorrecht is dat wij weten dat Gods Woord een betere weg wijst. Bij de Heere is er verwachting. Maar de Heere zegt toch ook in Zijn Woord dat er voor ons geen verwachting is als we niet bekeerd zijn?
Laura: Daarom moeten we niet allereerst bezorgd zijn over de tijdelijke noden. De Heere zegt: „Zoekt eerst het Koninkrijk van God, en al deze dingen zullen u toegeworpen worden." Als je je eigen verlorenheid leert inzien, ga je vragen om genade, dan heb je geen rust voor je rust gevonden hebt in God. Dan word je onrustig als het gaat om je persoonlijke toekomst.
Evert Jan: Als we eerst het Koninkrijk van God zoeken, en dat gevonden hebben, kunnen we ook met onze tijdelijke noden bij God terecht.
Edith: We zouden ons meer moeten bezig houden met het leven na dit leven. Wij kijken zo vaak alleen naar onze maatschappelijke toekomst. De eeuwigheid komt dan op de tweede plaats, in plaats van op de eerste plaats. Jaap: Het geeft Gods kinderen ook troost, dat al ben je bezorgd, je toch een God hebt waar je je vertrouwen op kunt stellen.
Beroepskeuze
't Lijkt me goed om in dit gesprek ook onze maatschappelijke toekomst aan de orde te stellen. Jullie hebben gekozen voor een bepaalde studie of voor een baan. Hoe ben je tot die keus gekomen?
Jaap: Ik heb voor de Heao-opleiding gekozen omdat de vakken die ik krijg, mij erg goed liggen. Ik heb niet bewust voor de opleiding gekozen met de gedachte: in deze sektor vind ik vast wel werk. Hoewel ik wel van mening ben dat je daar wel rekening mee mag houden. Ik denk dat wel meegespeeld heeft dat mijn vader een administratiekantoor heeft en ik in de vakanties op het kantoor met het werk kennis heb gemaakt.
Jeanette: Na de VWO-opleiding wil ik graag logopedie gaan studeren, als ik niet in de opleiding geplaatst word (de keuring is nogal streng) wil ik eerst de P.A. gaan doen, en daarna logopedie. Ik houd met het werkloosheidspercentage wel rekening bij mijn beroepskeus. Ik zit, denk ik, wel gunstig, want in reformatorische kringen zijn er nog maar weinig jongeren met een opleiding in de sociale sektor. Voor mijn vak zie ik het niet somber in voor de toekomst.
Evert Jan: Ook ik zie de toekomst niet somber in, hoewel het toch in de bouw niet zo rooskleurig is. Ik heb nl. de mogelijkheid om thuis verder te gaan. Daar richt ik me ook op, daar groei ik naar toe. Ik zit niet met de spanning dat ik toch ergens aan de slag moet zien te komen.
Henk: In het vak ekonomie is het nog niet zo moeilijk om werk te vinden. Ik heb gesolliciteerd met de bedoeling om naast m'n studie nog iets te doen. Het wordt een baan van 15 uur (bij „De Driestar"!).
Laura: Ik heb nu werk op de ds. Kerstenschool in Ridderkerk. Omdat er een kleuterleidster moet afvloeien, in verband met het teruglopende leerlingenaantal, zou ik zonder werk komen. Door het bestuur van de school is mij nu gevraagd door te willen schuiven naar de Ursinusschool in Ridderkerk omdat daar een kleuterleidster weg gaat. Ik krijg daar een vaste benoeming. Ik heb gekozen voor dit beroep omdat het mij al aantrok toen ik nog maar 4 jaar was!
Edith: Ik heb me, toen ik begon met de studie psychologe, niet zo erg bezig gehouden met de vraag of er wel werk zou zijn als ik m'n studie klaar heb. Ik weet nog niet precies wat ik wil gaan doen. Er zijn zoveel mogelijkheden na deze studie.
Werkloosheid
Uit jullie reakties merk ik dat jullie het nog niet zo somber inzien. Maar als je om je heen kijkt, zie je toch heel wat jongeren die minder mogelijkheden hebben. Hoe kijken jullie daar tegenaan?
Jaap: Ik denk dat het heel erg moeilijk is om met eventuele werkloosheid rekening te houden. Als je van de Havo komt of welke ander opleiding ook, dan heb je al veel eerder je vakkenpakket gekozen. Dat bepaalt al voor een belangrijk deel welke richting je uitgaat. Het belangrijkste is volgens mij wat je interesseert. Je moet je niet direkt laten meeslepen met wat anderen zeggen. Ik zou ook niet te veel rekening houden met de mogelijkheden die er op dit moment zijn. Dat kan snel weer veranderen.
Jeanette: Ik vind het belangrijk een goede vervolgopleiding te volgen, voor een meisje net zo goed als voor een jongen. Je weet nooit hoe die opleiding je nog eens van pas kan komen. Ook voor je algemene vorming is het belangrijk.
Henk: Je ziet ook dat jongeren die klaar zijn met de P.A. nog een lerarenopleiding gaan volgen. In de verpleging is het zo dat ze verpleegsters die klaar zijn met hun opleiding ontslaan, om dan weer goedkopere leerling-verpleegsters aan
te nemen. Dat moet je toch niet weerhouden om de verpleging in te gaan. Als ik zelf werkloos zou worden, zou ik vrijwilligerswerk gaan doen, ik zou alles aanpakken.
Jaap: Het doorleren is soms ook een stukje verborgen werkloosheid, jongeren die eigenlijk van plan waren, te gaan werken, gaan nu doorleren.
Laura: Als je kijkt hoe weinig jongeren die vorig jaar van de P.A. afgekomen zijn, nu een baan hebben, vind ik het toch wel triest. Wel is de situatie gunstiger in reformatorische kringen dan daarbuiten. Met name voor kleuterleidsters. Er is ook weer doorstroming. Als ze gaan trouwen, nemen ze vaak ontslag, waardoor er weer jongeren aan het werk kunnen. Jongeren die werkloos zijn, kunnen natuurlijk vrijwilligerswerk doen, maar dat is toch niet 't uiteindelijke doel.
Evert Jan: Vanuit de achtergrond dat arbeid een bijbelse opdracht is, zijn jongeren uit onze kring vaak bereid van alles aan te pakken. We moeten dat jongeren die werkloos zijn ook aanraden.
Edith: Ik vind het erg moeilijk om te zeggen: je moet alles aanpakken. Ik zit niet in die situatie, dus kan ik moeilijk oordelen, hoe het is, om met een goede vervolgopleiding bijvoorbeeld vakken te gaan vullen in een winkel.
Jeanette: Jongeren van onze school (Van Lodensteinscholengemeenschap) vinden, relatief gezien makkelijker werk, misschien omdat ze bereid zijn van alles aan te pakken. Onze school is ook door diverse werkgevers benaderd die een schoolverlater een baan aanboden. Zo zijn er leerlingen die zonder te solliciteren een baan gekregen hebben.
Gods leiding in ons leven
Maar als je dan toch niet direkt aan de slag komt? Ik kan me dan toch wel voorstellen dat er jongeren zijn die daar mee zitten. Arbeid is een opdracht. En toch krijg je geen werk. Zou je dan niet kunnen gaan twijfelen aan Gods leiding in je leven?
Laura: Ik zie het als een groot voorrecht dat ik een baan heb, terwijl ik het net zo min verdiend heb als anderen die nog geen baan hebben. Tegen iemand die werkloos is kun je zeggen dat niets buiten Gods wil gebeurt, ook al zien we het soms niet. Gods leiding blijkt ook wel eens pas achteraf. Ik heb wel eens iemand ontmoet die werkloos was en het als een troost heeft ervaren dat God ons leven leidt.
Jaap: Ja, ik denk dat je dat achteraf wel ziet, maar als je in een periode zit dat je maar solliciteert en solliciteert en steeds geen werk krijgt, om dan Gods leiding te zien is moeilijk. En misschien wordt het wel nooit duidelijk. Henk: Als het goed is, moeten we leren in voorspoed dankbaar en in tegenspoed geduldig en voor het toekomende vertrouwend te zijn.
Jaap: Je moet dan wel een nieuw leven kennen anders kan dat niet.
Dat is inderdaad nodig voor ons allen. We hebben vanavond gesproken over de toekomst. We hebben gezien dat de toekomst er voor de wereld niet rooskleurig uitziet.. In ons gesprek kwam naar voren dat de Heere ons leven leidt, soms langs wegen waarvan wij de bedoeling niet begrijpen. We kunnen ten diepste alleen vertrouwend de toekomst tegemoet zien, als we door genade de HEERE mogen volgen. Ook in het leven van Gods kinderen is het telkens weer nodig dat de Heere betoont, dat Hij van hen afweet. Wat is het dan een wonder te mogen ervaren dat de Heere nooit laat varen het werk van Zijn handen. Dan is er toch toekomst en verwachting. Ook voor jonge mensen die de Heere vrezen! Willen jullie daar als slotopmerking nog iets aan toevoegen?
Laura: We mogen niet rusten voordat we in Christus geborgen zijn. Ook moeten we bedenken dat de eindtijd voor ons altijd dichtbij is. Als de dood voor ons komt, is het onze eindtijd.
Edith: Als we werkeljk christen zijn, zouden we dan niet veel meer met de toekomst bezig moeten zijn? Verwachten wij de dag van Christus met groot verlangen? Hoe weinig zien we uit naar de toekomst. We schuiven de gedachte van de eindtijd van ons af. We hebben het vaak zo goed hier.
Jaap: Het is belangrijk niet alleen te kijken naar het leven na dit leven, want in dit leven moet het nieuwe leven beginnen. Zodat het is: onze troost beide in leven én in sterven.
Henk: Ja, want als dat leven niet in dit leven aanvangt is er geen uitzicht.
Evert Jan: Het is ook belangrijk om met jongeren van eigen gemeente te praten over de problemen die op ons afkomen en er een antwoord op te zoeken vanuit Gods Woord. Ook het persoonlijk gebed is voor alles nodig.
Beste mensen, allemaal hartelijk bedankt voor jullie aandeel in het gesprek!
gespreksleider: J. H. Mauritz
verslaggeving: Ada Reijnoudt
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 25 mei 1984
Daniel | 32 Pagina's