JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

BONDSDAG 1984

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

BONDSDAG 1984

9 minuten leestijd

Op donderdag 5 april is het weer zo ver. Honderden vrouwen trekken voor dag en dauw er op uit om op tijd in „De Doelen" te zijn voor de jaarlijkse bondsdag.

Steeds vroeger lijken de stoelen bezet te worden. Een half uur voor de aanvang moet er al naar een plaatsje gezocht worden. Ds. Hakkenberg spreekt in zijn welkomstwoord, doelend op de volle zaal, van een „verheugende aanblik!"

Openingsmeditatie

Naar aanleiding van de gesch iedenis van Martha en Maria spreekt de voorzi tter over: „Eén ding is nodig". Maria heeft een kostelijke plaats aan de voeten van de Heere Jezus. Het is haar een zielsbehoefte daar te zitten. Martha, ook een kind van God, gaat teveel op in de aardse beslommeringen. De bestraffing die de Heere Jezus haar geeft, geldt ons allen. Wij zijn ernstig verontrust over vele moderne stromingen. Het lijkt of de laatste dijken die onze maatschappij beschermen zullen doorbreken. Dit geeft grote zorgen, maar toch Eén ding is nodig! Vergeet niet dat de plaats aan Zijn voeten de beste plaats is.

Brieven en telegrammen

Na het voorlezen van de twee telegrammen aan H.M. Koningin Beatrix enH.K.H. Prinses Juliana wordt een brief voorgelezen, die Lydia Vins speciaal voor onze bondsdag uit Amerika heeft meegegeven. We hebben een antwoordbrief aanhaar geschreven die eindigtmet de tekst: Zal God dan geen recht doen Zijn uitverkorenen die dag en nacht tot Hem roepen, hoewel Hij lankmoedig is over hen? Ik zeg u dat Hij hun haastelijk recht doen zal.

Indrukwekkend klinkt het weer wanneer staande twee coupletten van het Wilhelmus worden gezongen.

Leer ons bidden

Ds. Golverdingen krijgt de gelegenheid zijn referaat uit te spreken, getiteld: „Leer ons bidden".

Waarom vragen de discipelen aan de Heere Jezus: „Leer ons bidden"? Wisten zij niet wat bidden was? De Joden hadden hun vaste gebeden. Ook zij begonnen met: „Geloofd zij de Heere". Het was echter een lege vorm, 't ging buiten het hart om. Doordat de discipelen omgingen met de Heere Jezus, zagen zij dat Hij werd gesterkt door het gebed. Dat kenden zij zo niet, zij werden ontdekt aan hun eigen onbekwaamheid. Zo kwamen ze tot de vraag: „Leer ons bidden".

Hoe bidden wij? Zijn wij op de leerschool des gebeds geweest? Bidden wij uit vorm? Uit vrees? Uit het hart?

Het ware gebed is werk van de Heilige Geest. De Heere geeft de genade van het gebed. Het is het voornaamste stuk der dankbaarheid, het is een spreken tot de Heere vanuit een levende betrekking. God eist het gebed, Hij wil erom gevraagd worden. Waarom dit bevel als wij niet recht kunnen bidden? Wij hebben het verstand behouden, zelfs de natuur leert ons dat wij bidden moeten, Gods Woord leert ons dat wij om de Heilige Geest bidden moeten. God geeft nooit óm het gebed, maar óp het gebed wil Hij grote dingen doen. Hoort God het gebed van onbekeerden? Hij hoort de jonge raven als zij roepen.

Waar moeten wij bidden? In de binnenkamer, zonder dat is er geen geestelijk leven. Bidden we alleen wanneer we er behoefte aan hebben? Nee, we moeten aanhoudend en volhardend bidden, anders is het krachteloos. In het ware gebed kan men soms dorsten naar

Christus, dan kan iets gesmaakt worden van de gemeenschap met God en kan er begeerte zijn om Zijn Naam groot te maken. Dan wordt niet gevraagd om wat wij willen, maar: Uw wil geschiede. God weet veel beter wat wij nodig hebben dan wat wij aan Hem kunnen vragen.

De Heere verhoort soms reeds in het begin van het gebed, ook wel in de loop van het gebed, maar dikwijls na het gebed, soms jaren later, echter op Zijn tijd.

Bid om ontdekking van de Heilige Geest. Altijd betaamt ootmoedige dankzegging. Een volk dat zich verootmoedigt is een gezegend volk. Dit wordt geleerd op de leerschool van het gebed. De Heere Jezus is een geduldige Leermeester voor botte leerlingen. Daar leren we het gebed dat we samen zingen: Ik hef tot U Die in de hemel zit, mijn ogen op en bid.

Gedicht

Elk jaar is het voor verschillende dames een teleurstelling wanneer het voorgenomen bezoek aan de bondsdag niet door kan gaan wegens ziekte. Dit jaar geldt dat ook voor een lid van het bondsbestuur, mevrouw L. P. Moree-Kranenburg. Zij zou het gedicht „Troost in het lijden" van ds. L. G. C. Ledeboer voordragen. Mevrouw Crum, onze veelzijdige presidente, neemt deze taak over en heeft daarbij een aandachtig gehoor. De heer A. J. Keijzer, organist, laat hierop aansluitend prachtig orgelspel horen dat wordt besloten met het samenzingen van psalm 27 vers 7 (berijming van Datheen).

Dominee Hofman

g TT , , . . . .. , Het zal voor velen een verr assmg geweest zijn onze vorige voorzitter, ds. H. Hofman, de morgenvergadering besloot. Dominee zegt dat op de aardse school dikwijls iets twee of drie keer gezegd moet worden eer het door de leerlingen begrepen wordt. Ook op de school des gebeds moet de Heere telkens opnieuw onderwijzen. Ds. Hofman benadrukt nog eens wat we hebben gezongen: „Daarom lankmoediglijk den

HEER' verwacht, Zijt altijd welgetroost en onversaagd; " Hij sluit met dankgebed, nadat we met de verdrukte kerk hebben gezongen Psalm 79:6 en 7: i hoor naar hen die in gevang'nis kwijnen.

Pauze

Tot kwart voor twee kan ieder zich nu gaan verpozen. Veel handen worden geschud. Na elkaar jaren uit het oog verloren te hebben vindt men oude kennissen terug Sommigen moeten nodig nog wat inkopen doen, maar ook nu neemt men tijdig de plaatsen weer in. Precies om kwart voor twee opent ds. Hakkenberg de middagvergadering met bijbellezen en gaat ds. De Gier voor in gebed.

Vragenbeantwoording

Ds. Golverdingen probeert binnen de hem toegemeten tijd zo veel mogelijk vragen te beantwoorden. Spreker verdeelt de 80 (!) vragen in drie groepen: vragen over de inleiding, vragen over het geloofsleven en pedagogische vragen.

Zien we ook uit naar de verhoring van het gebed? 't Gaat niet om de lengte, maar om de oprechtheid. Er is geen waar gebed zonder dankzegging. Niet rusten voor we als „kind" het „Onze Vader" kunnen bidden!

Dit zijn enkele antwoorden die ds. Golverdingen gaf. Nadat de spreker hartelijk wordt bedankt voor alles wat hij deze dag voor ons heeft gedaan zegt ds. Hakkenberg te hopen dat er nog een gelegenheid gevonden zal worden om de rest van de vragen te beantwoorden.

Vraaggesprek met mej. B. W. Hulsman

Mej. A. Fraanje uit Barneveld stelt nu aan de scheidende sekretaresse, mej. B. W. Hulsman, enkele vragen.

Mej. Hulsman verteltover de groei van de bond in 14 jaar, over de vakantieweken, ook voor de gehandikapten, over de verschillende vergaderingen, over het Comité Vrouwenbonden

op Gereformeerde Grondslag en over de aktiviteiten voor de verdrukte christenen. Zij spreekt van het samenbindend element en van het getuigenis dat van de Bond uitgaat.

Mej. Fraanje wijst de aanwezigen op de waarde van biddende moeders.

Mej. Hulsman zegt dat scheiden doet lijden. Zij wenst het bondsbestuur wijsheid, de leden onderlinge liefde, en een ieder persoonlijk de ware liefde van Christus voor goddelozen toe.

Afscheid van mevr. Hakkenberg en mej. Hulsman

Ds. Hakkenberg spreekt zijn grote waardering uit voor de liefde en toewijding waarmee mej. Hulsman zich 14 jaar lang van haar taak als sekretaresse heeft gekweten. Zij had een grote plaats in onze Bond, maar men heeft er begrip voor dat deze taak, naast haar gewone werk, te zwaar werd. Dank past ons bovenal aan Hem die mej. Hulsman deze gaven schonk.

Mevrouw Hakkenberg is slechts driejaar lid van het bondsbestuur geweest. Het bleek naast de vele pastorieaangelegenheden toch een té zware belasting, temeer omdat zij aan beide taken haar volle inzet wilde geven. Ook hartelijk dank voor de gedane arbeid! Beide dames krijgen een herinneringsalbum, een boek en een zilveren speldje met resp. de inskriptie VBGG 14 en VBGG 3.

Staande wordt hen toegezongen psalm 146 : 3.

Allebei spreken zij enkele dankwoorden uit voor de medewerking, maar bovenal aan God die de krachten gaf. Mej. Hulsman eindigt met te zeggen dat het vertrouwen dat de Heere Dezelfde is en blijft haar deed besluiten zich terug te trekken. Niet ons, o Heer' niet ons, Uw Naam zij d' eer en roem gegeven.

Samuel, een kind van moeders gebed

Ds. J. M. Kleppe houdt de slotmeditatie. Hanna heeft haar kind van de Heere gebeden, voor Hem heeft zij haar ziel uitgegoten. Bij mensen krijgt zij geen vertroosting, Eli begrijpt haar niet, Elkana wijst op zichzelf, maar de Heere troost het hart dat schreiend tot Hem vlucht. De Godvrezende Hanna geeft haar kind de naam: Samuel, van de Heere gebeden. Zij kende een toevlucht in het leven, haar begeerte naar mannelijk zaad is vrucht van haar Godsvreze. Het gaat haar boven alles om de uitbreiding van Gods Koninkrijk. Ze krijgt haar zoon vän de Heere en voedt hem op vóór de Heere. De dankbaarheid komt openbaar in de vrucht van haar leven. Hoe is het in onze tijd? Gaan we mee met de eigentijdse opvattingen en middelen? Zijn onze kinderen nog

welkom? Het gebed houdt ons laag bij de grond en brengt ons dicht bij de Heere. Christus kent Zijn kinderen. Wat een troost: Zijn Bloed reinigt alle zonden, heelt alle smart. Kennen wij deze Schat, dit grootste Godsgeschenk in ons hart? Wie Hem heeft, heeft alles voor tijd en eeuwigheid.

Dankwoord door de presidente

Mevrouw Crum zegt dat moeite en verdriet door velen werd meegebracht naar de Bondsdag. Ook in het afgelopenjaar zijn weer lege plaatsen gevallen, o.a. die van de heer Polder. Mochten de bedroefden zich gesteund weten door wat zij deze dag hebben gehoord.

De presidente vertelt iets over de ervaringen in Den Haag waar door het Comité Vrouwenbonden een bezwaarschrift werd aangeboden tegen het op één lijn stellen van het huwelijk en het samenwonen. In regeringskringen wordt Gods Woord nog wel geduld, maar niet aanvaard.

Ook Hanna leefde in een donkere tijd. Hoe belangrijk was nee toen, en is net nu dat er biddende moeders gevonden worden. De Heere is getrouw: Hij geeft de wens van allen die Hem vrezen, Hun bede heeft Hij nimmer afgewezen.

Ds. Hakkenberg besluit met te vragen of wij de dringende boodschap van deze dag hebben verstaan. Hij zou wensen dat de noden wat betreft kerk, land en volk worden meegenomen naar de binnenkamers.

Kollekten

De koliekten voor de Bond en voor de vakantieweken voor gehandikapten brachten de prachtige sommen op van resp. ƒ 14.223, 10 en ƒ 14.824, 75. Ook was er een gift van ƒ 100, - voor de verdrukte kerk.

L. van der Spek-van der Spek

P.S. D.V. woensdag 9 mei zal een regionale vergadering gehouden worden in H. I. Ambacht. Spreker: de heer J. Steysiger (arts): , , De kerk in nood". Aanvang 19.30 uur.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 27 april 1984

Daniel | 32 Pagina's

BONDSDAG 1984

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 27 april 1984

Daniel | 32 Pagina's