JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Een uitdrogende beek

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Een uitdrogende beek

1 Koningen 17 : 7-10a

7 minuten leestijd

Lees voor je deze bijbelstudie gaat bestuderen eerst 1 Koningen 17 : 7-10a zorgvuldig door;

Elia leeft bij de Krith uit Gods hand. De raven dienen hem. En de God van Elia leeft nog! Al onze zekerheden storten in elkaar, maar met Hem is nog nooit iemand beschaamd uitgekomen. Het geloof waagt het met God alleen en Zijn Woord. Dat geloof wordt nooit beschaamd, maar wel beproefd.

Het geloof moet geoefend worden

Elia's geloof wordt beproefd. Want de beek gaat uitdrogen. Elia is nu ongeveer een jaar op die eenzame plaats geweest met God en de belofte. En nu raakt de beek leeg. Hij heeft het ongetwijfeld zien aankomen: het peil van het water zakt meer en meer. Terwijl de hemel van koper blijft. Zou het niet gestormd hebben in het hart van de profeet? Zeker, de raven komen trouw, maar de dood door dorst is erger dan de dood door honger. Nu wordt Elia ook betrokken in het oordeel. Nu schijnt de belofte Gods ter aarde te vallen. Zulke wegen gaat God met Zijn volk. Wegen, waarin alles schijnt te spotten met de belofte Gods. Want de Heere wil een geoefend en gelouterd geloof en daarom stopt Hij Zijn volk in de smeltkroes. Zouden Gods beloftenissen, immer haar vervulling missen?

God blijft Zijn volk onderhouden

Daar staat Elia met de belofte bij een uitdrogende beek. Gods kinderen komen ook in aanraking met die uitdrogende beken. Dat kan in het tijdelijke leven als de Heere ons aan het eind brengt. Dat kan ook in het geestelijke leven. Als het geloof echt leven mag in het hart, dan is het vol. Dan is alles vol. Dan is er de levende verbinding met de rivier Gods, die vol water is. En de rivier Gods blijft vol water.

Maar dat wil niet zeggen, dat bij ons het beekje niet kan uitdrogen. Wij moeten maar steeds weer aan de grond gebracht worden, opdat de kracht van Christus in onze zwakheid volbracht worde. Wij moeten al onze zekerheden kwijt om alleen God te leren aanhangen door het naakte geloof. Daarom zijn die uitdrogende beken zo nodig. Daarom iaat de Heere het steeds weer vastlopen, opdat Zijn werk alleen zou overblijven. Gods weg loopt altijd door de afbraak van het onze heen. En zo wordt het geleerd, dat in de geloofsbeproevingen de geloofsoefeningen liggen. En waar onze beken uitdrogen, daar blijft de rivier Gods vol water. Die rivier stroomt vanuit het welbehagen Gods langs de verse en levende weg van Jezus' bloed. Die rivier droogt nooit uit. En God blijft Zijn volk onderhouden, ook al laat Hij eerst de beek helemaal uitdrogen. Want als de beek is uitgedroogd, dan is er een weduwe in Zarfath, die God gaat gebruiken om Zijn knecht te onderhouden. De voorraadschuren van de grote Jozef raken nooit leeg, maar de Heere geeft Zijn kinderen niet meer dan hen is toevertrouwd.

Naar het hol van de leeuw

Dus een diepe beproeving voor Elia. De Heere liet de beek eerst geheel uitdrogen en opende toen een andere weg. Let op het woordje „toen" in vers 8. Toen, dat wil zeggen toen de beek was uitgedroogd, toen

er geen uitkomst meer was, toen Elia de dood door dorst voor ogen zag. Maar dan zal ook door de onmogelijkheid heen blijken Wie God is en wat God doet. Elia heeft geen weg meer gezien, maar de Heere opent een andere weg. Zie vers 8 en 9: hij moet zijn intrek nemen bij een weduwvrouw in Zarfath. Daar heeft Elia nooit aan gedacht. Het komt bij de Heere altijd van een heel andere kant dan wij denken. De Almachtige stijgt ver boven al onze gedachten en berekeningen uit. De Heere baant naar het woord van de dichter door de woeste baren een pad. Want het is voor Elia wel een weg geweest door woeste baren heen. Kijk maar eens op de kaart! Hij moest op reis, dwars door Israël heen, met alle gevaren van dien, daar Achab al zijn krachten had gemobiliseerd om hem te zoeken. En dan moest hij naar het gebied van Sidon, dat was het land van Eth-Baal, de vader van Izebel en de schoonvader van Achab. Hij moest dus naar het hol van de leeuw, naar de burcht van de vijand.

Zarfath

Ziehier de vrijmacht Gods. De Heere had door een wonder voor water kunnen zorgen. Maar Hij heeft in Zijn vrijmacht anders gewild: Hij zet Elia midden in een heidens land, midden in de burcht van de vijand. Waarschijnlijk betekent Zarfath: smeltvuur. En dat dan vanwege de glasblazerijen, die daar waren. Maar voor Elia's vlees is de opdracht die de Heere hem hier geeft ook een smeltvuur geweest.

Moet hij nu naar het hol van de leeuw, naar het centrum van de baalsdienst? Hier haalt God een streep door alle berekeningen van Elia. Nooit spaart de Heere het vlees van Zijn kinderen. Hij gaat vleeskruisigende wegen. Aan ons vlees is immers niets te repareren of op te kalefateren? Vlees blijft vlees. Het moet gekruisigd worden. Dat moet Elia hier ook weer ervaren. Maar al gaat de Heere met Zijn volk wegen, waarin het vlees aan de deurposten blijft hangen, in Zijn vaderlijke zorg verlaat Hij hen nooit.

Dat zal Elia straks in Zarfath gaan ervaren! In het centrum van de baalsdienst zal God Zijn knecht onderhouden; wie is dan de sterkste, de levende God of Baal?

De God van Elia leeft nog

De weg van Elia naar Zarfath is een geloofsweg geweest. Voor het verstand dwaasheid. Ook in Sidon wordt immers honger geleden? Maar Elia redeneert ook nu niet. Hij mag steunen alleen op het Woord Gods: Ik heb daar een weduwvrouw geboden, dat zij u onderhoude. Zoals de raven staan onder het gebod Gods, zo ook die heidense weduwe. Dat is nu de God van Elia. Alles staat onder Zijn bevel. In blind vertrouwen buigt Elia onder Gods Woord. De God van Elia leeft nog.

Vandaag zegt men: God is dood. Leve de mens! Maar wij mogen daar hard tegenin roepen: de God van Elia leeft! Heel de wereld is Zijn gebied. Heel de schepping staat onder Zijn gebod. Arme mens, die met God niet rekent. Maar daartegenover: wie op de hoge God vertrouwt, heeft zeker op geen zand gebouwd. Waarom moet de Heere zo vaak tegen Zijn kinderen zeggen: gij kleingelovige? Waarom al dat wantrouwen? Heeft de Heere het daar naar gemaakt? Waarom toch? Het is omdat vlees vlees blijft. Omdat het vlees redeneert en God verdacht houdt. Gods kind draagt dat vlees iedere dag mee. Gelukkig als het eronder mag liggen. Het is niet minder dan een genadewonder als een mens ophoudt met redeneren en leert volgen, waar God roept met de staf van het Woord en de belofte Gods in de hand. Zo is Elia op weg gegaan met het naakte Woord. Een gevaarlijke weg, dwars door Israël heen naar de burcht van de vijand.

En toch een veilige weg, want het is de weg des Heeren geweest. Hij heeft gewandeld als aan Gods hand. Zo leidt de Heere Zijn kinderen door een woestijn vol gevaren.

Gespreksvragen

1. Weet je enkele voorbeelden van geloofsbeproeving vanuit de Schrift?

2. In de geloofsbeproevingen liggen de geloofsoefeningen. Wat zou dat betekenen?

3. Als de nood het grootst is, dan is de redding nabij. Weet je nog meer voorbeelden daarvan te noemen in de Bijbel?

4. De Heere leidt Zijn volk langs vleeskruisigende wegen. Wat betekent dat? Noem eens voorbeelden.

5. Kun je aan de hand van de geloofsweg van Elia enkele eigenschappen opnoemen van het zaligmakend geloof?

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 16 maart 1984

Daniel | 33 Pagina's

Een uitdrogende beek

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 16 maart 1984

Daniel | 33 Pagina's