JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Een vriend om nooit vergeten... Kort verhaal

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Een vriend om nooit vergeten... Kort verhaal

5 minuten leestijd

Iedere dag was hij er weer: Dirk, een mongool, misschien drieëntwintig jaar oud. Fluitend kwam hij elke morgen de bus in. Dan haalde hij z'n abonnement uit z'n binnenzak en groette de buschauffeur. Hij kende alle chauffeurs op een prikje. Nooit zou hij vergeten om „Morge Jaap", of „Morge Rien", of zoiets te zeggen.

Als dat ritueel voorbij was stapte hij het gangpad in, terwijl hij rondkeek of hij mij nog niet zag zitten. En als hij me dan ontdekte, liep hij met een verheugd gezicht naar me toe en nam z'n vaste plaats naast mij op de bank in. Dat plekje naast me was er altijd al geweest. Ik zou niet meer kunnen zeggen wanneer het de eerste keer was, dat hij bij me kwam zitten. Ik weet nog wel wat er die eerste keer gebeurde. Ik had net plaats genomen in de bus om naar m'n werk te gaan. Het was op een nog lege bank. Er kwam een jongen binnen die zoekend rondkeek of er nog een plaatsje vrij was. Die waren er nog genoeg, maar toen zijn oog op mij viel, stapte hij vastberaden op mij af en nam het plekje naast me in.

„Dag", groette hij vriendelijk en vroeg er meteen achteraan: „Wie ben jij? ”

„Ik heet Anneke", antwoordde ik, „en hoe heet jij?

Hij zei me zijn naam en begon meteen honderduit te vertellen. Over zijn werk op de fabriek, over zijn moeder, die de liefste van de hele wereld was en over nog veel meer. Toen hij uitverteld was zei hij: „Zo. En nou jij”.

Eerst begreep ik niet goed wat hij bedoelde, m aar toen drong het langzaam tot me door: nu moest ik vertellen.

Ik deed het, hoe verlegen ik ook eigenlijk met het hele geval was.

Hij luisterde aandachtig naar me, zonder me ook maar één keer te onderbreken.

Toen ik uitverteld was, vroeg hij me zachtjes: „Mag ik jou wat in je oor fluisteren? ”

Op mijn knikken boog hij zich met stralende ogen naar me over en fluisterde me met z' n gebrekkige stem in: „Ik kom voortaan naast jou zitten, want jij hebt net zo'n lief gezicht als m'n moeder”.

Toen liep hij vlug de bus uit, omdat hij bij de halte gekomen was waar hij uit moest stappen.

De tranen sprongen in m'n ogen.

Dit was het grootste kompliment dat ik ooit gehad had. Dat het een kompliment was, wist ik omdat hij zijn moeder die hij met mij vergeleek de liefste van de hele wereld genoemd had.

Zo begon de vriendschap tussen mij en iemand die in de maatschappij een „zwakbegaafde" heet te zijn.

De volgende dagen was hij er steeds weer en elke keer praatten we over zijn moeder en over alle dingen uit zijn kleine wereldje, waar hij zo van hield.

Ook spraken we een keer over zijn overleden vader. Op mijn vraag of Dirk hem erg miste, antwoordde hij met de meest ontroerende en oprechte geloofsbelijdenis die ik ooit gehoord had. Hij zei kinderlijk eenvoudig: „Ik heb ook nog een andere, betere Vader". Meer niet en ook niet minder. Maar het was voor mij genoeg.

Eens kwam zijn moeder met hem mee de bus in. Ze praatten samen en uit het wijzen van Dirks vinger, maakte ik op dat het over mij ging.

Ze kwamen naar me toe. De vrouw — ze was ongeveer vijfenvijftig jaar schat ik — pakte met allebei haar handen de mijne vast en zei: „Wat ben ik blij dat ik u eens een keer zie. M'n jongen heeft het zo vaak over u". En ze vertelde me van alles over Dirk. Het meeste wist ik wel, maar ik liet haar maar 'vertellen, omdat ik zag dat het haar goed deed dat ze eens over „haar jongen" kon praten. Ze nodigde me ook uit voor een zangavond van het koor waarin Dirk meezong.

Zo ging ik dus op een avond naar het gebouw waar de zanguitvoering gegeven zou worden. Ik nam plaats op de tweede rij zodat Dirk me goed zou kunnen zien. Even later begon het koor te zingen. Ik keek of ik Dirk kon ontdekken en toen ik hem zag kon ik m'n ogen niet meer van hem afhouden. Van het gezicht van de jongen straalde rust en vrede af en tegelijk zo'n blijdschap en oprecht vertrouwen toen hij Psalm zevenenveertig zong, dat het leek of er een hemelse glans van af straalde.

Na die avond zag ik Dirk al een paar dagen niet meer in de bus. Omdat ik wist dat hij een zwakke gezondheid had, dacht ik dat hij wel ziek zou zijn.

Ik ging daarom op een zaterdagmorgen naar zijn huis om hem te bezoeken. Toen ik daar aan kwam waren de gordijnen gesloten.

Ik begreep.

En terwijl de doodsklokken luidden dankte ik God dat Hij mij door Dirk, iets van Zijn heerlijkheid had laten zien.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 17 februari 1984

Daniel | 32 Pagina's

Een vriend om nooit vergeten... Kort verhaal

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 17 februari 1984

Daniel | 32 Pagina's