Als de bom valt
over doemdenken
Er werd vroeger — en misschien tegenwoordig ook wel — van sommige predikanten gezegd, dat ze hel en verdoemenis preken. Dit geldt dan altijd van wat men in de volksmond „zware dominees" noemt.
Maar, nog even in deze terminologie van zwaar en licht gedacht, is het zo, dat zelfs de zwaarste dominee nooit uitsluitend hel en verdoemenis preekt Hoewel de prediking eenzijdig kan zijn, ja zelfs zeer eenzijdig, toch klinkt altijd nog de mogelijkheid van redding door de enige Naam, Die onder de hemel gegeven is, door.
Doemdenken
Zelfs deze éne lichtstraal ontbreekt bij wat we tegenwoordig doemdenken en zelfs „doemzingen" kunnen noemen, want zo zou ik toch het liedje „Als de bom valt", willen betitelen. Misschien, en eerlijk gezegd hoop.ik het van harte, weten veel lezers van ons blad nu niet waarover ik schrijf. Voor alle duidelijkheid dus eerst dit. Het liedje, of misschien beter deze zinloze aan elkaar geregen woorden, behoren tot de zogenaamde hitparade. Ze worden, volgens mij verstrekte informatie, gezongen door een pop-groep „Doe Maar". Als je deze begrippen en woorden wat dieper op je laat inwerken, als je werkelijk na gaat denken over wat ze dan zingen, dan is dit zo huiveringwekkend. In dit lied wordt de absolute zinloosheid van het leven wel zo onverbloemd onder je aandacht gebracht, dat zelfs het laatste stukje idealisme zou verdwijnen.
Toch blijken duizenden jongeren door dit lied gegrepen te worden. Op de een of andere manier schijnt het dus toch aan te sluiten bij bewuste en onbewuste gevoelens, ja zelfs lustgevoelens die bij de mens leven.
Bijbelse noties worden bewaarheid
De vraag die sommigen nu stellen: „Hoe is dit mogelijk? ", is begrijpelijk. Toch is het antwoord bij het licht van Gods Woord te vinden. Is het niet zo dat dit Woord en
vanuit dit Woord de zuivere verkondiging, ons spreekt over de diepe val van de mens in Adam. De mens, eens wandelend in het vrolijk levenslicht, heeft de machten der duisternis liever gehad dan het licht. Deze bijbelse noties die nog al eens verzet oproepen ook bij diegenen die zeggen dat ze vanuit de Bijbel willen leven, worden in deze verschijnselen in onze tijd steeds meer bewaarheid. De doodstaat van een mens is in het moderne heidendom nog meer zichtbaar dan in het oude heidendom. Daar had men in ieder geval nog besef van hogere machten. Ook dit besef is thans voor een groot gedeelte geweken. Wat niet geweken is, is de diepe vijandschap, die zich hierin zo duidelijk openbaart. De mens is namelijk niet lijdelijk dood maar vijandig dood. Van nature is hij een onderdaan van de vader der leugenen, van de satan, die zich stelt tegen God en tegen alles wat God genaamd wordt.
De macht van satan zal in de eindtijd toenemen
Zoals wij uit de Heilige Schrift kunnen weten, zal de macht van de satan in de eindtijd toenemen. Over de openbaring van de antichrist lezen we in 2 Thess. 2. Daar wordt namelijk gesproken over de afval en over de openbaring van de mens der zonde.
Zou het in onze tijd niet zo kunnen zijn dat de weerhoudende kracht waarover in dit hoofdstuk gesproken wordt, steeds minder wordt en dat daarom de mens der zonde zich steeds driester openbaart?
Dit komt tot uiting in het zogenaamde doemdenken, waarvan het bovengenoemde „doemzingen" slechts een facet is. Het is wel noodzakelijk ten aanzien van deze verschijnselen wel enig onderscheid te maken.
Doemdenken is wel te begrijpen
Oppervlakkig beschouwd is dit doemdenken niet onbegrijpelijk. Als we om ons heenzien en kennis nemen van het wereldgebeuren, slaat de schrik je om het hart. Het is denk ik, vanzelfsprekend dat wij niet meedoen aan vredesdemonstraties, maar dat men tegen kernwapens demonstreert is wel te begrijpen. Alleen al het denken aan een kernoorlog ontneemt je alle uitzicht, want de eenvoudige waarheid is, dat mocht het tot een atoomoorlog komen, er in het eerste uur van zo'n oorlog 300 miljoen doden zullen vallen! Hoe volkomen absurd de toestand geworden is, blijkt ook uit het volgende. Mocht een van de beide supermachten een atoomoorlog door een verrassingsaanval winnen, dan is de leefmogelijkheid op aarde miniem geworden, want de eraorme hoeveelheden radioaktieve neerslag zal ook voor grote delen van de overlevende bevolking van de aarde een wisse dood betekenen.
Doemdenken is anti-christelijk
En toch al kunnen we dit nog zo goed begrijpen, de diepere achtergrond van dit doemdenken komt bij veruit de meesten voort uit pure vijandschap en vinden wij daarin dezelfde grondgedachte als in bovengenoemd liedje terug. Doemdenken is in diepste zin anti-christelijk, want echt, zuiver, in de diepste zin van het woord christelijk denken is geen doemdenken, maar reddings-, behoudenis-, verlossingsdenken. Waarachtig christelijke gedachten zongen de engelen uit boven de velden van Efratha: Vrede op aarde, in de mensen een welbehagen. Heel vaak — en daaruit blijkt het anti-christelijke van de grondgedachte — wordt hiermee de spot ge
dreven. Twintig eeuwen christendom hebben ons de vrede niet gebracht, heet het dan, en dat kunnen we alleen maar toestemmen. Daaraan kan dan nog worden toegevoegd dat de christelijke landen de verschikkelijkste oorlogen hebben gevoerd en de meest afschuwelijke wapens hebben uitgevonden.
Het onjuiste in deze gedachtengang is echter dat hierin christendom en christenen vereenzelvigd worden. En met christendom bedoel ik in dit verband de oorspronkelijke, zuivere, christelijke leer, misschien nog beter gezegd: de leer van Christus. En met christenen bedoelt men allen die zich christenen noemen. En daarin is een groot verschil. Toegegeven moet worden dat zelfs echte christenen het er niet altijd even best hebben afgebracht. Dit is ook in overeenstemming met onze belijdenis die leert dat zelfs de allerheiligsten maar een klein beginsel van gehoorzaamheid hebben en de Schrift leert ons dat wij allen dagelijks struikelen in vele.
Zelfs onder ons wordt te gemakkelijk de uitspraak aanvaard: de kerk heeft het niet goed gedaan of als de kerk op de juiste wijze had gehandeld of haar taak had verstaan, zou dit of dat gekomen zijn.
Nogmaals, in zijn algemeenheid hier en daar wel juist, maar eerst moet gevraagd worden: welke kerk en verder moeten dan nog heel wat nuanceringen worden aangebracht. Ik wil dit met nog een ander voorbeeld verduidelijken. Er zijn in de vorige eeuw vanuit het Reveil krachtige impulsen uitgegaan voor de herchristianisering van ons volksleven en hoe hebben de mannen van de Nadere Reformatie niet opgeroepen tot bekering ook in het maatschappelijk leven.
Het merkwaardige doet zich echter voor dat ook hedendaagse christenen die hun mond vol hebben over de schuld van de kerk naar deze stemmen niet willen luisteren. De mensen die proberen de lijnen vanuit de Nadere Reformatie en het Reveil door te trekken, worden beschuldigd van doperse wereldmijding en het niet. verstaan van de eigen tijd. Dit zei en zegt men ook van al die kinderen des Heeren die altijd gewaarschuwd hebben voor de oordelen Gods die komen zouden en gekomen zijn en komen zullen als ons volk zich niet bekeert.
Deze oordelen zijn echter totaal iets anders dan men in het hedendaagse doemdenken bedoelt Doemdenken is nihilistisch, het veronderstelt de ondergang zonder meer.
Maar in de bijbelse oordeelsprediking klinkt altijd nog de mogelijkheid tot redding, tot behoud, tot zaligheid. Altijd weer klinkt het door, dat de Heere zelfs in de toorn nog des ontfermens gedenken wil. Doemdenken kent geen bijbelse noties. Het is een gedachtenspel van de vorst der duisternis.
Doemdenken en vooruitgangsgeloof
Hoe tegenstrijdig het ook moge klinken, doemdenken ontspruit uit dezelfde wortel als het vooruitgangsgeloof. Het is om zo te zeggen het faillissement ervan.
Nadat het vooruitgangsgeloof door krises en wereldoorlogen een geduchte knauw had gekregen herleefde het in de zestiger jaren met een ongekende heftigheid. De geweldige prestaties waartoe het menselijk
vernuft in staat bleek, deed de hoop op een aards paradijs herleven. In zijn boek „Naar een strategie en methodiek voor sociale actie" schreef Piet Reckman: „Socialistisch zal die wereldsamenleving geordend zijn. Als we dan maar niet denken aan de karikaturen, die europese socialistische partijen daarvan gemaakt hebben. Geweld zal niet meer zijn. Geen mens komt er meer om van de honger. Elke traan zal worden gedroogd. Zelfs de woestijnen zullen bloeien als rozentuinen. Zwaarden zijn omgesmeed tot ploegijzers. Naties zijn niet langer ommuurd en op eikaars vernietiging uit. Ze leven tezamen in een groot humanitair wereldrijk, waarin plaats is voor alle mogelijke verscheidenheid, omdat ieder alles voor de ander wil wezen, maar niemand de ander. Liefde zal er heersen. Mensen zullen elkaar bespelen in plaats van manipuleren. Alle snaren van begaafdheid zullen worden aangeslagen. Het zal een plezier zijn te zien, hoe bont en verscheiden die humaniteit is in al haar verschijningsvormen, kleuren en talenten wezen zal”.
Dit fel oplaaiende en zelfs agressief gepredikte vooruitgangsgeloof, in feite een nieuwe, versterkte, meer omvangrijke opleving van de idealen der Franse Revolutie, sloeg in de zeventiger jaren om in het doemdenken. Natuurlijk zijn er ook nu nog mensen die aan het vooruitgangsgeloof vasthouden, maar de schaduwzijden van deze vooruitgang: milieuvervuiling, de dreiging van een kernoorlog door nog meer geperfektioneerde kernwapens, de grotere bewustwording van de arm-rijk problematiek, de energiekrisis en de mede daardoor veroorzaakte, niet meer voor mogelijk gehouden, ekonomische malaise, deden de hooggespannen verwachtingen als een kaartenhuis in elkaar storten. De mensen zagen het niet meer zitten. Opnieuw openbaarde en openbaart zich een algehele krisissfeer.
Een bijbels antwoord
In al deze ontwikkelingen zien we Gods Woord bevestigd: Zij hebben Mij verlaten, wat wijsheid zouden zij hebben.
Daarnaast moeten wij helaas echter eveneens vaststellen, dat van Gods Kerk geen kracht uitgaat om deze heilloze ontwikkeling te keren. Als het zout smakeloos geworden is, waarmee zal het gezouten worden? En zou daar niet de diepste oorzaak liggen, want het oordeel begint toch bij het huis Gods?
Er zijn kringen waarin men gelooft aan, hoopt op en bidt voor een nieuw reveil. Sommigen menen zelfs de eerste tekenen te ontwaren. Nu weten wij Gods plannen niet maar één ding weten we wel en dat is dat de Heere Jezus Zelf gezegd heeft, dat Hem gegeven is alle macht in hemel en op aarde. Daarom zal Hij ook, hoe donker ooit Gods weg moog wezen, in gunst zien op die Hem vrezen. Deze wetenschap deed de apostel Paulus in het bekende hoofdstuk Romeinen 8 uitroepen, dat niets hem kan scheiden (en dan vul ik dit voor deze gelegenheid zo in) geen doemdenken, geen kernbom, van de liefde Gods, welke is in Christus Jezus, onze Heere. Moge deze wetenschap ook ons deel zijn.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 6 januari 1984
Daniel | 32 Pagina's