De kikker en de poes
Een kikker hupte zoekend rond, of hij soms ergens water vond. Opeens zag hij een grote plas. „Fijn", zei hij, „dat komt goed van pas.
Nu neem ik eerst een heerlijk bad". Maar toen hij net in 't water zat, kwam er een dikke poes voorbij. „Kwaak", zei de kikker, „zie je mij? "
De poes keek op en zei: „Miauw, brutaal klein ding, kom hier en gauw!" En brommend in haar snorrebaard zwaaide zij dreigend met haar staart.
„Jij kunt niet bij mij komen zeg", zei onze kikker, „wat een pech. Ik kom wel hoor, jij krijgt je zin, jij telt tot drie en ik begin."
Kikker kwaakt: zeg vlieg-vlug vrindje, Jij vliegt véél vlugger dan ik. Het antwoord is: jij leert nooit vliegen Daarvoor ben je véél te dik.
(ingestuurd door Josien Brinkman)
Hij nam een luchtsprong en pardoes, boem..... hij viel boven op de poes. Ook riep hij hard: „Sliep uit, sliep uit." Wat trok die poes een rare snuit.
Toen hij de poes wegrennen zag, . schudde zijn buikje van de lach. En 's avonds tussen 't groene riet zong hij het mooiste kikkerlied.
(ingestuurd door Petra de Visser)
Er vloog een duifje, met op zijn kop een kuifje. En in zijn bek een stukje klei. Zo hoorde het in mei. Hij ging een nestje bouwen op de toren van Wester-Schouwen.
(gemaakt door Meta Geijtenbeek)
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 25 november 1983
Daniel | 24 Pagina's