NIEUWS OVER LYDIA BONDAR
Lange tijd verkeerden we in onzekerheid over Lydia Bondar, het lid van de Verwantenraad, dat in april 1982 gevangen werd genomen. Enkele andere leden van deze Raad van gevangenen werden toen ook gearresteerd, maar zij mochten begin mei, kort daarna, weer naar huis terugkeren. Lydia Bondar werd gevangen gehouden en haar verblijfplaats was onbekend. Nu weten we dat zij tot drie jaar werkkamp is veroordeeld. Zij kon in een brief verslag doen over haar voorarrest. Van deze brief ontvingen we een afschrift.
Lydia schrijft o.a. dat zij enkele weken doorbracht in een psychiatrische inrichting. Het gebeurt steeds vaker dat in de Sovjet-Unie christenen, die geestelijk volkomen normaal zijn, in een inrichting worden opgesloten om hen te „genezen" van hun geloof. Op allerlei manieren, onder meer door misbruik van medicijnen, wordt de lichamelijke en soms ook de geestelijke gezondheid van de „verpleegden" verwoest. Lydia Bondar werd gelukkig „slechts" ter observatie opgenomen. Ze vertelt hierover:
„Toen ik naar die inrichting was overgebracht, moest ik bij het hoofd van de afdeling komen. Ze vroeg me: „Gelooft u in God? " Ik antwoordde bevestigend. „Waar is God en hoe ziet Hij eruit? " vervolgde ze.
Daarop vroeg ik haar: „Bent u er zeker van dat u bij al uw aktiviteiten, bij al uw daden, het recht aan uw zijde hebt? "
Aarzelend antwoordde ze: „Maar iedereen maakt immers fouten." „Laat het u dan bekend zijn, dat alleen reinen van hart God behagen", zei ik. Ze zweeg. „Waarom hebt u me hier laten brengen? " vroeg ik haar. „We willen metu kennis maken en weten wat voor iemand u bent, of u psychisch ziek bent, of u zich ooit gestoten hebt, gevallen bent, of een hersenschudding hebt gehad. Wij zijn psychiaters. U moet antwoord geven op onze vragen", zo zei het hoofd. Daarna begon het onderzoek....
„Die U verwachten, zullen niet beschaamd worden...."(psalm 25.:3). Daarin vond ik rust, die woorden vulden daar mijn dagen. Mijn wanhopige omstandigheden drukten me niet, de Heere zorgde daarvoor. Als er geen God was, zou'men dit niet kunnen dragen. De opzet was mijn geest te breken en mijn krachten te verzwakken, maar ik ontving steeds de nodige krachten. Dag en nacht werd ik geobserveerd, maar God beschutte me. Na een paar weken werd ik voor een kommissie van onderzoek geleid. Daarna werd ik terug gebracht naar de gevangenis. Ik was erg blij dat ik ongedeerd de vuurproef doorstaan had; tot hiertoe heeft de Heere me geholpen. Toen ik nog in vrijheid was, bad ik: Heere, voed de gevangenen". Hier heeft de Heere me laten zien hóe Hij de gevangenen voedt. Ik kom niets tekort.
Geliefden, blijf standvastig in de Heere. Ikgedenkjullie altijd in mijn gebeden. Jullie zorgen zo goed voor me, lijden mee in mijn beproevingen, het valt me allemaal zo licht. De Heere vergelde het jullie. God zij met jullie, tot weerziens. In gedachten omhels ik jullie één voor één. Wees getrouw tot de dood."
Tot zover deze brief van Lydia Bondar. Zij wordt bijzonder door de Heere ondersteund. Zij mag roemen in de verdrukkingen. Wilt u haar in uw gebeden gedenken en haar ook een kaart sturen? Haar adres staat hierbij vermeld. „Gedenkt der gevangenen, alsof gij mede gevangen waart."
Vanaf deze plaats een hartelijke groet voor mevrouw Lydia Vins, die momenteel in ons land verblijft. Zij hoopt zaterdag 1 oktober in de Joriskerk te Amersfoort te spreken. We wensen „Baboesjka" Vins van harte Gods zegen en Zijn'ondersteuning toe.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 30 oktober 1983
Daniel | 32 Pagina's