HET HELPT JE NIETS
Het lijkt me beter hoofdstuk 4 over te slaan. Weliswaar komen we hierin nog nieuw dingen tegen, maar te weinig om er een heie bijbelstudie aan te wijden. Wat erstaat grotendeels a l a an de o rdege weest, of word t nog behandeld. Het gaat eigen l ijk o m samenvatting van wat reeds is gezegd, al zijn de formuleringen wat scherper. Lees he zelf maar eens. Lees verder aandachtig 1 Joh. 5 : 1-13 voor je deze bijbelstudie gevat bestuderen.
STUDIE 10
10.1 Het helpt je niets (1-5)
Al zwoegde je van de vroege ochtend tot de late avond om een goed leven te leiden, het baat je niet. Al wist je al de verborgenheden en wetenschap, al gaf je al je goederen aan armen en al gaf je je lichaam over om verbrand te worden, het zou je niet helpen, als er niet het ware geloof bij was en de ware liefde (1 Kor. 13). Je noeste arbeid zou tevergeefs zijn. Het gaat in de eerste verzen om geloof en liefde en daar komt het dan ook op aan. Met al je werken en ploeteren vol goede bedoelingen, heb je de Heere nog niet van harte lief. Nee, de zaligheid hangt ergens anders van af. Vers I is er duidelijk over: erst uit God geboren en dan geloof. Dat is belangrijk om vast te houden, wantje hoort steeds meer dat er eerst geloof moet zijn en dat je dan levendgemaakt wordt, een dwaling van de eerste orde. Ons vlees en bloed en onze wil kan ons niet bij God brengen zei Johannes eerder al in het evangelie (1 : 13). Het moet van de Andere kant komen en als de Heere ons geboren doet worden dan ontstaat er geloof. Ook in hoofdstuk 4 kom je dat steeds tegen: it God zijn. Dus niet wij werken naar God toe, maar het komt bij Hem vandaan en Hij is de werker van het geloof (vergl. 4 : 1, 2, 3, 4, 6, 7).
10.2 Geen zwaar gebod (3, 4, 5)
Als dat geloof je deel is — en het is nog te verkrijgen — dan ga je de Heere van harte liefhebben. Dan is het geen zwoegen en dwingen meer, want dan willen we naar al Gods geboden leven, een van de eerste kenmerken van genade. Nee, dan zijn Gods geboden niet zwaar meer. De schuld kan nog wel zwaar wegen, maar er is echt geen tegenzin meer om in de wegen des Heeren te wandelen. Wat brengt dat een verandering in het leven. Dan zie je dat de wereldje nooit meer gelukkig kan maken en het aardse genot wordt onderdrukt. Dan overwin je de wereld (4, 5).
10.3 Gods getuigenis (6-11).
Als de dokter morgen tegen je zou zeggen, datje ongeneeslijk ziek was, zou je dan geloven wat hij zei? Wat zou je vreselijk schrikken en wat zou de angst je aangrijpen. Maar weetje dat de Heere van hemel en aarde het al talloze malen heeft gesproken tot jou? Je hebt het toch wel gehoord, datje zo niet verder kunt leven, zoals je geboren bent? Het getuigenis van een dokter geloof je direkt, en zou je Heere dan niet geloven? Waarom slaat de schrik je niet om het hart nu? Dwaze mensen, die we zijn: het getuigenis van mensen nemen we aan, maar het getuigenis dat God getuigd heeft van Zijn Zoon en veel meerder is dan het getuigenis van een mens, leggen we naast ons neer (9). We geloven God gewoon niet en doen — ja het staat er — alsof Hij een leugenaar is (10). Hoe durven we. Dat is ongeloof ten diepst, luchthartig over de meest ernstige dingen heenstappen. Onze ellende is dat we niet beseffen hoe ellendig we zijn.
10.4 Zesvoudig getuigenis (7, 8)
En dan te bedenken dat het niet door één getuigd wordt, maar door zes, drie in de hemel en drie op de aarde. De Vader, de Zoon en de Heilige Geest getuigen en dicht bij ons op de aarde de Geest, het water en het bloed. De Heilige Geest getuigt immers niet alleen aan Gods kinderen, maar in ieder geval ook aan allen die onder het Woord leven (vergl. Hand. 7 : 51). Ook het water en het bloed getuigen. Het is niet met zekerheid te zeggen wat dat betekent, maar we moeten wel direkt denken aan wat alleen Johannes vermeldt over de Heere Jezus, dat water en bloed uit zijn zijde vloeiden (Joh. 19 : 34). Misschien wil hij daarmee zeggen dat de Heere Jezus echt mens is geweest omdat er in zijn tijd wellicht ketters waren die niet geloofden dat de Heere Jezus echt mens is geweest. We kunnen ook denken aan de doop (water) en het avondmaal (bloed). We weten het niet precies, maar wel is duidelijk dat er genoeg getuigen zijn en niemand van ons kan zeggen dat hij het niet wist.
10.5 Getuigenis in z; ichzelf (10)
Als de Heere getuigenis gaat geven aan zijn eigen werk, is er geen twijfel meer over. Dan is de twijfel weg en heerst de zekerheid en niemand is op zo'n moment in staat dat weg te nemen. Die in de Zoon gelooft, heeft het getuigenis in zichzelf, niet konstant maar wel telkens weer. Daaraan kun je weten of je de Heere kent, namelijk uit de Geest Die Hij gegeven heeft (3 : 24). Is dat bij al Gods kinderen zo? Ja, als het geloof werkzaam is wel. Dan getuigt Gods Geest met hun geest dat zij kinderen Gods zijn (Rom. 8 : 16) en dat hebben al Gods kinderen als het geloof beoefend mag worden, lees maar in de Dordtse Leerregels hoofdstuk V art. 10, al is het waar dat sommigen van Gods volk daar een zeer bijzondere bevestiging van ontvangen (2 Kor. 12":2).
Vraag jezelf maar eens af of de Heere wel eens tot je hart heeft gesproken, want dat weetje dan. Dan pomp je jezelf het geloof niet in met wat beloften alleen, maar dan past de Heere het Zelf toe. Daarom kun je nooit teveel op de beloften letten in het Woord, die zeer overvloedig tot onze troost zijn geopenbaard (D.L. V, 10), maar laten we niet doen of we die zelf wel ter hand kunnen nemen en toepassen. We moeten dan biddend verwachten tot de Heere het Zelf door Zijn Geest toepast.
Dan heb je getuigenis in jezelf. En dat maakt geen lijdelijke mensen, maar hopelijk wel worstelende mensen, die smeken om een blijk van Gods gunst en om Zijn vriendelijk Aangezicht te mogen zien, terwijl ze middellijkerwijs het Woord ter hand nemen in de hoop dat de Heere tot hun ziel spreekt. En let maar eens op, dat zijn geen hoogvliegers, maar armen en ellendigen in zichzelf, die het toch zonder de Heere niet meer kunnen uithouden.
10.6 Leven of dood (11-13)
Er hangt heel wat vanaf. Het is jouw dood of jouw leven. Of het één of het ander staat ons te wachten. Die de Zoon heeft, heeft het leven, die de Zoon niet heeft, heeft het leven ook niet. Vijf keer komen we het woord leven hier tegen (11, 12, 13).Het gaat zelfs om het eeuwige leven. Dat leven is ook de inhoud van het getuigenis dat God getuigt en dat leven is alleen in Zijn Zoon. Nergens anders is het leven te vinden en overal is slechts de dood in de pot, maar wie Hem heeft, heeft het leven en trekt een welgevallen van de Heere. Wat ben je dan rijk. Maar, die de Zoon niet heeft, heeft het leven niet, maar de dood. Geloof je wat God aan jou getuigt?
10.7 Opdat gij "weet (13)
De apostel komt terug op zijn doel. Hij schrijft met name voor hen die reeds geloven maar nog zo weinig wetenschap hebben dat zij het eeuwige leven ook zullen ontvangen. Calvijn schrijft bij zijn verklaring van dit vers zo treffend dat het geloof de ganse loop van het leven moet toenemen omdat er nog zoveel overblijfselen zijn van ongelovigheid en ons geloof zo zwak is, dat hetgeen wij geloven, nog niet is grondig geloven, tenzij er breder bevestiging bijkome. Hij was een man van de praktijk en kende zowel zijn eigen hart als dat van Gods kinderen (vergl. 1 : 4 en 2:1).
10.8 Vragen
1. Wat wordt bedoeld in Matth. 11 : 30 en wat heeft dat met ons hoofdstuk le maken?
2. Wat zou Johannes bedoelen met het overwinnen van de wereld (vers 4)?
3. Wat moeten we ons voorstellen bij het getuigenis van de Heilige Geest? (vergl. Rom. 8 : 16; Ef. 1:14 en D L. V, 10).
4. Waarom kan a lleen het geloof de wereld overwinnen?
5. Lees het laatste zinnetje van D.L. 3/4 art. 12. Wat heeft ons dat te zeggen?
6. Lees Joh. 3 : 16-19. Wat is het verband met vers 10 en wat betekent dat?
7. Wat is „opwas in de kennis en genade van de' Heere Jezus"? (vers 13 en 2 Petr. 3 : 18).
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 14 oktober 1983
Daniel | 33 Pagina's