JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

„....en nam de overhand”

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

„....en nam de overhand”

14 minuten leestijd

Hand. 19 : 13 - 20

„Alzo wies het Woord des Heeren met macht en nam de overhand". Dit Schriftwoord verplaatst ons naar Efeze, de hoofdstad van Klein-Azië, een gebied dat vrijwel samenvalt met het huidige Turkije.

Dit Efeze, een handelscentrum met 200.000 inwoners, is in de tijd van Paulus ook de hoofdstad van de magie. Het hele leven wordt er op een voor ons nauwelijks meer voorstelbare wijze beheerst door tovenarij en andere bijgelovige praktijken.

Vooral de produktie van toverboeken is groot. Wie zich door boze geesten bedreigd voelt, roept een tovenaar te hulp. Wie zich wreken wil op zijn naaste doet dat met behulp van een vloekformule of schakelt daartoe een magiër in.

In dit bolwerk van de vorst der duisternis verkondigt Paulus het evangelie van 53 tot 56 na Christus. De Heere sterkt hem in de strijd tegen de afgoderij en de magie door de prediking van het Woord te bevestigen met heerlijke tekenen (vers 11, 12). Maar satan laat zich zomaar geen gebied ontroven. Hij probeert de naam van Jezus, waarin Paulus wonderen verricht, te verlagen tot een formule uit een toverboek. Jezus moet op één lijn komen met de afgoden, die in een dergelijke formule worden aangeroepen. Als dat gelukt, wint satan de strijd. Maar wat de boze ten kwade denkt, keert de Heere ten goede.

De dienaren van de satan

Alzo wies het Woord: op déze wijze. In Efeze arriveren zeven rondreizende duivelbezweerders. Het zijn alle zonen van Sceva, een joodse overpriester. Hun vader is hoofd van een van de vierentwintig priesterklassen. Hoe diep zijn de mannen uit dit voorname priestergeslacht gevallen! Ze dienen de boze! Deze duivelbezweerders presenteren zich als vrome mensen, die aan de kant van het goede, ware en heilige staan en beschikken over bovennatuurlijke krachten om boze geesten uit te werpen. Vaak hebben ze nog resultaat ook. De kanttekening bij de Statenvertaling merkt treffend op, dat de duivel zich zelfs door de duivel laat uitwerpen als dat nodig is om mensen in hun waangeloof te laten blijven. Daarom is de tovenarij zo'n macht in elke heidense samenleving. Daarom grijpt het okkultisme in onze ontkerstende westerse wereld zo om zich heen.

De zonen van Sceva hebben gehoord, dat Paulus in de naam van Jezus de boze geesten uitwerpt. Dat spreekt hen aan. Het gaat hen immers alleen om het verdienen van geld en het opbouwen van een naam als genezer. De naam van Jezus moet onmiddellijk in een nieuwe bezweringsformule worden opgenomen. Dat zal hun sukses vergroten! Als zij bij een bezetene geroepen worden, gebruiken zij de formule: „Wij bezweren u bij Jezus, Die Paulus predikt!"

De Heere regeert

Wat een misbruik van de heilige naam van de Zaligmaker. Christus kennen zij niet. Het eeuwige heil van een zondaar zoeken zij niet. Wie de naam Jezus niet gebruikt om een mens de weg der zaligheid te wijzen, mag die naam ook niet op de lippen nemen ter genezing! Dat is een ijdel, een leeg, een godonterend gebruik. Hier wordt gevloekt! De Heere houdt niet onschuldig, die Zijn Naam ijdel gebruikt. Woedend en vernietigend roept de boze geest de bezweerders toe: „Jezus ken ik, en Paulus weet ik; maar gijlieden, wie zijt gij? " Met andere woorden: „De macht van Jezus erken ik. Hij zal mij eenmaal met eeuwige ketenen binden. U aapt alleen zijn gezant Paulus na. U noemt een Jezus, die u niet kent. Wie heeft u eigenlijk gemachtigd om mij uit te werpen? " De verheerlijkte Christus regeert óók over de duivel. Hij dwingt hier de satan om zijn eigen

dienaren in de steek te laten. Hij laat Zijn naam niet misbruiken als een magisch woord om zich daardoor te verrijken.

Hedendaagse zonen van Sceva

Laten we niet denken, dat de zonen van Sceva vandaag in de kerk ontbreken. Alle tijden door zijn er predikers, ambtsdragers, gemeenteleden en jonge mensen geweest, die de naam van Jezus ijdel gebruiken om eigen eer te dienen. Dan spreken we vrome woorden over Hem zonder een levende band met Hem. Dan roemen we in Jezus zonder Hem ooit nodig te hebben gekregen als Borg voor onze persoonlijke schuld. Wie Zijn naam ijdel gebruikt, probeert daarmee wat te zijn op school, op de vereniging, in het gemeenteleven. Zulke mensen nemen zelfs wel de tale Kanaans over om ingang te vinden bij Gods volk.

Jullie onderkennen toch wel, dat het schijngeloof zich vandaag opnieuw sterk maakt? Het presenteert zich met veel enthousiasme, met veel gevoeligheid, met veel applaus voor Jezus, maar het is te vrezen dat de Koning er niet van af weet (Mattheus 25 : 41-46).

Het stempel van Zijn Woord en Geest ontbreekt: Ik ben niet waardig, dat Gij onder mijn dak zoudt inkomen" (Mattheus 8 : 8).

De satan ziet heel scherp of Gods werk in ons hart aanwezig is, of dat wij bouwen op een zandgrond. Hij is niet bang voor een gedaante van godzaligheid, voor gestolen woorden, voor gestolen goederen. Hij is niet bevreesd voor het gebed, waarin de naam van Jezus ijdel gebruikt wordt om wat te schijnen. Dat hebben de zonen van Sceva ervaren!

Christus toont Zijn overwinning

De duivel geeft de bezetene enorme krachten. Hij springt óp de zeven mannen, hij slaat hen met vuisten. Hij scheurt hun kleding af. Hij krabt hun huid open met zijn nagels. De bezetene overweldigt de bezweerders. Op het laatste moment weten ze te ontsnappen. Er is geen tijd meer om hun kleding op te rapen. Naakt, gewond vluchten zij de deur uit. Schreeuwend van angst en pijn, roepend om hulp rennen ze door de straten!

Wat zegt ons dat? De Koning der kerk dwingt hier de duivel om zijn eigen dienaren te slaan en te verwonden. Hoe heerlijk toont Christus door deze geschiedenis, dat Hij op Golgotha over alle machten van de hel heeft getriumfeerd (Kol. 2 : 15). Daarvan hebben de inwoners van Efeze iets gevoeld. Iedereen spreekt over de nederlaag van de valse wonderdoeners. Iedereen spreekt over de grootheid van Jezus, Wiens gezag de boze geesten zelfs moeten erkennen. De satan moet zijns ondanks medewerken aan de uitbreiding van Gods Koninkrijk.

Er valt „een vreze" op alle Efeziërs. Joden en heidenen spreken met eerbied over Jezus en Zijn macht. Dit betekent niet, dat alle inwoners van de stad tot waar geloof komen. Angst en verwondering verdwijnen snel! Angst en ontzag alléén geven geen verbroken hart Toch zijn er ongetwijfeld Efeziërs, die door de openbaring van de majesteit van Christus in de bestraffing van de zonen van Sceva tot stilstand worden gebracht op de levensweg. Straks zullen zij zich bij de gemeente voegen vanwege de droefheid naar God in hun harten, die een onberouwelijke bekering werkt.

Nadere ontdekking door het Woord

Alzo neemt het Woord de overhand. Dat geschiedt ook in het hart van vele kinderen des Heeren in Efeze. Hun geweten wordt wakker geschud door het aangrijpende voorval: „En velen dergenen, die geloofden, kwamen, belijdende en verkondigende hun daden". De oorspronkelijke tekst geeft aan, dat het om mensen gaat, die reeds eerder door de prediking van de apostel tot bekering zijn gekomen. Maar ze zijn opnieuw meegesleurd door de zuigkracht van bijgelovige praktijken.

Hoe lang werkt ook vandaag helaas de heidense adat niet na in het leven van hen, die uit het heidendom tot het' christelijk geloof zijn bekeerd. In een recent interview in „Terdege" wijst ds. Kuijt op een zendingsgemeente in Irian Jaya, die onlangs voor 90% deelnam aan heidense offerfeesten. Die Papoea's zijn niet alleen huichelaars! Wie na ontvangen genade de Heere Jezus niet meer zoekt om door Zijn kracht tegen de zonde te strijden, valt ook in Nederland terug in allerlei afwijkingen en ongerechtigheid. „Zonder Mij kunt gij niets doen"! Overigens mag hier de vraag worden gesteld: Zijn wij helemaal vrij van heidense inmengsels? Heel wat alternatieve geneeswijzen gaan gepaard met bijgeloof en zelfs met tovenarij. In de wachtkamers van wonderlijke kwakzalvers worden soms kinderen van God aangetroffen, die met een grote nood zich wenden tot een verkeerd adres. Men staat gewillig een foto, een plukje haar of een

trouwring af aan dergelijke „genezers". Dan kan de magiër „zien" welke ziekte men heeft. Laten we ons toch ver houden van het domein van de slang. Wie zich daarin begeeft, bedroeft de Heere en haalt donkerheid over zijn ziel.

Daarom belijden de christenen in Efeze nu openlijk aan P au lus hun zonden. Zij ontvangen bij de aanvankelijke genade voortgaande ontdekking. Dat is een gezegende zaak. Daardoor gaan we verstaan, dat we één en al zonde zijn. Zó wordt onze zondige hoogmoed meer en meer gebroken. Zó leren we om onvoorwaardelijk alles te verlaten om als goddelozen in onszelf aan de voeten van Christus terecht te komen. Hoe blinkt in het verdiepte zondebesef van deze christenen de kracht van het Woord, dat door de Heilige Geest in hun hart de overhand neemt. In de weg van de nadere ontdekking krijgt de Heere Jezus meer en meer gestalte in het hart. Hij wordt benodigd. Hij wordt verheerlijkt.

De prediking van de vlammen

Bij de schuldbelijdenis in woorden voegen de christenen de belijdenis in daden. Bekering komt altijd openbaar in haten en laten van de zonde. De radikale breuk met het heidense verleden kan niet uitblijven. Vele christenen hebben nog toverboeken bewaard. Die zijn bijzonder kostbaar. Dat is niet alleen een gevolg van het feit, dat ze met de hand zijn geschreven. De toverspreuken zijn geheim. Daarvoor moetje grof betalen! De christenen zijn er niet allen toe kunnen komen om die boeken weg te doen. Daar zit immers zoveel kapitaal in! Velen hebben ze daarom maar weggelegd op een verscholen plekje. Soms hebben ze de verleiding niet kunnen weerstaan om er in te bladeren. Opnieuw zijn ze geboeid door tekens die onheil zouden afweren, door recepten voor toverdranken en bezweringsformules. Daardoor zijn ze teruggevallen in zondige bijgelovige daden. Je wilt in Efeze toch nog wat meepraten en meetellen! Nü hebben deze boeken alle glans verloren. Nü kunnen ze het gif niet langer duiden in hun huis en ook niet in de wereld. Die boeken moeten worden vernietigd, opdat er geen zielen meer vernietigd zullen worden! Buiten de poort van Efeze wordt een vuur aangelegd. De gehele bevolking kijkt toe. Met armenvol werpen de christenen de kostbare rollen in het vuur. Met volle vrede in het hart schatten ze de waarde op 50.000 zilverlingen. Eén zo'n penning is het dagloon van een arbeider in de wijngaard (Mattheus 20 : 2). Informeer eens naar het dagloon van een arbeider in onze maatschappij. Dan wordt het je duidelijk, dat hier voor tenminste twaalf miljoen gidden in vlammen opgaat.

De brand in de toverboeken. Welk een getuigenis. Die vlammen prediken de overwinning van het Woord en de Geest van Christus op dode zondaarsharten. De vlammende perkamenten verkondigen dat het Woord de overhand neemt in het hart van Gods kinderen. De ve.rachte.ring in de genade is geweken. Het geloofsleven schittert helder.

Twaalf miljoen gulden in het vuur. Opnieuw spreekt heel Efeze over de kracht van Jezus. Alzo wies het Woord des Heeren met macht en nam de overhand.

Nu het onkruid van het bijgeloof is weggewied, heeft het zaad van het Evangelie, dat Paulus strooit in de prediking, ruimte om wortel te schieten en te groeien. Het wast op in de breedte. Het wortelt meer en meer in de diepte. Zeer velen komen tot waarachtige bekering. Gods Woord keert nooit ledig weder. „Het zal voorspoedig zijn in hetgeen, waartoe Ik het zende" (Jesaja 55 : 11).

Het Woord en jij

Wie heeft de overhand in jouw leven? Is dat de vorst der duisternis? Van nature zijn we allen zijn gewillige onderdanen. Onze ellende is zo diep en zo groot, dat we dat niet zien en gevoelen. Maar wie de zonde doet is uit de duivel (1 Joh. 1 : 8a). Wat heeft de overhand in jouw leven? Leef je met een godsdienstig kleed aan alleen voor de genoegens van onze ontkerstende konsumptiemaatschappij? Word je geregeerd door een boezemzonde? Ben je bezig om door een ijdel gebruik van de naam van Jezus schijn voor zijn uit te geven? De zonde kan wat gestalten aannemen in het hart van een mens. Er blijft één vraag over: s jouw harde, vijandige hart reeds door het Woord overwonnen? We staan samen achter een aktie, waarin we bezig zijn geweest om de vertaling en verspreiding van de Heilige Schrift financieel mogelijk te maken. Gods getuigenis zal straks overwinnend voortgaan door de heidense, bijgelovige samenlevingen van Afrika en Azië. En jij? Heb je geijverd voor het Woord? En leef je voort zónder de God van het Woord? Heb je zó aan deze aktie deelgenomen? Ben je zó

naar de bondsdag gekomen? Ga je zó naar huis? Wat ben je dan arm. Zo kun je de Heere niet ontmoeten. Buig toch je knieën om de Heere te smeken of door Zijn Geest het Woord in jouw hart de overhand mag nemen. Lees biddend de Schrift. Voeg je trouw onder de prediking van Wet en Evangelie. Christus gaat voort om de werken des duivels in mensenharten te verbreken. Hij voegt nog jonge mensen toe aan de gemeente, die zal zalig worden.

Daarom kun jij nog behouden worden.

Hoor, Hij betuigt jou zo ernstig, zo hartelijk: oek de Heere, terwijl Hij te vinden is; roep Hem aan, terwijl Hij nabij is" (Jesaja 55 : 6).

„......en nam de overhand". Hoe kan ik weten of dat in mijn leven is geschied? Dan ben je de Schrift met andere ogen gaan zien en gaan lezen! Dan heb je het Woord liefgekregen met heel je hart, terwijl het je veroordeelt. Dat is het wonderlijke van de overwinning door het Woord. De Heere plaatst je voor de heilige eis om in alles te leven naar Zijn heilige Wet. Je ziet hoe je in alles hebt gezondigd tegen de Heere. Die jou met zegeningen heeft omringd.

Je moet en je mag het van de Heere verliezen! Zulke verliezers worden verlegen om God, Die zij niet missen kunnen. Dat geeft gebed met diep verdriet en diep verlangen: „Och, Heer', och wierd mijn ziel door U gered."

„.....en nam de overhand". De Geest van Christus gaatje dan ook leren om de naam van Jezus gelovig en heilig te gebruiken en te beminnen. Die Geest werpt door het Woord licht op de Zaligmaker als de weg der ontkoming. Hij draagt de belofte van het Woord het hart binnen om die daar in de wanden te graveren in onuitwisbaar Schrift. Dat geeft gebedsworstelingen om de Belover te mogen kennen. De Belover neemt door nader onderwijs uit de Schriften al je bezwaren weg om tot Hem te komen. Als het Woord in jouw leven de overhand genomen heeft, weet je van het opdragen, aanbevelen en overgeven van jezelf aan Hem. Want Hij trékt oude en jonge zondaren tot Zich om hen rust te geven.

„.....en nam de overhand". Is dat door genade je deel geworden? Dan kan het niet anders of je hebt alle „toverboeken" weggedaan. Het toverboek van de realistische roman, die tot zonde verleidt Het toverboek van de popmuziek. Het toverboek van je geheime boezemzonde De toverformules van verkeerde vrienden

Als de Heere werkt, gaan we alles wat scheiding maakt tussen Hem en onze ziel verzamelen en verbranden. Er is geen levensvernieuwing zonder levensheiliging. Wie door het Woord wordt overwonnen, gaat begeren om heilig voor de Heere te leven. Dat kan niet in eigen kracht. We zijn zo zwak, dat we niet één ogenblik staande kunnen blijven in onszelf. Onophoudelijk vallen drie vijanden aan: de duivel, de wereld en ons eigen verdorven bestaan. Hoe krijgen we in die worsteling de kracht van Christus nodig. Een nabij leven kent een blijvend bedelen om Zijn heiligende genade. Een nabij leven brengt tot voortdurend gebed om telkens door het Woord te mogen verstaan wat de Heere van ons vraagt. „Merk op mijn ziel, wat antwoord God u geeft "

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 24 juni 1983

Daniel | 32 Pagina's

„....en nam de overhand”

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 24 juni 1983

Daniel | 32 Pagina's