OP ZIEKENBEZOEK VIA DE POST
„Vertoon ons 't lieflijk licht, van Uw vertroostend aangezicht". Was dat met het Pinksterfeest ook onze bede in de binnenkamer tot de Heere, die in het verborgen ziet?
Bij de biddende gemeente in Jeruzalems opperzaal waren ook vrouwen smekende om de vervulling van de belofte: „Ik zal u een andere Trooster geven". En hoe heerlijk is deze bede verhoord, want zij werden allen vervuld met de Heilige Geest!
De Bruid van Christus kende ook dat verlangen naar die Pinkstergeest, en hoewel zij zwart was omdat de zon haar had beschenen, smeekte zij: „Ontwaak noordenwind en kom gij zuidenwind! Doorwaai mijn hof, dat zijn specerijen uitvloeien."
Is dat ook ons begeren, dat de specerijen mogen uitvloeien, zodat de hemelse Bruidegom Zijn hof zal bezoeken? „Beziel Uw kerk, als d' apostelen weleer, opdat zij in Uw kracht wordt tot een levende getuige!"
Als Asaf de tachtigste psalm opdraagt aan de opperzangmeester op Schoschannim tot een getuigenis, dan klaagt hij over de ellendige stand van de kerk. Hij roept uit: „O, Herder Israëls, neem ter ore!" Daarbij smeekt hij driemaal: „O, God der heirscharen breng ons terug, en Iaat Uw aanschijn lichten." In de Lofzangen Israëls schreef Groenevvegen:
't Was een volk dat wist te binden, d' Allerhoogste met geweld, Dwongen God en bleven vrinden, O, hoe was dat volk gesteld.
Ja de Koning was gebonden, Op Zijn schone galerij, En van liefde zelfs verslonden, Dit was wonderlijk voor mij.
Misschien zegt u: „Het is zo duister in mijn hart, zou het lieflijk licht van Gods vertroostend aangezicht over mij wel ooit opgaan? "
Weet u hoe donker het voor Jakob was is Bethel? Geen enkele lichtstraal, totdat de Heere op een verrassende wijze een geopende hemel gaf. Telkens kwam de Heere in de donkerste nachten van Jakobs leven daarop terug: „Ik ben de God van Bethel". En in de nacht van Pniël toen Jakob zijn naam moest spellen, zodat er niets overbleef dan zijn zondaarsnaam, Jakob - bedrieger, toen ging het licht van Gods vertroostend aangezicht over hem op, daar werd het Israël - Vorst Gods.
Zo kan de Heere ook bij u die eenzaam bent, inkomen om bij u te blijven. Dan wil Hij de als Trooster voor u na 't angstig klagen, het lieflijk licht van Zijn aanschijn doen dagen. Dat vertroostend licht van Zijn aangezicht wensen wij in het bijzonder toe aan ons oudhoofdbestuurslid, mevrouw M. F. Hardon-Kieviet, die zo graag naar de bondsdag was gekomen, maar door een gebroken pols met veel pijn en ongemak bezet was (Zuiderkruis 129, Veenendaal).
Evenals mevrouw Bleyerveld-Bijkerk, de presidente van de vrouwenvereniging in Zeist, die onverwachts naar het ziekenhuis moest, en nu door haar dochter verzorgd wordt (p/a fam. Mertens, Molendijk 32c, Stad aan 't Haringvliet).
De Heere geve u beiden te ervaren in alle zorg en smart Davids verwachting: „Maar Gij alleen, mijn schild en wapen, schoon 't onheil schijnt voor mij geschapen, zult mij doen zeker wonen, Heer'!"
Tot ons onderwijs, en tot troost van hen die de kroon der grijsheid dragen, zegt Matthew Henry in zijn „Aanwijzingen voorde dagelijkse omgang met God": „Zowel in de dagen der jeugd als in de dagen van de ouderdom moeten wij God venvachten, zowel in dagen van voorspoed als in dagen van tegenspoed moeten wij God verwachten. Mogen oude dienaren van Jezus van het wachten op Hem ontslagen worden? Neen. Wanneer zij door zwakheden van hun ouderdom niet langer werkende dienaren kunnen zijn in het gezin van God, dan mogen zij toch hulpverlenende dienaren zijn." Wanneer de levieten de leeftijd van vijftig jaar hadden bereikt en ontheven werden van het zware deel van hun dienst, dan moesten zij toch nog de wacht van God waarnemen. Zij moesten rustig hun dienst verrichten, om Hem eer te geven en van Hem troost te ontvangen.
De vromen zal voortaan, 't licht des troosters opgaan; Blijdschap komt na veel smarten, alle oprechten harten.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 27 mei 1983
Daniel | 32 Pagina's