JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

INSPRAAK(RONDE) OVER EMANCIPATIE

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

INSPRAAK(RONDE) OVER EMANCIPATIE

8 minuten leestijd

Weet u nog hoe wij als vrouwen in november 1981 met een vragenlijst in aanraking kwamen, waarmee je daadwerkelijk kon inspreken op het Nederlands Aktieprogram Emancipatiebeleid?

De indruk werd gewekt en zo werd het ook gesteld, dat de vrouwen in Nederland zich hierdoor konden uitspreken over het emancipatiebeleid van de regering en dat hiermee rekening zou worden gehouden. Al de ingevulde vragenlijsten zouden door een z.g. „onafhankelijk" amsterdams onderzoeksbureau „Cebeon" worden verwerkt Dit bureau werd door de in het voorjaar 1982 afgetreden staatssecretaris mevr. drs. H. d' Ancona opgericht en lange tijd geleid. Begin 1982 zouden we de resultaten van deze inspraak vernemen, zo werd geschreven.

Het werd een halfjaar later, want zoveel inspraakreakties had men niet verwacht. Inplaats van de verwachte 1500 waren er meer dan 150Q0 reakties. Hiervan waren er ongeveer 12000 afkomstig van christelijk-orthodoxe groeperingen (of fundamentalisten, zoals deze in het rapport worden genoemd).

Maar wie nu verwacht heeft, dat al deze reakties op gelijke wijze zouden worden verwerkt, komt bedrogen uit. Alle reakties, waaruit bleek dat zij op grond van de Bijbel tegen het aktieprogram waren, werden opzij gelegd. Dit waren er ruim 12000. Slechts 875 stuks hiervan plus de overige 3000 werden gekodeerd en door de komputer verwerkt. Vervolgens werd de visie op de verschillende vragen van de 3000 voorstanders in 29 blz. uitgebreid uiteengezet. Aan de mening van de 875, die men representatief achtte voor de 12000 reakties van de fundamentalisten, werden slechts 4 blz. besteed. Deze 875 inzendingen waren binnengekomen voor 7 december 1981. De inzendtermijn sloot 15 december 1981.

Gerechtvaardigde handelwijze?

Er wordt gezegd, dat deze handelwijze gerechtvaardigd is, omdat het hier niet gaat om een representatieve steekproef onder alle vrouwen in Nederland, maar om een weergave van meningen in een open inspraakprocedure.

Verder wordt gezegd, dat omdat de reakties uit de christelijk-orthodoxe hoek sterk gelijkluidend waren en vooral bedoeld om het „onheil" van dit aktieprogram te keren en de taak van de vrouw in het gezin te benadrukken, in overleg met het ministerie van CRM besloten is deze reakties apart te behandelen.

Als volgende reden wordt dan nog opgemerkt, dat door deze relatief kleine groepering in de nederlandse samenleving de inspraakronde zo sterk is aangegrepen, dat het opnemen van de reakties in het totale bestand van meningen bij de komputerverwerking een vertekend beeld zou opleveren.

U ziet, aan de ene kant wordt gezegd, dat het niet gaat om een representatieve steekproef, maar om een weergave van meningen. Aan de andere kant wil men echter geen vertekend beeld van de nederlandse vrouwen krijgen en wil men een zo goed mogelijk beeld uit de komputerverwerking oproepen, dus toch een representatief beeld.

Dit beeld gaat men dan zelf maar maken. Men neemt alle 3000 voorstanders van het aktieprogram, die men uitgebreid in een rapport behandelt en de 12000 fundamentalisten schildert men af als een kleine groepering, waarvan men het niet juist vindt hun mening samen met die van de anderen te verwerken.

De uitslag van de inspraak

De inspraak valt in drie stromingen uiteen:

a. Een brede middengroep steunt het aktieprogram. Dit zijn veel leden van de grote vrouwenbonden als NCVB en CDA-vrouwenorganisaties.

b. Li nks van het midden is men niet tevreden met het program, omdat het niet ver genoeg gaat. Men is jonger en vaker lid van een feministische beweging.

c. De christelijk-orthodoxe hoek heeft de Bijbel als richtsnoer en fundament. Zij keurt emancipatie af en vindt het aktieprogram slecht.

In het Cebeon-rapport spreekt men voortdurend over fundamentalisten. Dit in navolging van de omschrijving, die in de Ver. Staten aan bijbelgetrouwe groepen wordt gegeven, omdat hun fundament ligt in Gods Woord.

Er waren 13 onderwerpen, waarover vragen werden gesteld en waarop men kon reageren. Punt 1 was de wetgeving.

De aankondiging van de Algemene Wet Gelijke Behandeling waarin diskriminatie verboden wordt op grond van geslacht, homofilie en huwelijkse staat wordt door zeer veel inspreeksters (van de 3000) een belangrijk en goed uitgewerkt punt gevonden. Sommigen willen zelfs sankties (strafmaatregelen) bij overtreding.

De 12000 fundamentalisten hebben zich duidelijk uitgesproken tégen uitvoering van deze

wet. Ook bij alle overige punten (o.a. overheidsorganisaties ten behoeve van het emancipatiebeleid, vrouwenbeweging, participatie van vrouwen in bestuur, overheid en beleid, arbeid, gezondheid, onderwijs, sexueel geweld, kinderopvang) wordt de mening van de voorstanders uitgebreid uiteengezet. Zij die op bijbelse gronden tegen zijn, komen nauwelijks aan bod.

Reaktie van onze bond op het Cebeon-rapport

U zult begrijpen dat we het als hoofdbestuur niet eens zijn met de wijze waarop de gegevens zijn verwerkt. We hebben ais bond ook de vragenlijst ingestuurd met een begeleidend schrijven, maar onze naam wordt niet vermeld bij de organisaties die reageerden. We hebben over dit Cebeon-rapport, waarin de uitslag van de enquête „Vrouwen spreken zich uit" is verwerkt, dan ook een uitvoerige brief geschreven aan de staatssekretaris van emancipatiezaken, mevr. A. Kappeyne van de Coppello.

In deze brief schrijven we onder meer:

„De nederlandse regering heeft toegezegd, dat een aktieplan niet over de hoofden van de vrouwen heen zal worden vastgesteld en dat daarom inspraakmogelijkheden zullen worden georganiseerd, zo lezen we op blz. 1 van de Cebeon-brochure. Als wij echter zien hoe de visie van 12000 vrouwen (80% van de inspreeksters) in deze brochure wordt behandeld, dan hebben wij reden om aan de oprechtheid van bovengenoemde toezegging te twijfelen."

Op het verwijt van „een relatief kleine groepering" antwoorden we: „Er wordt gesteld dat zij afkomstig zijn van een relatief kleine groepering, zonder verder enige aanduiding van de grootte van deze groepering te geven. Dit is zeer suggestief en wekt de indruk van misschien 1 a 2% van de bevolking. Als we dan lezen van welke organisaties er o.m. brieven zijn ontvangen, dan moeten we konkluderen dat deze komen uit kringen van SGP, RPF en GPV, maar ook uit het CDA en dat gesteld kan worden dat deze vrouwen 10 a 20% van de nederlandse vrouwen vertegenwoordigen.

Het is zeer de vraag of de overige niet-fundamentalistische groeperingen ook niet als relatief klein moeten worden aangemerkt. Immers, grote groepen vrouwen zijn niet tot het invullen van de vragen overgegaan, om welke reden dan ook. Voor hen die tegen emancipatie zijn was eigenlijk in de enquête geen plaats ingeruimd."

Met betrekking tot „een representatieve steekproef' schrijven we: „Het is inderdaad geen representatieve steekproef onder alle vrouwen van Nederland, maar een weergave van meningén. Door het uitgebreid vermelden van de verschillende meningen van 20% van de inspreeksters wordt echter wel de indruk gewekt van een representatieve steekproef, ofwel een objektieve enquête. En als het louter een weergave van meningen zou zijn, waarom dan niet op dezelfde wijze de overige 80% van de meningen vermeld? "

Over het gemotiveerd zijn van onze vrouwen merken we op: „Uit de manier van aktievoeren moge duidelijk zijn op welke wijze deze fundamentalistische vrouwen gemotiveerd zijn om het kwaad, dat het emancipatieprogram meebrengt, te keren. Het eerste aktiepunt dat dit program aankondigt is het Voorontwerp van de Wet Gelijke Behandeling. In deze wet worden degenen die zich in geweten gehouden achten aan Gods Woord

gediskrimineerd. Ook worden daarin de grondwettelijke rechten van vrijheid van godsdienst en vrijheid van vereniging en vergadering aangetast. Is het vreemd dat een aktieprogram dat een dergelijke wet aankondigt door een zo grote groep vrouwen scherp wordt veroordeeld? Het is een zeer gemotiveerde groep, die zonder meer wordt gediskrimineerd door aan haar oordeel slechts de waarde toe te kennen van: , , het is een relatief kleine groepering".

De konklusie moet luiden:

„De meningen van de vrouwen met een niet-bijbels fundament worden aanvaard en de meningen van de vrouwen met een bijbels fundament worden verworpen".

We hebben onze brief besloten met het dringend verzoek bij het opstellen van het emancipatiebeleid rekening te houden met de vele van de zijde der „fundamentalisten" ingediende bezwaren.

We moeten waakzaam zijn!

Het Nederlands Aktieprogram Emancipatiebeleid is slechts een stap naar verdergaande emancipatie.

Het is duidelijk dat men had gehoopt, dat een grote meerderheid vrouwen zich er achter zou scharen. Nu was evenwel het tegendeel het geval. Om er toch nog enigszins mee uit de voeten te kunnen heeft men toen alle tegenstanders maar als een relatief kleine groepering bestempeld.

De leiding van het emancipatiebeleid is in handen van een kleine groep feministen, die nog veel meer willen. Huwelijk en gezin vindt men traditionele instellingen, die leiden tot onderdrukking van de vrouw. Hiervan moet de vrouw worden vrijgemaakt. Wat nu nog tot de privé-sfeer gerekend wordt, zoals huwelijk en gezin, moet openbaar worden. Dan kan de overheid of rechter indien nodig ingrijpen.

Men schroomt niet om hiervoor subjektief en willekeurig te werkte gaan, zonder dat men let op gerechtvaardigde verlangens in ons volk. De behandeling van bovengenoemde inspraak is hier een voorbeeld van. De strukturen wil men totaal wijzigen en een maatschappij in het leven roepen, die tegen de bijbelse orde ingaat. Hiervoor moet de wetgeving dan worden aangepast. De Wet Gelijke Behandeling is hier al een eerste voorbeeld van.

Zo is onlangs door het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid een rapport uitgegeven, getiteld: „Een analyse van het Vrouwenvraagstuk". Wat hierin allemaal voor doelstellingen zijn beschreven moet ons met schrik vervullen.

We zullen waakzaam moeten zijn en waar nodig als Vrouwenbond onze stem tegen verdergaande emancipatie voortdurend moeten laten horen. Want bij verdergaande emancipatie staat ons christelijke gezinsleven op het spel en daarmee een nog dieper verval van ons volk.

Dat we bovenal ook in deze zaken biddend werkzaam mogen zijn.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 4 februari 1983

Daniel | 32 Pagina's

INSPRAAK(RONDE) OVER EMANCIPATIE

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 4 februari 1983

Daniel | 32 Pagina's