OP ZIEKENBEZOEK VIA DE POST
„Wanneer ik geen bewerking van de Heilige Geest kan vinden, en geen geestelijke gestalte, maar enkel dodigheid, " zegt Samuël Rutherford, „zo moet ik daarom het gebed niet nalaten, maar ik moet mij in de weg stellen. De Heere wijst ons in Zijn Woord de juiste weg: Houdt sterk aan in het gebed."
Kan dat ook in de stille ziekenkamer, in de eenzaamheid die somber en dreigend op ons afkomt, niet de verzoeking van satan zijn, om onze handen niet meer te vouwen, zodat wij traag worden in het gebed? Waar is dan de gebedsworsteling: „Leid ons niet in verzoeking, maar verlos ons van de boze", als ons hart dor en dodig is, want juist dan heeft satan een invalspoort. Ook als wij misschien hoogbejaard van een rustige oude dag mogen genieten, maar dat ons gebedsleven zo verkilt.
Rutherford zegt: „Wanneer de eerste slag op de vuursteen geen vuur geeft, dan moeten wij nog eens slaan. Al doet de blaasbalg het hout niet dadelijk ontbranden, vat het nog eens aan. De Heere zal met ons zijn, er mocht eens een vonkje of een vlam van de hemel komen." Zijn wij wel rechte bedelaars, die niet anders meer over hebben dan bedelaarslompen en een lege bedelaarshand?
Bij de Heere is genade overvloeiende voor de grootste zondaar, zouden wij daarom niet blijven kloppen op die genadedeur?
„Laten doden en blinden hun knieën buigen, " zegt Rutherford, „en een dode geest, een naakte ellendige ziel, een paar blinde ogen voor God neerleggen, want dat is Gods gebod, dat wij dit voor Hem belijden. Daarom moeten wij bidden, al zijn wij nog zo ongeschikt." En de uitkomst? „Men ziet dan dikwijls dat de Heere met Zijn Geest komt, niet omdat Hij dit verplicht is, maar volgens Zijn gewone vrije genadewerkingen." Op uw noodgeschrei, deed Ik grote wonderen.
Bij ons ziekenbezoek wensen wij dat in het bijzonder toe aan mej. Breevaart (71), St. Claraziekenhuis, kamer 553, Rotterdam. Bidden, mej. Breevaart, is bedelen. „Hoor naar de stem van mijn gebed, daar ik U aanroep in mijn noden." De Heere doe u ervaren: „toen hoorde God, Hij is mijn liefde waardig."
Lijdzaamheid in beproevingen wensen wij toe aan mej. L. van der Spek (20), Zijde 98, 2571 DP Moerkapelle, nu de Heere u zo wonderlijk spaarde bij een ongeluk. Hij geve u ook verder genezing.
In Ulrum is mevr. Van der Spek-Verburg 16 januari 1983 62 jaar geworden. Daar zij van helpende handen afhankelijk is, ziet ook zij uit naar post, wat haar altijd weer verrast (Singel 34, 9971 CJ Ulrum). De Heere geve in uw hart de stille bede mevr. Van der Spek: „Denk aan mij toch in gena, om Uw goedheid eer te geven."
Door gebrek aan plaatsruimte is het ziekenbezoek deze keer kort, maar laten wij toch in 1983 onze eenzamen en hen die een kruis dragen, soms heel zwaar, niet vergeten. Het kan „een beker koud water zijn", gegeven in naam van Hem Wiens spijze het was altijd de wil van Zijn Vader te doen.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 21 januari 1983
Daniel | 34 Pagina's