JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

OOK DAAR WERD HET ZAAD GESTROOID

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

OOK DAAR WERD HET ZAAD GESTROOID

BONDSDAGVERHAAL

8 minuten leestijd

SLOT

Zo gaat het keer op keer en vader kan daar niet meer tegen. Hij wordt steeds kwader, soms slaat hij weer. De toestand wordt weer net zoals eerst, maar nu alleen tegen moeder. De jongens wil vader niet-kwijt.

„Iwan", horen Joeri en Alexei moeder smeken, „Iwan, ik wou dat jij ook in God ging geloven. Ik bid er telkens om. Begrijp dat dan toch eens dat ik niet anders kan. Als je wist hoe goed de Heere is, dat Hij onze zonden vergeven wil, dan kan ik Hem toch niet verloochenen? "

„Wat? " schreeuwt vader, „ik tot dat geloof? Nooit! En je houdt er mee op. Anders ga je de deur uit. Je moet nu kiezen. Mij of die God van jou!"

Moeder kijkt hem verbaasd aan. Moet zij kiezen? Haar man, waar ze, ondanks alles, toch ook veel van houdt, of de Heere? Maar dan is het of in haar hart Iemand zegt: „Ik zal u niet begeven of verlaten. Volg Mij."

En met bewogen stem antwoordt ze: „Als het dan zo moet, Iwan, dan kies ik, hieveel pijn het mij ook doet, voor de Heere, want zonder Hem kan ik niet leven."

„Verdwijn!" schreeuwt vader buiten zichzelf van woede.

Met een bleek gezicht staat moeder op, gaat naar boven en pakt wat spulletjes in die zij nodig heeft. Dan gaat ze zachtjes naar de kamer van de beide jongens. Die zitten verschrikt rechtop in bed.

„Kinderen", snikt ze, „ik moet weg van vader. Bidt voor ons. Ik zal ook voor jullie bidden en vergeet nooit: God is getrouw. Misschien kom ik weer gauw terug."

Alexei en Joerki zijn nu alleen met hun vader. Na schooltijd komt tante Nina helpen, een kennis van vader. De jongens zeggen niet veel tegen haar. Stil gaan zij hun gang. Tante Nina merkt dit natuurlijk ook en ze wordt nog kribbiger dan ze al was. Het is dat ze het voor Iwan doet, anders zou ze niet meer komen. Ze merkt aan alles dat de jongens hun moeder terugwensen. In het begin is ze alleen maar onaardig tegen de jongens. Ze maakt vaak wat nare opmerkingen over hun moeder. Maar als ze ziet dat de jongens niets terugzeggen gaat ze hen steeds meer sarren.

Joerki en Alexei hebben afgesproken alles zoveel mogelijk te verdragen. Elke avond in bed vertellen ze elkaar een verhaal uit de Bijbel. Ze hebben die verhalen gehoord van hun moeder, en ze hebben ze goed onthouden. Want, waar de platenbijbel is, weten ze niet, ze duiven voor tante Nina niet te gaan zoeken. Vóór ze gaan slapen bidden ze samen, en niet alleen voor zichzelf en voor moeder, maar ook voor vader, want dat heeft moeder gezegd.

Op school waren er met de beide jongens nooit moeilijkheden. Ze hadden elkaar en ze hadden wat vriendjes. Omdat ze een eind buiten het dorp wonen, hebben ze na schooltijd nooit zoveel kontakt gehad met de andere kameraden. Maar de laatste tijd loopt IIja mee, een jongen uit Joerki's klas. Het vreemde is dat hij óf zomaar een eind meeloopt, óf ergens een boodschap moet doen. Ilja is lid van de jeugdbeweging de „Pioniers" Hij draagt de roodgekleurde vierkante halsdoek, die alle leden van de jeugdbeweging dragen. Tegen de beide jongens praat hij honderduit over de jeugdbeweging.

„Willen jullie ook geen lid worden? Het is er gezellig, hoor. We maken veel wandelingen en je hoort al veel dingen die je later bij de partij ook doet."

„We wonen zover van het dorp", zegt Joerki, „dan zijn we steeds zo laat thuis, "

Alexei kijkt Ilja eens aan. Hij vertrouwt het niet. Vroeger keek Ilja nooit naar hen om; en nu, sinds moeder weg is, loopt hij steeds met hen mee, en zit hij maar te zeuren over de Pioniers. Hij verdenkt Ilja ervan dat deze hen bespi-

oneert. Zodra zé maar iets verkeerds doen of zeggen, wordt dat natuurlijk overgebriefd naar d.e KGB. Alleen omdat hun moeder bij de christenen behoort. Nu, van hem zal Ilja niets horen en hij zal vanavond ook Joerki waarschuwen.

Een paar maanden later. Het is zondag. Door het bos loopt een eenzame man. De zon schijnt stralend en de bomen staan in volle pracht. Maar de man heeft geen oog voor de mooie natuur om hem heen. Doelloos dwaalt hij verder. Het is Iwan, de vader van Alexei en Joerki. De beide jongens zijn naar baboesjka. Naar baboesjka? Ja, Iwan is niet meer zo zeker van zichzelf. In de achter hem liggende maanden is hij zich steeds eenzamer gaan voelen. Hij voelde goed dat de jongens bang van hem waren en hem zoveel mogelijk ontliepen. Dat deed pijn. Nina zorgde best goed voor het huishouden, maar met de jongens kon ze niet opschieten. Ze plaagde en sarde de kinderen op een onmogelijke manier. Hij had er al een paar keer iets van gezegd, maar Nina haalde smalend haar schouders op. De jongens misten hun moeder, en wat het vreemde was: hij zelf miste zijn vrouw ook. Ze hadden toch altijd veel van elkaar gehouden. In gedachten ziet hij voor zich hoe moeder en de twee jongens bezig zijn met platen kijken en vertellen. Wat was hij toen kwaad 'geweest. Zijn chef prijst hem nog steeds dat hij zo streng is opgetreden, maar zelf twijfelt hij eraan of dat toch wel goed geweest is. Hoe kon zijn vrouw zo rustig blijven en zo sterk in haar geloof? Zou God dan toch bestaan? Zou die ware vrede in je hart dan toch te krijgen zijn? Hij weet het niet meer. Piekerend dwaalt hij verder. Hij weet waar zijn vrouw in huis is. Maar haar terughalen?

Hè, wat hoort hij daar? Het lijkt wel of hij hoort zingen.

Hij loopt verder in de richting waar het geluid vandaan komt. Achter die struiken klinkt het gezang. Plechtig zingen daar een stel mensen. Zachtjes gaat hij naar de struiken en bui'gt ze voorzichtig opzij. Hij wringt zich door de bosjes heen, tot hij tussen de laatste boompjes heen kan kijken. Hij ziet een groep mensen aan de rand van een meertje staan. In het meertje staat een man met opgestroopte mouwen. Iwan begrijpt al snel dat het een bijeenkomst van de christenen is. Dan gaat er een schok door hem heen. Een vrouw stapt uit de menigte naar voren. Het is Ludmilla, zijn eigen vrouw! Ze stapt in het water en de man dompelt, haar drie keer onder, terwijl hij zegt: „Ludmilla, ik doop u in de Naam des Vaders, en des Zoons, en des Heiligen Geestes."

Dan stapt ze weer uit het water, en nog meer vrouwen en mannen worden gedoopt. Ademloos kijkt Iwan toe. Hij ziet hoe de mensen vol vreugde kijken. Hij weet dat hij eigenlijk de mensen zou moeten verraden, als hij een goed partijlid wil zijn. Maar hij kan het niet. Het lijkt wel of hij vastgehouden wordt. Hij hoort de voorganger zeggen: „Al waren uw zonden als scharlaken, zij zullen wit worden als sneeuw, al waren zij rood als karmozijn, zij zullen worden als witte wol. De Heere Jezus is voor onze zonden gestorven. Ook voor u, die zoveel zonde, zoveel slechte dingen gedaan hebt, is vergeving. Stort uw hart uit voor de Heere God, "

En dan kan Iwan het niet langer houden. Met een snik keert hij zich om. Zou God ook hem willen vergeven? Zou God ook hem willen aannemen?

Hij valt, midden tussen de struiken neer en daar stort hij zijn hart uit voor de Heere. Snel loopt hij daarna terug naar het dorp, naar baboesjka. Hij moet de jongens halen en dan, dan gaat hij moeder halen. Ze móet terugkomen en hem vertellen van die God, die zonden vergeven wil. Het zal op de fabriek moeilijk worden om het geheim te houden, maar dat kan hem niet schelen. Hij voelt in zijn hart het slechte van alles wat hij doet en daarom wil hij vrede hebben.

Baboesjka kijkt, hem vreemd aan. Iwan is zo vriendelijk. Hij neemt de jongens mee,

„Ik moet je wat vertellen, Alexei Joerki. We gaan moeder halen." en

Verwonderd kijken de jongens hem aan. Meent vader dat? Vader ziet de verbazing bij de jongens en bewogen vertelt hij wat hij heeft gezien en meegemaakt.

In het volgende dorp staat aan het dorpsplein een huis. In dat huis zitten wat mensen. Ook moeder is erbij. Er wordt gebeld. De man van het huis doet open en schrikt als hij Iwan ziet staan. Maar als hij naar Iwans gezicht kijkt, begrijpt hij wel dat deze niet gekomen is om kwaad te doen. Hij roept Ludmilla naar de gang en zelf gaat hij naar binnen. In zijn hart is een stil gebed: „O God, wilt U ook hier verder gaan met Uw werk."

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 17 september 1982

Daniel | 28 Pagina's

OOK DAAR WERD HET ZAAD GESTROOID

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 17 september 1982

Daniel | 28 Pagina's