BOEKBESPREKING
HET GETUIGENIS VAN DE KERK
„Het was een indrukwekkend gezicht, in de hofkapel van het keizerlijk buitenverblijf in Nicea de vele bisschoppen uit het romeinse rijk bijeenvergaderd te zien. Indruk maakten vooral de ouderen, die op hun lichamen de sporen nog droegen van de hevige vervolgingen, die de kerk hadden geteisterd. Er waren verminkten, die een lichaamsdeel misten, of van wie de ogen door beulshanden waren uitgestoken; anderen misten het gebruik van hun ledematen, die door gloeiende ijzers waren verlamd. Sommigen droegen de sporen van de jaren, die ze in donkere kerkers hadden doorgebracht, in de mijnen hadden gezwoegd, of als balling hadden rondgezworven. Jongere broeders zagen met eerbied tegen hen op. Allen waren bijeengekomen om belangrijke zaken te bespreken, geschillen, die de korte rust die de kerk gekregen had, weer verstoorden."
Voor mij ligt de jongste uitgave in de JBGG-reeks, een bundel opstellen over bijbelsdogmatische onderwerpen gekoppeld aan een kerkhistorisch figuur. Terecht wordt er in het „Ten geleide" op gewezen dat het bestuderen van de kerkgeschiedenis een opdracht is. Aangehaald worden de woorden uit Hebr. 13 : 7: Gedenkt uwer voorgangeren, die u het Woord gesproken hebben; en volgt hun geloof na, aanschouwende de uitkomst hunner wandeling."
Aan de orde komen: Athanasius en de Drieëenheid, Augustinus en de genade, Anselmus en de verzoening, Luther en de rechtvaardigmaking, Calvijn en de kerk, Gomarus en de predestinatie, Voetius en de wetenschap, Smytegelt en de bevinding, Comrie en het geloof, Boston en het genadeverbond, Kohlbrugge en de heiligmaking, terwijl het laatste opstel gaat over de moderne theologie.
In bijna elk hoofdstuk worden over het leven van de hoofdpersoon de nodige biografische gegevens meegedeeld. Vaak plaatst men die figuur tegen de achtergrond van zijn tijd en worden er lijnen naar het heden getrokken. Veel oude dwalingen komen immers vandaag nog (of opnieuw) voor, zij het in „een ander jasje". De nadruk ligt echter op de dogmen-historische vlak.
Over alle twaalf hoofdstukken iets zeggen, is een ondoenlijke zaak. Daarom doen we slechts hier en daar een greep. Zo geeft het stukje hierboven — het begin van het eerste hoofdstuk — een mooi voorbeeld van een verhalende „instap". Veel hoofdstukken doen dat op deze wijze.
Een voorbeeld van het lijnen doortrekken naar het heden vinden we o.a. in het derde hoofdstuk. Daar wordt ingegaan op de moderne opvattingen over de leer der verzoening. Met name de onbijbelse gedachten van dr. H. Wiersinga worden dan besproken. Van verzoening door voldoening — nl. door het sterven van Christus — wil Wiersinga niet weten. Hij 'schreef: „Ik meen aangetoond te hebben dat we hier niet kunnen denken aan een oordeel Gods dat op Jezus ... neerkomt." De betekenis van Golgotha is niet, dat daar Gods toorn over de zonde gestild is. Golgotha geeft alleen een „schokeffekt", zodat wij mensen gaan begrijpen dat wij ons verzoenend horen te gedragen tegenover onze naaste, bijvoorbeeld onze verre naaste in de Derde Wereld. Golgotha was eigenlijk, vergeef me het woord, een ongelukje: „Het was niet de bedoeling dat het lijden of zelfs kruisiging werd. God wilde anders, maar de mensen hebben niet anders gewild." Aldus Wiersinga.
Erg helder geschreven is het opstel over Calvijn en de kerk. Calvijn wordt getekend als de „strijder voor de ere Gods in kerk en maatschappij" .Bekend is de strenge tucht die Calvijn wilde invoeren. Zo moest de burgerij een uittreksel uit de geloofsbelijdenis
bezweren. Wie dat niet wilde werd verbannen. Ook waren er de weeldewetten. Enkele bepalingen daaruit: „Verboden zijn alle kettingen, armbanden, knopen, gouden hangers op iemands kleding... en in 't algemeen elk gebruik van goud en gesteenten... Mannen mogen geen lang haar dragen. Vrouwen en meisjes is verboden elk kapsel met krullen... De kleermakers is voortaan niet meer toegestaan nieuwe kledingmodellen in te voeren, tenzij dan met goedkeuring van de magistraat."
John Knox noemde dit Genève van Calvijn: „de volmaakste leerschool van Christus". Door niet-calvinisten zijn deze wetten altijd ten voorteeid gesteld om het calvinisme aan de kaak te stellen. Ook wij fronsen de wenkbrauwen wellicht als we al deze bepalingen zouden lezen. Ze moeten echter wel gezien worden tegen de achtergrond van het bijzonder lichtzinnige karakter van de inwoners van Genève. Het oordeel van tijdgenoten luidde vaak anders. Zo noemde de lutheraan Andrea de „zedenrechtbank" van Genève een „bijzonder sieraad". „Daardoor worden alle kaarten en dobbelspelen, alle zweren en vloeken, alle geweldpleging, zinnelijkheid, twist, bedrog, zwelgerij, luiheid enz. voorkomen... Stond ik tegenover de religie van Genève niet vreemd, dan had de harmonie der zeden mij stellig aan haar verbonden". Zelfs de roomskatholieke kardinaal van Lotharingen sprak lovende woorden.
Calvijn typeerde de kerk „ais moeder van hen die God leren kennen als Vader".
Buiten de kerk was er dan ook geen vergeving van zonden of zaligheid te verwachten.
Het Woord wordt er immers gepredikt. Afwijken van de kerk noemt Calvijn daarom een verloochening van God en Christus. Zelfs een kerk met gebreken mogen we niet zomaar verlaten. Paulus zonderde zich immers ook niet af van de Corinthiërs met hun ergerlijke zonden. Een kerkscheuring komt vaak uit hoogmoed voort.
„Zo hebben dan degenen, die boven anderen de vermetelheid hebben om een scheuring van de kerk te bewerkstelligen, en als vaandrager te zijn, veelal daartoe geen andere drijfveer dan om, met minachting van allen, te tonen dat zij beter zijn dan anderen."
De kernpunten van de leer moesten natuurlijk wel zuiver blijven. Zo zocht Calvijn wel toenadering tot Luther en Zwingli, ondanks de vele verschillen, maar wees hij het Pausdom af.
Gezien de beperkte ruimte gaan we alleen nog in op het erg mooie en goede opstel over Boston en het genadeverbond. Boston leefde in een tijd die veel overeenkomst had met die van ons, „een tijd waarin de kerk aan de ene zijde werd afgebroken door remonstrantse invloeden en anderzijds werd beroofd van haar leven en kracht door een dood hyper-calvinisme".
Alvorens in te gaan op Bostons verbondsvisie wordt eerst iets verteld over het persoonlijk verbond maken met God, zoals dat in die tijd vaak voorkwam. Zo'n persoonlijk verbond werd ook steeds weer vernieuwd. Zo schreef Boston zelf op 25 maart 1700 in zijn dagboek:
„Zo geef ik mijzelf dan nu plechtig met mijn gehele hart en ziel en met al mijn lichamelijke en 'geestelijke noden over aan Christus, Hem met mijn hart en ziel op geen andere voorwaarde aannemende dan waarop Hij wordt aangeboden in het Evangelie, voornemende en mijzelf hierbij verbindende om in Zijn kracht, Hem en Zijn waarheid aan te kleven zolang als ik zal leven, wat ook het gevaar mag zijn, zoals ik gedaan heb en hierbij doe, zo geef ik mij plechtig over aan dezelfde Iieere Christus, aan Wie ik mijzelve overgegeven heb, om voor eeuwig de Zijne te zijn. En dit doe ik voor de Heere, de Doorzoeker der harten, met alle gewilligheid en onderteken het de 25e maart 1700, Thomas Boston."
Uitvoerig komt Bostons verbondsvisie, die ook die van onze gemeenten is, aan de orde. Het verbond der 'genade is in eeuwigheid: gesloten tussen de Vader en de Zoon. Christus vertegenwoordigde daarin de uitverkorenen. Hij beloofde voor hen te zullen lijden en sterven. In de tijd wordt dit verbond ten uitvoer gebracht door de prediking van het Evangelie. Aangezien de verkiezing een geheim is, wordt dit verbond met al zijn zegeningen in de prediking aangeboden aan alle zondaren. „Zoals een arts is aange-
iteld voor een bepaald dorp en daarom de arts van dat dorp is, zo is Christus aangesteld tot ene Zaligmaker der wereld. Het hele dorp mag tot de arts gaan, want hij is in dat opzicht hun dokter. Evenzo is Christus aangesteld tot Zaligmaker van zondaren en alle zondaren mogen Hem in dit opzicht Christus hun Zaligmaker noemen en tot Hem gaan om. genezing." De opvattingen van cle Strict Baptists in Engeland en van de Ger. Gem. in Ned. bij ons worden hierdoor afgewezen.
Ook andere verbondsopvattingen komen in dit hoofdstuk aan de orde. Het uitvoerigst de zgn. Drie-verbond-leer van de Christelijke Gereformeerde Kerken.
Het verbond van eeuwigheid tussen God en Christus wordt dan - gescheiden van het verbond in de tijd, opgericht met Abraham en zijn zaad. Dat was niets nieuws. Terecht wordt er gewezen op vraag en antwoord 74 van onze H.C. Ook Brakel en Koelman maken een dergelijk onderscheid. „Wel is de verdeling in drie Verbonden hier iets nieuws. De meeste mannen van de Nadere Reformatie spreken namelijk over één Genadeverbond met twee zijden", nl. een uitwendige en een inwendige. Denk ook aan Calvijn met zijn spreken over tweeërlei kinderen des verbonds.
Het spreken over een verbond met alle gedoopten is daarom niet ongereformeerd en ook niet onbijbels. Wel kleven er gevaren aan. Met name door de invloed van prof. Heyns en van dr. Woelderink. Zij gingen te ver. Terecht heeft ds. G. H. Kersten het daartegen opgenomen in de dertiger jaren.
Ik kan je beslist aanraden dit boekje aan te schaffen. De prijs is opzettelijk laag gehouden, bijzonder laag voor zo'n keurige uitvoering, 'k Heb wel enige kritiek, maar dat hoort ook bij een bespreking. Twee opmerkingen: de korrekt-ie op fouten had iets beter moeten zijn, vooral in hoofdstuk 2 staan er nogal wat (d.m.v. een inlegvel zijn de meest storende fouten gekorrigeerd). In hoofdstuk acht had wel iets minder over het leven van de hoofdpersoon en iets meer over zijn opvattingen mo-gen staan, over het tweede gedeelte van de titel worden nog geen twee kantjes gevuld. De literatuurverwijzing en de gespreksvragen maken deze kritiek echter weer goed.
Het boek telt 156 pagina's. De prijs is slechts ƒ 13, 50. Je kunt het bestellen bij het bondscentrum, Postbus 79, Woerden. Telefoon 03480-18587.
G. P. P. Hogendoorn
Ds. H. Veldhuizen: Sekten en stromingen. Deel 3 uit de Reformatiereeks. Uitgave van J. H. Kok te Kampen.
In deze paperback heeft, de schrijver een aantal artiikelen gebundeld, die eerder verschenen zijn in „De Waarheidsvriend" en een aantal andere bladen. De bekende sekten en stromingen die in onze tijd veel (jonge) mensen in hun greep houden of proberen te krijgen, worden onder de loupe genomen. Naast een goede informatie, wordt er gewaarschuwd tegen de misleidende invloed die er van deze onderscheidene geesten uitgaat! De leugenaar van de beginne weet dat er maar een korte tijd meer is en daarom presenteert hij zich in kerk en wereld; de geest van de verblinding waart rond! Daarom is het goed om persoonlijk en in verenigingsverband van de inhoud van dit boek kennis te nemen. Het eerste hoofdstuk: De kerk en de sekten én het laatste hoofdstuk: De vrije groepen, bieden veel stof voor de bezinning op de vraag welke antwoorden we moeten geven, welke gevaren er zijn en welke onbetaalde rekeningen „de vrije groepen" aan de kerk aanbieden. Duidelijk geschreven, sterk betrokken op de problematiek vanuit de gebondenheid aan de Schrift en de belijdenis: de eer van God én het heil van de (jonge) mens. Van harte aanbevolen.
I. A. Kole
CATECHISATIEMETHODE voor verstandelijk gehandicapten
Naast het eerste deeltje van de methode „Catechisatie ten behoeve van verstandelijk gehandicapten", samengesteld door ds. J. S. van der Net en de heer M. M. Natzijl, zijn nu ook de deeltjes 2 en 3 verschenen.
De prijs bedraagt ƒ4, — per deeltje, inklusief handleiding en voorbeeld catechisatieles. Ook deel 1 is nog verkrijgbaar.
Bestellingen kunnen worden gedaan door het overmaken van het bedrag op postgiro 3355902 t.n.v. de penningmeester Vereniging „Gehandicaptenzorg van de Gereformeerde Gemeenten" te Eist (Utrecht). S.v.p. vermelden ex. Cat. deel 1, 2 en/of 3. Voor catecheten bestaat de mogelijkheid om mappen met tekeningen t.b.v. flanelbord — voor elk deeltje „catechisatie" is een aparte map — schriftelijk aan te vragen op ons kantooradres: Vereniging „Gehandicaptenzorg", Voorschoterlaan 40, 3062 KP ROTTERDAM. De prijs bedraagt ƒ 10, — per map.
KONFERENTIE VOOR MILITAIREN
„Beukbergen" in Huis ter Heide is het vormingscentrum van de Protestants Geestelijke Verzorging in de Krijgsmacht. De huisvesting is zo dat er akkomodatie is voor een konferentie van verschillende groepen deelnemers. Het zijn meerdaagse bijeenkomsten. Dit houdt in dat de deelnemers er ook blijven slapen. Tevens worden er maaltijden verstrekt, die in keurige eetzalen genuttigd kunnen worden.
Het deputaatschap voor de militairen wordt jaarlijks in de gelegenheid gesteld voor militairen van de Gereformeerde Gemeenten een konferentie te beleggen. Men is 'geheel vrij wat ze willen doen. De geboden gelegenheid wordt dan ook door het deputaatschap erg gewaardeerd.
In de achterliggende maand juni was het dan weer zover dat we van woensdagavond tot vrijdagmorgen met een 25-tal militairen bij elkaar geweest zijn. We mogen zeggen, dat we op een prettige wijze met elkaar van gedachten hebben gewisseld over verschillende onderwerp. Woensdagavond werd de konferentie door onze voorzitter, ds. A. Hofman, geopend op de gebruikelijke manier. Ds. Hofman draagt het werk voor onze jongens een warm hart toe en neemt zelf aan de verschillende aktiviteiten deel. We mogen hier wel schrijven, dat. we op een aangename wijze en onderlinge verbondenheid bezig mogen zijn. Na de opening hield drs. I-I. A. Hofman een lezing met als titel: „Machten der duisternis".
Donderdagmorgen was ds. J. Baaijens in ons midden. Hij sprak met ons over „De overwinning van het Licht". Dr. R. Seldenrijk was donderdag naar „Beukbergen" gekomen om ons iets te vertellen over „De duistere macht van Drugs". De inleiders kregen heel wat vragen te beantwoorden. Ter afwisseling liet ds. L. Blok donderdagmiddag een dia-serie zien over zijn bezoek aan Thailand.
Vrijdagmorgen hadden we als naar gewoonte een forumbespreking. Ook hier kwamen verschillende zaken aan de orde, die we met elkaar besproken hebben. Hieruit bleek onder andere ook, dat deze konferenties erg op prijs gesteld worden. Het doet weldadig aan om met „eigen" jongens bijéén te zijn. De zeer geslaagde konferentie werd door de sekretaris van het deputaatschap, de heer H. de Deugd, gesloten.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 16 juli 1982
Daniel | 28 Pagina's