GOEDE VRIJDAG
O Heer', ik heb geen houten kruis, geen doornenkroon voor ogen. ik zie geen dwaas gericht waar Gij zijt voorgetogen.
ik heb geen reddend bloed, geen kleed om aan te raken. Ik kan niet wenen, Heer en geen sekonde waken.
Ik heb mij steeds verhard, U telkens weer verraden. En Gij, o Levensvorst, zult mij daarom versmaden.
Verbreek Gij dan mijn hart, toon Gij mij al mijn zonden. Opdat ook ik mijn hand mag leggen op Uw wonden.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 2 april 1982
Daniel | 28 Pagina's